Gepubliceerd op 9 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 september 2026
Bij scheiden in gemeenschap van goederen wordt het gemeenschappelijk vermogen bij helfte verdeeld: beide echtgenoten hebben een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap, zo bepaalt artikel 1:100 BW. Wat tot die gemeenschap behoort, hangt af van uw trouwdatum. Pensioenrechten, erfenissen en giften volgen bovendien een eigen regime en worden niet zomaar door midden gedeeld.

Inhoudsopgave
Scheiden in gemeenschap van goederen: wat valt erin?
De omvang van de huwelijksgemeenschap staat in artikel 1:94 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. Bent u voor 1 januari 2018 getrouwd zonder huwelijkse voorwaarden, dan geldt de algehele gemeenschap: vrijwel alles wat u elk afzonderlijk meebracht en alles wat tijdens het huwelijk is opgebouwd, is van u samen. Ook schulden die een van beiden al voor het huwelijk had, horen daar dan bij.
Voor huwelijken die op of na 1 januari 2018 zijn gesloten geldt de beperkte gemeenschap. Wat u voor het huwelijk had, blijft van u, en hetzelfde geldt voor uw voorhuwelijkse schulden. Alleen wat tijdens het huwelijk is opgebouwd valt in de gemeenschap, samen met vermogen dat u al voor het huwelijk gezamenlijk bezat. Wat dat betekent voor korte huwelijken met een groot vermogensverschil, leest u in het artikel over de beperkte gemeenschap bij een kort huwelijk.
Huwelijkse voorwaarden gaan boven de wettelijke regeling. Daarin kunt u de gemeenschap volledig uitsluiten, alleen bepaalde goederen delen of een verrekenbeding opnemen. Die voorwaarden moeten bij de notaris zijn vastgelegd en kunnen tijdens het huwelijk worden gewijzigd. Bij een scheiding is de eerste vraag dan ook altijd of er huwelijkse voorwaarden zijn en of partijen zich daar tijdens het huwelijk ook naar hebben gedragen. Een niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding leidt in de praktijk vaak alsnog tot een verdeling die op een gemeenschap lijkt.
De gemeenschap wordt niet ontbonden op de dag dat u uit elkaar gaat, maar op het tijdstip waarop het echtscheidingsverzoek bij de rechtbank wordt ingediend. Die peildatum van artikel 1:99 BW bepaalt welke goederen en schulden nog meetellen. Wie daarna spaart of leent, doet dat voor eigen rekening. De waardering van de goederen gebeurt in beginsel op een later moment, namelijk dat van de verdeling zelf, tenzij u samen iets anders afspreekt. Dat onderscheid tussen samenstelling en waardering levert bij dalende of stijgende huizenprijzen regelmatig discussie op.
Wat valt buiten de gemeenschap?
Niet alles wordt gedeeld. De wet houdt vier categorieen buiten de verdeling, en die uitzonderingen zijn bij een scheiding vaak belangrijker dan de hoofdregel:
- erfenissen en giften; bij huwelijken vanaf 1 januari 2018 blijven die van rechtswege prive, bij oudere huwelijken alleen wanneer de erflater of schenker een uitsluitingsclausule heeft opgenomen;
- pensioenrechten waarop de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding van toepassing is; die worden verevend in plaats van verdeeld;
- goederen en schulden die aan een van beiden op bijzondere wijze verknocht zijn, zoals smartengeld voor eigen leed;
- bij huwelijken vanaf 1 januari 2018 bovendien al het voorhuwelijkse vermogen en alle voorhuwelijkse schulden.
Verknochtheid wordt in de rechtspraak terughoudend aangenomen. Dat een voorwerp gevoelsmatig van u is, is niet genoeg: kleding, sieraden en beroepsgereedschap vallen in beginsel gewoon in de gemeenschap. Het gaat om een bijzondere band tussen het goed en de persoon, waarbij vooral vergoedingen voor immateriele schade in beeld komen. Ook bij een ontslagvergoeding hangt het ervan af welke periode de vergoeding compenseert; een vergoeding die ziet op inkomen na de scheiding is eerder verknocht dan een vergoeding voor de jaren daarvoor.
