Gepubliceerd op 6 september 2016 · Laatst bijgewerkt op 8 september 2026
Een inspanningsverplichting verplicht u zich aantoonbaar in te spannen voor een bepaald resultaat, zonder dat u dat resultaat garandeert. Bij een resultaatverplichting staat u wel voor het resultaat zelf in. Dat onderscheid bepaalt wanneer sprake is van een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis (artikel 6:74 BW), en dus wanneer uw wederpartij schadevergoeding kan vorderen of de overeenkomst kan ontbinden.
Inhoudsopgave
Waar staat het onderscheid in de wet?
De woorden inspanningsverplichting en resultaatverplichting komen als zodanig niet in het Burgerlijk Wetboek voor. Ze zijn in de rechtspraak en de literatuur ontwikkeld om steeds dezelfde voorvraag te beantwoorden: waartoe heeft de schuldenaar zich precies verbonden? Pas als die inhoud vaststaat, kunt u beoordelen of daarin is tekortgeschoten. Artikel 6:74 BW bepaalt dat iedere tekortkoming in de nakoming van een verbintenis de schuldenaar verplicht de schade te vergoeden die de schuldeiser daardoor lijdt, tenzij de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend. Artikel 6:75 BW voegt daaraan toe dat een tekortkoming de schuldenaar niet kan worden toegerekend als zij niet aan zijn schuld te wijten is en ook niet krachtens wet, rechtshandeling of verkeersopvattingen voor zijn rekening komt.
Het wettelijk kader per contractsoort geeft vervolgens richting. Bij de overeenkomst van opdracht schrijft artikel 7:401 BW voor dat de opdrachtnemer bij zijn werkzaamheden de zorg van een goed opdrachtnemer in acht neemt. Dat is een zorgnorm, geen resultaatsgarantie. Bij aanneming van werk verbindt de aannemer zich juist tot het tot stand brengen van een werk van stoffelijke aard (artikel 7:750 BW): daar is het werk zelf de verbintenis. Bij een geneeskundige behandelingsovereenkomst geldt de zorg van een goed hulpverlener (artikel 7:453 BW), en bij koop moet de afgeleverde zaak aan de overeenkomst beantwoorden (artikel 7:17 BW), wat dicht tegen een resultaatverplichting aan ligt. De wet kiest dus niet in het algemeen, maar per contractsoort.
Wanneer geldt een inspanningsverplichting?
Een inspanningsverplichting geldt wanneer de uitkomst mede afhangt van factoren buiten de macht van degene die de opdracht aanneemt. Een advocaat kan niet beloven dat de rechter hem volgt, een makelaar niet dat het huis binnen drie maanden verkocht is, een adviseur niet dat de markt zijn advies beloont en een arts niet dat de behandeling aanslaat. In al die gevallen verbindt de opdrachtnemer zich tot deskundig, zorgvuldig en toegewijd handelen, niet tot de uitkomst.
Blijft het beoogde resultaat uit, dan levert dat op zichzelf nog geen tekortkoming op. Dat betekent bepaald niet dat er niets te toetsen valt. De maatstaf verschuift alleen: niet het resultaat, maar de kwaliteit van de inspanning staat ter beoordeling. Een advocaat die een essentieel verweer laat liggen, een termijn laat verlopen of zijn client niet wijst op een reeel procesrisico, schiet wel degelijk tekort in de zorg die artikel 7:401 BW van hem verlangt. Naast die civielrechtelijke norm geldt voor advocaten het tuchtrecht van artikel 46 Advocatenwet, dat langs een eigen weg tot een oordeel over de beroepsuitoefening kan leiden.
Wanneer geldt een resultaatverplichting?
Van een resultaatverplichting is sprake als de schuldenaar het overeengekomen resultaat zelf toezegt. De schilder verbindt zich tot deugdelijk schilderwerk, de automonteur tot een werkende remleiding, de glaszetter tot barstvrij geplaatste ruiten en de bouwer tot het opgeleverde werk. Blijft dat resultaat uit, dan is de tekortkoming daarmee gegeven, hoeveel moeite de schuldenaar ook heeft gedaan. Alleen als de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend, bijvoorbeeld bij overmacht in de zin van artikel 6:75 BW, ontkomt hij aan de schadevergoedingsplicht.
