Gepubliceerd op 31 juli 2025 · Laatst bijgewerkt op 7 oktober 2026
Incoterms zijn elf standaard leveringsvoorwaarden van de Internationale Kamer van Koophandel (ICC). Zij leggen vast wie het vervoer regelt, wie welke kosten draagt en op welk moment het risico van verlies of beschadiging van de verkoper op de koper overgaat. Het zijn geen wettelijke regels: zij gelden alleen als u ze in uw overeenkomst opneemt, en over de eigendomsovergang of de betaling zeggen zij niets.
De huidige versie is Incoterms 2020. Hieronder leest u wat de elf termen inhouden, wanneer het risico overgaat, welke term bij uw situatie past en hoe u de afspraak juridisch sluitend vastlegt.
Inhoudsopgave
Wat zijn Incoterms en welke juridische status hebben zij?
Een Incoterm is een afkorting van drie letters, gevolgd door een plaats en een jaartal, bijvoorbeeld: FCA, Maasvlakte II Terminal, Rotterdam, Incoterms 2020. Juridisch is het een contractueel beding, dat partijen bindt omdat zij het zijn overeengekomen.
Achter de afkorting zit een uitgewerkte set verplichtingen van verkoper en koper. De ICC stelt die regels op en herziet ze ongeveer eens per tien jaar; de vorige versies dateren uit 2010 en 2000. Onder Nederlands recht kunnen Incoterms ook doorwerken als gewoonte (artikel 6:248 BW). Bij een internationale koop kunnen zij gelden als een gebruik in de zin van artikel 9 van het Weens Koopverdrag, ook zonder uitdrukkelijke verwijzing. Dat laatste is wel een bewijskwestie; vertrouw er niet op.
Omdat Incoterms contractuele bedingen zijn, gaan zij voor op het aanvullende recht. Volgens artikel 7:10 BW is de zaak voor risico van de koper vanaf de aflevering, maar partijen mogen daarvan afwijken. Dat doet een Incoterm: hij verplaatst het moment van risico-overgang naar een afgesproken punt in de keten. Staat er niets over risico in het contract en is geen Incoterm afgesproken, dan geldt artikel 7:10 BW of, bij een internationale koop, de artikelen 66 tot en met 70 van het Weens Koopverdrag.
Wat regelen Incoterms wel en wat niet?
Incoterms regelen het vervoer, de plaats en het moment van aflevering, de risico-overgang en de in- en uitvoerformaliteiten. Zij regelen niet de prijs, de betaling, de eigendomsovergang, de aansprakelijkheid bij wanprestatie of de bevoegde rechter.
Bij twee van de elf termen, CIP en CIF, komt er een verzekeringsplicht van de verkoper bij. Omdat zoveel buiten de Incoterm valt, is een contract dat alleen uit een Incoterm bestaat, geen volledig contract. Overmacht, garanties en het toepasselijke recht moet u apart regelen.
Het misverstand over de eigendom komt het vaakst voor. Aflevering en eigendomsovergang zijn in het Nederlandse recht twee verschillende dingen. Voor eigendomsovergang gelden de eisen van artikel 3:84 BW: een geldige titel, beschikkingsbevoegdheid en levering. Wilt u eigenaar blijven tot de laatste factuur is betaald, dan heeft u een afzonderlijk eigendomsvoorbehoud nodig op grond van artikel 3:92 BW. DDP betekent dus niet dat de koper eigenaar is, en EXW betekent niet dat de verkoper dat nog is.
Welke elf Incoterms kent de versie 2020?
Zeven termen zijn geschikt voor elke vorm van vervoer; vier termen zijn alleen bedoeld voor zee- en binnenvaartvervoer. De zeven algemene termen lopen van de kleinste naar de grootste verplichting voor de verkoper.
- EXW (Ex Works), af fabriek: de verkoper stelt de goederen beschikbaar op zijn eigen terrein of op een andere afgesproken plaats; alle verdere kosten en risico zijn voor de koper.
- FCA (Free Carrier), franco vervoerder: de verkoper levert af aan de door de koper aangewezen vervoerder, op zijn eigen terrein of op een andere afgesproken plaats.
