Van machinerichtlijn naar machineverordening: wat verandert er?

Gepubliceerd op 9 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 september 2026

De stap van machinerichtlijn naar machineverordening betekent dat Richtlijn 2006/42/EG vanaf 20 januari 2027 plaatsmaakt voor Verordening (EU) 2023/1230. Die verordening werkt rechtstreeks in alle lidstaten, breidt de eisen uit naar software, cyberbeveiliging en kunstmatige intelligentie, en legt importeurs en distributeurs eigen verplichtingen op.

Machinebouwers bespreken de overgang van machinerichtlijn naar machineverordening

Wat betekent de overgang van richtlijn naar verordening juridisch?

Het verschil is niet cosmetisch. Een richtlijn richt zich tot de lidstaten en moet door elk land in nationale wetgeving worden omgezet; in Nederland gebeurde dat via de Warenwet en het daarop gebaseerde besluit over machines. Een verordening richt zich rechtstreeks tot marktdeelnemers en geldt in alle lidstaten in dezelfde bewoordingen. De nationale wetgever hoeft er niets voor te doen en kan er ook niets aan toevoegen of van afdoen.

Voor een machinebouwer die naar meerdere lidstaten levert, verdwijnt daarmee een bekende bron van gedoe: de uiteenlopende uitleg per land van dezelfde essentiele eis. De keerzijde is dat u zich niet langer kunt beroepen op een soepeler nationale invulling. De tekst van de verordening zelf is de norm, en de rechtspraak daarover komt uiteindelijk van het Hof van Justitie.

De verordening is op 19 juli 2023 in werking getreden en is van toepassing vanaf 20 januari 2027. Die ruime overgangstermijn is bedoeld om ontwerp-, documentatie- en certificeringsprocessen aan te passen. Machines die voor die datum rechtmatig volgens de machinerichtlijn in de handel zijn gebracht, hoeven niet met terugwerkende kracht te worden aangepast.

Voor wie geldt de machineverordening?

De verordening volgt het Nieuw Wetgevingskader en spreekt daarom niet alleen de fabrikant aan, maar alle marktdeelnemers: de fabrikant, zijn in de Unie gevestigde gemachtigde, de importeur en de distributeur. Elk van hen heeft eigen, in de verordening omschreven verplichtingen, en elk van hen kan door de markttoezichthouder worden aangesproken.

Het toepassingsgebied omvat machines, verwisselbare uitrustingsstukken, veiligheidscomponenten, hijs- en hefgereedschappen, kettingen, kabels en banden, aandrijfsystemen en niet-voltooide machines. Nieuw is dat software met een veiligheidsfunctie die zelfstandig in de handel wordt gebracht, uitdrukkelijk onder het bereik valt. Dat raakt leveranciers die tot nu toe dachten alleen een besturingspakket te leveren.

In Nederland houdt de Nederlandse Arbeidsinspectie toezicht op machines die op de werkplek worden gebruikt. Naast de productregels blijft de werkgever op grond van de arbeidsomstandighedenregelgeving verantwoordelijk voor veilig gebruik, keuring en onderhoud van arbeidsmiddelen. Een machine met een geldige CE-markering ontslaat een werkgever dus niet van zijn eigen verplichtingen.

Welke eisen gelden er voor software, cyberbeveiliging en AI?

De grootste inhoudelijke vernieuwing zit in de digitale kant. De essentiele veiligheids- en gezondheidseisen verlangen dat een machine zo wordt ontworpen dat opzettelijke of onopzettelijke corruptie van de besturingssoftware de veiligheid niet in gevaar brengt. Een aanvaller die van buitenaf de besturing beinvloedt, mag geen gevaarlijke situatie kunnen veroorzaken; hetzelfde geldt voor een storing in een verbinding.

