Gepubliceerd op 7 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 30 oktober 2026
Bij een scheiding deelt u in de waarde van het bedrijf als het in de gemeenschap van goederen valt of onder een verrekenbeding uit uw huwelijkse voorwaarden. Welk bedrijfsvermogen meetelt, staat vast op de dag waarop het echtscheidingsverzoek is ingediend (artikel 1:99 Boek 1 BW); de waarde bepaalt u bij een gemeenschap in beginsel op het moment van verdeling. Persoonlijke goodwill, die aan de ondernemer zelf vastzit, blijft in de praktijk vaak buiten de verdeling.
De waarde van een onderneming hangt af van de cijfers, de markt en de rechtsvorm. Verschillende methoden leveren vaak heel andere uitkomsten op. Daarom schakelen veel ex-partners een accountant of register valuator in. Hieronder leest u welke peildata gelden, hoe rechters met waarderingsgeschillen omgaan en hoe u de uitkoop regelt zonder het bedrijf te schaden.
Inhoudsopgave
Waarom is de waardering van het bedrijf bij een scheiding zo belangrijk?
De waarde van het bedrijf bepaalt hoeveel de ondernemer zijn ex-partner moet uitkeren bij de verdeling van de bezittingen. Voor de partneralimentatie telt iets anders: het inkomen dat het bedrijf oplevert. Een hoge waardering en een hoge alimentatie kunnen elkaar dus versterken.
De ondernemer schat de waarde vaak liever laag in, de ex-partner juist hoog. Een onderbouwde waardering door een deskundige die naar de cijfers, de bedrijfsmiddelen, de verwachtingen en de juridische structuur kijkt, voorkomt eindeloze discussie. Is de uitkoop te hoog, dan kan het bedrijf eraan onderdoor gaan; daarom spreken partijen vaak een betaling in termijnen af.
Welke rol speelt uw huwelijksstelsel?
| Stelsel | Valt het bedrijf erin? | Peildatum omvang | Peildatum waarde |
|---|---|---|---|
| Algehele gemeenschap (huwelijk vóór 1 januari 2018) | Ja, ook als het al vóór het huwelijk bestond | Indiening echtscheidingsverzoek (art. 1:99 BW) | In beginsel de dag van verdeling |
| Beperkte gemeenschap (huwelijk vanaf 1 januari 2018) | Alleen wat tijdens het huwelijk is opgebouwd; een bedrijf van vóór het huwelijk blijft in beginsel privé | Indiening echtscheidingsverzoek (art. 1:99 BW) | In beginsel de dag van verdeling |
| Huwelijkse voorwaarden met periodiek of finaal verrekenbeding | Bedrijf blijft van de ondernemer; de waarde telt mee in de verrekening voor zover de voorwaarden dat bepalen | Indiening echtscheidingsverzoek (art. 1:142 BW) | Ook die dag (art. 1:142 BW), tenzij anders afgesproken |
| Koude uitsluiting | Nee | – | – |
Bij een verrekenbeding is de inhoud van uw huwelijkse voorwaarden beslissend. Een periodiek verrekenbeding gaat over overgespaard inkomen; winst die in de bv is blijven staan, kan daaronder vallen als de ondernemer de uitkering in zijn macht had. Lees de akte daarom precies.
Welke invloed heeft de rechtsvorm?
Bij een eenmanszaak is het ondernemingsvermogen privévermogen van de ondernemer; in een gemeenschap vallen de bedrijfsmiddelen, de vorderingen en de schulden zelf. Bij een bv valt alleen het pakket aandelen in de gemeenschap; dat pakket wordt gewaardeerd. Bij een vof is de ondernemer mede-eigenaar met anderen; dan gaat het om de waarde van zijn aandeel en de afspraken in de vennootschapsakte.
Fiscale regels verschillen per rechtsvorm en kunnen de netto waarde beïnvloeden, bijvoorbeeld door een latente belastingclaim. Wij adviseren niet over fiscale structurering; laat dit beoordelen door een fiscalist of accountant.
Welke peildatum geldt voor de waardering?
Bij een gemeenschap van goederen is de hoofdregel dat de waarde wordt bepaald op het moment van verdeling, tenzij partijen samen een andere datum afspreken. De redelijkheid en billijkheid kunnen een andere datum meebrengen.
