Wraking van een rechter: onpartijdigheid, gronden en procedure

Een rechter in een rechtszaal zit achter een houten bank met juridische boeken en documenten om zich heen.

Gepubliceerd op 8 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 oktober 2026

U kunt een rechter laten vervangen door een wrakingsverzoek in te dienen, zodra u feiten kent die twijfel wekken aan zijn onpartijdigheid. De belangrijkste beperking: het gaat om de onpartijdigheid van de rechter, niet om onvrede over zijn beslissingen. Wie een rechter wraakt omdat een tussenbeslissing tegenvalt, krijgt vrijwel altijd nul op het rekest.Een onpartijdige rechter is de basis van een eerlijk proces. Wraking is het middel om die onpartijdigheid af te dwingen als u daar reden toe ziet. In dit artikel leggen wij uit hoe rechterlijke onpartijdigheid in Nederland werkt, op welke gronden u een rechter kunt wraken, hoe de procedure verloopt en wat u realistisch mag verwachten. Een groep rechters en advocaten in formele kleding bespreekt serieus zaken in een rechtbankomgeving. Wraking kent eigen regels en een strakke timing. Een verzoek wordt maar zelden toegewezen. Daarom is het verstandig om vooraf goed te weten wanneer wraking zin heeft en wanneer niet.

Wat betekent rechterlijke onpartijdigheid?

Onpartijdigheid betekent dat de rechter zonder vooroordeel en zonder eigen belang over uw zaak beslist. De rechter moet dat niet alleen zijn, maar ook zo overkomen op een redelijke buitenstaander. Een rechter in toga zit geconcentreerd in een moderne rechtszaal terwijl een advocaat documenten presenteert. Van een rechter wordt verwacht dat hij objectief en zonder vooringenomenheid oordeelt. Of dat zo is, wordt getoetst met een subjectieve en een objectieve maatstaf. Beide komen hieronder aan bod.De eis van onpartijdigheid staat in de Nederlandse wet en in internationale verdragen. Wij bespreken die bronnen verderop in dit artikel.

Wat is het verschil tussen onpartijdigheid en onafhankelijkheid?

Onpartijdigheid gaat over de houding van de rechter in één concrete zaak. Onafhankelijkheid gaat over zijn positie tegenover de overheid en andere machten.Onpartijdigheid houdt in dat de rechter neutraal staat tegenover de partijen en het onderwerp van het geschil. Hij heeft geen vooroordeel over wie gelijk heeft en geen persoonlijk belang bij de uitkomst.De rechter moet beide partijen gelijk behandelen. Hij mag niet vooraf een standpunt innemen over de uitkomst van de zaak.Onafhankelijkheid betekent dat de rechter zijn oordeel vormt zonder inmenging van buitenaf. De regering, het parlement of andere partijen mogen hem niet vertellen hoe hij moet beslissen.Het onderscheid is nuttig, omdat beide begrippen een ander deel van eerlijke rechtspraak beschermen. Onpartijdigheid richt zich op de specifieke zaak. Onafhankelijkheid betreft de positie van de rechtspraak als instituut.

Hoe wordt onpartijdigheid getoetst?

De rechter die over wraking beslist, kijkt naar twee dingen: is de rechter werkelijk vooringenomen, en is er een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid? Die tweede vraag is in de praktijk bijna altijd doorslaggevend.De subjectieve toets gaat over de rechter zelf:
  • de persoonlijke overtuiging van de rechter;
  • de aanwezigheid van vooroordelen of eigen belangen;
  • de innerlijke houding tegenover de partijen.
Een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn die het tegendeel laten zien. Dat maakt de subjectieve toets moeilijk om te slagen.De objectieve toets gaat over de buitenkant:
  • de uiterlijke schijn van partijdigheid;
  • omstandigheden die twijfel kunnen wekken;
  • de manier waarop een redelijke waarnemer de situatie beoordeelt.
Ook als een rechter innerlijk volkomen neutraal is, kan hij zich moeten terugtrekken als de omstandigheden twijfel wekken. Zo voorkomt de toetsing niet alleen werkelijke partijdigheid, maar ook de schijn daarvan. Het vertrouwen van het publiek in de rechtspraak staat daarbij voorop.