Daaruit volgt dat cyberbeveiliging onderdeel wordt van de risicobeoordeling en niet langer een losse ICT-aangelegenheid is. U moet kunnen laten zien welke bedreigingen u hebt geinventariseerd, welke maatregelen u hebt getroffen en hoe u omgaat met updates gedurende de levensduur. Machines die op afstand worden bediend of die met externe systemen communiceren, vragen aantoonbaar dat veiligheidsfuncties blijven werken als die verbinding wegvalt.

Voor kunstmatige intelligentie geldt een aparte laag. Wanneer een AI-systeem een veiligheidsfunctie in de machine vervult, komt daar de AI-verordening bovenop. Uit die verordening volgt dat AI-systemen die als veiligheidscomponent in producten met eigen EU-productwetgeving worden gebruikt, tot de hoogrisicocategorie behoren; voor die categorie is de toepassing uitgesteld tot 2 augustus 2028. Wat dat regime praktisch verlangt, beschrijven wij in ons artikel over hoogrisico-AI-systemen onder de AI Act.

Wat verandert er voor importeurs en distributeurs?

Onder de machinerichtlijn lag het zwaartepunt bij de fabrikant. De verordening verdeelt de last. Een importeur mag een machine alleen in de handel brengen als de fabrikant de juiste conformiteitsbeoordelingsprocedure heeft doorlopen, de technische documentatie beschikbaar is, de CE-markering is aangebracht en de EU-conformiteitsverklaring en de gebruiksaanwijzing zijn bijgevoegd. Hij vermeldt bovendien zijn eigen naam en contactgegevens op de machine of op de verpakking.

De distributeur controleert minder diep, maar niet vrijblijvend: hij gaat na of markering en documenten aanwezig zijn en of de gebruiksaanwijzing in de juiste taal is meegeleverd. Twijfelt een importeur of distributeur aan de conformiteit, dan mag de machine niet worden geleverd en moet de markttoezichthouder worden geinformeerd. Bij een risico geldt bovendien een plicht tot corrigerende maatregelen en zo nodig terugroeping.

Die verplichtingen hebben een civielrechtelijke schaduw. Wie in een keten levert, doet er goed aan de verantwoordelijkheden contractueel te spiegelen: welke documentatie levert de fabrikant aan, binnen welke termijn, en wie draagt de kosten van een terugroepactie. Hoe die aansprakelijkheidsvragen in een keten uitpakken, werken wij uit in ons artikel over contractbreuk door leveranciersketens.

Importeur controleert CE-markering en technische documentatie van een machine

Wanneer wordt u door een aanpassing zelf fabrikant?

Dit is voor Nederlandse productiebedrijven het meest onderschatte punt. De verordening werkt het begrip substantiele wijziging uit: een wijziging die de oorspronkelijke fabrikant niet had voorzien en die nieuwe gevaren of een verhoogd risico oplevert, zodat extra beveiligingen nodig zijn of het besturingssysteem moet worden aangepast. Wie zo’n wijziging aanbrengt, geldt voor het gewijzigde deel als fabrikant.

De gevolgen zijn ingrijpend. U moet dan zelf een risicobeoordeling maken, de technische documentatie opstellen, de conformiteitsbeoordeling doorlopen, de CE-markering aanbrengen en de EU-conformiteitsverklaring ondertekenen. Dat geldt niet alleen voor het omzetten van twee losse machines in een productielijn, maar ook voor het toevoegen van een robotcel of het vervangen van een besturing door een softwareplatform met andere veiligheidslogica.

Beoordeel daarom vooraf, en leg die beoordeling vast, of een aanpassing substantieel is. Blijkt achteraf dat u fabrikant was zonder dat u de bijbehorende stappen hebt gezet, dan ontbreekt niet alleen de vereiste documentatie, maar staat u ook in een aansprakelijkheidsdiscussie met lege handen. Welke risico’s daaruit voortvloeien, beschrijven wij in ons artikel over gebrekkige CE-markering en onjuiste instructies.

Hoe verloopt de conformiteitsbeoordeling en de CE-markering?

