De structuurvennootschap: criteria, regime en vrijstellingen

Wat is een Structuurvennootschap?

Gepubliceerd op 5 april 2021 · Laatst bijgewerkt op 26 september 2026

Een structuurvennootschap is een grote NV of BV die aan drie wettelijke criteria voldoet en daardoor verplicht een raad van commissarissen met zware bevoegdheden moet hebben. Het regime geldt niet direct: pas na een opgaaf bij het handelsregister en drie jaar wachttijd, en niet als de vennootschap onder een van de wettelijke vrijstellingen valt.

Het structuurregime verschuift zeggenschap van de aandeelhouders naar de raad van commissarissen en geeft de ondernemingsraad een stem in de samenstelling van die raad. De criteria staan voor de NV in artikel 2:153 BW en voor de BV in artikel 2:263 BW, in vrijwel dezelfde woorden. Hieronder leest u wanneer het regime geldt, wat het inhoudt en welke uitzonderingen er zijn.

Wat is een structuurvennootschap?

Een structuurvennootschap is geen aparte rechtsvorm. Het is een gewone NV of BV, of een coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij, waarop een extra set dwingende regels van toepassing wordt zodra zij een bepaalde omvang bereikt.

De statuten moeten aan die regels worden aangepast, maar de rechtsvorm blijft gelijk. Een BV blijft dus een BV. Wel verandert de verdeling van de macht binnen de vennootschap ingrijpend.

Er bestaat een hardnekkig misverstand dat het regime alleen voor beursfondsen of internationale concerns geldt. Dat klopt niet. Ook een familiebedrijf dat over de drempels groeit, valt eronder. Omdat twee criteria op concernniveau worden getoetst, komt het regime bij groeiende ondernemingen vaak eerder in beeld dan verwacht.

Waarom bestaat het structuurregime?

Het regime moet zorgen voor professioneel en permanent toezicht op het bestuur van grote ondernemingen, met een evenwicht tussen de belangen van aandeelhouders en werknemers. Het is in de jaren zeventig ingevoerd en in 2004 herzien.

De aanleiding was een verandering in het aandeelhouderschap. Beleggers bleven korter aan een onderneming verbonden. Een algemene vergadering met vooral passieve of kortstondig betrokken aandeelhouders houdt geen effectief toezicht. Een kleine groep actieve aandeelhouders kan dan onevenredig veel invloed krijgen.

De wetgever koos daarom voor een tegenwicht: een toezichthoudend orgaan met eigen bevoegdheden en een stevige positie voor de werknemers via de ondernemingsraad. Het bestuur moet zich richten op de continuïteit van de onderneming en niet alleen op de koers van het aandeel. De Nederlandse Corporate Governance Code noemt dat langetermijnwaardecreatie.

Bij de herziening van 2004 is het evenwicht opnieuw afgesteld. Sindsdien benoemt de algemene vergadering de commissarissen op voordracht van de raad van commissarissen, in plaats van dat de raad zichzelf aanvult. De algemene vergadering kreeg ook het recht om het vertrouwen in de hele raad op te zeggen.

Wanneer valt uw vennootschap onder het structuurregime?

Als zij tegelijk aan drie voorwaarden voldoet: voldoende eigen vermogen, een wettelijk verplichte ondernemingsraad en ten minste honderd werknemers in Nederland. Voldoet de vennootschap aan twee van de drie, dan geldt het regime niet.

Eerste criterium: kapitaal en reserves van 16 miljoen euro

Het geplaatste kapitaal samen met de reserves volgens de balans met toelichting bedraagt ten minste het wettelijke grensbedrag. Dat grensbedrag is 16 miljoen euro. Het is vastgesteld bij de wet van 9 juli 2004. Het bedrag kan bij koninklijk besluit worden verhoogd of verlaagd.

Ingekochte maar niet ingetrokken aandelen en stille reserves die uit de toelichting blijken, tellen mee. Het gaat dus niet om omzet of balanstotaal, maar om eigen vermogen in ruime zin.

Tweede criterium: een verplichte ondernemingsraad

De vennootschap of een van haar afhankelijke maatschappijen moet op grond van een wettelijke verplichting een ondernemingsraad hebben ingesteld. Een vrijwillig ingestelde ondernemingsraad telt niet mee. Wanneer een ondernemingsraad verplicht is, leest u in ons artikel over de ondernemingsraad.