- CPT (Carriage Paid To), vracht betaald tot: de verkoper betaalt het vervoer tot de bestemming, maar het risico gaat al over bij overdracht aan de eerste vervoerder.
- CIP (Carriage and Insurance Paid To), vracht en verzekering betaald tot: als CPT, met daarbij een verzekeringsplicht van de verkoper met ruime dekking.
- DAP (Delivered at Place), geleverd op bestemming: de verkoper draagt kosten en risico tot aankomst op de afgesproken plaats, gereed om te lossen.
- DPU (Delivered at Place Unloaded), geleverd op bestemming en gelost: als DAP, maar de verkoper lost de goederen ook.
- DDP (Delivered Duty Paid), geleverd rechten betaald: de verkoper regelt en betaalt alles, ook de invoerrechten en de invoerformaliteiten in het land van bestemming.
De vier zeetermen zijn bedoeld voor goederen die los of in bulk aan boord van een schip worden gebracht:
- FAS (Free Alongside Ship), vrij langszij schip: de verkoper levert naast het schip in de haven van verscheping.
- FOB (Free on Board), vrij aan boord: het risico gaat over zodra de goederen aan boord zijn.
- CFR (Cost and Freight), kosten en vracht: als FOB voor het risico, maar de verkoper betaalt de zeevracht tot de haven van bestemming.
- CIF (Cost, Insurance and Freight), kosten, verzekering en vracht: als CFR, met een minimumverzekering door de verkoper.
De zeetermen passen niet bij containervervoer. Een container wordt op een terminal overgedragen en niet letterlijk naast of aan boord van een schip geplaatst. Het overgangsmoment van FAS, FOB, CFR en CIF komt dan in de lucht te hangen. Voor containers zijn FCA, CPT, CIP, DAP, DPU en DDP de aangewezen termen.
Overzicht: wie regelt wat per Incoterm?
De tabel laat per term zien welke vervoerswijze past, of de verkoper het hoofdvervoer betaalt en waar het risico overgaat.
| Term | Soort vervoer | Verkoper betaalt hoofdvervoer | Risico gaat over bij |
|---|---|---|---|
| EXW | alle | nee | beschikbaarstelling op het terrein van de verkoper of de afgesproken plaats |
| FCA | alle | nee | overdracht aan de vervoerder van de koper op de afgesproken plaats |
| CPT | alle | ja | overdracht aan de eerste vervoerder |
| CIP | alle | ja, met verzekering (ICC A) | overdracht aan de eerste vervoerder |
| DAP | alle | ja | aankomst op de afgesproken plaats, gereed om te lossen |
| DPU | alle | ja | na het lossen op de afgesproken plaats |
| DDP | alle | ja, ook de invoerrechten | aankomst op de afgesproken plaats, ingeklaard en gereed om te lossen |
| FAS | zee en binnenvaart | nee | langszij het schip in de vertrekhaven |
| FOB | zee en binnenvaart | nee | aan boord in de vertrekhaven |
| CFR | zee en binnenvaart | ja | aan boord in de vertrekhaven |
| CIF | zee en binnenvaart | ja, met verzekering (ICC C) | aan boord in de vertrekhaven |
Wanneer gaat het risico over?
Het risico gaat over op het punt dat de gekozen term aanwijst. Bij EXW is dat op het terrein van de verkoper, bij FCA bij overdracht aan de vervoerder, bij FOB zodra de goederen aan boord zijn en bij de D-termen pas op de plaats van bestemming.
Bij DDP gaat het risico eveneens over op de plaats van bestemming, nadat de verkoper de goederen voor invoer heeft ingeklaard. Vanaf het overgangsmoment komen verlies, diefstal en beschadiging voor rekening van de partij die het risico draagt, ook als die daar niets aan kon doen. Gaat een zending na de risico-overgang verloren, dan blijft de koper de koopprijs verschuldigd. Dat is de kern van de afspraak: wie het risico draagt, regelt de verzekering.
Gaat het toch mis, dan is de vraag wie de schade uiteindelijk draagt vaak een kwestie van vervoerdersaansprakelijkheid en verzekering, niet van de Incoterm zelf. De Incoterm bepaalt alleen wie de vordering op de vervoerder heeft en wie zijn eigen schade draagt. Neem dat mee in de algemene voorwaarden die u op de overeenkomst van toepassing verklaart.
