Wet Bibob en strafrechtelijk verleden: hoe ver mag de gemeente terugkijken bij horecaondernemers?

Gemeentebalie met een gesloten loket en een wachtrijhek

Gepubliceerd op 9 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 15 oktober 2026

De Wet Bibob noemt geen vaste termijn voor hoe ver een gemeente in het strafrechtelijk verleden van een horecaondernemer mag terugkijken. De gemeente mag ook oude feiten meewegen, maar hoe langer geleden ze zijn gepleegd, hoe zwaarder zij moet motiveren waarom ze nu nog een ernstig gevaar opleveren.

Daarnaast mag de gemeente niet alleen veroordelingen gebruiken, maar ook feiten en omstandigheden die een redelijk vermoeden van strafbare feiten opleveren. Hieronder leest u hoe de toets werkt, wat de rechter van de motivering verwacht en hoe u zich verweert.

Een ambtenaar bekijkt documenten in een kantoor met uitzicht op een straat met horeca gelegenheden.

Wat is de Wet Bibob?

De Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) geldt sinds 1 juli 2003. Zij moet voorkomen dat de overheid met een vergunning, subsidie of opdracht onbedoeld criminele activiteiten faciliteert.

Voor horecaondernemers gaat het vooral om de exploitatievergunning uit de gemeentelijke APV en de vergunning op grond van de Alcoholwet (tot 1 juli 2021 de Drank- en Horecawet). De wet geldt ook voor onder meer omgevingsvergunningen, subsidies en vastgoedtransacties van de gemeente.

Professionals in een kantoor die documenten bespreken met op de achtergrond een stadsgezicht met horecagelegenheden.

Wanneer mag de gemeente een vergunning weigeren?

Volgens art. 3 lid 1 Wet Bibob mag de gemeente een vergunning weigeren of intrekken bij ernstig gevaar dat de vergunning mede wordt gebruikt om:

  • voordelen uit gepleegde strafbare feiten te benutten, bijvoorbeeld door crimineel geld in de zaak te steken (de a-grond);
  • strafbare feiten te plegen, bijvoorbeeld drugshandel of witwassen via de onderneming (de b-grond).

Is er een mindere mate van gevaar, dan kan de gemeente volgens art. 3 lid 7 Wet Bibob voorschriften aan de vergunning verbinden in plaats van te weigeren. De weigering moet bovendien evenredig zijn aan het gevaar en de ernst van de feiten (art. 3 lid 5 Wet Bibob).

Wie wordt er onderzocht?

Niet alleen de aanvrager zelf. Volgens art. 3 lid 4 Wet Bibob tellen ook feiten mee van personen die leiding geven aan de onderneming, zeggenschap hebben, vermogen verschaffen of in een zakelijk verband met de aanvrager staan, zoals een financier of verhuurder van het pand.

Hoe verloopt een Bibob-onderzoek?

De gemeente doet eerst een eigen onderzoek (art. 7a Wet Bibob) en kan daarna advies vragen aan het Landelijk Bureau Bibob (LBB), dat onderdeel is van Justis. Of en wanneer de gemeente Bibob toepast, legt zij vast in haar eigen Bibob-beleid; het is dus niet bij iedere horecavergunning verplicht.

Een gemeenteambtenaar en een horecaondernemer zitten aan een tafel in een kantoor en bespreken documenten.

Wat moet u invullen?

Bij de aanvraag vult u een Bibob-vragenlijst in over de betrokken personen, de financiering van de onderneming en het pand, en uw zakelijke relaties. Onvolledige of onjuiste antwoorden kunnen zelf al reden zijn om de vergunning te weigeren of de aanvraag buiten behandeling te laten, dus vul de vragenlijst volledig en controleerbaar in.

Welke informatie gebruikt het LBB?

Het LBB mag gesloten bronnen raadplegen, zoals de justitiële documentatie, politiegegevens, het Openbaar Ministerie, de Belastingdienst en de FIOD, naast open bronnen. Meer over wat in uw justitiële documentatie staat, leest u in ons artikel over het strafblad en de justitiële documentatie.

Het advies van het LBB luidt dat er geen gevaar, een mindere mate van gevaar of een ernstige mate van gevaar is. Het advies is niet bindend: de gemeente neemt zelf het besluit en moet zich ervan vergewissen dat het advies zorgvuldig tot stand is gekomen.

Hoe ver mag de gemeente terugkijken?

Er is geen wettelijke termijn: de gemeente mag in beginsel alle relevante feiten meewegen. Wel speelt tijdsverloop een rol bij de vraag of er nu nog ernstig gevaar is.

Termijnen van vijf of twintig jaar die u soms online leest, staan niet in de wet. Hoe lang een oud feit nog meetelt, hangt af van de omstandigheden van het geval.

Welke factoren wegen mee bij oude feiten?

  • De ernst en aard van de feiten, zoals geweld, drugs, witwassen of fraude.
  • Het verband met de horeca-activiteit waarvoor u de vergunning aanvraagt.
  • Herhaling: één incident weegt anders dan een patroon over meerdere jaren.
  • De hoogte van het behaalde voordeel en of dat inmiddels is ontnomen.
  • Wat u sindsdien heeft gedaan: een schone periode, gewijzigde zeggenschap of een andere financiering.

