Taakstraf in Nederland: regels, uren en uitvoering

Gepubliceerd op 8 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 september 2026

Een taakstraf is een hoofdstraf die bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid (artikel 22c lid 1 Wetboek van Strafrecht). Het vonnis of de strafbeschikking vermeldt het aantal uren, dat voor volwassenen ten hoogste tweehonderdveertig bedraagt. De reclassering regelt de uitvoering. Wie de uren niet verricht, riskeert vervangende hechtenis: voor elke twee uren ten hoogste een dag.

Veroordeelden verrichten onbetaalde arbeid in het openbaar groen als onderdeel van een taakstraf.

Wat is een taakstraf precies?

Het Nederlandse strafrecht kent drie hoofdstraffen: gevangenisstraf, hechtenis en geldboete, met daarnaast de taakstraf. De taakstraf neemt in de praktijk de plaats in van de korte vrijheidsstraf. De gedachte erachter is dat een korte detentie een veroordeelde uit zijn werk, opleiding en gezin haalt zonder dat daar veel tegenover staat, terwijl onbetaalde arbeid wel een merkbare last oplegt en tegelijk iets oplevert voor de samenleving.

Voor volwassenen is de taakstraf sinds de wetswijziging van 2012 uitsluitend een werkstraf: onbetaalde arbeid. De vroegere leerstraf voor volwassenen bestaat niet meer als zelfstandige taakstraf. Gedragstrainingen, een agressieregulatietraining of behandeling bij een verslavingskliniek worden bij volwassenen tegenwoordig opgelegd als bijzondere voorwaarde bij een voorwaardelijke straf (artikel 14c Sr). Hoe die constructie werkt, leest u in ons artikel over de voorwaardelijke straf.

Een taakstraf is geen lichte tik op de vingers. Het is een veroordeling, met alle gevolgen van dien voor de justitiele documentatie. In het jeugdstrafrecht ligt het accent anders: daar kan een taakstraf naast een werkstraf ook een leerstraf omvatten, of een combinatie van beide.

Wanneer legt de rechter een taakstraf op?

De rechter kiest een straf die past bij de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het is begaan en de persoon van de verdachte. Een taakstraf komt in beeld bij feiten die te zwaar zijn voor alleen een geldboete, maar waarvoor detentie niet nodig of niet verstandig is: vernieling, eenvoudige mishandeling, winkeldiefstal, rijden onder invloed en veel vermogensdelicten.

Zwaar weegt of de verdachte eerder is veroordeeld. Bij een first offender met werk, opleiding of zorgtaken ligt een taakstraf voor de hand, omdat detentie juist die stabiliserende factoren wegneemt. Bij recidive verschuift het beeld snel richting een vrijheidsstraf. Hoe de rechter tussen taakstraf, geldboete en gevangenisstraf kiest, beschrijven wij uitgebreider in ons artikel over de strafkeuze van de rechter.

De rechter kan een taakstraf ook combineren. Naast een geldboete of een voorwaardelijke gevangenisstraf met bijzondere voorwaarden kan dat, en ook naast een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf, mits het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen deel daarvan niet meer dan zes maanden bedraagt (artikel 9 lid 4 Sr). Daarnaast kan de rechter een schadevergoedingsmaatregel opleggen ten behoeve van het slachtoffer; die staat los van de taakstraf en vervalt er niet mee.

Voor welke feiten geldt het taakstrafverbod?

Artikel 22b Sr beperkt de vrijheid van de rechter. Een taakstraf mag niet als enige straf worden opgelegd bij misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van zes jaar of meer is gesteld en die een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer tot gevolg hebben gehad. Hetzelfde geldt bij een aantal met name genoemde misdrijven en bij herhaling van een soortgelijk misdrijf binnen vijf jaar na een eerdere taakstraf.

Het verbod is geen absoluut verbod op de taakstraf. De rechter mag in die gevallen wel een taakstraf opleggen wanneer hij daarnaast een onvoorwaardelijke gevangenisstraf of een vrijheidsbenemende maatregel oplegt. In de praktijk betekent het dat de zwaarste geweld- en zedendelicten niet met alleen een taakstraf kunnen worden afgedaan.

Onbetaalde arbeid bij een maatschappelijke instelling tijdens de uitvoering van een taakstraf.

Kan het Openbaar Ministerie zelf een taakstraf opleggen?

Ja. Buiten de rechter om kan de officier van justitie bij een reeks feiten een strafbeschikking uitvaardigen waarin een taakstraf is opgenomen. Daarmee wordt de zaak buiten de zitting afgedaan. Het maximum aantal uren ligt daar lager dan bij de rechter, en aan een taakstraf uit een strafbeschikking is geen vervangende hechtenis verbonden.

De keerzijde is dat veel mensen zo n beschikking accepteren zonder zich te realiseren dat zij daarmee een justitiele aantekening krijgen. Bent u het niet eens met de strafbeschikking, dan moet u binnen de gestelde termijn verzet doen; laat u die termijn verlopen, dan wordt de beschikking onherroepelijk en volgt tenuitvoerlegging. Wat een strafbeschikking precies inhoudt, leest u in ons artikel over de strafbeschikking van het Openbaar Ministerie.