Wordt privevermogen vermengd met gemeenschapsgeld, dan verwatert de uitzondering snel. Een geerfd bedrag dat op de gezamenlijke rekening wordt bijgeschreven en daar wordt uitgegeven, is achteraf nauwelijks nog aan te wijzen. Wie een uitsluitingsclausule wil laten gelden, doet er daarom goed aan het bedrag apart te houden en de herkomst te kunnen aantonen. Ontstaat er wel een vergoedingsrecht, bijvoorbeeld omdat prive geld in de gezamenlijke woning is gestoken, dan moet dat afzonderlijk worden berekend en in het convenant worden opgenomen.
Hoe verloopt de echtscheidingsprocedure?
Een echtscheiding loopt altijd via de rechtbank en een advocaat is daarbij verplicht. U kunt samen een gemeenschappelijk verzoek indienen, of een van beiden dient het verzoek alleen in. In dat laatste geval krijgt de ander de gelegenheid verweer te voeren en volgt in de regel een zitting.
Een wettelijke bedenktijd bestaat niet. Hoe lang de echtscheidingsprocedure duurt, hangt vooral af van de mate van overeenstemming. Ligt er een compleet convenant en, bij minderjarige kinderen, een ouderschapsplan, dan kan de beschikking er binnen enkele weken zijn. Wordt er over de woning, de alimentatie of de kinderen gestreden, dan loopt een zaak al snel over meerdere maanden.
De scheiding is pas een feit na inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente waar het huwelijk is voltrokken. Artikel 1:163 BW geeft daarvoor zes maanden na de dag waarop de beschikking onherroepelijk is geworden. Wordt die termijn overschreden, dan verliest de beschikking haar kracht en moet de hele procedure opnieuw. Dat is een van de meest kostbare fouten die in een scheiding gemaakt kan worden.
De verdeling van de gemeenschap hoeft niet rond te zijn voordat de rechter de echtscheiding uitspreekt. Beide onderwerpen kunnen tegelijk worden behandeld, maar de verdeling kan ook daarna nog worden afgewikkeld. Lopen er intussen dringende kwesties, zoals de vraag wie voorlopig in de woning blijft, dan kunt u voorlopige voorzieningen vragen die gelden voor de duur van de procedure.

Hoe verdeelt u de woning en de hypotheek?
De woning is bijna altijd de grootste post. Er zijn twee routes: verkopen en de opbrengst na aflossing van de hypotheek delen, of een van beiden neemt de woning over. Bij overname wordt de overwaarde bepaald door de waarde in het economisch verkeer te verminderen met de resterende hypotheekschuld; de helft daarvan komt de vertrekkende partner toe. Staat de woning onder water, dan werkt het net zo, maar dan draagt de vertrekkende partner de helft van de restschuld.
Overname staat of valt met de medewerking van de bank. De vertrekkende partner moet uit de hoofdelijke aansprakelijkheid worden ontslagen, en dat gebeurt alleen als de blijvende partner de financiering zelfstandig kan dragen. Zolang de bank dat ontslag niet verleent, blijft u aansprakelijk voor de volledige hypotheekschuld, hoe duidelijk het convenant ook is. Wat er verder met de hypotheek na een scheiding gebeurt, verdient daarom aandacht voordat u de verdeling vastlegt.
Ook fiscaal is de woning een aandachtspunt: de renteaftrek, de bijleenregeling en de termijn waarbinnen de vertrekkende partner de woning nog als eigen woning mag aanmerken, kunnen de uitkomst aanzienlijk beinvloeden. Laat die gevolgen doorrekenen door een fiscalist voordat u tekent; het gaat om bedragen die de onderhandeling over de overwaarde volledig kunnen omdraaien.
Hoe verdeelt u bankrekeningen, inboedel en schulden?
Voor bankrekeningen geldt het saldo op de peildatum, ongeacht op wiens naam de rekening staat. Dat een rekening alleen op uw naam staat, betekent bij een gemeenschap dus niet dat het saldo van u is. Beleggingen en verzekeringen met een afkoop- of poliswaarde worden op dezelfde manier meegenomen, waarbij de koers- of afkoopwaarde op de afgesproken datum bepalend is.
De inboedel wordt in de praktijk zelden per voorwerp gewaardeerd. Gebruikelijk is dat u samen een lijst maakt, de posten globaal op de actuele gebruikswaarde zet en het verschil in geld verrekent. Alleen bij kunst, verzamelingen, een oldtimer of sieraden van betekenis is een taxatie de moeite waard. Emotionele waarde speelt juridisch geen rol, hoe zwaar die in de praktijk ook weegt.
