Gepubliceerd op 21 september 2025 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026
Bij een scheiding heeft u in beginsel recht op de helft van het ouderdomspensioen dat uw ex-partner tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap heeft opgebouwd, en hij of zij op de helft van het uwe. Dat volgt uit de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Wvps). De pensioenuitvoerder betaalt uw deel alleen rechtstreeks aan u als de scheiding binnen twee jaar is gemeld; bent u later, dan houdt u uw recht, maar int u het zelf bij uw ex-partner.
U kunt van die verdeling afwijken in huwelijkse voorwaarden of het echtscheidingsconvenant. Samenwoners en de AOW vallen er helemaal buiten.
Inhoudsopgave
Wat houdt pensioenverevening precies in?
Verevening betekent dat u recht krijgt op uitbetaling van een deel van het ouderdomspensioen van uw ex-partner. Het pensioen zelf blijft op naam van degene die het heeft opgebouwd. Volgens artikel 3 Wvps gaat het om de helft van het pensioen over de deelnemingsjaren tussen huwelijk en scheiding. Het ouderdomspensioen valt buiten de gemeenschap van goederen (art. 1:94 BW) en wordt dus apart verdeeld.
Dat verschil heeft een belangrijk gevolg. U krijgt pas geld zodra de ander met pensioen gaat; op het moment van de scheiding komt er niets binnen. De verdeling geldt over en weer. Bouwden u allebei pensioen op, dan heeft ieder recht op de helft van het pensioen van de ander. Vaak is er een flink verschil, omdat de partner die minder of in deeltijd werkte minder opbouwde. Juist daarvoor is de wet bedoeld.
Een voorbeeld ter illustratie: heeft uw ex-partner tijdens het huwelijk een ouderdomspensioen van € 8.000 per jaar opgebouwd, dan heeft u bij verevening recht op € 4.000 per jaar, vanaf de pensioendatum van uw ex-partner en zolang die leeft.
Welk pensioen wordt wel en niet verdeeld?
| Voorziening | Verdeeld onder de Wvps? | Toelichting |
|---|---|---|
| Ouderdomspensioen via werkgever (fonds, verzekeraar, premiepensioeninstelling) | Ja, over de huwelijksjaren | Opbouw van vóór het huwelijk en na de scheiding blijft van uzelf |
| Partnerpensioen | Nee | Wordt een bijzonder partnerpensioen voor de ex-partner (art. 57 Pensioenwet) |
| AOW | Nee | Persoonlijk recht op grond van eigen woonjaren; na de scheiding geldt het hogere bedrag voor alleenstaanden |
| Lijfrente, banksparen, spaargeld, woning | Nee | Valt onder de gewone verdeling van de gemeenschap of de afrekening volgens huwelijkse voorwaarden |
| Pensioen in eigen beheer (dga) | Bestaande aanspraken kunnen eronder vallen | Sinds 1 juli 2017 geen nieuwe opbouw meer; vaak omgezet in een oudedagsverplichting |
| Klein pensioen | Nee | Geen verevening als het te verevenen deel onder de afkoopgrens van art. 66 lid 1 Pensioenwet blijft (art. 3 Wvps) |
Als tijdstip van scheiding geldt bij echtscheiding de dag waarop de beschikking wordt ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, niet de dag van de uitspraak (art. 1 Wvps). Die inschrijving moet binnen zes maanden nadat de beschikking onherroepelijk is plaatsvinden; anders verliest zij haar kracht (art. 1:163 BW). De datum bepaalt tot wanneer de opbouw meetelt en wanneer de meldingstermijn begint.
Waarom is de termijn van twee jaar zo belangrijk?
Meldt u de scheiding binnen twee jaar na het tijdstip van scheiding, dan moet de uitvoerder uw deel later rechtstreeks aan u betalen (art. 2 Wvps). U meldt met het mededelingsformulier van de Rijksoverheid, dat u naar iedere uitvoerder stuurt waar pensioen is opgebouwd. Dat geldt ook bij een gewone 50/50-verdeling. Voeg een afschrift van de beschikking toe en, bij afwijkende afspraken, het convenant. Vraag om een schriftelijke bevestiging.
Bent u te laat, dan vervalt uw recht niet. Wel vervalt de plicht van de uitvoerder om rechtstreeks aan u te betalen. U kunt uw deel dan van uw ex-partner vorderen (art. 2 lid 6 Wvps). Dat vraagt vertrouwen, administratie en soms incasso, tientallen jaren na de scheiding. Neem de melding daarom als concrete actie op in het echtscheidingsconvenant, met de naam van elke uitvoerder.
Veel mensen bouwden pensioen op bij meerdere werkgevers en zijn een deel vergeten. Het landelijke pensioenregister (mijnpensioenoverzicht.nl) brengt dat in beeld. Doe die inventarisatie vóór u het convenant tekent, niet erna.
Verevening of conversie: wat is het verschil?
