Gepubliceerd op 15 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026
Staat de FIOD onaangekondigd voor de deur of krijgt u een uitnodiging voor verhoor, dan geldt: werk mee aan de doorzoeking, maar leg als verdachte geen verklaring af voordat u met een advocaat hebt gesproken. U hebt zwijgrecht en recht op een advocaat voor en tijdens het verhoor; alleen bij de rechter-commissaris moet een getuige in beginsel antwoorden.
Een FIOD-onderzoek gaat over vermoedens van belastingfraude, witwassen of andere financiële criminaliteit. Hieronder leest u hoe een onderzoek ontstaat, wat er bij een inval gebeurt, welke rechten en plichten u hebt en wat de Hoge Raad heeft beslist over gegevens die u onder fiscale dwang afgeeft.
Inhoudsopgave
Wat is de FIOD en welke zaken onderzoekt zij?
De FIOD (Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst) is de opsporingsdienst van de Belastingdienst. Zij onderzoekt fiscale fraude en financieel-economische criminaliteit, altijd onder leiding van het Openbaar Ministerie.
De FIOD is een bijzondere opsporingsdienst in de zin van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten. Haar opsporingsambtenaren mogen dus strafbare feiten opsporen en daarbij dwangmiddelen toepassen, zoals doorzoeken, in beslag nemen en verhoren. De beslissing om iemand te vervolgen ligt niet bij de FIOD, maar bij de officier van justitie. Bij fiscale en grote fraudezaken is dat meestal het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie.
De FIOD richt zich onder meer op:
- fiscale fraude, zoals het opzettelijk doen van een onjuiste aangifte voor de inkomsten-, vennootschaps- of omzetbelasting, btw-carrouselfraude en loonheffingsfraude;
- douanefraude en fraude met accijnzen;
- witwassen, ook als het niet met belastingontduiking samenhangt;
- corruptie, overtreding van sanctiewetgeving en terrorismefinanciering;
- fraude met subsidies en toeslagen en faillissementsfraude.
Een eenvoudige fout in uw administratie leidt niet tot een FIOD-onderzoek. De Belastingdienst corrigeert zoiets met een (na)heffing en eventueel een bestuurlijke boete. De FIOD komt pas in beeld als er vermoedens zijn van opzet en het om aanzienlijke bedragen of een ernstige vorm van fraude gaat.
Is de FIOD onderdeel van de politie?
Nee. De FIOD hoort bij de Belastingdienst en valt onder het ministerie van Financiën. De politie is een aparte organisatie met een eigen opsporingstaak.
De FIOD is een van de vier bijzondere opsporingsdiensten. De andere drie zijn de opsporingsdiensten van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT-IOD), de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA-IOD) en de Nederlandse Arbeidsinspectie. Met alle vier werkt het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie samen. Bij de bestrijding van fiscale en financiële criminaliteit werkt de FIOD ook samen met de politie en met buitenlandse opsporingsdiensten.
Wanneer start een FIOD-onderzoek? Het Protocol AAFD 2023
Een FIOD-onderzoek start als er een redelijk vermoeden is van een strafbaar feit. Bij fiscale fraude selecteren Belastingdienst, FIOD en Openbaar Ministerie samen welke zaken strafrechtelijk worden aangepakt, volgens het Protocol aanmelding en afdoening van fiscale delicten (Protocol AAFD).
Het Protocol AAFD 2023 geldt sinds 1 juli 2023 (Staatscourant 2023, 16878). Het uitgangspunt is een nadeel van € 100.000 of meer, in combinatie met een vermoeden van opzet. Bij een lager bedrag kan een zaak ook worden aangemeld als er opzet is en daarnaast een of meer wegingscriteria gelden.
| Criterium | Inhoud volgens het Protocol AAFD 2023 |
|---|---|
| Hoofdregel | Nadeel van € 100.000 of meer en een vermoeden van opzet |
| Wegingscriteria (selectie) | Impact op de maatschappij, voorbeeldfunctie van de verdachte, recidive, verhaal onmogelijk, combinatie van delicten |
| Wegingscriteria (vervolg) | Medewerking van een adviseur of deskundige derde, geen bestuurlijke boete mogelijk, waarheidsvinding, thematische aanpak |
Contactambtenaren van de Belastingdienst toetsen signalen aan dat protocol. In het zogenoemde weegploegoverleg beslissen Belastingdienst, FIOD en Openbaar Ministerie samen of een zaak strafrechtelijk wordt opgepakt of bij de Belastingdienst blijft. Die keuze is belangrijk. Voor hetzelfde feit kunt u niet zowel een fiscale boete als een strafrechtelijke straf krijgen: de overheid moet kiezen. Dat heet het una-via-beginsel.