Derde criterium: honderd werknemers in Nederland

Bij de vennootschap en haar afhankelijke maatschappijen samen werken in de regel ten minste honderd werknemers in Nederland. Deeltijders tellen gewoon mee: het gaat om personen, niet om voltijdbanen. Werknemers buiten Nederland tellen voor dit criterium niet mee. Dat gegeven speelt later bij de vrijstellingen een grote rol.

Wat is een afhankelijke maatschappij?

Een afhankelijke maatschappij is, kort gezegd, een dochter waarin de vennootschap ten minste de helft van het kapitaal verschaft, of een vennootschap waarvoor zij als vennoot volledig aansprakelijk is. Omdat twee criteria op concernniveau worden getoetst, is dit begrip beslissend.

De definitie staat in artikel 2:152 BW voor de NV en artikel 2:262 BW voor de BV. Afhankelijk is ten eerste een rechtspersoon waaraan de vennootschap of een of meer afhankelijke maatschappijen, alleen of samen en voor eigen rekening, ten minste de helft van het geplaatste kapitaal verschaffen. Ten tweede gaat het om een vennootschap met een onderneming in het handelsregister, waarvoor de vennootschap of een afhankelijke maatschappij als vennoot volledig aansprakelijk is voor alle schulden.

Hier gaat het in de praktijk vaak mis. Een holding zonder personeel en zonder eigen ondernemingsraad denkt buiten schot te blijven, omdat de ondernemingsraad bij de werkmaatschappij zit. Dat is onjuist. Is de werkmaatschappij een afhankelijke maatschappij, dan tellen haar ondernemingsraad en haar werknemers mee bij de holding. Wie met een holding- en werkmaatschappijstructuur werkt, moet dus op concernniveau tellen.

Wanneer gaat het regime gelden?

Pas nadat de vennootschap opgaaf heeft gedaan bij het handelsregister en die opgaaf drie jaar onafgebroken is ingeschreven. Die wachttijd geeft een groeiende onderneming de tijd om haar bestuursstructuur aan te passen.

De vennootschap moet binnen twee maanden na de vaststelling van de jaarrekening door de algemene vergadering opgaaf doen bij het handelsregister dat zij aan de drie voorwaarden voldoet. Die verplichting staat in artikel 2:153 lid 1 BW voor de NV en artikel 2:263 lid 1 BW voor de BV. De wachttijd van drie jaar volgt uit artikel 2:154 en 2:264 BW. Het niet doen van de opgaaf is een economisch delict.

De driejaarstermijn voorkomt ook dat een vennootschap die eenmalig over een drempel schiet, meteen haar hele structuur moet ombouwen. Twee praktische gevolgen zijn belangrijk:

  • de termijn begint pas te lopen als de opgaaf is gedaan, ook als dat te laat gebeurt; uitstellen levert dus geen tijdwinst op, maar wel een strafbaar verzuim;
  • de opgaaf kan worden doorgehaald als de vennootschap niet meer aan de voorwaarden voldoet, bijvoorbeeld omdat het aantal werknemers in Nederland onder de honderd zakt; bij een nieuwe opgaaf begint de termijn in beginsel opnieuw.

Wat houdt het structuurregime in?

De vennootschap moet een raad van commissarissen hebben van ten minste drie leden, die de bestuurders benoemt en ontslaat en belangrijke besluiten van het bestuur moet goedkeuren. De ondernemingsraad mag een derde van de commissarissen aanbevelen.

De verplichte raad staat in artikel 2:158 BW voor de NV en artikel 2:268 BW voor de BV. Zakt het aantal leden onder de drie, dan blijft de raad bevoegd, maar moet hij direct worden aangevuld. Wat een raad van commissarissen in het algemeen doet, leest u in ons artikel over de raad van commissarissen.

De raad benoemt en ontslaat de bestuurders

De meest ingrijpende bevoegdheid is de benoeming en het ontslag van bestuurders door de raad van commissarissen, volgens artikel 2:162 BW. Die bevoegdheid kan niet worden beperkt door een bindende voordracht.

De raad informeert de algemene vergadering wel over een voorgenomen benoeming. Een bestuurder wordt pas ontslagen nadat de algemene vergadering over het voorgenomen ontslag is gehoord. Voor de aandeelhouders betekent dit dat zij het bestuur niet meer rechtstreeks in de hand hebben.

De ondernemingsraad beveelt een derde van de commissarissen aan

De ondernemingsraad heeft een versterkt recht van aanbeveling voor een derde van de commissarissen (artikel 2:158 BW). Is het aantal leden niet door drie deelbaar, dan geldt het naastgelegen lagere getal dat wel door drie deelbaar is.

