Onrechtmatig verkregen bewijs: wanneer mag de rechter het gebruiken in straf- en civiele zaken?

Verzegelde bewijszak apart gelegd naast twee andere op een metalen tafel

Gepubliceerd op 19 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 14 oktober 2026

Of de rechter onrechtmatig verkregen bewijs mag gebruiken, hangt af van het soort procedure. In een strafzaak kan de rechter het bewijs uitsluiten op grond van artikel 359a Sv, maar alleen bij een ernstig verzuim; in een civiele zaak weegt de waarheidsvinding in beginsel zwaarder en wordt het bewijs meestal toegelaten, tenzij bijkomende omstandigheden uitsluiting rechtvaardigen.

Dat verschil bepaalt hoe u een dossier opbouwt en welke verweren zin hebben. Hieronder leest u welke bewijsregels in strafzaken en civiele zaken gelden, wanneer bewijs wordt uitgesloten en wat er sinds 1 januari 2025 is veranderd in het civiele bewijsrecht.

Een rechtszaal met een rechter, een advocaat die bewijsstukken toont, en een getuige die staat bij de getuigenbank.

Wanneer is bewijs onrechtmatig verkregen?

Bewijs is onrechtmatig verkregen als het is verzameld in strijd met een wettelijke regel of een grondrecht, zoals het recht op privacy (artikel 8 EVRM). Of het daarna toch mag worden gebruikt, is een aparte vraag.

Voorbeelden zijn een doorzoeking zonder wettelijke grondslag, een telefoontap zonder machtiging van de rechter-commissaris, het heimelijk volgen van iemand zonder goede reden, het binnendringen in een mailbox of materiaal dat door diefstal is verkregen. In een strafzaak gaat het meestal om fouten van politie of Openbaar Ministerie; in een civiele zaak om bewijs dat een procespartij of een door haar ingeschakeld recherchebureau heeft verzameld.

Wanneer sluit de strafrechter bewijs uit?

De strafrechter sluit bewijs alleen uit als een vormverzuim in het vooronderzoek zo ernstig is dat een lichtere reactie niet volstaat. Uitsluiting is dus geen automatisch gevolg van iedere fout.

Artikel 359a Sv geeft de rechter bij een onherstelbaar vormverzuim in het voorbereidend onderzoek drie mogelijkheden: strafvermindering, bewijsuitsluiting en, in zeer uitzonderlijke gevallen, niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. Hij kan ook volstaan met de vaststelling dat er een verzuim is. Daarbij weegt hij het belang van het geschonden voorschrift, de ernst van het verzuim en het nadeel voor de verdachte (artikel 359a lid 2 Sv).

De Hoge Raad heeft dit kader samengevat in het overzichtsarrest van 1 december 2020 (ECLI:NL:HR:2020:1889). Wordt het recht op een eerlijk proces (artikel 6 EVRM) niet rechtstreeks geraakt, dan komt bewijsuitsluiting pas in beeld als het verzuim zo ernstig is dat strafvermindering niet volstaat. De verdediging moet bovendien concreet aangeven welk verzuim zich heeft voorgedaan en welk rechtsgevolg daaraan moet worden verbonden. Meer hierover leest u in ons artikel over vormverzuim en artikel 359a Sv en over bewijs verzamelen in strafzaken.

Welke bewijsregels gelden in een strafzaak?

De strafrechter mag een feit alleen bewezen verklaren als hij daarvan overtuigd is én het bewijs steunt op wettige bewijsmiddelen (artikel 338 Sv). Het Openbaar Ministerie moet het tenlastegelegde bewijzen; de verdachte hoeft zijn onschuld niet aan te tonen.

Artikel 339 Sv noemt vijf wettige bewijsmiddelen:

  • de eigen waarneming van de rechter;
  • verklaringen van de verdachte;
  • verklaringen van getuigen;
  • verklaringen van deskundigen;
  • schriftelijke bescheiden, zoals processen-verbaal van opsporingsambtenaren.

Daarnaast gelden minimumregels. Een bekennende verklaring van de verdachte is alleen niet genoeg (artikel 341 lid 4 Sv), en de verklaring van één getuige ook niet (artikel 342 lid 2 Sv). Er moet steunbewijs zijn uit een andere bron. Die minimumregels beschermen tegen veroordelingen op één enkele, mogelijk onbetrouwbare bron.

De verdachte heeft een zwijgrecht (artikel 29 Sv). Beroept hij zich op noodweer of een andere strafuitsluitingsgrond, dan moet hij wel feiten aanvoeren die dat verweer aannemelijk maken; zie ons artikel over noodweer. Voor de verdeling van de bewijslast in strafzaken zie ook verdacht maar onschuldig.

