Gepubliceerd op 27 september 2025 · Laatst bijgewerkt op 7 oktober 2026
Een werkstraf is onbetaald werk dat u als straf in uw vrije tijd verricht, met een maximum van 240 uur (artikel 22c Sr). Maakt u de werkstraf niet af, dan kan het openbaar ministerie vervangende hechtenis bevelen: voor elke twee niet gewerkte uren ten hoogste één dag.
Inhoudsopgave
Wat is een werkstraf precies?
In de wet heet de werkstraf een taakstraf. Bij volwassenen bestaat die altijd uit onbetaalde arbeid bij een organisatie zonder winstoogmerk, zoals een gemeente, zorginstelling, natuurbeheerder of kringloopbedrijf.
U werkt naast uw gewone leven, dus in avonden, weekenden of op vrije dagen. Dat is de bedoeling van de straf: u ondervindt een merkbaar nadeel, maar u verliest niet uw baan, woning en sociale omgeving. De werkstraf is een echte hoofdstraf. Zij staat in artikel 9 Sr naast gevangenisstraf, hechtenis en geldboete. Het vonnis of de strafbeschikking vermeldt hoeveel uren de straf duurt.
Een hardnekkig misverstand is dat een taakstraf voor volwassenen ook een leerstraf kan zijn. Dat is niet meer zo: artikel 22c Sr bepaalt dat de taakstraf bestaat uit onbetaalde arbeid. Alleen in het jeugdstrafrecht kan de rechter nog kiezen voor een leerstraf. Een cursus of training kan bij volwassenen wel een bijzondere voorwaarde zijn bij een voorwaardelijke straf, maar dat is juridisch iets anders.
Waar staat de werkstraf in de wet?
De kern staat in de artikelen 22b tot en met 22d van het Wetboek van Strafrecht. De uitvoering is sinds 1 januari 2020 geregeld in Boek 6 van het Wetboek van Strafvordering.
Artikel 22b Sr noemt de gevallen waarin geen taakstraf mag worden opgelegd. Artikel 22c regelt de inhoud en de maximumduur, en artikel 22d verplicht de rechter om direct te bepalen hoeveel vervangende hechtenis in de plaats komt als de straf niet wordt uitgevoerd. De oude uitvoeringsbepalingen in het Wetboek van Strafrecht zijn per 1 januari 2020 vervallen; voor de taakstraf gelden nu de artikelen 6:3:1 en volgende Sv. Sindsdien coördineert het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) de uitvoering van straffen centraal.
Wanneer mag de rechter geen werkstraf opleggen?
Artikel 22b Sr verbiedt een taakstraf bij ernstige geweldsmisdrijven, bij bepaalde zedenmisdrijven en bij herhaling. De rechter mag daarvan alleen afwijken als hij daarnaast een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf oplegt.
Een taakstraf is uitgesloten bij een veroordeling voor een misdrijf waarop zes jaar gevangenisstraf of meer staat én dat een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer tot gevolg had. Beide voorwaarden moeten samen vervuld zijn; het strafmaximum alleen is niet genoeg. Daarnaast is een taakstraf uitgesloten bij een veroordeling voor de misdrijven van de artikelen 181, 252 en 253 Sr.
Het verbod geldt ook bij herhaling. Kreeg u in de vijf jaar vóór het nieuwe feit al een taakstraf voor een soortgelijk misdrijf, en heeft u die verricht of is daarvoor vervangende hechtenis bevolen, dan is een nieuwe taakstraf uitgesloten. Van beide verboden mag de rechter afwijken als hij naast de taakstraf een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel oplegt. Daarom ziet u in de rechtspraak combinaties van een korte celstraf met een werkstraf.
Wie legt de werkstraf op: de rechter of het openbaar ministerie?
Allebei. De rechter legt de werkstraf op bij vonnis; het openbaar ministerie kan in een strafbeschikking zelf een taakstraf van ten hoogste 180 uur opleggen (artikel 257a Sv).