Het uitgangspunt blijft de interne fabricagecontrole: de fabrikant beoordeelt zelf, stelt de technische documentatie samen en verklaart de conformiteit. Toepassing van geharmoniseerde normen blijft daarbij het middel om het vermoeden van overeenstemming te krijgen. Nieuw is dat de verordening ook gemeenschappelijke specificaties van de Commissie kent voor het geval geharmoniseerde normen ontbreken.

Voor de categorieen machines die in bijlage I, deel A van de verordening staan, is inschakeling van een aangemelde instantie verplicht. Die lijst is herzien en bevat naast klassieke risicoproducten ook machines waarin AI een veiligheidsfunctie vervult. Machines die onder de machinerichtlijn nog met een eigen verklaring konden worden afgedaan, kunnen dus onder de verordening keuringsplichtig worden. Ga die lijst vroeg na: de capaciteit bij aangemelde instanties is beperkt en doorlooptijden lopen op naarmate de toepassingsdatum nadert.

De CE-markering en de EU-conformiteitsverklaring blijven het sluitstuk. De inhoud van die verklaring verandert wel: zij verwijst voortaan naar de verordening in plaats van naar de richtlijn. Wat CE-markering in de dagelijkse praktijk van fabrikanten en importeurs betekent, leest u in ons artikel over CE-markering in de praktijk.

Mag de gebruiksaanwijzing digitaal?

Ja, en dat is een van de meest praktische vernieuwingen. De verordening staat toe dat de gebruiksaanwijzing in digitale, afdrukbare vorm wordt verstrekt. Daarmee vervalt de verplichting om bij elke machine een dik boekwerk mee te leveren, en worden actualiseren en vertalen eenvoudiger.

De vrijheid is niet onbeperkt. Op verzoek van de gebruiker moet de gebruiksaanwijzing bij aankoop kosteloos in papieren vorm beschikbaar zijn, en veiligheidsinformatie moet altijd toegankelijk zijn, ook zonder werkende internetverbinding. Inhoudelijk gelden dezelfde eisen als voor papier: dezelfde volledigheid en beschikbaarheid in de taal van de lidstaat waar de machine wordt gebruikt.

De technische documentatie zelf blijft een zaak van de fabrikant en moet gedurende de in de verordening voorgeschreven periode na het in de handel brengen beschikbaar blijven voor de markttoezichthouder. Nieuw is dat die autoriteit bij een gemotiveerd verzoek ook inzage kan vragen in relevante broncode of programmeerlogica, voor zover dat nodig is om de conformiteit met de veiligheidseisen te beoordelen. Regel daarom vooraf hoe u met die vertrouwelijkheid omgaat, zeker wanneer de software van een derde komt.

Hoe verhoudt dit zich tot de nieuwe productaansprakelijkheid?

Productregelgeving en productaansprakelijkheid zijn twee verschillende sporen. De machineverordening bepaalt wanneer u een machine in de handel mag brengen; de productaansprakelijkheid bepaalt wie de schade betaalt als het toch misgaat. In Nederland staat die laatste regeling nu nog in de artikelen 6:185 en volgende BW, waarbij artikel 6:190 BW een franchise van vijfhonderd euro kent voor schade aan andere zaken.

Dat kader wordt vernieuwd. Richtlijn (EU) 2024/2853 brengt software en digitale onderdelen uitdrukkelijk onder het begrip product en moet uiterlijk op 9 december 2026 zijn omgezet; het Nederlandse wetsvoorstel is nog in behandeling. Voor machinebouwers betekent dat: een gebrekkige software-update kan straks zelfstandig tot productaansprakelijkheid leiden, ook lang na levering. De richtlijn AI-aansprakelijkheid die daarnaast was voorgesteld, is ingetrokken.