Signalen komen vaak uit de eigen systemen van de Belastingdienst, bijvoorbeeld uit een boekenonderzoek of een groot verschil tussen opgegeven en werkelijk inkomen. Andere bronnen zijn meldingen van ongebruikelijke transacties door banken en andere Wwft-instellingen, informatie uit het buitenland, tips en klokkenluiders.
Welke opsporingsbevoegdheden heeft de FIOD?
Binnen haar taakgebied heeft de FIOD dezelfde opsporingsbevoegdheden als de politie. Veel opsporing gebeurt al voordat u iets merkt.
Voorafgaand aan een inval kan de FIOD bijvoorbeeld gegevens bij banken vorderen, verdachten stelselmatig observeren of telefoons tappen. Daarvoor is een bevel van de officier van justitie nodig; voor een telefoontap moet de rechter-commissaris daarnaast een machtiging geven (artikel 126m Sv). Een onderzoek kan daardoor maandenlang lopen zonder dat de betrokkenen het weten. De inval is vaak pas het moment waarop het onderzoek zichtbaar wordt.
Hoe verloopt een inval van de FIOD?
Een inval is meestal onaangekondigd en begint vroeg in de ochtend, vaak op meerdere adressen tegelijk. De FIOD doorzoekt het pand, neemt administratie en gegevensdragers in beslag en nodigt verdachten en getuigen uit voor verhoor.
Wie de doorzoeking mag bevelen, hangt af van de plek. Voor een woning is in beginsel een beslissing van de rechter-commissaris nodig (artikel 110 van het Wetboek van Strafvordering). Een bedrijfspand dat geen woning is, mag de officier van justitie laten doorzoeken om goederen in beslag te nemen. Meer over de grenzen van die bevoegdheid leest u in ons artikel over wanneer uw woning mag worden doorzocht.
Bij aankomst tonen de FIOD-medewerkers hun legitimatie en leggen zij uit waarvoor zij komen. Vaak zijn er ook een officier van justitie of rechter-commissaris en digitale specialisten aanwezig. Medewerkers mogen doorgaans blijven werken, maar niet in de ruimtes die worden doorzocht.
Zes regels voor de ochtend van de inval
- Vraag naar de legitimatie van de aanwezigen en naar de beslissing waarop de doorzoeking berust, en vraag van welk feit u wordt verdacht.
- Bel uw advocaat en vraag of de FIOD wil wachten tot hij er is. Een doorzoeking hoeft daarvoor niet stil te liggen, maar vaak is er ruimte voor overleg.
- Wijs één aanspreekpunt in het bedrijf aan dat de FIOD begeleidt.
- Verwijder, wijzig of verplaats niets, ook geen digitale bestanden. Dat wordt gezien als belemmering van het onderzoek en kan zelf strafbaar zijn.
- Noteer welke ruimtes worden doorzocht, wat wordt meegenomen en met wie wordt gesproken.
- Leg nog geen inhoudelijke verklaring af, ook niet informeel bij de koffie.
Er bestaat geen gesprek met de FIOD dat niet telt. Ook een losse opmerking in de gang kan in het proces-verbaal terechtkomen en later als bewijs dienen.
Wat mag de FIOD in beslag nemen?
De FIOD mag alles in beslag nemen wat kan dienen om de waarheid aan het licht te brengen (artikel 94 Sv). In de praktijk gaat het om de financiële administratie, contracten, computers, servers, telefoons en e-mail.
Van digitale gegevens maakt de FIOD vaak kopieën, zodat u de apparatuur soms terugkrijgt. Van wat wordt meegenomen, maakt de FIOD een overzicht; vraag daar een afschrift van. Stukken die onder het verschoningsrecht van een advocaat, notaris of arts vallen, zoals correspondentie met uw advocaat, mogen in beginsel niet worden gebruikt. Wijs daar tijdens de doorzoeking uitdrukkelijk op. Let op: accountants en belastingadviseurs die geen advocaat of notaris zijn, hebben geen wettelijk verschoningsrecht.
Bent u het niet eens met het beslag, of duurt het te lang, dan kunt u een klaagschrift indienen bij de rechtbank volgens artikel 552a Sv. De rechter beoordeelt dan of het beslag moet worden opgeheven en de spullen worden teruggegeven.
Zorg dat uw bedrijf kan blijven werken. Houd daarom kopieën van de administratie en back-ups bij in uw gewone bedrijfsvoering, zodat u na een inval niet stilvalt. Die kopieën mag u niet gebruiken om iets voor de FIOD achter te houden.
Kan de FIOD beslag leggen op uw vermogen?
Ja. Naast beslag op bewijs kan de officier van justitie beslag laten leggen om een latere geldboete of de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel veilig te stellen. Dit heet conservatoir beslag (artikel 94a Sv).