Legt de officier van justitie een taakstraf op in een strafbeschikking en doet u niets, dan staat de straf vast en volgt er geen zitting. Doet u op tijd verzet, dan komt de zaak alsnog bij de rechter. Hoe die keuze uitpakt, leest u in onze uitleg over de strafbeschikking en het verzet daartegen.
Uw instemming is voor een werkstraf niet vereist. Wel bespreekt de reclassering met u of de straf praktisch uitvoerbaar is, omdat een werkstraf die niet in uw agenda past tot mislukken gedoemd is. Staat u nog voor de zitting, laat u dan uitleggen hoe een strafzaak in Nederland verloopt en wanneer uw advocaat een werkstraf realistisch kan bepleiten. De rechter kijkt daarbij onder meer naar uw persoonlijke omstandigheden, zoals werk en zorgtaken, en naar het advies van de reclassering.
Hoe verloopt de uitvoering van een werkstraf?
Nadat de uitspraak onherroepelijk is, krijgt u een oproep voor een intakegesprek bij de reclassering. Die bepaalt daarna waar en wanneer u werkt.
In het intakegesprek komen uw werktijden, opleiding, zorgtaken en eventuele medische beperkingen aan de orde. U kunt een voorkeur uitspreken, maar de plaatsing is geen keuzemenu. De reclassering beslist, mede op basis van het delict en wat er in de regio beschikbaar is. Werken bij een organisatie waarmee u een persoonlijke band heeft, is uitgesloten.
De afspraken over werktijden, aanwezigheid en gedrag worden schriftelijk vastgelegd. Op de werkplek staat u onder toezicht van een werkmeester of een begeleider van de instelling, die uw gewerkte uren bijhoudt. Meldt u zich af, dan moet dat volgens de afgesproken procedure, bij ziekte doorgaans met een onderbouwing. Ziekte schuift de einddatum niet vanzelf op.
Let op de uitvoeringstermijn. Een werkstraf mag niet eindeloos doorlopen; de termijn waarbinnen u moet hebben gewerkt, is geregeld in Boek 6 Sv. Vraag bij het intakegesprek uitdrukkelijk naar de datum waarop uw termijn verstrijkt, en laat een verlenging schriftelijk bevestigen. Uitstel van het intakegesprek levert u geen extra tijd op.
Welke rol heeft de reclassering?
De reclassering is de schakel tussen het vonnis en het werk. Zij zoekt de werkplek, maakt de afspraken, houdt contact met de werkbegeleider en controleert of het werk volgens afspraak wordt verricht.
Bij problemen, bijvoorbeeld wisselende diensten of een langere ziekte, kunt u bij uw reclasseringswerker terecht voor een aangepast rooster. Doe dat op tijd: vóór u een afspraak mist, niet erna.
De reclassering heeft ook een handhavende taak. Komt u te laat, meldt u zich niet af of gedraagt u zich op de werkplek onbehoorlijk, dan volgt een officiële waarschuwing. Blijft het misgaan, dan meldt de reclassering dat het werk niet naar behoren wordt verricht. Vanaf dat moment gaat het niet meer om planning, maar om de vraag of u alsnog de cel in moet.
Wat gebeurt er als u de werkstraf niet afmaakt?
Dan volgt vervangende hechtenis. Het openbaar ministerie beveelt die volgens artikel 6:3:3 Sv als de taakstraf niet, niet volledig of niet naar behoren is verricht.
Volgens artikel 22d Sr bepaalt de rechter bij het opleggen van de taakstraf al hoeveel vervangende hechtenis daarvoor in de plaats komt: voor elke twee uur ten hoogste één dag. Zestig niet gewerkte uren komen dus neer op ten hoogste dertig dagen. Uren die u wel heeft gewerkt, worden in mindering gebracht.
Het bevel wordt u schriftelijk meegedeeld. Het gaat om een echte celstraf, met gevolgen voor werk, gezin en inkomen. Meld daarom zelf direct dat de uitvoering vastloopt, in plaats van af te wachten tot de reclassering het meldt. Een aangepast rooster is vrijwel altijd eenvoudiger te regelen dan een bezwaarprocedure achteraf.