Hoe verloopt de uitvoering van een taakstraf?

Zodra het vonnis onherroepelijk is, gaat de zaak naar de executieketen. De reclassering neemt contact op, voert een intakegesprek en zoekt een werkplek bij een niet-commerciele instelling: een gemeente, een zorginstelling, een natuur- of sportorganisatie of een kringloopbedrijf. Het werk vindt in beginsel plaats naast uw baan of opleiding, vaak op vaste dagdelen of in het weekend.

U tekent voor de afspraken en krijgt een werkbriefje waarop de gemaakte uren worden bijgehouden. De reclassering houdt toezicht, rapporteert de voortgang en meldt onregelmatigheden. Te laat komen, werkweigering, agressie op de werkplek of onder invloed verschijnen leidt tot een waarschuwing en bij herhaling tot afmelding. De uren moeten binnen de bij de tenuitvoerlegging gestelde termijn zijn verricht; verlenging is mogelijk, maar niet vanzelfsprekend en zeker geen recht. Meer praktische informatie over het verloop van de werkstraf vindt u in ons artikel over de werkstraf voor veroordeelden en hun familie en op de themapagina over taakstraffen van de Rechtspraak.

Wat gebeurt er bij niet-nakoming?

Wordt de taakstraf niet of niet naar behoren verricht, dan volgt geen nieuwe strafzaak maar de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis die de rechter al in het vonnis heeft bepaald. De rekenregel staat in artikel 22d Sr: voor elke twee uren taakstraf wordt ten hoogste een dag hechtenis opgelegd, met een minimum van een dag en een maximum van vier maanden. Bij een taakstraf van honderdtwintig uur kan dat dus oplopen tot zestig dagen.

Wel is de omzetting aanvechtbaar. Tegen de beslissing om de vervangende hechtenis ten uitvoer te leggen kunt u binnen een korte termijn bezwaar maken bij de rechter. Dat bezwaar moet inhoudelijk zijn: een medische oorzaak, een fout in de planning, een verhuizing die niet is verwerkt of een onterechte afmelding. Wacht daarmee niet, want na het verstrijken van de termijn resteert alleen de aanhouding voor de resterende uren. Laat u in dat stadium bijstaan; de ruimte om alsnog een hervatting van de taakstraf te bereiken, is er wel maar zij is beperkt.

Werkstraf en gedragstraining naast elkaar bij de tenuitvoerlegging van een taakstraf.

Hoe werkt de taakstraf in het jeugdstrafrecht?

Voor jongeren van twaalf tot achttien jaar geldt een eigen sanctiestelsel, waarin opvoeding en gedragsverandering zwaarder wegen dan vergelding. De taakstraf kan daar bestaan uit een werkstraf, een leerstraf of een combinatie. Volgens de informatie van de rijksoverheid over straffen voor jongeren duurt een werkstraf ten hoogste tweehonderd uur en een leerstraf eveneens ten hoogste tweehonderd uur, terwijl de combinatie van beide niet meer dan tweehonderdveertig uur mag bedragen.

De Raad voor de Kinderbescherming is bij jeugdtaakstraffen betrokken en houdt toezicht op de uitvoering. Jeugddetentie is de zwaarste jeugdsanctie en duurt voor twaalf- tot vijftienjarigen ten hoogste een jaar en voor zestien- en zeventienjarigen ten hoogste twee jaar. Wanneer het jeugdstrafrecht van toepassing is en wanneer een jongvolwassene toch volgens het volwassenenstrafrecht wordt berecht, beschrijven wij in ons artikel over het jeugdstrafrecht.

Welke gevolgen heeft een taakstraf na afloop?

Een taakstraf wordt geregistreerd in de justitiele documentatie. Dat kan in de weg staan aan een verklaring omtrent het gedrag, die nodig is voor werk in het onderwijs, de zorg, de kinderopvang, de beveiliging en de financiele sector. De beoordeling gebeurt door Justis en is een afweging tussen het feit en de functie waarvoor de verklaring wordt gevraagd; een taakstraf betekent dus niet automatisch een weigering.

Ook voor reizen kan de registratie gevolgen hebben, omdat sommige landen bij een visumaanvraag naar strafrechtelijke antecedenten vragen. Welke gegevens worden vastgelegd en hoe lang zij blijven staan, leest u in ons artikel over het strafblad en de justitiele documentatie. Speelt er voor u een sollicitatie of een aanvraag, kaart dat dan al tijdens de strafzaak aan: de rechter kan die gevolgen meewegen bij de strafoplegging.

Wat betekent een taakstraf voor het slachtoffer?