In welke wetten en verdragen is onpartijdigheid vastgelegd?

In Nederland is de onpartijdige en onafhankelijke rechter in meerdere regelingen verankerd. Daarnaast gelden internationale verdragen die Nederland binden.
  • Grondwet, artikel 117: benoeming van rechters voor het leven, een waarborg voor onafhankelijke rechtspraak.
  • Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (artikelen 36 tot en met 40): wraking en verschoning in civiele zaken.
  • Wetboek van Strafvordering (artikelen 512 tot en met 518): wraking en verschoning in strafzaken.
  • Algemene wet bestuursrecht: een eigen regeling voor wraking en verschoning in bestuursrechtelijke zaken.
  • Wet op de rechterlijke organisatie: regels over functies die niet met het rechtersambt samengaan.
Internationale verdragen bevatten vergelijkbare waarborgen:
  • het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (artikel 6);
  • het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (artikel 14).
Binnen de rechtspraak is daarnaast een leidraad over onpartijdigheid en nevenfuncties opgesteld. Die geeft rechters praktische aanwijzingen voor situaties waarin hun onpartijdigheid in het geding kan komen. De leidraad is geen wet, maar geeft wel richting aan hoe rechters met zulke situaties omgaan.

Hoe wordt de onpartijdigheid van de rechter bewaakt?

Een rechter moet onpartijdig zijn en elke schijn van partijdigheid vermijden. Daarvoor bestaan wettelijke regels, beroepsregels en de mogelijkheid van verschoning en wraking.De wet bevat duidelijke regels om deze onpartijdigheid te waarborgen. Wraking is daarbij het sluitstuk: het middel dat u als partij zelf kunt inzetten.

Welke waarborgen zijn er?

Rechters leggen bij hun beëdiging een eed of belofte af. Daarin beloven zij hun ambt onpartijdig en naar hun geweten uit te oefenen.Daarnaast gelden verschillende waarborgen.Wettelijke waarborgen:
  • een rechter behandelt geen zaken waarbij naaste familieleden betrokken zijn;
  • nevenfuncties zijn aan regels gebonden om belangenverstrengeling te voorkomen;
  • eerdere werkrelaties met een partij kunnen reden zijn voor verschoning.
Beroepsregels:
  • de leidraad over onpartijdigheid geeft concrete aanwijzingen;
  • rechters moeten zelf alert zijn op mogelijke belangenconflicten;
  • binnen het gerecht wordt bij de toedeling van zaken rekening gehouden met mogelijke belangen.
Een rechter behandelt geen zaak waarbij zijn partner, kinderen of ouders betrokken zijn. Hetzelfde geldt voor zakelijke relaties of vriendschappen die zijn onpartijdigheid kunnen aantasten.Rechter-plaatsvervangers volgen dezelfde regels. Zij werken vaak ook als advocaat, docent of bedrijfsjurist. Die dubbele rol vraagt extra aandacht voor mogelijke belangenconflicten.

Wat is het verschil tussen partijdigheid en de schijn daarvan?

Een rechter moet niet alleen werkelijk onpartijdig zijn, maar ook elke schijn van partijdigheid vermijden. Voor wraking is die schijn al genoeg, mits de vrees objectief gerechtvaardigd is.Werkelijke onpartijdigheid betekent dat de rechter geen vooroordelen heeft. Hij behandelt alle partijen gelijk en laat zich niet leiden door persoonlijke belangen.Schijn van partijdigheid ontstaat als omstandigheden twijfel wekken over zijn onpartijdigheid. Ook zonder werkelijke vooringenomenheid kan dat het vertrouwen in de rechtspraak schaden.Voorbeelden van situaties die de schijn van partijdigheid kunnen wekken:
  • de rechter heeft zich eerder in het openbaar uitgesproken over de kwestie die hij nu moet beoordelen;
  • de rechter is betrokken (geweest) bij een organisatie die partij is in de zaak;
  • de rechter heeft een persoonlijke of zakelijke band met een partij of haar advocaat.
Een rechter hoort zich in elke zaak af te vragen of zijn onpartijdigheid ter discussie kan komen te staan. Twijfelt hij, dan kan hij zelf vragen om zich te verschonen.

Wat is wraking?