Bij verevening blijft u financieel aan elkaar verbonden. Bij conversie wordt uw deel, samen met het bijzonder partnerpensioen, omgezet in een eigen pensioenrecht op uw naam. Conversie kan alleen als u dat samen afspreekt in huwelijkse voorwaarden of een schriftelijke overeenkomst, en de pensioenuitvoerder in een verklaring instemt; zonder die verklaring is de afspraak niet geldig (art. 5 Wvps). Ook die afspraak moet binnen twee jaar bij de uitvoerder liggen.
| Verevening | Conversie | |
|---|---|---|
| Uitkering vanaf | Pensioendatum van uw ex-partner | Uw eigen pensioendatum |
| Overlijdt uw ex-partner | Uitkering stopt; bijzonder partnerpensioen kan volgen | Geen gevolgen voor uw pensioen |
| Overlijdt u eerder | Uw deel gaat terug naar uw ex-partner | Gaat niet terug naar uw ex-partner |
| Bijzonder partnerpensioen | Blijft apart bestaan | Gaat op in het eigen pensioen |
| Voorwaarde | Geldt van rechtswege; melding binnen twee jaar | Afspraak tussen u beiden en verklaring van de uitvoerder (art. 5 Wvps) |
Conversie is onomkeerbaar. Niet elke uitvoerder werkt mee, en de omrekening hangt af van actuariële uitgangspunten die per regeling verschillen. Vraag daarom vooraf een schriftelijke opgave. Heeft u na de scheiding nog een lange periode als zelfstandig huishouden voor u, dan is conversie vaak de rustigere keuze. Meer daarover leest u in ons artikel over scheiden na uw vijftigste en over echtscheiding na de pensioenleeftijd.
Wat gebeurt er met het partnerpensioen?
Het partnerpensioen is de uitkering voor de nabestaande als de deelnemer overlijdt. Het valt buiten de verevening. Volgens artikel 57 van de Pensioenwet houdt de ex-partner in beginsel recht op het partnerpensioen dat tot de scheiding is opgebouwd: het bijzonder partnerpensioen. Overlijdt de ex-partner, dan ontvangt u die uitkering, ook als hij of zij opnieuw is getrouwd.
Het maakt veel uit of het partnerpensioen op opbouwbasis of op risicobasis is verzekerd. Bij risicobasis bouwt zich geen waarde op, en na de scheiding blijft er dan vaak niets over voor de ex-partner. Vraag bij elke uitvoerder na welke dekking de regeling kent.
Actueel: de Wet toekomst pensioenen trad op 1 juli 2023 in werking. Regelingen moeten uiterlijk op 1 januari 2028 zijn omgezet; die overgangsperiode is in 2025 met een jaar verlengd. Onder de nieuwe regels wordt het partnerpensioen bij overlijden vóór de pensioendatum in beginsel op risicobasis verzekerd. Of dat uw bijzonder partnerpensioen raakt, hangt af van de regeling en het moment van omzetting. Vraag dit uitdrukkelijk na en neem het antwoord op in het convenant.
U kunt afstand doen van het bijzonder partnerpensioen, bijvoorbeeld in ruil voor een andere tegemoetkoming. Doe dat uitdrukkelijk, laat het de uitvoerder weten en doe het niet lichtvaardig. Voor de partner met weinig eigen pensioen kan het het verschil maken tussen een redelijk en een krap inkomen. Let ook op de samenhang met partneralimentatie: die is eindig, pensioen loopt levenslang door. Zie ook ons artikel over partneralimentatie na de AOW-leeftijd.
Hoe wijkt u af van de wettelijke verdeling?
U kunt de Wvps uitsluiten of een andere verdeling afspreken in huwelijkse voorwaarden, partnerschapsvoorwaarden of een schriftelijke overeenkomst met het oog op de scheiding (art. 2 en 4 Wvps). Denk aan een ander percentage, een andere periode of volledige afstand over en weer. De afspraak moet uitdrukkelijk over pensioen gaan. Een algemene uitsluiting van elke gemeenschap van goederen sluit de verevening niet vanzelf uit. Meer leest u bij huwelijkse voorwaarden bij scheiding.
Let op de uitvoering. Een uitsluiting kunt u de uitvoerder alleen tegenwerpen als u een gewaarmerkt afschrift van de overeenkomst overlegt (art. 2 Wvps). Past de afspraak niet binnen de regeling, dan geldt zij alleen tussen u beiden en rekent u onderling af.
Is pensioen wegstrepen tegen de woning verstandig?
U kunt afspreken dat het pensioen ongedeeld blijft en dat de waarde wordt verrekend met bijvoorbeeld de overwaarde van de woning. Wees terughoudend. Pensioen is levenslang; overwaarde krijgt u één keer. De contante waarde van een pensioen hangt af van rekenrente, levensverwachting en ingangsdatum, en kleine verschillen in uitgangspunten geven grote verschillen in uitkomst. Laat de waardering maken door een actuaris of pensioendeskundige en leg de uitgangspunten vast. Voor de fiscale gevolgen van afkoop of omzetting verwijzen wij naar een fiscalist.
Waar letten ondernemers op?