Hoe maakt u bezwaar tegen vervangende hechtenis?
Tegen het bevel kunt u volgens artikel 6:6:23 Sv binnen veertien dagen na de betekening een bezwaarschrift indienen bij de rechtbank. De rechter beoordeelt of het bevel terecht is gegeven en kan bepalen dat u de resterende uren alsnog mag werken.
De termijn is kort. Schakel daarom direct een advocaat in zodra u het bericht ontvangt. Een bezwaarschrift slaagt niet met de enkele mededeling dat het u niet uitkwam. De rechter wil zien dat u zich heeft ingespannen en dat er een controleerbare reden was voor de onderbreking. Denk aan een medische verklaring, een verklaring van uw werkgever over gewijzigde diensten, een bewijs van opname of van mantelzorg.
Rechtbanken kijken ook naar de vraag of u voldoende kansen heeft gekregen. Zo verklaarde de rechtbank Noord-Holland in ECLI:NL:RBNHO:2022:1117 een bezwaar ongegrond omdat de veroordeelde voldoende kansen had gehad en er geen bijzondere omstandigheden waren. Het bezwaar was te vroeg ingediend, maar werd toch inhoudelijk behandeld.
Wat betekent een werkstraf voor uw strafblad en uw VOG?
Een werkstraf wordt geregistreerd in de justitiële documentatie. Dat is geen levenslang beletsel, maar het kan meewegen bij een aanvraag voor een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG).
Justis beoordeelt bij een VOG-aanvraag of het feit, als het opnieuw zou worden gepleegd, een risico vormt voor de functie waarvoor u de verklaring nodig heeft. Een vermogensdelict weegt zwaarder bij een financiële functie dan bij een baan in de bouw.
Hoe lang een registratie blijft staan, hangt af van het delict en de opgelegde straf. In onze uitleg over strafblad en justitiële documentatie staan de bewaartermijnen op een rij. In het artikel over strafblad bij werk en sollicitatie leest u wat u een werkgever wel en niet hoeft te vertellen. Zit u in de fase van een tweede kans, lees dan ook onze uitleg over recidive en rehabilitatie.
Waar gaat het in de praktijk mis?
De meeste problemen ontstaan niet bij het werk zelf, maar bij de planning. Uw werkgever is niet verplicht u verlof te geven voor de werkstraf.
Bespreek bij het intakegesprek meteen welke dagdelen realistisch zijn en houd rekening met vakanties en wisselende diensten. Verandert uw rooster, meld dat dan voordat u een afspraak mist.
Een tweede valkuil is het onderschatten van waarschuwingen. Een officiële waarschuwing is geen formaliteit, maar een dossierstuk dat later de basis kan vormen voor het bevel tot vervangende hechtenis. Een derde valkuil is lang doorprocederen over de veroordeling zelf, terwijl de termijnen doorlopen. Overweegt u nog een rechtsmiddel, laat dan beoordelen of hoger beroep in uw strafzaak loont.
Wat geldt voor een werkstraf in het jeugdstrafrecht?
Voor minderjarigen geldt een eigen regeling. De taakstraf kan daar bestaan uit een werkstraf, een leerstraf of een combinatie, met een maximum van 200 uur (artikel 77m Sr).
De kinderrechter weegt de opvoedkundige waarde van de straf uitdrukkelijk mee. De begeleiding ligt bij de jeugdreclassering, en de Raad voor de Kinderbescherming adviseert over de inhoud van de straf. Ouders worden bij de uitvoering betrokken, bijvoorbeeld bij afspraken over vervoer en planning. Beslissend is de leeftijd ten tijde van het feit: wie als minderjarige een strafbaar feit pleegde, wordt in beginsel ook na zijn achttiende volgens het jeugdstrafrecht berecht.
Wat is het verschil met een voorwaardelijke straf?
