Gepubliceerd op 15 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 7 oktober 2026
Staat de FIOD onaangekondigd voor de deur of krijgt u een uitnodiging voor verhoor, dan geldt: werk mee aan de doorzoeking, maar leg als verdachte geen verklaring af voordat u met een advocaat hebt gesproken. U hebt zwijgrecht en recht op een advocaat voor en tijdens het verhoor; alleen bij de rechter-commissaris moet een getuige in beginsel antwoorden.
Een FIOD-onderzoek gaat over vermoedens van belastingfraude, witwassen of andere financiële criminaliteit. Hieronder leest u hoe een onderzoek ontstaat, wat er bij een inval gebeurt, welke rechten en plichten u hebt en wat u daarna doet.
Inhoudsopgave
Wat is de FIOD en welke zaken onderzoekt zij?
De FIOD (Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst) is de opsporingsdienst van de Belastingdienst. Zij onderzoekt fiscale fraude en financieel-economische criminaliteit, altijd onder leiding van het Openbaar Ministerie.
De FIOD is een bijzondere opsporingsdienst in de zin van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten. Haar opsporingsambtenaren mogen dus strafbare feiten opsporen en daarbij dwangmiddelen toepassen, zoals doorzoeken, in beslag nemen en verhoren. De beslissing om iemand te vervolgen ligt niet bij de FIOD, maar bij de officier van justitie. Bij fiscale en grote fraudezaken is dat meestal het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie.
De FIOD richt zich onder meer op:
- fiscale fraude, zoals het opzettelijk doen van een onjuiste aangifte voor de inkomsten-, vennootschaps- of omzetbelasting, btw-carrouselfraude en loonheffingsfraude;
- douanefraude en fraude met accijnzen;
- witwassen, ook als het niet met belastingontduiking samenhangt;
- corruptie, overtreding van sanctiewetgeving en terrorismefinanciering;
- fraude met subsidies en toeslagen en faillissementsfraude.
Een eenvoudige fout in uw administratie leidt niet tot een FIOD-onderzoek. De Belastingdienst corrigeert zoiets met een (na)heffing en eventueel een bestuurlijke boete. De FIOD komt pas in beeld als er vermoedens zijn van opzet en het om aanzienlijke bedragen of een ernstige vorm van fraude gaat.
Is de FIOD onderdeel van de politie?
Nee. De FIOD hoort bij de Belastingdienst en valt onder het ministerie van Financiën. De politie is een aparte organisatie met een eigen opsporingstaak.
De FIOD is een van de vier bijzondere opsporingsdiensten. De andere drie zijn de opsporingsdiensten van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT-IOD), de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA-IOD) en de Nederlandse Arbeidsinspectie. Met alle vier werkt het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie samen. Bij de bestrijding van fiscale en financiële criminaliteit werkt de FIOD ook samen met de politie en met buitenlandse opsporingsdiensten.
Wanneer start een FIOD-onderzoek?
Een FIOD-onderzoek start als er een redelijk vermoeden is van een strafbaar feit. Bij fiscale fraude selecteren Belastingdienst, FIOD en Openbaar Ministerie samen welke zaken strafrechtelijk worden aangepakt, volgens het Protocol AAFD.
Het Protocol AAFD (aanmelding en afdoening van fiscale delicten) bepaalt welke zaken voor strafrecht in aanmerking komen. Sinds 1 juli 2023 is het uitgangspunt: een benadelingsbedrag van 100.000 euro of meer, in combinatie met een vermoeden van opzet. Bij een lager bedrag kan een zaak ook worden aangemeld als er opzet is en daarnaast een of meer wegingscriteria gelden. Denk aan recidive, een voorbeeldfunctie van de verdachte of een thematische aanpak van een bepaald soort fraude. Ook een nadeel dat niet goed te bepalen is, kan tot aanmelding leiden.
Contactambtenaren van de Belastingdienst toetsen signalen aan dat protocol. In het zogenoemde weegploegoverleg beslissen Belastingdienst, FIOD en Openbaar Ministerie samen of een zaak strafrechtelijk wordt opgepakt of bij de Belastingdienst blijft. Die keuze is belangrijk. Voor hetzelfde feit kunt u niet zowel een fiscale boete als een strafrechtelijke straf krijgen: de overheid moet kiezen.
Signalen komen vaak uit de eigen systemen van de Belastingdienst, bijvoorbeeld uit een boekenonderzoek of een groot verschil tussen opgegeven en werkelijk inkomen. Andere bronnen zijn meldingen van ongebruikelijke transacties door banken en andere Wwft-instellingen, informatie uit het buitenland, tips en klokkenluiders.