Een taakstraf richt zich op de samenleving als geheel en niet op het individuele slachtoffer. De schade van het slachtoffer wordt langs een andere weg geregeld. Het slachtoffer kan zich in het strafproces voegen als benadeelde partij en zijn vordering laten meelopen met de strafzaak; wijst de rechter die toe, dan legt hij daarnaast doorgaans een schadevergoedingsmaatregel op (artikel 36f Sr). De inning verloopt dan via het Centraal Justitieel Incassobureau en niet via het slachtoffer zelf, wat een incassoprocedure bespaart.

Het slachtoffer of een nabestaande kan bij een reeks ernstige feiten bovendien gebruikmaken van het spreekrecht op de zitting (artikel 51e Sv). Wat daar wordt gezegd, kan meewegen in de strafmaat en dus ook in de vraag of een taakstraf nog passend is. Voor de verdachte betekent dit dat het loont om al voor de zitting werk te maken van herstel: een aanbod tot schadevergoeding, een excuusbrief of deelname aan een herstelbemiddeling wordt in de praktijk zichtbaar meegewogen. Voor het slachtoffer betekent het dat een taakstraf voor de dader niet in de weg staat aan volledige vergoeding van zijn schade.

Veelgestelde vragen over de taakstraf

Hoeveel uur taakstraf kan de rechter opleggen?

Voor volwassenen duurt een taakstraf ten hoogste tweehonderdveertig uren (artikel 22c lid 2 Sr). In het jeugdstrafrecht gelden lagere maxima: een werkstraf duurt ten hoogste tweehonderd uur en een leerstraf eveneens; samen mogen zij niet meer dan tweehonderdveertig uur bedragen. Het aantal uren wordt in het vonnis of de strafbeschikking vermeld.

Voor welke feiten mag geen taakstraf worden opgelegd?

Artikel 22b Sr bevat een taakstrafverbod. Een kale taakstraf is uitgesloten bij misdrijven waarop zes jaar gevangenisstraf of meer staat en die een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer hebben gemaakt, bij enkele met name genoemde misdrijven, en bij herhaling van een soortgelijk misdrijf binnen vijf jaar. De rechter kan dan wel een taakstraf opleggen naast een onvoorwaardelijke gevangenisstraf of vrijheidsbenemende maatregel.

Kan een taakstraf met een gevangenisstraf worden gecombineerd?

Ja, maar begrensd. De rechter mag een taakstraf opleggen naast een gevangenisstraf of hechtenis waarvan het onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen deel ten hoogste zes maanden bedraagt (artikel 9 lid 4 Sr). Combinaties met een geldboete, een voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden of een schadevergoedingsmaatregel komen eveneens voor.

Kan het Openbaar Ministerie zelf een taakstraf opleggen?

Ja. De officier van justitie kan bij bepaalde feiten een strafbeschikking uitvaardigen waarin een taakstraf is opgenomen. Aan die route zit een lager maximum dan aan het rechterlijk vonnis, en er hoort geen vervangende hechtenis bij. Wie het niet eens is met een strafbeschikking, doet er verstandig aan tijdig verzet te doen, want anders wordt zij onherroepelijk.

Wat gebeurt er als ik mijn taakstraf niet uitvoer?

Meldt de reclassering dat u de taakstraf niet of niet naar behoren verricht, dan kan de tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis volgen. Voor elke twee uren taakstraf wordt ten hoogste een dag hechtenis opgelegd, met een minimum van een dag en een maximum van vier maanden (artikel 22d Sr). Tegen die beslissing kunt u binnen een korte termijn bezwaar maken bij de rechter; schakel dan direct een advocaat in.

Krijg ik een strafblad van een taakstraf?

Ja. Een taakstraf is een hoofdstraf en wordt geregistreerd in de justitiele documentatie. Dat kan gevolgen hebben voor een verklaring omtrent het gedrag en daarmee voor bepaalde beroepen en voor reizen naar landen die naar uw justitiele verleden vragen. Hoe lang de registratie blijft staan, hangt af van het feit en van de opgelegde straf.

Mag ik zelf kiezen waar ik mijn taakstraf doe?

Nee. De reclassering bepaalt de werkplek en kiest uit projecten bij niet-commerciele instellingen zoals gemeenten, zorginstellingen en natuurbeheerders. Wel houdt zij rekening met uw werk, opleiding en zorgtaken bij het plannen van de uren, en waar mogelijk met een verband tussen het werk en het gepleegde feit.

Bijstand bij een dreigende taakstraf of vervangende hechtenis

De ruimte om een taakstraf te bereiken in plaats van een vrijheidsstraf zit vooral in het dossier: wat is uw persoonlijke situatie, welke gevolgen zou detentie hebben en wat hebt u al gedaan om de schade te herstellen. Dat verhaal moet onderbouwd op tafel liggen voordat de rechter beslist.

Law & More staat verdachten bij tijdens het opsporingsonderzoek en op de zitting, voert verweer tegen een strafbeschikking en treedt op wanneer de omzetting in vervangende hechtenis dreigt. Neem gerust contact op om uw zaak voor te leggen.

Juridische hulp nodig?

Neem contact op met Law & More voor deskundig advies over uw juridische zaken. Ons meertalige team staat klaar om u te helpen.