Dat gebeurde in een zaak die de Hoge Raad op 6 oktober 2023 afdeed (ECLI:NL:HR:2023:1378). De man was directeur-grootaandeelhouder en dreef de onderneming na de scheiding feitelijk alleen. Rechtbank en hof waardeerden de aandelen daarom op de datum van ontbinding van de gemeenschap, zodat waardewijzigingen daarna voor zijn rekening en risico kwamen. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep zonder nadere motivering (artikel 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatie); de advocaat-generaal had dat oordeel in zijn conclusie onderschreven.
Voor de ondernemer betekent dit: wie na de scheiding alleen de touwtjes in handen heeft, kan niet altijd profiteren van een latere waardedaling. Voor de partner: een latere waardestijging die aan de inzet van de ondernemer te danken is, valt mogelijk niet in de verdeling.
Bepaalt u de waarde samen of via een deskundige?
- Samen één deskundige. Als u het eens bent, vraagt u samen een accountant of register valuator die u allebei vertrouwt. Dat scheelt kosten en discussie.
- Ieder een eigen deskundige. Komt u er niet uit, dan laat ieder een rapport opstellen. Daarna probeert u met mediators of advocaten tot overeenstemming te komen.
- Deskundige via de rechter. Lukt dat niet, dan kan de rechter een onafhankelijke deskundige benoemen (artikel 194 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering).
De rechter is niet verplicht een extra deskundige te benoemen. Het gerechtshof Den Haag oordeelde op 12 augustus 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:2651) dat een tweede waardering met de DCF-methode, zoals de vrouw wilde, gezien de hoge kosten niet redelijk was. Het rapport van de deskundige van de man kwam bij geconsolideerde beschouwing uit op nul. Het hof achtte niet aannemelijk dat de aandelen enige waarde hadden en deelde ze om niet aan de vrouw toe, zodat zij zelf de waarde kon onderzoeken. Voor de eenmanszaak van de man kon het hof de activa op de peildatum niet vaststellen; het verzoek om die te verdelen werd afgewezen.
De les uit die zaak: wie een waardering betwist, moet met stukken komen. Een eigen tegenrapport en een volledig overzicht van de ondernemingsactiva op de peildatum zijn vaak beslissend.
Welke waarderingsmethoden worden gebruikt?
| Methode | Wat wordt gemeten | Geschikt voor |
|---|---|---|
| Intrinsieke waarde | Bezittingen minus schulden, tegen actuele marktwaarde | Bedrijven met veel tastbare middelen, zoals vastgoed, machines of voorraad |
| Rentabiliteitswaarde | Gemiddelde verwachte winst gedeeld door een rendementseis die past bij risico en sector | Bedrijven met stabiele winsten |
| Discounted cash flow (DCF) | Toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen een disconteringsvoet | Grotere bedrijven met betrouwbare prognoses |
| Liquidatiewaarde | Wat overblijft na snelle verkoop van alle bezittingen en betaling van de schulden | Bedrijven die na de scheiding stoppen of waarvan de continuïteit onzeker is |
De keuze voor de methode is vaak de kern van het geschil. Een DCF-waardering kan veel hoger uitvallen dan de intrinsieke waarde, maar hangt sterk af van aannames over de toekomst. De liquidatiewaarde is in de regel het absolute minimum, omdat snel verkopen minder oplevert. Een goede deskundige legt uit waarom hij voor een methode kiest en hoe gevoelig de uitkomst is voor zijn aannames. Wie meer wil weten over waardering bij verkoop van een onderneming, leest ons artikel over bedrijfsoverdracht; over de gevolgen van een faillissement schreven wij apart.
Wordt goodwill bij de scheiding verdeeld?
Goodwill is de waarde bovenop de tastbare bezittingen, bijvoorbeeld door een vaste klantenkring, een sterke naam of een gunstige locatie. In de rechtspraak wordt onderscheid gemaakt tussen zakelijke en persoonlijke goodwill.
- Zakelijke goodwill is overdraagbaar en bestaat los van de eigenaar. Die telt in de regel mee bij de waardering en dus bij de verdeling.
- Persoonlijke goodwill hangt samen met de vakkennis, het netwerk of de persoonlijke inzet van de ondernemer en kan niet aan een ander worden overgedragen. Die blijft in de praktijk vaak buiten de verdeling, zeker bij een eenmanszaak waarin alles om één persoon draait.
Laat de deskundige beide soorten goodwill apart benoemen en onderbouwen. Ook immateriële activa zoals merkrechten en octrooien worden afzonderlijk gewaardeerd; hun waarde hangt af van de winst die ze opleveren.