Welke opsporingsbevoegdheden heeft de FIOD?
Binnen haar taakgebied heeft de FIOD dezelfde opsporingsbevoegdheden als de politie. Veel opsporing gebeurt al voordat u iets merkt.
Voorafgaand aan een inval kan de FIOD bijvoorbeeld gegevens bij banken vorderen, verdachten stelselmatig observeren of telefoons tappen. Daarvoor is een bevel van de officier van justitie nodig; voor een telefoontap moet de rechter-commissaris daarnaast een machtiging geven (artikel 126m Sv). Een onderzoek kan daardoor maandenlang lopen zonder dat de betrokkenen het weten. De inval is vaak pas het moment waarop het onderzoek zichtbaar wordt.
Hoe verloopt een inval van de FIOD?
Een inval is meestal onaangekondigd en begint vroeg in de ochtend, vaak op meerdere adressen tegelijk. De FIOD doorzoekt het pand, neemt administratie en gegevensdragers in beslag en nodigt verdachten en getuigen uit voor verhoor.
Wie de doorzoeking mag bevelen, hangt af van de plek. Voor een woning is in beginsel een beslissing van de rechter-commissaris nodig (artikel 110 van het Wetboek van Strafvordering). Een bedrijfspand dat geen woning is, mag de officier van justitie laten doorzoeken om goederen in beslag te nemen. Meer over de grenzen van die bevoegdheid leest u in ons artikel over wanneer uw woning mag worden doorzocht.
Bij aankomst tonen de FIOD-medewerkers hun legitimatie en leggen zij uit waarvoor zij komen. Vaak zijn er ook een officier van justitie of rechter-commissaris en digitale specialisten aanwezig. Medewerkers mogen doorgaans blijven werken, maar niet in de ruimtes die worden doorzocht.
Wat doet u tijdens de inval?
Blijf rustig, werk mee aan de doorzoeking en bel direct uw advocaat. Houd u aan de volgende punten:
- Vraag naar de legitimatie van de aanwezigen en naar de beslissing waarop de doorzoeking berust, en vraag van welk feit u wordt verdacht.
- Bel uw advocaat en vraag of de FIOD wil wachten tot hij er is. Een doorzoeking hoeft daarvoor niet stil te liggen, maar vaak is er ruimte voor overleg.
- Wijs één aanspreekpunt in het bedrijf aan dat de FIOD begeleidt.
- Verwijder, wijzig of verplaats niets, ook geen digitale bestanden. Dat wordt gezien als belemmering van het onderzoek en kan zelf strafbaar zijn.
- Noteer welke ruimtes worden doorzocht, wat wordt meegenomen en met wie wordt gesproken.
- Leg nog geen inhoudelijke verklaring af, ook niet informeel bij de koffie.
Er bestaat geen gesprek met de FIOD dat niet telt. Ook een losse opmerking in de gang kan in het proces-verbaal terechtkomen en later als bewijs dienen.
Wat mag de FIOD in beslag nemen?
De FIOD mag alles in beslag nemen wat kan dienen om de waarheid aan het licht te brengen. In de praktijk gaat het om de financiële administratie, contracten, computers, servers, telefoons en e-mail.
Van digitale gegevens maakt de FIOD vaak kopieën, zodat u de apparatuur soms terugkrijgt. Van wat wordt meegenomen, maakt de FIOD een overzicht; vraag daar een afschrift van. Stukken die onder het verschoningsrecht van een advocaat, notaris of arts vallen, zoals correspondentie met uw advocaat, mogen in beginsel niet worden gebruikt. Wijs daar tijdens de doorzoeking uitdrukkelijk op. Let op: accountants en belastingadviseurs die geen advocaat of notaris zijn, hebben geen wettelijk verschoningsrecht.
Bent u het niet eens met het beslag, of duurt het te lang, dan kunt u een klaagschrift indienen bij de rechtbank volgens artikel 552a Sv. De rechter beoordeelt dan of het beslag moet worden opgeheven en de spullen worden teruggegeven.
Zorg dat uw bedrijf kan blijven werken. Houd daarom kopieën van de administratie en back-ups bij in uw gewone bedrijfsvoering, zodat u na een inval niet stilvalt. Die kopieën mag u niet gebruiken om iets voor de FIOD achter te houden.
Kan de FIOD beslag leggen op uw vermogen?
Ja. Naast beslag op bewijs kan de officier van justitie beslag laten leggen om een latere geldboete of de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel veilig te stellen. Dit heet conservatoir beslag (artikel 94a Sv).