Schulden zijn het onderdeel waarop de meeste fouten worden gemaakt. Binnen de gemeenschap dragen beide echtgenoten de gemeenschapsschulden voor de helft, maar draagplicht en aansprakelijkheid zijn twee verschillende dingen. Uw afspraak dat uw ex de persoonlijke lening voor zijn rekening neemt, bindt de kredietverstrekker niet. Artikel 1:102 BW regelt wat er na de ontbinding met de aansprakelijkheid gebeurt: voor schulden waarvoor u al aansprakelijk was blijft u dat, en voor de overige gemeenschapsschulden is de verhaalsmogelijkheid beperkt tot wat u uit de verdeling hebt gekregen. Neem daarom altijd een vrijwaring in het convenant op en probeer waar mogelijk om schulden bij de verdeling af te lossen.
Wat gebeurt er met het pensioen?
Ouderdomspensioen wordt niet verdeeld maar verevend, op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding. Die wet geeft de ex-partner recht op de helft van het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd. Pensioen dat voor het huwelijk of na de scheiding is opgebouwd, blijft buiten beschouwing.
Meld de scheiding binnen twee jaar bij de pensioenuitvoerder met het daarvoor bestemde formulier. Doet u dat op tijd, dan betaalt de uitvoerder het vereveningsdeel later rechtstreeks aan de ex-partner uit. Meldt u het te laat, dan vervalt het recht niet, maar moet u het bedrag zelf bij uw ex-partner vorderen zodra het pensioen tot uitkering komt. Dat levert jaren later voorspelbaar problemen op.
De AOW valt buiten deze regeling en wordt dus niet verevend. Het nabestaandenpensioen volgt een eigen spoor: het tijdens het huwelijk opgebouwde partnerpensioen wordt bij scheiding omgezet in een bijzonder partnerpensioen voor de ex-partner. U kunt van de wettelijke verevening afwijken in huwelijkse voorwaarden of in het convenant, bijvoorbeeld door te kiezen voor conversie, waarbij het vereveningsdeel wordt omgezet in een eigen aanspraak en de band met de ex-partner definitief wordt doorgesneden. Hoe de verdeling van pensioen bij echtscheiding in uw geval uitpakt, hangt sterk af van de opbouwjaren en de regeling.
Wat legt u vast in het echtscheidingsconvenant?
Het convenant is de overeenkomst waarin u de gevolgen van de scheiding regelt. De rechtbank hecht die overeenkomst desgevraagd aan de beschikking, waardoor de afspraken uitvoerbaar bij voorraad worden en desnoods kunnen worden afgedwongen. Een echtscheidingsconvenant dat alleen de grote lijnen bevat, is een bron van conflicten voor de jaren erna.
Neem in elk geval op: de peildatum voor samenstelling en waardering, de toedeling van de woning met de afspraken over de hypotheek en het ontslag uit hoofdelijkheid, de verdeling van rekeningen, beleggingen en inboedel, de afwikkeling van de schulden met een vrijwaring, de pensioenafspraken, eventuele vergoedingsrechten en de alimentatie. Sluit af met een bepaling waarin beide partijen verklaren volledig te hebben opgegeven wat tot de gemeenschap behoort.
Mediation kan helpen om die afspraken tot stand te brengen, zeker wanneer u ook na de scheiding samen ouder blijft. Het is geen verplichting en geen wondermiddel: bij een sterk ongelijke onderhandelingspositie, bij verzwegen vermogen of bij een structureel conflict is eigen advies verstandiger. Ieder van u kan zich daarbij door een eigen advocaat laten bijstaan, ook wanneer u het traject gezamenlijk ingaat.

Alimentatie en het ouderschapsplan
Het huwelijksgoederenregime bepaalt niet de hoogte van de alimentatie, maar werkt er wel op door. Wie bij de verdeling een groot vermogen ontvangt, heeft minder behoefte aan een bijdrage; wie met een restschuld achterblijft, heeft minder draagkracht. Partneralimentatie duurt sinds 1 januari 2020 in beginsel de helft van de huwelijksduur met een maximum van vijf jaar, met uitzonderingen voor lange huwelijken, voor huwelijken met jonge kinderen en voor oudere alimentatiegerechtigden die dicht bij hun AOW-leeftijd zitten. Dat volgt uit artikel 1:157 BW.