Bij een voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden verricht u geen onbetaalde arbeid, maar houdt u zich aan gedragsafspraken. Overtreedt u die, dan volgt geen vervangende hechtenis maar een vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf.
Voorbeelden van bijzondere voorwaarden zijn een behandeling, een meldplicht of een contactverbod. De routes lijken op elkaar, maar de procedure en de termijnen verschillen wezenlijk. De rechter kan een werkstraf ook combineren met een voorwaardelijke gevangenisstraf; dan lopen beide trajecten naast elkaar.
Wat kunnen wij voor u doen bij een werkstraf?
Bij een werkstraf lopen korte termijnen. Wij helpen u daarbij als volgt.
- Wij beoordelen in uw strafzaak of een werkstraf mogelijk is, gelet op de verboden van artikel 22b Sr, en bepleiten die zo nodig bij de rechter.
- Wij toetsen een strafbeschikking met een werkstraf en doen zo nodig binnen veertien dagen verzet (artikel 257e Sv).
- Wij beoordelen of hoger beroep tegen de veroordeling zinvol is; daarvoor geldt een termijn van veertien dagen na de uitspraak.
- Wij helpen u bij afspraken met de reclassering over een haalbaar rooster en een verlenging van de uitvoeringstermijn.
- Wij dienen binnen veertien dagen na de betekening een bezwaarschrift in tegen een bevel tot vervangende hechtenis (artikel 6:6:23 Sv).
- Wij verzamelen voor dat bezwaar de stukken die de onderbreking verklaren, zoals een medische verklaring of een verklaring van uw werkgever.
Samengevat
- Een werkstraf is onbetaald werk in uw vrije tijd, met een maximum van 240 uur voor volwassenen (artikel 22c Sr).
- Bij ernstige geweldsmisdrijven, bepaalde zedenmisdrijven en herhaling is een werkstraf in beginsel uitgesloten (artikel 22b Sr).
- De reclassering plant en controleert de uitvoering; waarschuwingen tellen mee als bewijs.
- Niet afmaken leidt tot vervangende hechtenis: per twee uur ten hoogste één dag.
- Tegen het bevel tot vervangende hechtenis maakt u binnen veertien dagen bezwaar bij de rechtbank (artikel 6:6:23 Sv).
Veelgestelde vragen
Komt een werkstraf op uw strafblad?
Ja. De veroordeling en de werkstraf worden opgenomen in de justitiële documentatie. Dat kan gevolgen hebben voor een VOG-aanvraag, afhankelijk van het delict en de functie.
Kunt u zelf een werkplek voorstellen?
U mag tijdens het intakegesprek een voorkeur uitspreken, maar de reclassering bepaalt de plaatsing. Zij kijkt naar geschiktheid, beschikbaarheid en de aard van het delict.
Moet uw werkgever u vrij geven voor de werkstraf?
Nee. U verricht de werkstraf in uw vrije tijd en uw werkgever is niet verplicht verlof te geven. Stem de planning daarom tijdig af.
Wat gebeurt er als u ziek wordt tijdens de werkstraf?
Meld u af volgens de afgesproken procedure en onderbouw de ziekte als daarom wordt gevraagd. Ziekte verlengt de uitvoeringstermijn niet automatisch; vraag de reclassering om een aangepast rooster.
Kunt u naast een werkstraf ook gevangenisstraf krijgen?
Ja. De rechter mag een werkstraf combineren met een onvoorwaardelijke of voorwaardelijke gevangenisstraf. Bij een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf mag hij zelfs afwijken van het taakstrafverbod van artikel 22b Sr.
Wordt een werkstraf betaald?
Nee. Het gaat om onbetaalde arbeid. U ontvangt geen loon en bouwt met deze uren geen arbeidsrechtelijke aanspraken op.
Rond de werkstraf zijn drie momenten bepalend: de zitting waarop de straf wordt bepaald, het intakegesprek waarin de uitvoering vorm krijgt en het bericht dat vervangende hechtenis dreigt. Law & More staat u op elk van die momenten bij; meer over onze aanpak leest u op onze pagina over strafrecht.