De raad van commissarissen kan maar op twee gronden bezwaar maken tegen een aanbeveling. De eerste is de verwachting dat de aanbevolen persoon ongeschikt zal zijn voor de taak. De tweede is de verwachting dat de raad na benoeming niet goed zal zijn samengesteld. Komen de raad en de ondernemingsraad er niet uit, dan beslist de Ondernemingskamer. Welke rol de ondernemingsraad verder speelt, leest u in ons artikel over de rol van de ondernemingsraad.

Welke besluiten moet de raad van commissarissen goedkeuren?

Een reeks zware bestuursbesluiten heeft de goedkeuring van de raad van commissarissen nodig. De wet somt die besluiten op in artikel 2:164 BW voor de NV en artikel 2:274 BW voor de BV.

Het gaat onder meer om:

  • de uitgifte en verkrijging van aandelen;
  • het aangaan of verbreken van een duurzame samenwerking van ingrijpende betekenis;
  • het nemen of afstoten van een deelneming van een bepaalde omvang, en investeringen die ten minste een vierde van het geplaatste kapitaal met de reserves vergen;
  • voorstellen tot statutenwijziging of ontbinding, en aangifte van faillissement;
  • de beëindiging van de arbeidsovereenkomst van een aanmerkelijk aantal werknemers tegelijk.

Voor de praktijk is één detail van groot belang. Het ontbreken van goedkeuring tast de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bestuur niet aan. Een overeenkomst met een derde blijft dus geldig, ook als de raad haar niet had goedgekeurd. Het verzuim werkt alleen intern door en kan leiden tot aansprakelijkheid van de bestuurder.

Wilt u de aandeelhouders binnen de wettelijke kaders toch een stem geven, dan is daar ruimte voor. De goedkeuringsrechten van de raad kunnen niet worden beperkt. U kunt wel in de statuten bepalen dat voor bepaalde besluiten daarnaast de goedkeuring van een ander orgaan nodig is, bijvoorbeeld de algemene vergadering. Dat vraagt om een zorgvuldige statutenwijziging.

Kunnen aandeelhouders commissarissen wegsturen?

Niet rechtstreeks één voor één, wel de hele raad tegelijk. De algemene vergadering kan het vertrouwen in de voltallige raad van commissarissen opzeggen; ontslag van een individuele commissaris loopt via de Ondernemingskamer.

Voor het opzeggen van het vertrouwen is volgens artikel 2:161a BW een volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen nodig, die ten minste een derde van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigt. Alle commissarissen treden dan direct af. Het bestuur vraagt de Ondernemingskamer vervolgens om tijdelijk een of meer commissarissen te benoemen, totdat een nieuwe raad is samengesteld.

Een individuele commissaris kan alleen door de Ondernemingskamer worden ontslagen, wegens verwaarlozing van zijn taak of andere gewichtige redenen. Het verzoek kan komen van de vennootschap, van een vertegenwoordiger van de algemene vergadering of van de ondernemingsraad. Hoe de Ondernemingskamer in vennootschappelijke geschillen optreedt, leest u in ons artikel over de enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer.

Structuurregime bij een one-tier board

Een structuurvennootschap kan ook met een monistisch bestuursmodel werken. Uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders zitten dan samen in één bestuur (artikel 2:164a BW voor de NV, artikel 2:274a BW voor de BV). De bevoegdheden die de wet aan de raad van commissarissen geeft, liggen dan bij de niet-uitvoerende bestuurders.

Welke vennootschappen zijn volledig vrijgesteld?

Artikel 2:153 lid 3 BW noemt vier situaties waarin het regime niet geldt, ook al voldoet de vennootschap aan de criteria. Bij een volledige vrijstelling hoeft de vennootschap ook geen opgaaf te doen bij het handelsregister.

De vier vrijstellingen zijn:

  • de dochter: de vennootschap is een afhankelijke maatschappij van een rechtspersoon waarop het volledige of verzwakte structuurregime al van toepassing is, zodat het regime al op concernniveau geldt;
  • de internationale holding of financieringsmaatschappij: zij houdt zich uitsluitend of vrijwel uitsluitend bezig met het beheer en de financiering van groepsmaatschappijen, en de werknemers van de groep werken in meerderheid buiten Nederland;
  • de dienstverlenende vennootschap die vrijwel uitsluitend diensten verleent aan zo’n internationale holding;
  • de joint venture waarin twee of meer structuurplichtige rechtspersonen samen voor ten minste de helft van het geplaatste kapitaal deelnemen.