Dat beslag kan rusten op bankrekeningen, woningen, bedrijfspanden, auto’s en andere vermogensbestanddelen. Het doel is te voorkomen dat vermogen verdwijnt voordat de rechter heeft beslist. Ook tegen dit beslag kunt u een klaagschrift indienen. Bespreek met uw advocaat of het beslag in verhouding staat tot het bedrag dat het Openbaar Ministerie uiteindelijk kan vorderen.
Welke rechten hebt u als verdachte in een FIOD-onderzoek?
Als verdachte hebt u zwijgrecht en recht op een advocaat voor en tijdens elk verhoor. U bent niet verplicht mee te werken aan uw eigen veroordeling, maar u moet een doorzoeking en inbeslagneming wel dulden.
Voor het verhoor moet de FIOD u meedelen dat u niet verplicht bent te antwoorden (de cautie van artikel 29 Sv). Maak van dat zwijgrecht gebruik totdat u met uw advocaat het dossier en de verdenking hebt besproken. In fraudezaken is het beeld dat de FIOD al heeft, bij het eerste verhoor vaak groter dan u denkt. Een verklaring die niet aansluit op de stukken, kan later zwaar tegen u wegen.
Uw advocaat mag bij het verhoor aanwezig zijn en vooraf met u overleggen. Wanneer u formeel verdachte bent, hebt u daarnaast recht op kennisneming van de processtukken (artikel 30 Sv). Die inzage kan tijdelijk worden beperkt in het belang van het onderzoek, maar niet onbeperkt.
U bent als verdachte niet verplicht te verschijnen op een uitnodiging voor verhoor bij de FIOD. Wel kan de officier van justitie u in bepaalde gevallen laten aanhouden en voorgeleiden. Een uitnodiging negeren is dus zelden verstandig. Laat uw advocaat contact opnemen, zodat een datum wordt afgesproken en u zich kunt voorbereiden.
U moet zich wel kunnen identificeren met een geldig identiteitsbewijs. En u mag liegen tegenover de FIOD niet als strategie zien. Een verdachte is niet strafbaar als hij iets onjuists verklaart, maar een aantoonbaar onjuiste verklaring schaadt uw geloofwaardigheid en kan als bewijs tegen u worden gebruikt. Zwijgen is dan beter.
Moet u de FIOD uw administratie geven?
Tegenover de FIOD hoeft u als verdachte niet actief mee te werken aan het leveren van bewijs tegen uzelf. Tegenover de Belastingdienst blijft uw fiscale informatieplicht wel bestaan.
Wat de FIOD bij een doorzoeking vindt, mag zij in beslag nemen, ook als het belastend voor u is. Dat materiaal bestaat immers los van uw wil. Informatie die u onder fiscale dwang zelf moet afgeven, mag in de strafzaak niet zomaar tegen u worden gebruikt. Waar die grens precies ligt, is technisch. Laat dat door uw advocaat beoordelen voordat u stukken aan de Belastingdienst of de FIOD overhandigt.
Welke rechten en plichten hebben getuigen?
Een getuige hoeft bij de FIOD niet te verschijnen en geen vragen te beantwoorden. Die plicht bestaat pas als de rechter-commissaris de getuige oproept; daar moet hij verschijnen en in beginsel naar waarheid verklaren.
Dat is vooral van belang voor medewerkers, de boekhouder en zakenpartners die tijdens of na een inval worden uitgenodigd. Zij mogen zich laten bijstaan door een eigen advocaat, maar hebben daar geen recht op van overheidswege. Wie onder ede bij de rechter-commissaris bewust onwaar verklaart, pleegt meineed.
Sommige getuigen hebben een verschoningsrecht. Naaste familieleden van de verdachte, zoals de echtgenoot of geregistreerd partner en bloedverwanten in de rechte lijn, hoeven niet te verklaren (artikel 217 Sv). Hetzelfde geldt voor geheimhouders zoals advocaten, notarissen en artsen over wat hun in die hoedanigheid is toevertrouwd (artikel 218 Sv). Een accountant of belastingadviseur die geen advocaat is, heeft dat recht niet.
Wat doet u direct na een FIOD-inval?
Leg met uw advocaat vast wat er is gebeurd, bepaal uw houding voor het verhoor en zorg dat het bedrijf door kan draaien. De eerste weken bepalen vaak het verdere verloop van de zaak.
- Maak een overzicht van wat is doorzocht, wat is meegenomen, welke medewerkers zijn gesproken en welke vragen zijn gesteld.
