Gepubliceerd op 27 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026
Wie betrokken is bij een verkeersongeval waarbij een ander letsel of schade oploopt, mag volgens artikel 7 van de Wegenverkeerswet 1994 niet doorrijden zonder zijn identiteit bekend te maken. Doorrijden is een misdrijf; alleen wie zich binnen twaalf uur vrijwillig bij de politie meldt, kan in bepaalde gevallen vervolging voorkomen, maar nooit als hij een gewonde hulpeloos heeft achtergelaten.
Sinds 1 januari 2020 maakt de wet onderscheid tussen doorrijden na een ongeval met letsel en doorrijden na alleen schade. Bij letsel is de maximale straf een jaar gevangenisstraf, bij alleen schade drie maanden. Daarnaast kan de rechter een rijontzegging opleggen. De verplichting geldt ook bij een kleine aanrijding met alleen blikschade.
Inhoudsopgave
Wat zegt artikel 7 van de Wegenverkeerswet?
Artikel 7 WVW verbiedt degene die bij een verkeersongeval betrokken is, of door wiens gedrag een ongeval is veroorzaakt, de plaats van het ongeval te verlaten. Dat verbod geldt in drie situaties, die in het eerste lid als onderdelen a, b en c zijn genummerd.
- Onderdeel a: bij het ongeval is een ander gedood of heeft letsel opgelopen.
- Onderdeel b: een ander heeft schade geleden, bijvoorbeeld aan zijn auto, fiets of hek.
- Onderdeel c: een gewonde wordt door uw vertrek in hulpeloze toestand achtergelaten.
In alle drie gevallen gaat het erom wat u wist of redelijkerwijs moest vermoeden. Het doel van het artikel is tweeledig. Slachtoffers moeten hun schade kunnen verhalen op wie aansprakelijk is, en daarvoor hebben zij uw gegevens nodig. Daarnaast moeten gewonden de hulp krijgen die zij nodig hebben. Meer over de verschillende verkeersdelicten leest u in ons artikel over verkeersdelicten en uw rechten.
Wanneer is er sprake van een verkeersongeval?
Een verkeersongeval is elke botsing, aanrijding of overrijding in het verkeer, en ook een ongeval dat ontstaat doordat iemand een botsing probeert te voorkomen. Het hoeft niet om een ernstig ongeval te gaan.
Een kras op een geparkeerde auto, een geraakte paal of een aangereden fietser vallen er allemaal onder (artikel 7, eerste lid, onderdeel b, WVW bij alleen schade). Het doel van de wet is juist dat ook de eigenaar van een beschadigde, onbemande auto weet wie de schade heeft veroorzaakt.
Wist u dat er iets was gebeurd?
U bent alleen strafbaar als u wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat er letsel of schade was. Wie werkelijk niets heeft gemerkt, rijdt niet strafbaar door.
De rechter kijkt daarbij naar de omstandigheden. Denk aan de kracht van de klap, het geluid, de schade aan uw eigen voertuig en wat getuigen hebben gezien. Een verweer dat u niets hebt gemerkt, moet dus aannemelijk zijn. Het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch veroordeelde op 1 juli 2026 een bestuurder die meermaals tegen de auto van een ander was gereden en daarna wegreed. Volgens het hof wist hij of moest hij redelijkerwijs vermoeden dat er schade was; hij kreeg een taakstraf van 60 uur (ECLI:NL:GHSHE:2026:1756).
Wie geldt als betrokkene bij een ongeval?
Betrokkene is iedere verkeersdeelnemer die bij het ongeval een rol speelde, of door wiens gedrag het ongeval ontstond. Dat zijn niet alleen automobilisten, maar ook fietsers, bromfietsers, motorrijders en voetgangers. De rijontzegging is alleen relevant voor wie een motorrijtuig bestuurt.
Wanneer bent u rechtstreeks betrokken?
Rechtstreeks betrokken is wie met zijn voertuig of lichaam zelf in aanraking kwam met een ander of met een voorwerp. Denk aan twee auto’s die op elkaar botsen, een automobilist die een fietser raakt, of een fietser die een geparkeerde auto beschadigt. Bij een kettingbotsing zijn vaak meerdere bestuurders rechtstreeks betrokken.
Bent u ook betrokken als u geen contact hebt gehad?
Ja, dat kan. Artikel 7 WVW noemt uitdrukkelijk ook degene door wiens gedraging een ongeval is veroorzaakt.
Een automobilist die plotseling zonder reden remt of gevaarlijk inhaalt, waardoor anderen op elkaar botsen, moet dus ook stoppen. Er moet wel een duidelijk verband zijn tussen het gedrag en het ongeval. Wie alleen toevallig aanwezig was, is geen betrokkene. Bij ingewikkelde ongevallen kunnen meerdere mensen tegelijk als veroorzaker gelden.