Hoe verdeelt u de waarde en regelt u de uitkoop?
Eerst stelt u vast welk deel van het vermogen gemeenschappelijk is en welk deel privé: aandelen, bedrijfsmiddelen en de schulden die bij de onderneming horen. Een waardering die schulden of een rekening-courant tussen de ondernemer en de bv vergeet, leidt tot een onrealistische uitkomst. Vaak blijft het bedrijf bij de ondernemer, die zijn ex-partner uitkoopt. Mogelijkheden zijn:
- Termijnbetalingen, uitgesmeerd over meerdere jaren, met rente en waar mogelijk zekerheid.
- Verrekening met andere bezittingen uit de gemeenschap, zoals de woning of spaargeld.
- Afspraken over toekomstige winst, bijvoorbeeld een aanvullende betaling als het bedrijf binnen een bepaalde periode wordt verkocht.
Leg de afspraken vast in het echtscheidingsconvenant. Bij aandelen in een bv is voor de levering een notariële akte nodig. Een overdracht van aandelen of bedrijfsmiddelen kan fiscale gevolgen hebben; laat die vooraf door een fiscalist beoordelen. Ook het pensioen speelt vaak mee in dezelfde verdeling; zie ons artikel over verdeling van pensioen bij echtscheiding en over de afspraken over pensioen bij scheiding.
Wat regelt u als ondernemer vóór de waardering?
- Verzamel de jaarrekeningen van de laatste jaren en de actuele cijfers.
- Ga na of uw huwelijkse voorwaarden een verrekenbeding of een uitsluiting voor het bedrijf bevatten.
- Laat persoonlijke goodwill apart benoemen in het waarderingsrapport.
- Reken uit of u de uitkoop kunt financieren zonder het bedrijf in gevaar te brengen.
Wat controleert u als partner van de ondernemer?
- Vraag inzage in de jaarrekeningen en, bij een bv, in de rekening-courant tussen de ondernemer en de bv. Een onderzoek naar de financiële situatie van het bedrijf hoort daarbij.
- Controleer welke peildatum geldt voor de omvang en welke voor de waarde, en of er reden is om van de hoofdregel af te wijken.
- Laat het rapport van de deskundige van de ondernemer zo nodig toetsen door een eigen deskundige.
- Leg een betaling in termijnen vast met rente en, waar mogelijk, zekerheid.
Onze rol bij de waardering van een bedrijf bij scheiding
Wij begeleiden ondernemers en hun partners bij de verdeling vanuit onze praktijk als scheidingsadvocaat.
- Wij stellen vast of het bedrijf in de gemeenschap valt of onder een verrekenbeding.
- Wij bepalen de juiste peildata voor omvang en waardering (artikel 1:99 en 1:142 BW).
- Wij beoordelen het waarderingsrapport en vragen zo nodig om een tegenrapport of een deskundigenbenoeming.
- Wij leggen de uitkoop en de betalingsregeling vast in het echtscheidingsconvenant.
In het kort
- De omvang van de gemeenschap staat vast op de dag van indiening van het verzoek (artikel 1:99 BW); de waarde in beginsel op de dag van verdeling.
- Drijft één partner de onderneming na de scheiding alleen, dan kan een eerdere waarderingsdatum gelden (HR 6 oktober 2023).
- Wie een waardering betwist, moet met een eigen onderbouwing komen; een extra deskundige is niet vanzelfsprekend.
- Zakelijke goodwill telt in de regel mee, persoonlijke goodwill vaak niet.
Veelgestelde vragen
Wie betaalt de waarderingsdeskundige?
Dat spreken partijen af. Schakelen zij samen één deskundige in, dan delen zij de kosten meestal. Benoemt de rechter een deskundige, dan bepaalt hij wie het voorschot betaalt; in familiezaken worden de proceskosten vaak gecompenseerd, zodat ieder zijn eigen kosten draagt.
Telt het bedrijf ook mee als het op naam van de ondernemer staat?
Ja, als u in gemeenschap van goederen bent getrouwd. Op wiens naam het bedrijf of de aandelen staan, is voor de verdeling niet beslissend. Bij een beperkte gemeenschap telt een bedrijf van vóór het huwelijk in beginsel niet mee, maar kan wel een vergoedingsrecht ontstaan als gemeenschappelijk geld in het bedrijf is gestoken.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina scheidingsadvocaat.