- Vergelijk de lijst van in beslag genomen stukken met uw eigen administratie en bepaal of een klaagschrift zin heeft.
- Bespreek met uw advocaat of u een verklaring aflegt, en zo ja wanneer en over welke onderwerpen.
- Schakel voor de fiscale kant, zoals naheffingen en correcties, een fiscalist in; Law & More richt zich op de strafrechtelijke kant.
Informeer uw personeel kort en zakelijk, zonder in te gaan op de verdenking. Medewerkers kunnen zelf worden gehoord; zeg hun dat zij mogen zwijgen en een eigen advocaat mogen raadplegen, maar beïnvloed hun verklaring niet. Verwijs vragen van klanten, leveranciers en media door naar één aanspreekpunt en laat een reactie aan de pers eerst door uw advocaat beoordelen. Meer over de eerste stappen leest u in ons artikel wat te doen bij een verdenking van fraude.
Hoe kan een FIOD-onderzoek aflopen?
Na het onderzoek beslist de officier van justitie: seponeren, een strafbeschikking of transactie aanbieden, of dagvaarden. Tussen de inval en die beslissing zitten in fraudezaken vaak maanden tot jaren.
Een schikking, in het strafrecht transactie genoemd, is in fiscale en financiële zaken geen uitzondering. Het Openbaar Ministerie maakt hoge transacties met ondernemingen wel openbaar. Bij een dagvaarding beoordeelt de rechtbank de zaak op een zitting, vaak voorafgegaan door een of meer regiezittingen. Uw advocaat kan in elke fase onderzoekswensen indienen, bijvoorbeeld om getuigen te laten horen of een eigen deskundige in te schakelen.
Blijft de zaak bij de Belastingdienst, dan volgt meestal een naheffing of navordering met belastingrente en een bestuurlijke fiscale boete. Voor hetzelfde feit kan niet ook nog een strafrechtelijke vervolging volgen.
Hoe lang duurt een FIOD-onderzoek?
Daarvoor geldt geen vaste termijn. Een eenvoudige zaak kan binnen enkele maanden bij de officier van justitie liggen; een groot onderzoek met veel administratie of buitenlandse rekeningen duurt vaak jaren.
U hebt wel recht op berechting binnen een redelijke termijn (artikel 6 EVRM). Duurt de zaak zonder goede reden te lang, dan kan de rechter dat compenseren met strafvermindering. Uw advocaat kan tussentijds bij het Openbaar Ministerie navragen hoe het onderzoek ervoor staat.
Welke straffen staan op belastingfraude en witwassen?
Op het opzettelijk doen van een onjuiste of onvolledige belastingaangifte staat volgens artikel 69 AWR maximaal zes jaar gevangenisstraf of een geldboete. Op witwassen staat maximaal zes jaar, en op gewoontewitwassen acht jaar.
De geldboete bij belastingfraude is de vijfde categorie (sinds 1 januari 2026 110.000 euro) of, als dat hoger is, eenmaal het bedrag van de te weinig geheven belasting. Gaat de onjuistheid over belastbaar inkomen in de inkomstenbelasting, dan kan de boete oplopen tot driemaal dat bedrag. Het opzettelijk niet of te laat doen van een aangifte wordt bestraft met maximaal vier jaar. Voor witwassen zijn artikel 420bis en 420ter Sr de basis.
Naast de straf zijn er andere gevolgen. Een veroordeling komt in uw justitiële documentatie, wat gevolgen heeft voor werk, een VOG en reizen. De rechter kan wederrechtelijk verkregen voordeel ontnemen. Een onderneming die voor fraude, omkoping of witwassen is veroordeeld, kan worden uitgesloten van overheidsaanbestedingen. De reputatieschade, verloren contracten en de kosten van het onderzoek zijn vaak minstens zo ingrijpend.
Hoe verkleint u de kans op een FIOD-onderzoek?
Een sluitende administratie, heldere interne controles en tijdig handelen bij fouten zijn de beste bescherming. Ontdekt u zelf een onjuistheid in een aangifte, laat dan direct door een fiscalist beoordelen of en hoe u die vrijwillig kunt verbeteren.
Voor ondernemingen komt daar compliance bij. Denk aan een frauderisicoanalyse, functiescheiding, goedkeuring van grote betalingen door twee personen en een meldregeling voor medewerkers. Instellingen die onder de Wwft vallen, zoals banken, accountants en makelaars, moeten daarnaast cliëntenonderzoek doen en ongebruikelijke transacties melden bij de Financial Intelligence Unit. Leg ten slotte vast wie u belt als de FIOD aanbelt. Een inval is geen moment om nog een advocaat te zoeken.