Wraking is een verzoek van een procespartij om een rechter van de zaak te halen, omdat er twijfel is over zijn onpartijdigheid. Bij verschoning neemt de rechter zelf dat initiatief.

Wat is het doel van wraking?

Met een wrakingsverzoek stelt een partij of haar advocaat formeel dat een rechter niet (of niet zichtbaar) onpartijdig is. Het doel is dat een andere, neutrale rechter de zaak overneemt.Volgens artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt. De grond is steeds dezelfde: feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.Een wrakingsverzoek kan in verschillende fasen van de procedure worden gedaan:
  • vóór de zitting, schriftelijk;
  • tijdens de zitting, als u de feiten pas dan leert kennen;
  • na de zitting, zolang er nog geen einduitspraak is.
Bij een meervoudige kamer kunt u één rechter wraken, maar ook meerdere of alle rechters tegelijk.De schijn van partijdigheid is voldoende. U hoeft niet te bewijzen dat de rechter werkelijk partijdig is. U moet wel concrete feiten aanvoeren waaruit een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid volgt.Slechts een klein deel van alle wrakingsverzoeken wordt toegewezen. Dat hoort u te weten voordat u een verzoek doet.

Wat is het verschil tussen wraking en verschoning?

Bij wraking neemt een procespartij het initiatief. Bij verschoning vraagt de rechter zelf om de zaak niet te hoeven behandelen (artikel 40 Rv).Wraking speelt als:
  • een partij twijfelt aan de onpartijdigheid van de rechter;
  • er (de schijn van) partijdigheid is;
  • de rechter zich niet uit eigen beweging heeft teruggetrokken.
Verschoning speelt als:
  • de rechter zelf twijfelt aan zijn onpartijdigheid;
  • de rechter een persoonlijk belang heeft bij de zaak;
  • de rechter uit eigen beweging een stap terug wil doen.
Wordt een rechter gewraakt, dan kan hij in de wraking berusten (artikel 38 Rv). Hij trekt zich dan terug en er volgt geen beslissing over het verzoek.Berust hij niet, dan beslist een meervoudige kamer over het verzoek. De gewraakte rechter maakt daar geen deel van uit.

Op welke gronden kunt u een rechter wraken?

U kunt een rechter wraken op grond van concrete feiten of omstandigheden die zijn onpartijdigheid in twijfel trekken. Algemene onvrede of een tegenvallende beslissing is geen wrakingsgrond.Vaak draait het om de schijn van partijdigheid. De vraag is dan of uw vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd is.

Welke objectieve en subjectieve gronden zijn er?

Een wrakingsverzoek kan steunen op objectieve gronden. Die zijn feitelijk vast te stellen en te controleren.Voorbeelden van objectieve gronden:
  • een familierelatie met een van de partijen;
  • een financieel belang bij de uitkomst;
  • eerdere professionele betrokkenheid bij dezelfde zaak;
  • een vriendschap met een procespartij.
Subjectieve gronden gaan over de vooringenomenheid van de rechter zelf. Die zijn moeilijker aan te tonen, maar kunnen wel een geldige grond zijn.Subjectieve gronden kunnen blijken uit:
  • uitlatingen die op een vooroordeel wijzen;
  • onbehoorlijk gedrag tijdens de zitting;
  • het uitspreken van een eindoordeel voordat partijen zijn uitgesproken;
  • discriminerende opmerkingen.
Ook hier geldt: de rechter hoeft niet werkelijk partijdig te zijn om te worden gewraakt. De schijn, gebaseerd op concrete feiten, kan genoeg zijn.

Welke situaties spelen in de praktijk?