Is een passagier ook betrokkene?
Een passagier is in de regel geen betrokkene in de zin van artikel 7 WVW, omdat hij het voertuig niet bestuurt en het ongeval niet veroorzaakt. Dat kan anders zijn als hij zich actief met het rijden bemoeit, bijvoorbeeld door in het stuur te grijpen.
Wat moet u doen na een aanrijding?
U moet stoppen en de ander in staat stellen uw identiteit vast te stellen, en die van uw voertuig als u een motorrijtuig bestuurde. Is iemand gewond, dan moet u ervoor zorgen dat hij hulp krijgt.
Volgens artikel 7, tweede lid, WVW bent u bij letsel of schade niet strafbaar als u op de plaats van het ongeval behoorlijk gelegenheid hebt geboden om uw identiteit en die van uw motorrijtuig vast te stellen. In de praktijk betekent dat:
- direct stoppen op een veilige plek, ook bij een kleine aanrijding;
- uw naam en adres geven en de ander uw kenteken laten noteren;
- bij voorkeur samen een Europees schadeformulier invullen, met de gegevens van uw verzekering;
- bij letsel direct 112 bellen en blijven tot de hulpdiensten er zijn.
Is de eigenaar van een beschadigde auto niet aanwezig, bel dan de politie of wacht tot de eigenaar terugkomt. Een briefje achter de ruitenwisser is een onzekere oplossing: het kan wegwaaien, en of het genoeg is, hangt af van de omstandigheden. Met een melding bij de politie weet u zeker dat uw gegevens bij de gedupeerde terechtkomen.
Hoe ruim de rechter de uitzondering van het tweede lid kan uitleggen, blijkt uit een arrest van het gerechtshof Arnhem (zittingsplaats Leeuwarden) van 17 augustus 2010. Een vijftienjarige snorfietser raakte een overstekende vrouw. Hij bleef ongeveer een kwartier ter plaatse en een vriend gaf het kenteken door, waardoor de vrouw contact kon opnemen. Het hof ontsloeg hem van alle rechtsvervolging voor het doorrijden, ook al bleek het opgegeven telefoonnummer onjuist (ECLI:NL:GHARN:2010:BN4188). Reken daar niet op: het ging om een beoordeling van de feiten in die zaak.
Moet u het ongeval melden bij uw verzekeraar?
Ja, meld het ongeval na afloop ook bij uw eigen verzekeraar, ook als u denkt dat u niet aansprakelijk bent. De polisvoorwaarden bevatten meestal een meldingstermijn. Bewaar foto’s van de situatie, de schade en de positie van de voertuigen, en noteer de gegevens van getuigen. Die informatie helpt bij de schadeafhandeling en kan later ook in een eventuele strafzaak van belang zijn.
Welke straf staat op doorrijden na een ongeval?
Doorrijden na een ongeval is een misdrijf. Het wettelijk maximum hangt sinds 1 januari 2020 af van de vraag of er letsel was. De wetgever verhoogde toen het maximum bij letsel van drie maanden naar een jaar gevangenisstraf, maar liet het maximum bij alleen schade ongemoeid. Dat staat in de memorie van toelichting bij wetsvoorstel 35 086.
| Situatie (artikel 7, eerste lid, WVW) | Wettelijk maximum sinds 1 januari 2020 |
|---|---|
| Onderdeel a: een ander gedood of gewond | 1 jaar gevangenisstraf of geldboete van de vierde categorie |
| Onderdeel c: gewonde hulpeloos achtergelaten | 1 jaar gevangenisstraf of geldboete van de vierde categorie |
| Onderdeel b: alleen schade | 3 maanden gevangenisstraf of geldboete van de derde categorie |
| Bijkomende straf bij een motorrijtuig | Rijontzegging van ten hoogste 5 jaar (artikel 179 WVW) |
In plaats van een gevangenisstraf kan de rechter ook een taakstraf opleggen. In eenvoudige zaken met alleen schade handelt het Openbaar Ministerie de zaak vaak zelf af met een strafbeschikking.
Wat eist het Openbaar Ministerie in de praktijk?