De vrijstelling voor de dochter voorkomt dat het regime binnen een concern wordt gestapeld. De moeder kan daarbij ook een coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij zijn. Voor de internationale holding is het aantal werknemers buiten Nederland beslissend: werkt de meerderheid van de groep in Nederland, dan geldt de vrijstelling niet.

Wat is het verzwakte structuurregime?

Het verzwakte of gemitigeerde regime is geen vrijstelling. Het enige verschil met het volledige regime is dat de algemene vergadering, en niet de raad van commissarissen, de bestuurders benoemt en ontslaat.

Er zijn twee varianten. Artikel 2:155 BW gaat over de internationale concernsituatie. Houdt een rechtspersoon waarvan de werknemers in meerderheid buiten Nederland werken ten minste de helft van het kapitaal, dan gelden artikel 2:162 BW en artikel 2:164a lid 2 BW niet. Die uitzondering vervalt als de werknemers van de vennootschap en die rechtspersoon samen in meerderheid in Nederland werken.

Artikel 2:155a BW regelt de besloten verhoudingen. Het gaat om een vennootschap waarvan het gehele kapitaal wordt verschaft door één natuurlijk persoon, of door meerdere natuurlijke personen die een onderlinge samenwerkingsregeling hebben. Hetzelfde geldt als een stichting, vereniging of vergelijkbare rechtspersoon het gehele kapitaal voor eigen rekening verschaft. Dit is de klassieke familievennootschap.

In beide varianten blijven alle andere onderdelen van het regime gelden. De verplichte raad van commissarissen, het versterkte aanbevelingsrecht van de ondernemingsraad en de goedkeuringsrechten blijven dus van kracht. Wie het verzwakte regime als vrijstelling leest, komt bedrogen uit.

Kunt u het structuurregime vrijwillig toepassen?

Ja. U kunt het volledige of het verzwakte regime vrijwillig in de statuten opnemen; vanaf dat moment geldt het. Van de wettelijke criteria hoeft dan alleen aan het vereiste van de ondernemingsraad te zijn voldaan.

In de praktijk zien wij twee redenen om dat te doen. De eerste is een familiebedrijf waarin het bestuur uit externe professionals bestaat en de familie behoefte heeft aan deskundig toezicht dat niet afhangt van de verhoudingen tussen de aandeelhouders. De tweede is een onderneming die binnenkort toch over de drempels groeit en de overgang liever beheerst voorbereidt.

Er is ook een keerzijde. Het regime kan een onderneming minder aantrekkelijk maken voor investeerders die zeggenschap zoeken. Die afweging hoort u vooraf te maken.

Wat betekent het regime voor aandeelhouders?

Aandeelhouders krijgen professioneel toezicht op het bestuur, maar verliezen de directe invloed op de benoeming en het ontslag van bestuurders. Bij belangrijke besluiten houden zij alleen indirect invloed.

De winst zit in de continuïteit. Een raad met eigen bevoegdheden weegt niet alleen het belang van de aandeelhouders, maar ook dat van werknemers, afnemers en financiers. De invloed van aandeelhouders die alleen op kortetermijnrendement uit zijn, wordt begrensd. Werknemers krijgen via de ondernemingsraad een stem in de samenstelling van de raad.

Daar staan blijvende kosten tegenover. U hebt een raad van ten minste drie leden nodig, met een vergoeding. De raad moet goed worden geïnformeerd, en de bestuursstructuur moet worden onderhouden. Ontslag van een individuele commissaris kan bovendien niet zonder de Ondernemingskamer.

Voor familiebedrijven is de afweging het scherpst. Waar de aandeelhouder tot dan toe ook het bestuur vormde, komt er een orgaan tussen. Het verzwakte regime van artikel 2:155a BW vangt de grootste pijn op, maar neemt de goedkeuringsrechten en de rol van de ondernemingsraad niet weg.

Wat moet u regelen als het regime in beeld komt?

Begin met tellen op concernniveau en controleer daarna of een vrijstelling of het verzwakte regime geldt. Is het regime van toepassing, dan volgen de opgaaf, de statutenwijziging en de samenstelling van de raad.

Breng jaarlijks in kaart hoeveel werknemers in Nederland werken bij de vennootschap en haar afhankelijke maatschappijen, of er een wettelijk verplichte ondernemingsraad is en hoe het kapitaal met de reserves zich verhoudt tot het grensbedrag. Doe dat bij de vaststelling van de jaarrekening, want daaraan is de opgaaftermijn van twee maanden gekoppeld.