Ook binnen dienstverlening komen resultaatverplichtingen voor. Een leverancier die schriftelijk garandeert dat een systeem op een bepaalde datum een bepaalde functionaliteit heeft, of een vervoerder die een harde levertermijn toezegt, verbindt zich tot een resultaat. Het woord garantie is daarbij geen versiering: het verplaatst het risico van de uitkomst naar degene die de garantie geeft.
Hoe stelt u vast welke verplichting is afgesproken?
Meestal begint de beoordeling bij de tekst. Veel dienstverleners leggen in hun overeenkomst of algemene voorwaarden uitdrukkelijk vast dat zij een inspanningsverplichting op zich nemen en geen resultaat garanderen. Verplicht is dat niet. Ook uit een formulering als dat het kantoor naar het best haalbare resultaat streeft, volgt dat het resultaat niet wordt gegarandeerd.
Zwijgt de overeenkomst, of is zij op dit punt onduidelijk, dan komt het aan op uitleg. Daarbij is niet alleen de taalkundige betekenis van de bewoordingen beslissend, maar ook de zin die partijen daaraan in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mochten toekennen en wat zij over en weer van elkaar mochten verwachten: de Haviltex-maatstaf. Gewicht komt onder meer toe aan de aard van de prestatie, de mate waarin de uitkomst binnen de invloedssfeer van de opdrachtnemer ligt, de deskundigheid van beide partijen, de hoogte van de vergoeding en de vraag of het risico verzekerbaar is. Wie hierover geen discussie wil, doet er goed aan het bij het opstellen van algemene voorwaarden uitdrukkelijk te regelen.
Wat betekent het verschil voor aansprakelijkheid?
Het praktische gevolg zit in de drempel. Bij een resultaatverplichting is de tekortkoming een feit zodra het resultaat uitblijft; de discussie gaat daarna nog over toerekening en schade. Bij een inspanningsverplichting moet eerst worden vastgesteld dat onvoldoende of onzorgvuldig is gepresteerd, en die vaststelling vergt vaak een deskundig oordeel over wat een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot in dezelfde situatie zou hebben gedaan. Het verschil tussen wanprestatie en onrechtmatige daad speelt daarbij op de achtergrond mee, omdat dezelfde gedraging soms beide grondslagen kan dragen.
Verder gelden de gewone regels. Voor schadevergoeding wegens vertraging en voor ontbinding is doorgaans verzuim vereist, dat intreedt na een ingebrekestelling met een redelijke termijn (artikel 6:82 BW), tenzij een van de gevallen van artikel 6:83 BW zich voordoet. Is nakoming blijvend onmogelijk, dan is een ingebrekestelling niet nodig. Ontbinding steunt op artikel 6:265 BW en blijft achterwege als de tekortkoming die ontbinding niet rechtvaardigt. Wie een gebrekkige prestatie ontvangt, moet bovendien binnen bekwame tijd protesteren op straffe van verlies van zijn rechten (artikel 6:89 BW). Een overzicht van de mogelijkheden vindt u in ons artikel over contractuele remedies bij wanprestatie.
Wie moet wat bewijzen?
De hoofdregel staat in artikel 150 Rv: wie zich beroept op de rechtsgevolgen van door hem gestelde feiten, draagt daarvan de bewijslast. Bij een resultaatverplichting hoeft de eisende partij in beginsel alleen te stellen en zo nodig te bewijzen dat het overeengekomen resultaat is uitgebleven. Bij een inspanningsverplichting ligt de lat hoger: dan moet worden onderbouwd welke concrete zorg is nagelaten en waarom een redelijk handelend vakgenoot anders had gehandeld.
Sinds 1 januari 2025 geldt de Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht. Het bekende artikel 843a Rv is vervangen door de artikelen 194 tot en met 195a Rv, en artikel 21 Rv kent een uitgebreidere verplichting om de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aan te voeren. Voor beide typen verbintenis betekent dat hetzelfde: leg vast wat u doet. Verslagen van besprekingen, adviezen, waarschuwingen en keuzes die de opdrachtgever zelf heeft gemaakt, wegen in een latere procedure vaak zwaarder dan de tekst van het contract.