Het OM werkt met de Richtlijn voor strafvordering verkeersongevallen (2022R004), in werking sinds 1 januari 2023. Die noemt voor een eerste overtreder de volgende uitgangspunten. Het zijn richtpunten voor de officier van justitie, geen wettelijke maxima.
| Verlaten plaats ongeval, first offender | Uitgangspunt OM per 1 januari 2023 |
|---|---|
| Geringe materiële schade | Geldboete van € 500 |
| Meer dan geringe materiële schade | Geldboete van € 1.000 |
| Gewonde hulpeloos achtergelaten (zonder verwijt over het ongeval zelf) | 2 maanden gevangenisstraf en 6 maanden onvoorwaardelijke rijontzegging |
| Ernstig ongeval met letsel of dood én doorrijden | Doorrijden geldt als strafverzwarende omstandigheid; het OM gebruikt de zwaarste schaal |
Welke straf u uiteindelijk krijgt, hangt af van de omstandigheden. De rechter en de officier van justitie letten onder meer op:
- de ernst van het letsel of de schade;
- de vraag of u iemand gewond hebt achtergelaten;
- of u alcohol of drugs had gebruikt, wat een reden kan zijn om door te rijden;
- of u zich later alsnog hebt gemeld en hebt meegewerkt;
- eerdere veroordelingen voor verkeersdelicten.
Doorrijden staat vaak niet op zichzelf. Had u gedronken, dan kan ook een verdenking van rijden onder invloed volgen (artikel 8 WVW), met eigen straffen. Meer daarover leest u in ons artikel over de gevolgen van rijden onder invloed. Is het ongeval door uw onvoorzichtigheid ontstaan en is er zwaar letsel of een dode, dan kan ook artikel 6 WVW aan de orde zijn. Hoe het strafrecht met onvoorzichtigheid omgaat, leest u in ons artikel over strafbare nalatigheid.
Wat als u een gewonde in hulpeloze toestand achterlaat?
Dan is er geen enkele uitzondering: u mag de plaats van het ongeval niet verlaten, ook niet als u uw gegevens hebt achtergelaten. Het tweede lid van artikel 7 WVW geldt alleen voor onderdelen a en b, en ook een melding binnen twaalf uur beschermt u hier niet tegen vervolging.
Van een hulpeloze toestand is sprake als een gewonde niet zelf hulp kan inroepen of zich niet in veiligheid kan brengen. Denk aan iemand die bewusteloos is, ernstig gewond is of door de schrik niet kan handelen. Het maakt niet uit wie het ongeval heeft veroorzaakt: ook een betrokkene die niets fout deed, mag een gewonde niet hulpeloos achterlaten.
Deze situatie speelt alleen als er letsel is. Bij alleen materiële schade is er geen hulpeloze toestand. Het OM neemt bij hulpeloos achterlaten als uitgangspunt al een gevangenisstraf van twee maanden en zes maanden rijontzegging, ook als de bestuurder het ongeval zelf niet te verwijten valt.
Wanneer bent u niet strafbaar of wordt u niet vervolgd?
U bent niet strafbaar als u ter plaatse behoorlijk gelegenheid hebt geboden om uw identiteit vast te stellen. Daarnaast sluit artikel 184 WVW vervolging uit als u zich binnen twaalf uur vrijwillig meldt, voordat u als verdachte bent aangehouden of verhoord.
Wanneer geldt de uitzondering voor bekendmaking ter plaatse?
De uitzondering van artikel 7, tweede lid, WVW geldt als u op de plaats van het ongeval zelf de ander in staat hebt gesteld uw identiteit vast te stellen, en die van uw motorrijtuig. Dat moet echt gebeuren op de plek van het ongeval. Wie wegrijdt en pas later zijn gegevens doorgeeft, valt niet onder deze uitzondering. Bij het achterlaten van een gewonde in hulpeloze toestand (onderdeel c) geldt de uitzondering niet.
Wat als u zich binnen twaalf uur bij de politie meldt?
Volgens artikel 184 WVW is vervolging uitgesloten als u binnen twaalf uur na het ongeval uit eigen beweging melding maakt bij de politie of een andere opsporingsambtenaar. U moet daarbij uw identiteit bekendmaken, en die van het motorrijtuig als u dat bestuurde.
De melding moet plaatsvinden voordat u als verdachte bent aangehouden of verhoord. Belt de politie u al op basis van uw kenteken, dan is het te laat. De twaalf uur beginnen te lopen op het moment van het ongeval. De regeling geldt niet voor het achterlaten van een gewonde in hulpeloze toestand. Of de regeling in uw situatie van toepassing is, hangt af van de precieze feiten. Laat dat daarom beoordelen voordat u een verklaring aflegt.
De regeling staat politiek ter discussie. Op 8 juni 2022 vroeg de Tweede Kamer in een motie van de leden Slootweg en Helder (Kamerstukken 33 552, nr. 96) om de uitzondering van artikel 184 te schrappen of de termijn te verkorten tot drie uur. De reden: een bestuurder die gedronken heeft, kan nu doorrijden en zich melden als de alcohol uit zijn bloed is. Voor het schrappen of verkorten van de termijn is een wetswijziging nodig.