Let bij FOB op oude modelcontracten. Daarin staat vaak nog dat het risico overgaat als de goederen de scheepsreling passeren. Die formulering is sinds Incoterms 2010 verlaten: beslissend is het moment waarop de goederen aan boord zijn. Staat de oude zin nog in uw voorwaarden, pas hem dan aan.
Waarin verschillen kosten en risico bij de C-termen?
Bij CPT, CIP, CFR en CIF betaalt de verkoper het vervoer tot de bestemming, maar gaat het risico al eerder over: bij overdracht aan de eerste vervoerder of bij het aan boord brengen. Kosten en risico vallen dus niet samen.
Wie CIF Rotterdam leest als een garantie dat de goederen heelhuids in Rotterdam aankomen, vergist zich. Die splitsing is de meest voorkomende bron van geschillen. Een koper die uitgaat van bescherming tot aan de deur, en een verkoper die uitgaat van risico-overgang in de haven van vertrek, komen elkaar tegen zodra er schade is. Leg daarom bij een C-term uitdrukkelijk vast dat de plaatsaanduiding de bestemming van de kosten betreft, en niet het punt van risico-overgang.
Bij de E-, F- en D-termen lopen kosten en risico wel gelijk op. Dat maakt EXW, FCA, DAP, DPU en DDP eenvoudiger uit te leggen en in de praktijk vaak minder conflictgevoelig, zeker als u met wisselende partners werkt.
Welke Incoterm past bij uw situatie?
Kies de term die aansluit bij wie het vervoer het beste kan regelen. Voor een Nederlandse verkoper met een afnemer die zelf een expediteur heeft, is FCA vaak de logische keuze.
Bij FCA levert u af op een duidelijk omschreven plaats en bent u daarna klaar. Wilt u uw afnemer volledig ontzorgen en kent u de invoerregels in het land van bestemming, dan kan DAP of DDP een verkoopargument zijn.
EXW is voor internationale zendingen zelden een gelukkige keuze voor de verkoper. Formeel doet hij niets, maar in de praktijk moet hij vaak meewerken aan de uitvoeraangifte en het laden, terwijl dat contractueel niet is afgesproken. Bij uitvoer buiten de Europese Unie wordt dat probleem groter, omdat een koper buiten de EU de uitvoeraangifte meestal niet zelf kan doen. FCA lost dat op: daar staat vast dat de verkoper de uitvoerformaliteiten regelt.
DDP verdient een waarschuwing. De verkoper neemt daarmee de invoerformaliteiten en invoerheffingen op zich in een land waar hij mogelijk niet voor de omzetbelasting is geregistreerd. Dat kan leiden tot registratieverplichtingen en naheffingen. Laat de fiscale gevolgen van DDP altijd door een fiscalist beoordelen voordat u die term aanbiedt. Wilt u uw afnemer dezelfde service bieden zonder zelf importeur te worden, overweeg dan DAP of DPU. U levert dan tot de afgesproken plaats, maar de koper doet de invoeraangifte en betaalt de invoerrechten.
Wat is het verschil tussen DAP, DPU en DDP?
Bij alle drie de D-termen draagt de verkoper kosten en risico tot de afgesproken plaats van bestemming. Het verschil zit in het lossen en in de invoer, inclusief de inklaring.
| Term | Wie lost? | Wie regelt de invoer? | Wie betaalt de invoerrechten? |
|---|---|---|---|
| DAP | koper | koper | koper |
| DPU | verkoper | koper | koper |
| DDP | koper | verkoper | verkoper |
DPU is de enige Incoterm waarbij de verkoper verplicht is de goederen op de bestemming te lossen. Kies die term alleen als de verkoper daar ook echt kan lossen, met eigen mensen of materieel.
Bij DDP krijgt de koper een prijs waarin alles is inbegrepen, maar neemt de verkoper de invoer op zich in een land waarvan hij de regels misschien niet kent. Hij betaalt dan in beginsel ook de invoerrechten en de btw bij invoer. Bij DAP blijft de invoer bij de koper, die de regels ter plaatse meestal beter kent. Voor veel verkopers is DAP daarom de voorzichtigere keuze.