Een rechter en een advocaat in een rechtszaal waar bewijsstukken worden gepresenteerd en besproken.

Hoe beoordeelt de strafrechter getuigen en deskundigen?

De rechter toetst getuigenverklaringen op betrouwbaarheid en op steun in ander bewijs. De verdediging heeft het recht getuigen te (laten) ondervragen (artikel 6 lid 3 sub d EVRM).

Bij de beoordeling kijkt de rechter onder meer naar de consistentie van de verklaring, de omstandigheden van de waarneming, de tijd tussen het voorval en de verklaring en de vraag of details aansluiten bij ander bewijs. Getuigen die bij de rechter-commissaris of op de zitting worden gehoord, leggen in de regel de eed of belofte af. Verklaringen bij de politie zijn als schriftelijk bescheid bruikbaar, maar een veroordeling mag niet in beslissende mate steunen op een verklaring van een getuige die de verdediging niet heeft kunnen ondervragen, tenzij voldoende compensatie is geboden.

Deskundigenrapporten zijn vaak bepalend bij technische vragen, zoals DNA, digitale sporen of de oorzaak van letsel. De rechter moet nagaan of de deskundige deskundig is op het betreffende terrein en welke methode hij heeft gebruikt. Hoe een gebrekkig rapport kan uitwerken, leest u in ons artikel over deskundigenverklaringen; over digitale sporen schreven wij in de rol van DNA en digitale sporen in strafzaken.

Mag onrechtmatig bewijs in een civiele zaak worden gebruikt?

In beginsel wel. Artikel 152 Rv laat bewijs door alle middelen toe, en de Hoge Raad oordeelt dat het belang van de waarheidsvinding in de regel zwaarder weegt dan het belang bij uitsluiting.

Uitsluiting is alleen mogelijk bij bijkomende omstandigheden. In het arrest van 18 april 2014 (ECLI:NL:HR:2014:942) liet de Hoge Raad het oordeel in stand dat de resultaten van een persoonlijk onderzoek door een verzekeraar buiten beschouwing bleven. De verzekeraar had de Gedragscode Persoonlijk Onderzoek geschonden, had minder ingrijpende onderzoeksmethoden niet benut en de verzekerde had de onderzoeksmethode niet uitgelokt.

Ook als het bewijs wordt toegelaten, blijft de verkrijging een mogelijke onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW). De partij die het bewijs heimelijk verzamelde, kan dus aansprakelijk zijn voor de schade die zij daarmee veroorzaakt. Over heimelijke opnames en berichten op sociale media leest u meer in onze artikelen over heimelijke opnames als bewijs en social media als bewijs in een rechtszaak.

Welke bewijsregels gelden in een civiele zaak?

Wie zich beroept op een rechtsgevolg, moet de feiten daarvan stellen en zo nodig bewijzen (artikel 150 Rv). Feiten die de wederpartij niet of onvoldoende betwist, neemt de rechter als vaststaand aan (artikel 149 Rv).

De rechter waardeert het bewijs vrij, tenzij de wet anders bepaalt (artikel 152 lid 2 Rv). Een uitzondering is de authentieke of onderhandse akte, die tussen partijen dwingend bewijs oplevert van wat erin is verklaard (artikel 157 Rv), behoudens tegenbewijs. Partijen moeten de voor de beslissing van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aanvoeren (artikel 21 Rv); schendt een partij die plicht, dan kan de rechter daaruit de gevolgtrekking maken die hij geraden acht.

Een rechtszaal met een rechter en advocaten die bewijs presenteren tijdens een rechtszaak.

Wat is er sinds 1 januari 2025 veranderd in het civiele bewijsrecht?

Sinds 1 januari 2025 geldt de Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht (Stb. 2024, 62). De wet maakt het makkelijker om vóór en tijdens een procedure bewijs te verzamelen.

  • Voorlopige bewijsverrichtingen, zoals een voorlopig getuigenverhoor en een voorlopig deskundigenbericht, kunnen in één verzoek worden gecombineerd. Zie ook ons artikel over het voorlopig getuigenverhoor.
  • Het oude artikel 843a Rv is vervangen door artikel 194 en volgende Rv: u kunt inzage of afschrift vragen van “bepaalde gegevens”, waaronder digitale bestanden, ook bij derden.
  • Het conservatoir bewijsbeslag, dat al in de rechtspraak werd aanvaard, is nu in de wet geregeld.
  • Een deurwaarder kan een proces-verbaal van constatering opmaken, dat dwingend bewijs oplevert van zijn waarnemingen.
  • De beperkte bewijskracht van de verklaring van een partij als getuige is vervallen; de rechter waardeert die verklaring nu vrij.