Hoe verdedigt u zich tegen een verdenking van doorrijden?
De verdediging richt zich meestal op de vraag of u wist of moest vermoeden dat er letsel of schade was, en of u ter plaatse voldoende gelegenheid hebt geboden om uw identiteit vast te stellen. Ook de vraag of u wel de bestuurder was, kan een rol spelen.
Een geloofwaardig verweer dat u niets hebt gemerkt, kan tot vrijspraak leiden. Denk aan een lichte aanraking in druk verkeer, zonder schade aan uw eigen voertuig. Ook getuigen, camerabeelden en de schade aan beide voertuigen kunnen het verloop verduidelijken. Soms speelt een medische noodsituatie een rol, waardoor u niet direct kon stoppen.
Als verdachte hoeft u geen verklaring af te leggen (artikel 29 Wetboek van Strafvordering). U mag voor het verhoor een advocaat raadplegen. Wat het betekent om verdachte te zijn, leest u in ons aparte artikel. Krijgt u een strafbeschikking van het OM, dan kunt u daartegen binnen twee weken verzet doen (artikel 257e Sv); de zaak komt dan bij de rechter.
Welke gevolgen heeft een veroordeling nog meer?
Doorrijden is een misdrijf, dus een veroordeling of strafbeschikking komt in uw justitiële documentatie, ook als het om een kleine aanrijding ging. Dat kan gevolgen hebben voor een verklaring omtrent het gedrag en voor reizen naar sommige landen.
Voor beroepen waarin u autorijdt, zoals chauffeur, koerier of vertegenwoordiger, kan een VOG worden geweigerd. Een rijontzegging kan bovendien direct uw werk raken. Meer daarover leest u in ons artikel over de gevolgen van een veroordeling voor werk en reizen.
Los van de strafzaak blijft de schade van de ander gewoon verschuldigd door degene die aansprakelijk is voor het ongeval. Het doorrijden zelf verandert niets aan die aansprakelijkheid. Het maakt de afhandeling wel lastiger, omdat de gedupeerde u eerst moet vinden. Het gerechtshof Amsterdam legde op 27 januari 2021 een doorrijder een geldboete van € 500 op en wees daarnaast de vordering van het slachtoffer tot € 5.217,71 aan materiële schade toe (ECLI:NL:GHAMS:2021:259). Hoe aansprakelijkheid voor schade werkt, leest u in ons artikel over aansprakelijkheid.
Hoe wij helpen bij een verdenking van doorrijden
- Wij bereiden u voor op het politieverhoor en bespreken of u een verklaring aflegt.
- Wij beoordelen of een vrijwillige melding binnen twaalf uur na het ongeval nog mogelijk is (artikel 184 WVW) en hoe die moet verlopen.
- Wij toetsen het dossier op de kernvraag of u wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat er letsel of schade was, aan de hand van de schade, getuigen en camerabeelden.
- Wij beoordelen een strafbeschikking van het OM, doen zo nodig binnen twee weken verzet en verdedigen u op de zitting, ook over de duur van een rijontzegging.
Doorrijden na een ongeval in vijf punten
- Artikel 7 WVW geldt bij letsel, bij alleen schade en bij het hulpeloos achterlaten van een gewonde, ook bij een kleine aanrijding.
- Sinds 1 januari 2020 is het maximum bij letsel een jaar gevangenisstraf, bij alleen schade drie maanden; daarnaast kan een rijontzegging tot vijf jaar volgen.
- Het OM gaat bij een eerste overtreding met alleen schade uit van een geldboete van € 500 of € 1.000 (richtlijn per 1 januari 2023).
- Wie zich binnen twaalf uur vrijwillig meldt, voordat hij als verdachte is aangehouden of verhoord, kan vervolging voorkomen; niet bij een hulpeloos achtergelaten gewonde.
- U bent alleen strafbaar als u wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat er letsel of schade was.
Veelgestelde vraag
Wat als u pas later merkt dat u iemand hebt geraakt?
Meld u dan zo snel mogelijk bij de politie en geef uw identiteit en die van uw voertuig door. Hebt u op het moment zelf echt niets gemerkt en hoefde u dat ook niet te vermoeden, dan bent u niet strafbaar. Meldt u zich binnen twaalf uur na het ongeval uit eigen beweging, voordat u als verdachte bent aangehouden of verhoord, dan kan artikel 184 WVW vervolging uitsluiten.
Law & More staat verdachten bij in verkeersstrafzaken, van het eerste verhoor tot de zitting. Meer over onze aanpak leest u op de pagina strafrecht.