Wat is het verschil tussen EXW, FCA en DDP?
EXW en DDP zijn de twee uitersten: bij Ex Works doet de verkoper het minst, bij Delivered Duty Paid het meest. FCA ligt dicht bij EXW, met één belangrijk verschil: bij FCA regelt de verkoper de uitvoeraangifte.
Bij EXW stelt de verkoper de goederen beschikbaar en hoeft hij niet eens te laden. De koper regelt de rest, ook de uitvoer. Bij FCA levert de verkoper af aan de vervoerder die de koper heeft aangewezen; gebeurt dat op het terrein van de verkoper, dan laadt de verkoper ook. Bij DDP regelt en betaalt de verkoper het hele traject, tot en met de invoer in het land van bestemming.
Wat veranderde er in Incoterms 2020?
DAT (Delivered at Terminal) is vervangen door DPU, bij CIP is de verplichte verzekeringsdekking verhoogd, en FCA kent een regeling voor een cognossement met boordaantekening. Daarnaast zijn de regels overzichtelijker opgeschreven.
Met DPU is duidelijk gemaakt dat de plaats van bestemming geen terminal hoeft te zijn: elke afgesproken plaats volstaat, zolang de verkoper daar lost. Bij CIP geldt nu het ruime dekkingsniveau van de Institute Cargo Clauses (A), terwijl CIF de beperkte dekking van de Clauses (C) houdt. Dat past bij het gebruik: CIF wordt vooral bij bulkgoederen gebruikt, CIP bij fabrikaten. Partijen mogen een ander niveau afspreken, mits zij dat opschrijven.
Bij FCA kunnen partijen sinds 2020 afspreken dat de koper de vervoerder opdracht geeft een cognossement met boordaantekening aan de verkoper af te geven. Dat maakt een documentair krediet bij containervervoer mogelijk. Ook is geregeld dat verkoper of koper eigen vervoermiddelen mag inzetten bij FCA, DAP, DPU en DDP, en zijn de verplichtingen rond veiligheidsvoorschriften en de kostenverdeling per regel duidelijker beschreven.
Waar gaat het in de praktijk mis?
De drie meest voorkomende fouten zijn een term die niet bij het vervoer past, een te ruime plaatsaanduiding en een praktijk die stilzwijgend afwijkt van de afspraak.
FOB en CIF zijn geschreven voor goederen die aan boord van een schip worden gebracht. Worden zij gebruikt voor containers, luchtvracht of wegvervoer, dan bestaat het overeengekomen overgangsmoment feitelijk niet. De rechter moet de bepaling dan uitleggen aan de hand van wat partijen redelijkerwijs mochten verwachten, en die uitkomst is voor beide partijen onvoorspelbaar.
Een stad, provincie of land als bestemming laat het risicopunt open. Bij een D-term met een vage bestemming ontstaat discussie over de laatste kilometers, juist waar schade het vaakst optreedt. Noem daarom een adres of een terminal, zo mogelijk met postcode.
Soms spreken partijen FCA af, maar gaat de verkoper gaandeweg toch zelf het hoofdtransport regelen, of haalt de koper de goederen op een andere plek op. Zulk feitelijk gedrag kan leiden tot een andere uitleg van de afspraak en tot de vraag wie op het moment van de schade het risico droeg. Verandert de praktijk, bevestig de nieuwe afspraak dan schriftelijk.
Hoe legt u een Incoterm juridisch sluitend vast?
Noteer altijd de term, een zo nauwkeurig mogelijke plaats en het jaartal van de versie. Zet de afspraak in de overeenkomst zelf, niet alleen op de factuur.
Zonder jaartal is onduidelijk of Incoterms 2020, 2010 of een oudere versie bedoeld is, en die verschillen zijn inhoudelijk. Zonder precieze plaats is onduidelijk waar het risico overgaat: DAP Amsterdam laat open of het havengebied, een distributiecentrum of het adres van de afnemer bedoeld is. Een term die pas op de factuur opduikt, is geen afspraak maar een eenzijdige mededeling.