Ook is het verschoningsrecht van getuigen uitgebreid tot de levensgezel van een partij. Een uitgebreidere toelichting staat in ons artikel over de nieuwe regels voor bewijslevering (art. 194 en 195 Rv).

Hoe zit het in het bestuursrecht en in arbeidszaken?

In het bestuursrecht mag onrechtmatig verkregen materiaal worden gebruikt, tenzij het is verkregen op een manier die zozeer indruist tegen wat van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht, dat gebruik onder alle omstandigheden ontoelaatbaar is. Dat zogenoemde indruiscriterium is een hoge drempel.

Arbeidszaken volgen de civiele lijn. Camerabeelden of een onderzoek van zakelijke e-mail worden in de regel toegelaten. Heeft de werkgever daarbij de AVG of het instemmingsrecht van de ondernemingsraad bij personeelsvolgsystemen (artikel 27 lid 1 sub l WOR) geschonden, dan kan dat doorwerken in de beoordeling van de zaak of in een schadeclaim van de werknemer.

Waar let u op als verdachte in een strafzaak?

  • Laat het dossier controleren op de wettelijke grondslag van iedere doorzoeking, tap of vordering van gegevens.
  • Voer een vormverzuimverweer concreet: welk voorschrift, welk nadeel en welk rechtsgevolg.
  • Vraag tijdig om het horen van getuigen bij de rechter-commissaris of op de zitting.
  • Overleg met uw advocaat voordat u een verklaring aflegt; u hebt een zwijgrecht.

Waar let u op als partij in een civiele zaak?

  • Stel bewijs veilig zodra een geschil dreigt, eventueel via bewijsbeslag of een proces-verbaal van constatering.
  • Leg berichten en e-mails volledig over, niet alleen een losse schermafdruk.
  • Weeg af of het heimelijk verzamelen van bewijs een schadeclaim of uitsluiting kan opleveren.
  • Gebruik artikel 194 Rv om gegevens bij de wederpartij of een derde op te vragen.

Wat kunnen wij voor u doen bij bewijsvragen?

  • Het strafdossier beoordelen op vormverzuimen en een verweer op grond van artikel 359a Sv voeren, als strafrecht advocaat.
  • Getuigen laten horen bij de rechter-commissaris of op de zitting.
  • In een civiele zaak een verzoek tot voorlopige bewijsverrichtingen of inzage op grond van artikel 194 Rv opstellen.
  • Beoordelen of door de wederpartij verzameld bewijs moet worden uitgesloten.
  • Uw processtrategie afstemmen op de beschikbare bewijsmiddelen.

Samengevat

  • In strafzaken kan de rechter onrechtmatig bewijs uitsluiten (artikel 359a Sv), maar alleen bij een ernstig verzuim (HR 1 december 2020).
  • Een bekentenis of één getuige is alleen niet genoeg voor een veroordeling (artikelen 341 lid 4 en 342 lid 2 Sv).
  • In civiele zaken wordt onrechtmatig bewijs meestal toegelaten; uitsluiting vraagt bijkomende omstandigheden (HR 18 april 2014).
  • Sinds 1 januari 2025 zijn inzage, bewijsbeslag en voorlopige bewijsverrichtingen in de wet geregeld en uitgebreid.

Veelgestelde vragen

Mag ik een heimelijke opname gebruiken in een civiele zaak?

Meestal wel. Een opname van een gesprek waaraan u zelf deelnam, wordt in de regel toegelaten. Het kan anders zijn als bijkomende omstandigheden de inbreuk op de privacy ernstig maken.

Leidt elk vormverzuim tot vrijspraak?

Nee. Vaak volgt alleen de vaststelling van het verzuim of strafvermindering. Bewijsuitsluiting volgt alleen bij een ernstig verzuim; vrijspraak pas als er zonder dat bewijs onvoldoende overblijft.

Zijn WhatsApp-berichten bruikbaar als bewijs?

Ja. Ze gelden als bewijs dat de rechter vrij waardeert. De discussie gaat meestal over echtheid en volledigheid; leg daarom het volledige gesprek over met datum en afzender.

Moet een verdachte zijn onschuld bewijzen?

Nee. Het Openbaar Ministerie moet het tenlastegelegde bewijzen en de rechter moet overtuigd zijn op basis van wettige bewijsmiddelen (artikel 338 Sv).

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.