Een bekende grond is dat een rechter tijdens de zitting de indruk wekt zijn oordeel al klaar te hebben. Een voorlopig oordeel geven of kritische vragen stellen is op zichzelf echter geen reden voor wraking.Situaties die tot een wrakingsverzoek kunnen leiden:
SituatieVoorbeeld
VooroordeelDe rechter toont een duidelijke voorkeur voor één partij
BelangenverstrengelingDe rechter heeft een zakelijke relatie met een procespartij
Onbehoorlijk gedragDe rechter maakt kleinerende of ongepaste opmerkingen
Eerdere betrokkenheidDe rechter trad eerder op als advocaat van een van de partijen
Timing is bij wraking belangrijk. Volgens artikel 37 lid 1 Rv doet u het verzoek zodra de feiten of omstandigheden u bekend zijn geworden.Kent u de feiten al vóór de zitting, dan dient u een schriftelijk en gemotiveerd verzoek in. Worden ze pas tijdens de zitting duidelijk, dan reageert u direct ter zitting.Na de zitting blijft wraking mogelijk tot de einduitspraak, maar alleen als de feiten pas dan bekend werden. Wacht u te lang, dan loopt u het risico dat uw verzoek niet-ontvankelijk wordt verklaard.U moet alle feiten waarop uw verzoek rust in één keer aanvoeren (artikel 37 lid 3 Rv). Een later verzoek dat steunt op feiten die u eerder al kende, wordt in de regel niet meer behandeld.

Hoe verloopt de wrakingsprocedure?

De procedure volgt een vast verloop, waarbij snelheid belangrijk is. Een meervoudige kamer toetst het verzoek aan de wettelijke maatstaf van artikel 36 Rv.

Welke stappen doorloopt u?

Het moment van indienen bepaalt hoe u het verzoek doet. Steeds moet het verzoek gemotiveerd zijn.Vóór de zitting dient u een schriftelijk verzoek in. Geldt in uw zaak verplichte procesvertegenwoordiging, dan doet uw advocaat dat.Procedeert u zonder advocaat, zoals bij de kantonrechter, dan kunt u zelf een brief sturen.Tijdens de zitting zegt u of uw advocaat hardop dat u de rechter wraakt. De behandeling van de zaak wordt dan geschorst en het verzoek wordt in het proces-verbaal opgenomen.Na de zitting geldt dezelfde regel: u dient het verzoek in zodra u de feiten kent.Het verzoek moet altijd concrete redenen bevatten waarom de onpartijdigheid van de rechter schade zou kunnen lijden.Is de einduitspraak eenmaal gedaan, dan is wraken niet meer mogelijk. Wie het dan niet eens is met de uitspraak, is aangewezen op een rechtsmiddel zoals hoger beroep.

Hoe beoordeelt de wrakingskamer het verzoek?

Berust de rechter niet, dan gaat het verzoek naar de wrakingskamer. Dat is een meervoudige kamer van hetzelfde gerecht, waarin de gewraakte rechter geen zitting heeft (artikel 39 lid 1 Rv).Het verzoek wordt zo spoedig mogelijk ter zitting behandeld. De verzoeker en de gewraakte rechter krijgen de gelegenheid om te worden gehoord (artikel 39 lid 2 Rv).Tijdens die behandeling legt u uit waarom u de onpartijdigheid van de rechter in twijfel trekt. De gewraakte rechter kan zijn visie mondeling of schriftelijk geven.Is het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond, dan kan de wrakingskamer zonder zitting beslissen (artikel 39 lid 3 Rv).De wrakingskamer kijkt naar de objectieve en de subjectieve kant van de onpartijdigheid. Een objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid is genoeg voor toewijzing.De beslissing is gemotiveerd en wordt in het openbaar uitgesproken (artikel 39 lid 4 Rv). Tegen de beslissing staat geen voorziening open (artikel 39 lid 6 Rv). Een nieuw verzoek blijft mogelijk op grond van nieuwe feiten.Bij misbruik kan de wrakingskamer bepalen dat een volgend verzoek niet in behandeling wordt genomen (artikel 39 lid 5 Rv).Twijfelt u aan de onpartijdigheid van de wrakingskamer zelf, dan kunt u in beginsel ook die rechters wraken.

Wat gebeurt er als het verzoek wordt toegewezen?

Wordt het verzoek toegewezen, dan behandelt de gewraakte rechter de zaak niet verder. Een andere rechter neemt de zaak over.Ook de nieuwe rechter kan worden gewraakt, als er concrete redenen zijn om aan zijn onpartijdigheid te twijfelen.Hoe de zaak verdergaat, hangt af van de soort procedure en de stand waarin de zaak zich bevond. De nieuwe rechter bepaalt hoe de behandeling wordt voortgezet.Wordt het verzoek afgewezen, dan blijft de oorspronkelijke rechter de zaak behandelen. De procedure gaat dan verder waar zij was gebleven.Een tweede verzoek tegen dezelfde rechter is alleen zinvol bij nieuwe feiten of omstandigheden.