Let op de samenloop met uw algemene voorwaarden. Wijken die af van de Incoterm, dan ontstaat een uitlegvraag en soms een battle of forms. Het Nederlandse recht kent daarvoor de first shot-regel van artikel 6:225 lid 3 BW: de eerst verwezen voorwaarden gelden, tenzij de wederpartij die uitdrukkelijk van de hand wijst. Valt de koop onder het Weens Koopverdrag, dan beoordeelt de rechter die vraag in beginsel aan de hand van dat verdrag, en kan de uitkomst anders zijn.
Controleer ook of de term past bij het vervoer en bij de betaling. Werkt u met een documentair krediet, dan moeten de documenten die de bank verlangt onder de gekozen term ook echt worden afgegeven. Een FOB-afspraak bij luchtvracht of een CIF-afspraak bij wegvervoer levert een onuitvoerbaar beding op.
Vul de Incoterm aan waar hij zwijgt. Regel wie welke verzekering afsluit als de term daarover niets zegt, wat er gebeurt bij vertraging, wie de kosten van demurrage en opslag draagt, hoe de goederen bij aankomst worden gekeurd en binnen welke termijn de koper moet klagen. Zorg dat de term in de offerte, de orderbevestiging en het raamcontract gelijk is.
Wat betekent de Incoterm voor de bevoegde rechter?
Binnen de Europese Unie kan de Incoterm bepalen bij welke rechter u moet procederen. Wie dat niet aan uitleg wil overlaten, neemt een forumkeuze op.
Artikel 7 van de verordening Brussel I bis (nr. 1215/2012) wijst bij koop van roerende zaken de rechter aan van de plaats waar de zaken volgens de overeenkomst zijn of hadden moeten worden geleverd. Het Hof van Justitie oordeelde op 9 juni 2011 in de zaak Electrosteel (C-87/10) dat de rechter bij het bepalen van die plaats alle relevante bedingen moet betrekken, waaronder erkende handelsbedingen zoals de Incoterms.
Artikel 25 van Brussel I bis laat een uitdrukkelijke forumkeuze toe. Voor het toepasselijke recht geldt iets vergelijkbaars: kiest u niets, dan wijst artikel 4 van de verordening Rome I bij koop het recht aan van het land waar de verkoper zijn gewone verblijfplaats heeft. Meer daarover leest u in ons artikel over toepasselijk recht en forumkeuze.
Een rechtskeuze voor Nederlands recht neemt niet alles weg. Dwingende regels van het land van bestemming, zoals productveiligheidseisen, sanctiewetgeving en regels over handelsagenten en distributeurs, kunnen daarnaast gelden. Voor de afspraken die bij een zakelijke koop horen, zie ook ons artikel over de koopovereenkomst tussen bedrijven. Kiest u voor arbitrage in plaats van de overheidsrechter, leg dat dan in hetzelfde beding vast, met instituut, plaats en taal.
Hoe verhoudt een Incoterm zich tot het Weens Koopverdrag?
Een Incoterm gaat voor op de risicoregels van het Weens Koopverdrag, maar de rest van het verdrag blijft gelden. Wilt u het verdrag uitsluiten, dan moet u dat uitdrukkelijk doen.
Bij een internationale koop tussen ondernemingen in verschillende verdragsstaten is het Weens Koopverdrag in beginsel van rechtswege van toepassing. Nederland is verdragsstaat. Het verdrag regelt de totstandkoming van de overeenkomst, de verplichtingen van verkoper en koper, de gevolgen van tekortkoming en, in de artikelen 66 tot en met 70, de risico-overgang. Artikel 6 laat partijen toe van het verdrag af te wijken. Spreekt u CIF af, dan bepaalt die term het overgangsmoment, maar de klachtplicht, de termijnen en de remedies bij wanprestatie uit het verdrag blijven gelden.
Een enkele rechtskeuze voor Nederlands recht sluit het verdrag niet uit, want het verdrag maakt deel uit van het Nederlandse recht. Wilt u het juist behouden, verduidelijk dan de klacht- en onderzoekstermijnen in het contract, omdat het verdrag daarvoor open normen gebruikt.
Welke douane- en btw-gevolgen heeft uw keuze?
De Incoterm bepaalt wie de invoerformaliteiten verzorgt en wie de invoerrechten draagt: bij DDP de verkoper, bij alle andere termen de koper. Voor de btw is de term een aanwijzing, geen beslissing.