Praktisch betekent dit dat compliance en aansprakelijkheid steeds moeilijker te scheiden zijn: dezelfde documentatie die u voor de verordening opbouwt, is het bewijs waarmee u zich later verweert. Welke route bij schade het meest effectief is, zetten wij uiteen in ons artikel over contractuele tegenover wettelijke productaansprakelijkheid, en de hoofdlijnen vindt u in onze uitleg over productaansprakelijkheid.

Team beoordeelt conformiteit en documentatie onder de nieuwe machineverordening

Wat blijft er gelden voor de werkgever die de machine gebruikt?

De machineverordening regelt het in de handel brengen van een machine, niet het gebruik ervan. Zodra een machine op de werkvloer staat, gelden de arbeidsomstandighedenregels. De Arbeidsomstandighedenwet verplicht de werkgever tot een risico-inventarisatie en -evaluatie waarin ook arbeidsmiddelen zijn opgenomen, en tot voorlichting en onderricht aan iedereen die met de machine werkt.

Daarbovenop komen de eisen aan arbeidsmiddelen uit het Arbeidsomstandighedenbesluit: een machine moet geschikt zijn voor het werk, deugdelijk worden onderhouden en periodiek worden gekeurd wanneer de veiligheid afhangt van de staat van installatie of van slijtage. Bedieners van bepaalde arbeidsmiddelen moeten daarvoor specifiek zijn opgeleid. Een geldige CE-markering neemt die verplichtingen niet weg; zij zegt alleen iets over het moment van in de handel brengen.

Dat onderscheid heeft directe gevolgen voor de aansprakelijkheid. Raakt een werknemer gewond aan een machine, dan loopt de vordering tegen de werkgever via de zorgplicht van artikel 7:658 BW, waarbij de werkgever moet aantonen dat hij die zorgplicht is nagekomen. Een vordering tegen de fabrikant loopt langs de productaansprakelijkheid of de overeenkomst. Beide sporen kunnen naast elkaar lopen, met verschillende partijen en verschillende bewijslasten.

Voor gebruikers is daarom de gebruiksaanwijzing meer dan papierwerk. Wijkt u bij het gebruik af van wat de fabrikant heeft voorgeschreven, bijvoorbeeld door een beveiliging te overbruggen of de machine anders in te zetten dan bedoeld, dan verschuift het risico naar uw eigen organisatie. Legt u die afwijking bovendien niet vast, dan mist u het bewijs waarmee u zich later zou willen verweren.

Hoe bereidt u uw onderneming voor?

Begin met een inventarisatie van uw portfolio: welke producten vallen onder de verordening, welke daarvan staan op de lijst van bijlage I, deel A, en welke bevatten software of AI met een veiligheidsfunctie. Die drie vragen bepalen het grootste deel van uw werk. Plan certificeringstrajecten ruim, omdat de vraag naar aangemelde instanties richting de toepassingsdatum toeneemt.

Kijk daarna naar uw contracten. Verdeel in inkoop- en leveringsvoorwaarden expliciet wie welke documentatie levert, wie verantwoordelijk is voor updates en beveiligingspatches, en hoe u omgaat met een terugroepactie. Neem in overeenkomsten met integrators en eindklanten op wat er gebeurt bij een substantiele wijziging, zodat achteraf niet ter discussie staat wie als fabrikant geldt.

Werk ten slotte uw documentatiestroom bij: risicobeoordeling inclusief digitale dreigingen, technische documentatie, gebruiksaanwijzing in digitale en papieren vorm, en een EU-conformiteitsverklaring die naar de verordening verwijst. Wie deze stappen tijdig zet, hoeft in 2027 alleen nog te leveren; wie wacht, staat met een product dat niet in de handel mag worden gebracht.

Denk daarbij ook aan de organisatie eromheen. Wie in 2027 met de verordening moet werken, heeft mensen nodig die de essentiele eisen kunnen vertalen naar ontwerpkeuzes, en een proces waarin juridische zaken, engineering en inkoop elkaar zien voordat een ontwerp vastligt. In de praktijk struikelen bedrijven zelden over de norm zelf, maar over de vraag wie binnen de onderneming verantwoordelijk was voor de beoordeling en wie de conformiteitsverklaring mocht ondertekenen. Leg die rollen schriftelijk vast, inclusief vervanging bij vertrek, zodat het dossier ook over jaren nog uitlegbaar is.