Wat legt u vast in uw contract en algemene voorwaarden?
Wie diensten verleent, doet er verstandig aan de aard van de verbintenis met zoveel woorden te benoemen, en niet alleen in een standaardclausule. Beschrijf wat u wel toezegt, wat u uitdrukkelijk niet toezegt en welke medewerking u van de opdrachtgever verwacht. Algemene voorwaarden zijn daarvoor het aangewezen instrument, maar ze binden alleen als de wederpartij een redelijke mogelijkheid heeft gehad er kennis van te nemen (artikelen 6:233 en 6:234 BW).
Een beperking van aansprakelijkheid houdt niet onbeperkt stand. Tegenover consumenten gelden de zwarte lijst van artikel 6:236 BW en de grijze lijst van artikel 6:237 BW. Ook in zakelijke verhoudingen kan een beroep op een exoneratie afstuiten op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid (artikel 6:248 BW), zeker bij ernstige verwijtbaarheid. Een clausule die zegt dat er slechts een inspanningsverplichting geldt, verandert bovendien niets aan de zorgnorm zelf: zij bepaalt alleen dat het uitblijven van het resultaat op zichzelf geen tekortkoming is.
Wat betekent dit per beroepsgroep?
Voor advocaten, makelaars, accountants en adviseurs is de inspanningsverplichting het uitgangspunt, omdat hun werk berust op de overeenkomst van opdracht en artikel 7:401 BW een zorgnorm stelt. Voor artsen en andere zorgverleners geldt via artikel 7:453 BW hetzelfde beeld. Aannemers, installateurs en reparateurs werken daarentegen in beginsel met een resultaatverplichting, omdat artikel 7:750 BW hen tot het werk zelf verbindt.
Binnen een opdracht kunnen beide voorkomen. De adviseur die u begeleidt bij een overname spant zich in voor een goede uitkomst, maar zegt tegelijk toe het conceptcontract op een afgesproken datum aan te leveren: dat laatste is een resultaat. Ook de opzegging van een overeenkomst van opdracht kan van dat onderscheid afhangen, omdat de vraag wat nog verschuldigd is samenhangt met wat precies was beloofd.
Veelgestelde vragen
Mag een advocaat een resultaat garanderen?
Nee. De uitkomst van een procedure hangt af van het bewijs, van de wederpartij en van het oordeel van de rechter. Een advocaat die een uitkomst garandeert, wekt een verwachting die hij niet kan waarmaken. Wel mag u een onderbouwde inschatting van de proceskansen en van de risicos verwachten.
Is een inspanningsverplichting vrijblijvend?
Nee. Wie zich tot inspanning verbindt, moet die inspanning ook leveren en daarbij de zorg van een goed opdrachtnemer in acht nemen. Onvoldoende of onzorgvuldig handelen is een tekortkoming, ook zonder dat het resultaat gegarandeerd was.
Wat als de overeenkomst niets regelt?
Dan bepaalt uitleg van de overeenkomst wat is afgesproken, aan de hand van de bewoordingen en van wat partijen over en weer redelijkerwijs mochten verwachten. De aard van de prestatie is daarbij vaak doorslaggevend: hoe minder de uitkomst in de macht van de opdrachtnemer ligt, hoe eerder een inspanningsverplichting wordt aangenomen.
Kan een inspanningsverplichting alsnog een resultaatverplichting worden?
Ja, als er een concrete toezegging bij komt. Een garantie op een deelresultaat, een harde termijn of een schriftelijke bevestiging van een uitkomst maakt dat onderdeel tot een resultaatverplichting, ook als de opdracht voor het overige op inspanning ziet.
Advies over uw contract
Of u nu een opdracht aanneemt of verstrekt: het loont om vooraf helder te maken waartoe u zich verbindt. Dat voorkomt discussie achteraf over de vraag of er sprake is van een tekortkoming, en het bepaalt uw positie als het onverhoopt tot een procedure komt. De advocaten van Law & More beoordelen uw overeenkomsten en algemene voorwaarden, toetsen of de gekozen formuleringen doen wat u ermee beoogt en staan u bij als er discussie ontstaat over de nakoming.