De term werkt ook door in de douanewaarde. Vrachtkosten en verzekeringspremies tot aan de grens van de Europese Unie tellen mee in die waarde, en de gekozen term bepaalt of die posten al in de prijs zitten of er nog bij komen. Of een levering voor de btw een intracommunautaire levering of een uitvoer is, hangt af van de vervoersstroom en het bewijs daarvan, niet van de drie letters op de order. Een DDP-afspraak kan wel leiden tot een registratieplicht van de verkoper in het land van bestemming.
Deze gevolgen zijn fiscaal van aard. Law & More adviseert niet over fiscale structurering; laat de btw- en douanepositie beoordelen door een fiscalist of douane-expediteur voordat u een term als DDP of EXW standaard in uw offertes opneemt. Wij gaan wel na of het contract de gekozen rolverdeling afdwingbaar vastlegt.
Hoe sluit de Incoterm aan op de betaling?
Leveringsvoorwaarde en betaalafspraak moeten op elkaar passen. Bij een documentair krediet heeft u een vervoersdocument nodig, en bij EXW heeft de verkoper dat niet.
Bij een documentair krediet betaalt de bank pas tegen overlegging van voorgeschreven documenten, waaronder een vervoersdocument waaruit blijkt dat de goederen zijn verscheept. Bij EXW regelt de verkoper het vervoer niet en is het krediet daardoor feitelijk onbruikbaar. Bij FCA kunt u afspreken dat de vervoerder een cognossement met boordaantekening aan de verkoper afgeeft, juist om dat probleem op te lossen.
Levert u op rekening, zorg dan voor aanvullende zekerheid. Een eigendomsvoorbehoud werkt alleen voor zover het recht van het land waar de goederen zich bevinden dat erkent. In sommige rechtsstelsels vervalt het zodra de zaak wordt doorverkocht of verwerkt. Een bankgarantie of kredietverzekering is dan steviger. Neem daarnaast een duidelijke betalingstermijn op, met een contractuele rente en een incassokostenbeding.
Welke rol spelen exportcontrole en sancties?
Geen enkele Incoterm neemt de publiekrechtelijke exportregels weg. Die verplichtingen rusten op u als exporteur, wat u ook met uw afnemer heeft afgesproken.
Goederen met een mogelijke militaire toepassing vallen onder de Europese regels voor goederen voor tweeërlei gebruik, waarvoor een uitvoervergunning nodig kan zijn. Daarnaast gelden sanctiemaatregelen tegen bepaalde landen, organisaties en personen, die rechtstreeks werken en ook tussenhandelaren raken.
Neem daarom een bepaling op die de levering afhankelijk maakt van de benodigde vergunningen, die de afnemer verplicht om eindgebruikersverklaringen te verstrekken en die u het recht geeft de overeenkomst te beëindigen als een sanctiemaatregel de uitvoering verbiedt. Zonder zo’n clausule staat u bij een plotseling exportverbod tegenover een afnemer die nakoming of schadevergoeding vordert, terwijl leveren u strafbaar zou maken.
Waar let u als verkoper op?
- Noteer de term, een precieze plaats en het jaartal (Incoterms 2020) in de overeenkomst zelf, niet alleen op de factuur.
- Kies bij containervervoer FCA, CPT, CIP of een D-term in plaats van FOB of CIF.
- Laat vóór een DDP-aanbod de btw- en douanepositie in het land van bestemming beoordelen.
- Neem een eigendomsvoorbehoud (artikel 3:92 BW) of andere zekerheid op als u op rekening levert.
- Maak de levering afhankelijk van de benodigde exportvergunningen.
Waar let u als koper op?
- Controleer bij een C-term waar het risico overgaat, en sluit zo nodig zelf een aanvullende transportverzekering af.
- Controleer of de term in de offerte, de orderbevestiging en het raamcontract gelijk is.
- Leg de keuring bij aankomst en de termijn om te klagen vast.
- Regel bij DAP en DPU op tijd de invoeraangifte en de betaling van de invoerrechten.
- Laat vóór de order vastleggen welke algemene voorwaarden gelden als die van de verkoper afwijken (artikel 6:225 lid 3 BW).