Veelgestelde vragen

Vanaf wanneer geldt de machineverordening?

Verordening (EU) 2023/1230 is op 19 juli 2023 in werking getreden en is van toepassing vanaf 20 januari 2027. Vanaf dat moment vervalt Richtlijn 2006/42/EG en gelden in de hele Europese Unie dezelfde regels, zonder nationale omzetting.

Machines die voor die datum volgens de machinerichtlijn rechtmatig in de handel zijn gebracht, hoeven niet met terugwerkende kracht te worden aangepast. Brengt u na die datum een machine op de markt, dan gelden de eisen van de verordening onverkort.

Wat is het verschil tussen een richtlijn en een verordening?

Een richtlijn moet door elke lidstaat in nationale wetgeving worden omgezet, waardoor de uitleg per land kan verschillen. Een verordening werkt rechtstreeks: zij geldt in alle lidstaten in dezelfde bewoordingen, zonder tussenkomst van de nationale wetgever.

Voor machinebouwers betekent dat minder verschil tussen exportlanden, maar ook dat u zich niet langer kunt beroepen op een soepeler nationale invulling. De tekst van de verordening zelf is de norm.

Wanneer wordt u door een aanpassing zelf fabrikant?

Wanneer u een substantiele wijziging aanbrengt aan een machine die al op de markt is. Daarvan is sprake als de wijziging niet door de oorspronkelijke fabrikant was voorzien en nieuwe gevaren of een verhoogd risico veroorzaakt, waardoor aanvullende beveiligingen of aanpassing van het besturingssysteem nodig zijn.

Wie zo’n wijziging doorvoert, geldt voor het gewijzigde deel als fabrikant en moet de conformiteitsbeoordeling, de technische documentatie, de CE-markering en de EU-conformiteitsverklaring op zich nemen. Ook ingrijpende software-aanpassingen kunnen hieronder vallen.

Mag de gebruiksaanwijzing digitaal worden geleverd?

Ja. De verordening staat toe dat de gebruiksaanwijzing in digitale, afdrukbare vorm wordt verstrekt. Wel moet de gebruiker die op verzoek bij aankoop kosteloos op papier kunnen krijgen, en veiligheidsinformatie moet altijd bereikbaar zijn.

De inhoud verandert niet: digitale documentatie moet even volledig zijn als papieren documentatie en in de taal van de lidstaat waar de machine wordt gebruikt beschikbaar zijn.

Wat moeten importeurs en distributeurs controleren?

De importeur mag een machine alleen in de handel brengen als de fabrikant de conformiteitsbeoordeling heeft uitgevoerd, de technische documentatie beschikbaar is en de CE-markering en de EU-conformiteitsverklaring aanwezig zijn. Hij vermeldt bovendien zijn eigen naam en adres.

De distributeur controleert of de markering en de vereiste documenten aanwezig zijn en of de gebruiksaanwijzing is meegeleverd. Twijfelt een van beiden aan de conformiteit, dan mag de machine niet worden geleverd en moet de markttoezichthouder worden geinformeerd.

Advies over de machineverordening

De overgang naar Verordening (EU) 2023/1230 raakt uw productdossiers, uw contracten en uw aansprakelijkheidspositie tegelijk. De advocaten ondernemingsrecht van Law & More in Eindhoven beoordelen uw documentatie en ketenafspraken, adviseren over substantiele wijzigingen en staan u bij in geschillen met toezichthouders of ketenpartners. Neem gerust contact op om uw situatie voor te leggen.

Juridische hulp nodig?

Neem contact op met Law & More voor deskundig advies over uw juridische zaken. Ons meertalige team staat klaar om u te helpen.