Hoe vaak slaagt wraking, en welke kritiek is er?

Wrakingsverzoeken worden regelmatig ingediend, maar slagen zelden. Dat roept vragen op over het nut van het middel en over oneigenlijk gebruik ervan.

Hoeveel verzoeken worden toegewezen?

Het aantal wrakingsverzoeken per jaar ligt in de honderden. Slechts een klein percentage daarvan wordt gegrond verklaard.Een groter deel wordt ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard. Niet-ontvankelijkheid volgt bijvoorbeeld als het verzoek te laat is gedaan of als het in feite over de inhoud van een beslissing gaat.Daarnaast berust de rechter in een aantal zaken in de wraking. Hij trekt zich dan terug zonder dat de wrakingskamer een beslissing neemt.Wrakingsverzoeken komen voor in alle rechtsgebieden. Een groot deel speelt in civiele zaken, maar ook in strafzaken en bestuursrechtelijke zaken wordt regelmatig gewraakt.In alle rechtsgebieden blijft het slagingspercentage laag. Wie een rechter wil wraken, doet er goed aan de kans op succes vooraf nuchter in te schatten.

Wordt wraking oneigenlijk gebruikt?

Een deel van de verzoeken gaat niet over werkelijke partijdigheid. Partijen zijn soms ontevreden over een beslissing of hopen tijd te winnen.Redenen waarom een verzoek vaak niet slaagt:
  • het verzoek is in feite kritiek op de manier van procesleiding;
  • het gaat om algemene klachten over de rechterlijke macht;
  • het verzoek dient vooral om tijd te winnen;
  • de partij is het oneens met eerdere beslissingen in de zaak.
Wraking is alleen bedoeld voor bezwaren over het gebrek aan onpartijdigheid. Voor inhoudelijke bezwaren tegen een uitspraak zijn er andere wegen, zoals hoger beroep.Om oneigenlijk gebruik tegen te gaan, heeft de wetgever de mogelijkheid opgenomen om een volgend verzoek bij misbruik niet in behandeling te nemen. Daarnaast kan een kennelijk ongegrond verzoek zonder zitting worden afgedaan.

Welke kanttekeningen worden bij de cijfers gemaakt?

Over de manier waarop wrakingscijfers worden gelezen, wordt verschillend gedacht. Sommigen tellen ook de zaken waarin de rechter berust als geslaagde wraking.Dat is niet vanzelfsprekend. Berusting is iets anders dan een gegrond verklaard verzoek: de wrakingskamer heeft dan geen oordeel gegeven.Een rechter kan om verschillende redenen berusten, bijvoorbeeld:
  • om een langdurige wrakingsprocedure te voorkomen;
  • omdat de verhouding met een partij verstoord is geraakt;
  • om praktische redenen.
In de discussie over wraking gaat het steeds om een balans. Aan de ene kant moet wraking toegankelijk blijven als waarborg voor een onpartijdige rechter. Aan de andere kant moet misbruik, dat procedures vertraagt, worden tegengegaan.

Wat kunnen wij voor u doen bij wraking van een rechter?

Wij staan u bij als u twijfelt aan de onpartijdigheid van de rechter in uw procedure.

  • Wij beoordelen of de feiten een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid opleveren in de zin van artikel 36 Rv.
  • Wij stellen een schriftelijk en gemotiveerd wrakingsverzoek op, met alle gronden in één keer (artikel 37 Rv).
  • Wij doen het verzoek ter zitting zodra de feiten daar bekend worden, zodat het niet te laat is.
  • Wij treden voor u op bij de behandeling door de wrakingskamer (artikel 39 Rv).
  • Wij bespreken vooraf de kans van slagen en de alternatieven, zoals hoger beroep tegen de einduitspraak.

