Gepubliceerd op 11 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 31 oktober 2026
Nederland handhaaft internationale sancties van de VN en de EU vooral via het strafrecht: een sanctieregeling op grond van de Sanctiewet 1977 maakt overtreding strafbaar, en de Wet op de economische delicten (WED) bepaalt de straf, bij opzet tot zes jaar gevangenisstraf. Alleen voor financiële instellingen, trustkantoren en cryptodienstverleners geldt daarnaast bestuursrechtelijk toezicht door DNB en de AFM.
Dat de rechter die straffen ook oplegt, laten recente uitspraken over de Rusland-sancties zien: gevangenisstraffen van 18 en 32 maanden voor bestuurders die goederen via uitwijklanden naar Russische afnemers lieten gaan. Het wetsvoorstel Wet internationale sanctiemaatregelen (Kamerstukken 36898) moet de Sanctiewet 1977 vervangen; het is nog niet in werking.
Inhoudsopgave
Op welke regels rust de handhaving?
De sancties zelf staan in resoluties van de VN-Veiligheidsraad en in EU-besluiten en EU-verordeningen; de strafbaarstelling is nationaal. EU-sanctieverordeningen, zoals Verordening (EU) nr. 833/2014 voor Rusland, gelden rechtstreeks voor iedereen in Nederland. Nederland bepaalt zelf welke straf op overtreding staat.
De VN-Veiligheidsraad legt sancties op grond van Hoofdstuk VII van het VN-Handvest op; die zijn bindend voor alle lidstaten. Binnen de EU worden VN-sancties en eigen EU-sancties vastgelegd in een besluit van de Raad en, voor economische maatregelen, in een verordening op grond van artikel 215 VWEU. De minister van Buitenlandse Zaken stelt vervolgens per regime een sanctieregeling vast op grond van de Sanctiewet 1977, waarin overtreding van de verordening verboden wordt.
Internationale sancties zijn geen straf, maar beperkende maatregelen: bevriezing van tegoeden, handelsverboden, wapenembargo’s en inreisverboden. Het verschil met andere soorten sancties leest u in ons artikel over het verschil tussen een boete, een dwangsom en een strafrechtelijke sanctie.
Welke straffen staan op overtreding van een sanctieregeling?
Overtreding van een sanctieregeling is een economisch delict (artikel 1 WED). Opzettelijke overtreding is een misdrijf; niet-opzettelijke overtreding is een overtreding met een lagere maximumstraf (artikelen 2 en 6 WED). De geldboetes volgen de categorieën van artikel 23 van het Wetboek van Strafrecht.
| Sanctie bij opzettelijke overtreding | Maximum (per 1 januari 2026) | Grondslag |
|---|---|---|
| Gevangenisstraf | 6 jaar | Artikel 6 lid 1 WED |
| Geldboete natuurlijk persoon | Vijfde categorie: € 110.000 | Artikel 6 WED, artikel 23 lid 4 Sr |
| Geldboete rechtspersoon | Zesde categorie: € 1.100.000, of tot 10 procent van de jaaromzet van het voorafgaande boekjaar als dat niet passend is | Artikel 23 lid 7 Sr |
| Bijkomend | Onder meer verbeurdverklaring en gehele of gedeeltelijke stillegging van de onderneming | Artikel 7 WED |
Wederrechtelijk verkregen voordeel kan daarnaast worden afgepakt met een ontnemingsmaatregel (artikel 36e Sr). Ook bestuurders en feitelijk leidinggevenden kunnen worden vervolgd als zij opdracht gaven tot de overtreding of er feitelijk leiding aan gaven (artikel 51 lid 2 Sr).
Richtlijn (EU) 2024/1226 harmoniseert de strafbare feiten en straffen voor schending van EU-sancties in alle lidstaten. Omdat schending in Nederland al strafbaar was via de WED, raakt die richtlijn vooral de details van de strafbaarstelling.
Rusland-sancties in de rechtspraak: twee voorbeelden
De rechtbank Rotterdam veroordeelde op 3 oktober 2024 een directeur-grootaandeelhouder tot 32 maanden gevangenisstraf (ECLI:NL:RBROT:2024:9673). Zijn bedrijf leverde na het ingaan van de sancties luchtvaartonderdelen aan Russische luchtvaartbedrijven. Op papier gingen de zendingen naar afnemers in onder meer Tadzjikistan, Servië, Turkije, Kirgizië en Dubai. Uit chats bleek dat hij de agenten mede aanstuurde; de rechtbank zag hem als feitelijk leidinggever. Ook witwassen werd bewezen, en geld en voorraad werden verbeurd verklaard.
Het gerechtshof Den Haag legde op 20 mei 2025 18 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf op aan de directeur en enig aandeelhouder van een bv (ECLI:NL:GHDHA:2025:945). Het bedrijf verkocht geïntegreerde schakelingen, zoals chips en microcontrollers, die vallen onder Verordening 833/2014. Op de facturen stond een doorvoerbedrijf op de Malediven als klant, terwijl de goederen naar Russische bedrijven gingen. Het hof achtte het handelen van het bedrijf opzettelijk en zag de directeur als feitelijk leidinggever. Een beroepsverbod, door het OM gevraagd, legde het hof niet op.
Beide zaken laten zien waar de verdediging zich op richt: het opzet van het bedrijf, de rol van de bestuurder en de vraag of de goederen onder een verbod vallen.
Wie spoort op en wie vervolgt?