Wat kunnen wij voor u doen bij een FIOD-onderzoek?
Onze strafrechtadvocaten staan verdachten en getuigen bij in fraude- en witwasonderzoeken, van de eerste uitnodiging of inval tot de zitting. Concreet doen wij het volgende:
- Wij staan u bij een inval direct bij, ter plaatse of telefonisch, en wijzen de FIOD op stukken die onder het verschoningsrecht vallen.
- Wij bereiden het verhoor met u voor, zijn erbij aanwezig en bepalen samen met u of en wanneer u een verklaring aflegt.
- Wij vragen kennisneming van de processtukken (artikel 30 Sv) en beoordelen de verdenking aan de hand van het dossier.
- Wij dienen een klaagschrift in tegen beslag op administratie, gegevensdragers of vermogen (artikel 552a Sv).
- Wij adviseren medewerkers en andere getuigen over hun rechten bij een verhoor door de FIOD of de rechter-commissaris.
- Wij voeren overleg met de officier van justitie over de afdoening, zoals een transactie, en verdedigen u op de zitting.
Samengevat
- De FIOD is de opsporingsdienst van de Belastingdienst en werkt onder leiding van het Openbaar Ministerie.
- Bij fiscale fraude is een nadeel van 100.000 euro of meer met opzet het uitgangspunt voor strafrechtelijke aanpak (Protocol AAFD).
- Werk mee aan de doorzoeking, maar leg als verdachte geen verklaring af zonder overleg met uw advocaat.
- Getuigen hoeven bij de FIOD niet te verklaren; bij de rechter-commissaris in beginsel wel.
- Tegen beslag kunt u een klaagschrift indienen; op opzettelijk onjuist aangeven staat maximaal zes jaar gevangenisstraf.
Veelgestelde vragen
Wat moet ik als eerste doen als de FIOD contact met mij opneemt?
Neem direct contact op met een advocaat en beantwoord nog geen inhoudelijke vragen. Vraag in welke hoedanigheid u wordt benaderd: als verdachte of als getuige.
Lees alle stukken die u ontvangt zorgvuldig en bewaar correspondentie. Laat uw advocaat het contact met de FIOD overnemen en een datum voor een eventueel verhoor afspreken.
Welke rechten heb ik tijdens een FIOD-onderzoek?
Als verdachte hebt u zwijgrecht en recht op een advocaat voor en tijdens elk verhoor. U hebt ook recht op inzage in de processtukken, al kan die tijdelijk worden beperkt.
Een doorzoeking van een woning vereist in beginsel een beslissing van de rechter-commissaris. Tegen beslag kunt u een klaagschrift indienen bij de rechtbank.
Hoe bereid ik mij voor op een verhoor bij de FIOD?
Bespreek vooraf met uw advocaat de verdenking, het dossier voor zover bekend en de vraag of u een verklaring aflegt. Neem geen documenten mee die u niet met uw advocaat hebt besproken.
Maak voor uzelf een tijdlijn van de relevante feiten. Zorg dat u uitgerust bent: een verhoor in een fraudezaak kan uren duren en over meerdere dagen verdeeld zijn.
Wat zijn de mogelijke gevolgen van een FIOD-onderzoek voor mijn onderneming?
Het onderzoek kan eindigen in een sepot, een transactie, een strafbeschikking of een dagvaarding. Ook een rechtspersoon kan worden vervolgd en beboet, naast de bestuurders die feitelijk leiding gaven.
Daarnaast zijn er praktische gevolgen: inbeslagname van administratie en apparatuur, reputatieschade en mogelijk uitsluiting van overheidsaanbestedingen.
Moet ik mijn administratie aan de FIOD overhandigen?
De FIOD mag bij een doorzoeking administratie en digitale gegevens in beslag nemen; dat moet u dulden. Als verdachte hoeft u niet actief mee te werken aan het leveren van bewijs tegen uzelf.
Tegenover de Belastingdienst blijft uw fiscale informatieplicht bestaan. Laat daarom door uw advocaat beoordelen welke stukken u afgeeft en aan wie.
Welke juridische hulp heb ik nodig bij een FIOD-onderzoek?
Een strafrechtadvocaat met ervaring in fraudezaken begeleidt u bij verhoren, beslag en de verdediging. Voor de fiscale kant, zoals naheffingen en correcties, schakelt u een fiscalist in.
Bij grotere onderzoeken werken advocaat, fiscalist en soms een forensisch accountant samen. Hoe eerder die samenwerking begint, hoe beter u uw positie kunt bepalen.