Samengevat

  • U kunt elke rechter die uw zaak behandelt wraken als feiten of omstandigheden zijn onpartijdigheid kunnen aantasten (artikel 36 Rv).
  • De schijn van partijdigheid is genoeg, mits die objectief gerechtvaardigd is en op concrete feiten berust.
  • Dien het verzoek in zodra u de feiten kent en voer alle gronden tegelijk aan (artikel 37 Rv).
  • Een meervoudige kamer zonder de gewraakte rechter beslist; tegen die beslissing staat geen voorziening open (artikel 39 Rv).
  • Slechts een klein deel van de verzoeken slaagt. Onvrede over een beslissing is geen wrakingsgrond.

Veelgestelde vragen

Wat wordt verstaan onder rechterlijke onpartijdigheid?

Rechterlijke onpartijdigheid betekent dat een rechter een zaak behandelt zonder vooroordeel en zonder eigen belang.

De rechter kijkt objectief naar alle feiten en behandelt beide partijen gelijk.

Er zijn twee kanten aan onpartijdigheid.

Subjectieve onpartijdigheid gaat over de persoonlijke instelling van de rechter.

Objectieve onpartijdigheid gaat over de schijn van partijdigheid die anderen kunnen waarnemen.

Een rechter mag geen persoonlijk belang hebben bij de uitkomst van een zaak.

Ook mag hij zich niet uitlaten op een manier die twijfel wekt over zijn neutraliteit.

Hoe kan een procespartij wraking van een rechter verzoeken?

U kunt een wrakingsverzoek doen vóór, tijdens of na de zitting, zolang er nog geen einduitspraak is.

Het verzoek doet u zelf of via uw advocaat. Bij verplichte procesvertegenwoordiging doet uw advocaat het.

Het verzoek moet gemotiveerd zijn en steunen op concrete feiten of omstandigheden.

Uit die feiten moet blijken dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

Bij een meervoudige kamer kunt u één, meerdere of alle rechters wraken.

U doet het verzoek zodra u de feiten kent en voert alle gronden in één keer aan.

Welke criteria worden gehanteerd om de onpartijdigheid van een rechter te beoordelen?

De schijn van partijdigheid is voldoende om een rechter te wraken.

De rechter hoeft dus niet werkelijk partijdig te zijn.

Doorslaggevend zijn feiten of omstandigheden die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid opleveren.

Voorbeelden zijn persoonlijke relaties met partijen of eerdere publieke uitlatingen over dezelfde kwestie.

De beoordeling gebeurt objectief.

De vraag is of een redelijke waarnemer, die alle feiten kent, twijfel zou hebben aan de onpartijdigheid van de rechter.

Wat zijn de gevolgen als een wrakingsverzoek wordt toegewezen?

Wordt het verzoek toegewezen, of berust de rechter in de wraking, dan behandelt hij de zaak niet verder.

Een andere rechter neemt de zaak over.

De nieuwe rechter bepaalt hoe de behandeling wordt voortgezet.

Hoe dat gebeurt, hangt af van de soort procedure en de stand van de zaak.

Bij een meervoudige kamer worden de rechters vervangen van wie de wraking is toegewezen.

Of eerdere stappen in de procedure opnieuw moeten, beoordeelt de nieuwe rechter.

Kan een beslissing over een wrakingsverzoek aangevochten worden?

Berust de rechter niet in de wraking, dan beslist een meervoudige kamer over het verzoek.

De gewraakte rechter maakt geen deel uit van die kamer.

Volgens artikel 39 lid 6 Rv staat tegen de beslissing geen voorziening open.

U kunt dus niet in hoger beroep of cassatie gaan tegen de wrakingsbeslissing zelf.

Wel kunt u een nieuw verzoek doen als er later nieuwe feiten bekend worden.

Bij misbruik kan de wrakingskamer bepalen dat een volgend verzoek niet in behandeling wordt genomen.

Hoe wordt de schijn van partijdigheid beoordeeld in relatie tot de rechterlijke besluitvorming?

De schijn van partijdigheid wordt beoordeeld vanuit het perspectief van een redelijke waarnemer. Die kent alle relevante feiten en omstandigheden.

Het gaat niet om de werkelijke gevoelens of bedoelingen van de rechter. De vraag is of een objectieve buitenstaander twijfel zou hebben over zijn onpartijdigheid.

Eerdere uitspraken, persoonlijke contacten of uitlatingen kunnen de schijn van partijdigheid wekken. Ook een financieel belang of een familierelatie kan problematisch zijn.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.