Kinderalimentatie staat daar los van en loopt door tot het kind eenentwintig jaar wordt, zoals artikel 1:395a BW bepaalt. De hoogte wordt berekend aan de hand van de behoefte van het kind en de draagkracht van beide ouders, volgens de normen die de rechtspraak daarvoor hanteert. Hoe draagkracht de alimentatie beinvloedt is daarbij vaak het strijdpunt, niet de behoefte.
Hebt u minderjarige kinderen, dan is een ouderschapsplan verplicht en hoort het bij het verzoekschrift. Daarin legt u de zorgverdeling vast, de manier waarop u elkaar informeert en raadpleegt over belangrijke beslissingen, en de bijdrage in de kosten. Het gezamenlijk gezag blijft na de scheiding in beginsel gewoon bestaan, ongeacht het huwelijksgoederenregime.
Veelgestelde vragen
Krijgt ieder bij een scheiding in gemeenschap van goederen precies de helft?
Als hoofdregel wel. Artikel 1:100 BW bepaalt dat de echtgenoten een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap hebben. Wie meer goederen toebedeeld krijgt, betaalt het verschil in geld aan de ander.
De gelijke verdeling geldt alleen voor wat tot de gemeenschap behoort. Privevermogen, erfenissen, giften en de te verevenen pensioenrechten blijven daarbuiten en worden apart afgewikkeld.
Vallen de schulden van mijn partner ook onder de gemeenschap?
Dat hangt af van uw trouwdatum. Bent u voor 1 januari 2018 zonder huwelijkse voorwaarden getrouwd, dan vallen ook voorhuwelijkse schulden in de gemeenschap. Bij een huwelijk daarna blijven schulden van voor het huwelijk prive.
Let op het verschil tussen draagplicht en aansprakelijkheid. Wat u onderling afspreekt over wie een schuld draagt, bindt de schuldeiser niet. Die kan zich blijven verhalen zoals de wet dat toestaat.
Moet de verdeling rond zijn voordat de scheiding kan worden uitgesproken?
Nee. De rechtbank kan de echtscheiding uitspreken zonder dat de gemeenschap is verdeeld. In de praktijk worden de verdeling en de echtscheiding vaak samen behandeld, maar verplicht is dat niet.
Wel is een ouderschapsplan verplicht wanneer u minderjarige kinderen hebt. Dat stuk moet bij het verzoekschrift worden gevoegd.
Wordt de AOW ook verdeeld bij een scheiding?
Nee. De Wet verevening pensioenrechten bij scheiding ziet op ouderdomspensioen uit pensioenregelingen, niet op de AOW. Uw AOW wordt door de Sociale Verzekeringsbank zelfstandig vastgesteld.
Wel verandert uw AOW-bedrag na een scheiding doorgaans, omdat u dan als alleenstaande wordt aangemerkt.
Hoelang duurt een echtscheidingsprocedure?
Er bestaat geen wettelijke bedenktijd. Een gezamenlijk verzoek met een volledig convenant en ouderschapsplan kan binnen enkele weken tot een beschikking leiden.
Dient een van beiden het verzoek alleen in, dan krijgt de ander gelegenheid om verweer te voeren en volgt vrijwel altijd een zitting. Zo een procedure loopt al snel over meerdere maanden.
Wat gebeurt er als mijn ex vermogen verzwijgt?
Artikel 3:194 BW bepaalt dat wie opzettelijk een goed uit de gemeenschap verzwijgt, zoekmaakt of verborgen houdt, zijn aandeel in dat goed verbeurt. Het verzwegen vermogen komt dan volledig toe aan de ander.
Dat is een zware sanctie, maar er moet wel opzet worden aangetoond. Vergeten of onduidelijkheid is niet genoeg; een bankafschrift of belastingaangifte die niet klopt met de opgave is vaak het beginpunt van zo een discussie.
Scheiden in gemeenschap van goederen lijkt eenvoudig zolang u de hoofdregel van verdeling bij helfte voor ogen houdt. De uitkomst wordt bepaald door de uitzonderingen: de peildatum, de erfenissen en giften, de pensioenverevening, de vergoedingsrechten en de aansprakelijkheid voor schulden.
De familierechtadvocaten van Law & More in Eindhoven brengen die posten in kaart en stellen het convenant op dat daarbij hoort. Neem contact op als u wilt weten hoe de verdeling in uw situatie uitpakt voordat u iets ondertekent.