De Douane, de FIOD en de politie sporen op; het Openbaar Ministerie vervolgt, bij grote zaken vaak via het Functioneel Parket. De economische kamer van de rechtbank beslist over de straf.
Binnen de Douane houdt het team POSS (Precursoren, Strategische goederen en Sanctiewetgeving) toezicht op goederenstromen; meer daarover leest u in ons artikel over de Douane en sancties. Opsporingsambtenaren kunnen bij economische delicten onder meer inzage vorderen, monsters nemen, plaatsen betreden en beslag leggen (artikel 18 en verder WED). Doorzoeking van een woning vraagt de betrokkenheid van de rechter-commissaris.
Bij grensoverschrijdende zaken lopen geld en goederen via meerdere landen, zoals de uitwijklanden in de zaken hierboven. Het OM werkt dan met rechtshulpverzoeken en via Eurojust en Europol; die samenwerking kost vaak maanden. Zie ook ons artikel over grensoverschrijdende strafzaken.
Hoe verloopt een sanctiestrafzaak?
Na het opsporingsonderzoek beslist de officier van justitie of hij dagvaardt, een strafbeschikking oplegt of de zaak seponeert. Tegen een strafbeschikking staat verzet open binnen twee weken (artikel 257e Sv). Een sanctiezaak duurt vaak lang en kent meestal een of meer pro-formazittingen voordat de inhoudelijke behandeling plaatsvindt.
Bij de straftoemeting kijkt de rechter onder meer naar de waarde van de goederen, de mate van opzet, de duur en het systematische karakter van de omzeiling, en eerdere veroordelingen. Meer over het verloop leest u in ons artikel over strafrechtelijke vervolging in Nederland.
Hoe verhouden bestuursrecht en strafrecht zich?
Voor financiële instellingen geldt naast het strafrecht bestuursrechtelijk toezicht; voor andere bedrijven en burgers loopt handhaving nu alleen via het strafrecht. Banken, verzekeraars, trustkantoren en aanbieders van cryptodiensten moeten op grond van de Regeling toezicht Sanctiewet 1977 hun bedrijfsvoering zo inrichten dat zij sancties naleven, onder meer door screening op sanctielijsten en het melden van bevroren tegoeden bij DNB of de AFM.
Lees meer over de werking daarvan in ons artikel over bestuursrechtelijke handhaving en over financiële criminaliteit en witwaszaken.
Wat verandert er met de Wet internationale sanctiemaatregelen?
Actualiteit (stand oktober 2026): het wetsvoorstel is op 12 februari 2026 gepubliceerd en ligt als Kamerstukken 36898 bij de Tweede Kamer. Het moet de Sanctiewet 1977 vervangen en voegt bestuursrechtelijke handhaving, waaronder de bestuurlijke boete, toe aan het strafrecht. Ook het toezicht wordt uitgebreid, vergelijkbaar met het toezicht op trustkantoren. Een datum van inwerkingtreding staat nog niet vast; tot die tijd gelden de huidige regels.
Welke rechtsbescherming heeft u?
Als verdachte heeft u alle strafvorderlijke rechten, waaronder het zwijgrecht (artikel 29 Sv) en het recht op een advocaat. Wie zelf op een EU-sanctielijst staat, kan de Raad van de EU om heroverweging vragen en de plaatsing aanvechten bij het Gerecht van de EU, binnen twee maanden na bekendmaking (artikel 263 VWEU).
- Eerlijk proces: plaatsing op een lijst berust soms op vertrouwelijke informatie, waardoor inzage beperkt is.
- Eigendom: tegoeden kunnen jarenlang bevroren blijven zonder strafzaak; voor basisbehoeften is een ontheffing mogelijk.
- Beslag: tegen beslag op goederen of tegoeden in een strafzaak kunt u een klaagschrift indienen (artikel 552a Sv).
Sanctiecompliance: wat legt u als ondernemer vast?
- Leg uw sanctiescreening van klanten, eigenaren en goederen schriftelijk vast; dat is uw belangrijkste verweer tegen het verwijt van opzet.
- Controleer bij een zakelijke klant of een gesanctioneerde partij meer dan 50 procent bezit of zeggenschap heeft.
- Wees alert op leveringen via landen rond Rusland zonder duidelijke eindgebruiker: in beide uitspraken hierboven liep de route via zulke uitwijklanden.
- Stop een twijfelachtige levering of betaling tot u het hebt uitgezocht, en overweeg bij een ontdekte overtreding na juridisch advies een melding of gesprek met de toezichthouder.
Wat wij doen bij strafrechtelijke handhaving van sancties
- Beoordelen of een transactie of levering onder een sanctieregeling valt.
- U bijstaan bij verhoren, doorzoekingen en vorderingen van Douane, FIOD of OM.
- Een klaagschrift tegen beslag of verzet tegen een strafbeschikking opstellen.
- U verdedigen in de strafzaak en een ontnemingsprocedure, als uw strafrechtadvocaat.
In het kort
- Opzettelijke overtreding: maximaal zes jaar gevangenisstraf of € 110.000; voor rechtspersonen tot € 1.100.000 of 10 procent van de jaaromzet (per 1 januari 2026).
- Bestuurders worden als feitelijk leidinggever vervolgd; rechters legden in Rusland-zaken 18 en 32 maanden gevangenisstraf op.
- Alleen financiële instellingen, trustkantoren en cryptodienstverleners staan nu ook onder bestuursrechtelijk toezicht.
- De Wet internationale sanctiemaatregelen (36898) is nog niet in werking.