Wat zegt de rechter over tijdsverloop?

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State erkent dat het verband tussen verkregen voordeel en het gebruik ervan door tijdsverloop kan afnemen. In een uitspraak van 15 oktober 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:4955) oordeelde zij toch dat de gemeente het tijdsverloop sinds het laatste feit onvoldoende mocht vinden, omdat het financiële voordeel groot was en niet was ontnomen.

Bij de a-grond kan een oud feit dus lang relevant blijven zolang het voordeel nog in uw vermogen zit. Bij de b-grond gaat het om de kans op nieuwe strafbare feiten, en daar weegt een lange periode zonder nieuwe feiten doorgaans zwaarder.

Telt een verdenking ook mee?

Ja. Art. 3 lid 2 en lid 3 Wet Bibob spreken van feiten en omstandigheden die erop wijzen of redelijkerwijs doen vermoeden dat iemand strafbare feiten heeft gepleegd. Een veroordeling is dus niet vereist, maar de verdenking moet wel voldoende concreet en onderbouwd zijn; een vrijspraak of sepot moet de gemeente in haar afweging betrekken.

Welke gevolgen heeft een negatief Bibob-besluit?

De gemeente kan de vergunning weigeren, voorschriften opleggen of een bestaande vergunning intrekken. Bij intrekking moet de zaak sluiten, wat direct gevolgen heeft voor personeel, huur en financiering.

Ook bestaande vergunninghouders kunnen worden onderzocht, bijvoorbeeld na een overname of een wijziging in de financiering. Kijk daarom vóór een overname van een horecabedrijf ook naar de achtergrond van verkoper, financier en verhuurder.

Hoe verweert u zich tegen een Bibob-besluit?

Voordat de gemeente weigert of intrekt op basis van een LBB-advies, moet zij u in de gelegenheid stellen een zienswijze te geven. U mag het advies inzien; voor de inhoud geldt verder een geheimhoudingsplicht (art. 28 Wet Bibob).

Tegen het besluit maakt u binnen zes weken bezwaar (art. 6:7 Awb). Daarna volgt beroep bij de rechtbank en hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Hoe die procedure verloopt, leest u in ons stappenplan voor bezwaar en beroep in het bestuursrecht.

Waar richt uw verweer zich op?

  • Kloppen de feiten in het advies, en zijn verdenkingen voldoende onderbouwd?
  • Is de relatie tussen u en de betrokken persoon juist vastgesteld (art. 3 lid 4 Wet Bibob)?
  • Heeft de gemeente het tijdsverloop en uw gedrag sindsdien gewogen?
  • Waren voorschriften (art. 3 lid 7) een minder zwaar alternatief voor weigering?

Wat kunnen wij voor u doen bij een Bibob-onderzoek?

  • De Bibob-vragenlijst en uw financieringsstructuur vóór indiening beoordelen.
  • Het LBB-advies inzien en toetsen op feiten, verdenkingen en tijdsverloop.
  • Een zienswijze opstellen tegen een voorgenomen weigering of intrekking.
  • Bezwaar en beroep voeren, en zo nodig een voorlopige voorziening vragen om de zaak open te houden.
  • Een lopende strafzaak die in het advies meeweegt afstemmen met het bestuursrechtelijke traject, als advocaat strafrecht.

Samengevat

  • De Wet Bibob kent geen vaste terugkijktermijn; tijdsverloop weegt mee in de afweging.
  • Ook verdenkingen en feiten van zakelijke relaties kunnen meetellen (art. 3 leden 2 tot en met 4).
  • Bij een mindere mate van gevaar ligt een vergunning met voorschriften meer voor de hand dan weigering.
  • U heeft recht op een zienswijze en inzage in het LBB-advies.
  • Bezwaar maakt u binnen zes weken na het besluit.

Veelgestelde vragen

Mag de gemeente een veroordeling van tien jaar geleden gebruiken?

Dat mag, maar de gemeente moet uitleggen waarom het feit nu nog op ernstig gevaar wijst. Bij een groot, niet ontnomen voordeel slaagt dat eerder dan bij een eenmalig licht vergrijp.

Gelden voor coffeeshops andere regels?

De Wet Bibob werkt hetzelfde, maar veel gemeenten passen haar bij coffeeshops altijd toe vanwege het gedoogbeleid. Lees meer over de regels voor coffeeshops.

Hoe lang duurt een Bibob-onderzoek?

Het LBB moet binnen een wettelijke termijn adviseren, die één keer kan worden verlengd (art. 15 Wet Bibob). Zolang het advies loopt, wordt de beslistermijn op uw aanvraag opgeschort; reken in de praktijk op enkele maanden.

Kan ik iemand anders de vergunning laten aanvragen?

Dat lost niets op. Art. 3 lid 4 Wet Bibob kijkt juist naar wie zeggenschap heeft of geld inbrengt, en een stroman verzwijgen in de vragenlijst kan als valsheid in geschrift (art. 225 Sr) worden vervolgd. Bovendien mag de gemeente volgens art. 3 lid 6 Wet Bibob weigeren als er een strafbaar feit is gepleegd om de vergunning te verkrijgen.

Lees ook: Bibob-vergunning geweigerd: zo voert u verweer en financiële criminaliteit en witwaszaken.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.