Wat kunnen wij voor u doen bij Incoterms?
Wij adviseren ondernemers bij internationale koop- en leveringscontracten, voordat er iets misgaat en als het al mis is gegaan.
- Wij beoordelen of de gekozen Incoterm past bij uw vervoer, uw betaling en uw verzekering, en stellen de leveringsbepaling op met term, plaats en jaartal.
- Wij stemmen de Incoterm af op uw algemene voorwaarden en beoordelen welke voorwaarden gelden bij een battle of forms (artikel 6:225 lid 3 BW).
- Wij nemen een rechtskeuze en een forumkeuze of arbitragebeding op, met aandacht voor Brussel I bis en het Weens Koopverdrag.
- Wij formuleren een eigendomsvoorbehoud, een klachtregeling en een clausule over exportcontrole en sancties.
- Wij beoordelen bij verlies of schade wie op dat moment het risico droeg, en vorderen schadevergoeding of voeren verweer.
Samengevat
- Incoterms zijn elf contractuele leveringsvoorwaarden van de ICC; zij gelden alleen als u ze afspreekt.
- Zij regelen vervoer, kosten, risico-overgang en formaliteiten, maar niet de eigendom, de betaling of de bevoegde rechter.
- Bij de C-termen betaalt de verkoper het vervoer tot de bestemming, maar gaat het risico al bij vertrek over.
- Gebruik FOB, FAS, CFR en CIF niet voor containers; kies dan FCA, CPT, CIP of een D-term.
- Noteer altijd term, precieze plaats en jaartal, en stem de term af op uw voorwaarden, betaling en forumkeuze.
Veelgestelde vragen over Incoterms
Zijn Incoterms wettelijk verplicht?
Nee. Zij gelden alleen als partijen ze overeenkomen. Doet u dat niet, dan bepaalt het toepasselijke recht wanneer het risico overgaat: in Nederland artikel 7:10 BW en bij internationale koop het Weens Koopverdrag.
Moet u het jaartal echt vermelden?
Ja. De regels zijn per versie inhoudelijk gewijzigd: DAT bestaat sinds 2020 niet meer en de verzekeringsplicht bij CIP is zwaarder geworden. Zonder jaartal is de afspraak vatbaar voor uitleg.
Welke Incoterm is het veiligst voor een verkoper?
Geen term is altijd de beste. FCA beperkt het risico van de verkoper tot de overdracht aan de vervoerder, terwijl DDP hem de verste verplichtingen oplegt. Beslissend zijn uw grip op de logistiek en uw kennis van de regels in het land van bestemming.
Regelen Incoterms wie eigenaar wordt?
Nee. De eigendomsovergang volgt uit het toepasselijke goederenrecht, in Nederland artikel 3:84 BW. Wilt u eigenaar blijven tot betaling, beding dan een eigendomsvoorbehoud op grond van artikel 3:92 BW.
Kunt u een Incoterm aanpassen?
Dat kan, maar doe het uitdrukkelijk. Een toevoeging als EXW loaded is geen officiële term; de betekenis moet u zelf in het contract omschrijven. Anders ontstaat discussie over wie moest laden en wie tijdens het laden het risico droeg.
Gelden Incoterms ook binnen Nederland?
Ja, u kunt ze ook bij binnenlandse leveringen gebruiken. De bepalingen over in- en uitvoerformaliteiten hebben dan geen betekenis, maar de afspraken over aflevering, kosten en risico werken gewoon.
Wat doet u als uw buitenlandse afnemer niet betaalt?
Ga eerst na welk recht en welke rechter uw contract aanwijst; zonder forumkeuze bepaalt de plaats van levering uit de Incoterm mede de bevoegde rechter. Binnen de Europese Unie bestaat een vereenvoudigde route voor onbetwiste vorderingen, die wij beschrijven in ons artikel over de Europese betalingsbevelprocedure.
Een toelichting op de elf regels vindt u op het Ondernemersplein van de overheid. De advocaten ondernemingsrecht van Law & More toetsen uw exportcontracten op de samenhang tussen leveringsvoorwaarde, algemene voorwaarden, betaling en forumkeuze.