Het verschil tussen een volledige vrijstelling en het verzwakte regime is geen formaliteit. Het bepaalt of uw aandeelhouders hun bestuurders nog zelf kunnen benoemen. Geldt het regime, dan volgt een statutenwijziging bij de notaris, de benoeming van de raad en een reglement en informatievoorziening waarmee de raad zijn taak kan uitoefenen.

Denk daarbij vooruit over de samenstelling. Een derde van de commissarissen komt op aanbeveling van de ondernemingsraad. Een helder profiel van de raad voorkomt dat de aanbevelingsprocedure uitloopt op een geschil bij de Ondernemingskamer. Bespreek dat profiel daarom al bij de voorbereiding, en niet pas bij de eerste vacature.

Samengevat

  • Een structuurvennootschap is een NV of BV met kapitaal en reserves van ten minste 16 miljoen euro, een verplichte ondernemingsraad en ten minste honderd werknemers in Nederland, gemeten op concernniveau.
  • Het regime geldt pas als de opgaaf drie jaar onafgebroken in het handelsregister staat; de opgaaf moet binnen twee maanden na vaststelling van de jaarrekening.
  • Onder het volledige regime benoemt en ontslaat de raad van commissarissen de bestuurders en keurt hij zware besluiten goed; de ondernemingsraad beveelt een derde van de commissarissen aan.
  • Er zijn vier volledige vrijstellingen; het verzwakte regime is geen vrijstelling en laat alleen de benoeming van bestuurders bij de aandeelhouders.
  • Het regime kan ook vrijwillig in de statuten worden opgenomen.

Veelgestelde vragen

Wanneer is een vennootschap een structuurvennootschap?

Als zij tegelijk voldoet aan de drie voorwaarden uit artikel 2:153 BW voor de NV of artikel 2:263 BW voor de BV. Het gaat om geplaatst kapitaal met reserves van ten minste 16 miljoen euro, een wettelijk verplichte ondernemingsraad bij de vennootschap of een afhankelijke maatschappij, en ten minste honderd werknemers in Nederland bij de vennootschap en haar afhankelijke maatschappijen samen.

Geldt het regime meteen als u aan de criteria voldoet?

Nee. U doet binnen twee maanden na vaststelling van de jaarrekening opgaaf bij het handelsregister. Het regime geldt pas nadat die opgaaf drie jaar onafgebroken is ingeschreven. Het nalaten van de opgaaf is een economisch delict en levert geen uitstel op.

Wat is het verschil tussen het volledige en het verzwakte regime?

Bij het volledige regime benoemt en ontslaat de raad van commissarissen de bestuurders. Bij het verzwakte regime van artikel 2:155 en 2:155a BW doet de algemene vergadering dat. Alle andere verplichtingen blijven gelden, zoals de verplichte raad, het aanbevelingsrecht van de ondernemingsraad en de goedkeuringsrechten.

Telt de ondernemingsraad van uw dochtervennootschap mee?

Ja, als die dochter een afhankelijke maatschappij is in de zin van artikel 2:152 of 2:262 BW. Een holding zonder eigen personeel kan daardoor toch onder het regime vallen.

Blijft een overeenkomst geldig als de raad geen goedkeuring gaf?

Ja. Het ontbreken van goedkeuring tast de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bestuur niet aan. De overeenkomst met de derde blijft in stand. Het verzuim werkt intern door en kan de bestuurder aansprakelijk maken.

Kunnen aandeelhouders een commissaris ontslaan?

Niet rechtstreeks. De algemene vergadering kan het vertrouwen in de hele raad opzeggen, met een volstrekte meerderheid die ten minste een derde van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigt (artikel 2:161a BW). Ontslag van één commissaris loopt via de Ondernemingskamer.

Of het structuurregime geldt, hangt zelden af van één getal, maar van de concernstructuur en de plaats waar de werknemers werken. Law & More telt met u mee, beoordeelt of een vrijstelling of het verzwakte regime van toepassing is en begeleidt de opgaaf, de statutenwijziging en de samenstelling van de raad. Meer over ons werk leest u op de pagina ondernemingsrecht. De wettekst vindt u in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

Twijfelt u over uw positie? Leg uw situatie aan ons voor. Wij laten u binnen één werkdag weten wat uw opties zijn.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.