Een directeur-grootaandeelhouder met oud pensioen in eigen beheer moet niet alleen de aanspraak van de ex-partner vaststellen, maar ook beoordelen of de vennootschap die last kan dragen. Ontbreekt de dekking, dan ontstaat snel discussie over afstorting bij een verzekeraar, met gevolgen voor de liquiditeit. Lijfrentes en andere oudedagsvoorzieningen van ondernemers vallen niet onder de Wvps, maar kunnen wel tot de gemeenschap behoren of in de verrekening meetellen.
Welke regels gelden bij een scheiding van vóór 1995?
De Wvps geldt voor scheidingen vanaf 1 mei 1995. Daarvoor gold rechtspraak. In het arrest Boon/Van Loon van 27 november 1981 oordeelde de Hoge Raad dat pensioenrechten die vóór de scheiding zijn opgebouwd, in beginsel moeten worden verrekend bij de verdeling van de huwelijksgemeenschap (ECLI:NL:HR:1981:AG4271). Voor scheidingen tussen die uitspraak en 1 mei 1995 geldt dus een verrekening op die grondslag, met een andere berekening dan de latere verevening. Voor scheidingen van vóór 27 november 1981 bestaat in beginsel geen aanspraak op het pensioen van de ander.
Komt er een nieuwe wet?
Er is een wetsvoorstel geweest, de Wet pensioenverdeling bij scheiding, waarin conversie de standaard zou worden en de uitvoerder de scheiding zelf zou afleiden uit de basisregistratie. Dat voorstel is geen geldend recht. De Wvps, met de meldingstermijn van twee jaar, geldt volledig. Ga er dus niet van uit dat de verdeling vanzelf goed komt.
Geldt de regeling ook bij partnerschap of samenwonen?
De Wvps geldt bij echtscheiding, scheiding van tafel en bed en beëindiging van een geregistreerd partnerschap, niet bij beëindiging door overlijden (art. 1 Wvps). In al die gevallen gelden dezelfde termijn van twee jaar en dezelfde mogelijkheid tot conversie.
Bij ongehuwd samenwonen is er geen wettelijke verevening. U kunt in een samenlevingscontract wel eigen afspraken maken. Er kan ook partnerpensioen zijn opgebouwd als de partner bij de uitvoerder is aangemeld en de regeling samenwoners erkent; dat werkt alleen bij overlijden, niet bij een breuk. Lees meer over uit elkaar gaan met een samenlevingscontract.
Wat regelt u praktisch bij de scheiding?
- Vraag beide pensioenoverzichten op, ook uit oude dienstverbanden, en controleer per regeling de vorm van het partnerpensioen.
- Stel vast welke periode meetelt: van de huwelijksdatum tot de inschrijving van de beschikking.
- Kies tussen verevening, conversie of verrekening met ander vermogen, en leg dat met alle uitvoerders erbij vast in het convenant.
- Meld de scheiding binnen twee jaar bij elke uitvoerder en bewaar de bevestigingen.
Pensioen, woning en alimentatie hangen samen. Wie het pensioen laat lopen en de overwaarde meeneemt, maakt een andere rekensom dan wie kiest voor conversie. Hoe die onderdelen op elkaar ingrijpen, leest u in ons artikel over de verdeling van pensioen bij echtscheiding en over de gemeenschap van goederen.
Wat kunnen wij doen bij pensioen en scheiding?
- De pensioenaanspraken van u beiden in kaart brengen en per regeling het deel over de huwelijksjaren vaststellen.
- In het convenant uitdrukkelijk vastleggen of u verevent, converteert of afwijkt (art. 2, 4 en 5 Wvps).
- Nagaan wat er overblijft van het bijzonder partnerpensioen (art. 57 Pensioenwet) en wat de Wet toekomst pensioenen daarvoor betekent.
- De termijn van twee jaar bewaken en het mededelingsformulier bij elke uitvoerder laten aankomen.
- Uw deel bij uw ex-partner vorderen als de melding te laat is gedaan (art. 2 lid 6 Wvps).
Pensioen bij scheiding in vijf punten
- U heeft in beginsel recht op de helft van het ouderdomspensioen dat uw ex-partner tijdens het huwelijk opbouwde; de AOW valt erbuiten.
- Meld de scheiding binnen twee jaar met het mededelingsformulier; anders int u uw deel zelf.
- Conversie geeft een eigen pensioen, maar vraagt een afspraak en een verklaring van de uitvoerder en is onomkeerbaar.
- Het bijzonder partnerpensioen volgt eigen regels en kan bij risicodekking wegvallen.
- Afwijken kan alleen met een uitdrukkelijke schriftelijke afspraak over pensioen.
Veelgestelde vragen
Mijn ex-partner gaat in het buitenland wonen. Verandert dat iets?
Voor het recht zelf niet: de aanspraak blijft bestaan. De uitvoering kan wel lastiger worden, bijvoorbeeld bij het aanleveren van gegevens en zeker als u zelf moet innen. Meld de scheiding dan juist tijdig.
Mijn ex-partner gaat eerder met pensioen. Wat betekent dat voor mij?
Bij verevening gaat uw deel dan ook eerder in, met de korting die bij vervroeging hoort. Werkt uw ex-partner door na de gewone pensioendatum, dan wacht u mee. Die afhankelijkheid is de belangrijkste reden om naar conversie te kijken.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina scheidingsadvocaat.