Dat beslag kan rusten op bankrekeningen, woningen, bedrijfspanden, auto’s en andere vermogensbestanddelen. Het doel is te voorkomen dat vermogen verdwijnt voordat de rechter heeft beslist. Ook tegen dit beslag kunt u een klaagschrift indienen. Bespreek met uw advocaat of het beslag in verhouding staat tot het bedrag dat het Openbaar Ministerie uiteindelijk kan vorderen.
Welke rechten hebt u als verdachte in een FIOD-onderzoek?
Als verdachte hebt u zwijgrecht en recht op een advocaat voor en tijdens elk verhoor. U bent niet verplicht mee te werken aan uw eigen veroordeling, maar u moet een doorzoeking en inbeslagneming wel dulden.
Voor het verhoor moet de FIOD u meedelen dat u niet verplicht bent te antwoorden (de cautie van artikel 29 Sv). Maak van dat zwijgrecht gebruik totdat u met uw advocaat het dossier en de verdenking hebt besproken. In fraudezaken is het beeld dat de FIOD al heeft, bij het eerste verhoor vaak groter dan u denkt. Een verklaring die niet aansluit op de stukken, kan later zwaar tegen u wegen.
Uw advocaat mag bij het verhoor aanwezig zijn en vooraf met u overleggen. Wanneer u formeel verdachte bent, hebt u daarnaast recht op kennisneming van de processtukken (artikel 30 Sv). Die inzage kan tijdelijk worden beperkt in het belang van het onderzoek, maar niet onbeperkt.
U bent als verdachte niet verplicht te verschijnen op een uitnodiging voor verhoor bij de FIOD. Wel kan de officier van justitie u in bepaalde gevallen laten aanhouden en voorgeleiden. Een uitnodiging negeren is dus zelden verstandig. Laat uw advocaat contact opnemen, zodat een datum wordt afgesproken en u zich kunt voorbereiden.
U moet zich wel kunnen identificeren met een geldig identiteitsbewijs. Een verdachte is niet strafbaar als hij iets onjuists verklaart, maar een aantoonbaar onjuiste verklaring schaadt uw geloofwaardigheid en kan als bewijs tegen u worden gebruikt. Zwijgen is dan beter.
Fiscale informatieplicht en zwijgrecht: wat de Hoge Raad in 2013 besliste
Tegenover de FIOD hoeft u als verdachte niet actief mee te werken aan het leveren van bewijs tegen uzelf. Tegenover de Belastingdienst blijft uw fiscale informatieplicht (artikel 47 AWR) wel bestaan. Hoe die twee zich verhouden, besliste de Hoge Raad op 12 juli 2013 (ECLI:NL:HR:2013:BZ3640).
- Materiaal dat bestaat onafhankelijk van uw wil, zoals bankafschriften en bestaande administratie, mag de Belastingdienst afdwingen, ook met een dwangsom. Dat schendt artikel 6 EVRM niet.
- Materiaal dat alleen bestaat doordat u het onder dwang verstrekt (wilsafhankelijk materiaal, zoals een verklaring), mag ook worden gevorderd. Het mag dan uitsluitend voor de belastingheffing worden gebruikt, niet voor een fiscale boete of strafvervolging.
Wat de FIOD bij een doorzoeking vindt, mag zij in beslag nemen, ook als het belastend voor u is. Of een concreet stuk wilsafhankelijk of wilsonafhankelijk is, is technisch. Laat dat door uw advocaat beoordelen voordat u stukken aan de Belastingdienst of de FIOD overhandigt.
Welke rechten en plichten hebben getuigen?
Een getuige hoeft bij de FIOD niet te verschijnen en geen vragen te beantwoorden. Die plicht bestaat pas als de rechter-commissaris de getuige oproept; daar moet hij verschijnen en in beginsel naar waarheid verklaren.
Dat is vooral van belang voor medewerkers, de boekhouder en zakenpartners die tijdens of na een inval worden uitgenodigd. Zij mogen zich laten bijstaan door een eigen advocaat, maar hebben daar geen recht op van overheidswege. Wie onder ede bij de rechter-commissaris bewust onwaar verklaart, pleegt meineed (artikel 207 Sr).
Sommige getuigen hebben een verschoningsrecht. Naaste familieleden van de verdachte, zoals de echtgenoot of geregistreerd partner en bloedverwanten in de rechte lijn, hoeven niet te verklaren (artikel 217 Sv). Hetzelfde geldt voor geheimhouders zoals advocaten, notarissen en artsen over wat hun in die hoedanigheid is toevertrouwd (artikel 218 Sv). Een accountant of belastingadviseur die geen advocaat is, heeft dat recht niet.
De eerste weken na een FIOD-inval
Leg met uw advocaat vast wat er is gebeurd, bepaal uw houding voor het verhoor en zorg dat het bedrijf door kan draaien. De eerste weken bepalen vaak het verdere verloop van de zaak.
- Maak een overzicht van wat is doorzocht, wat is meegenomen, welke medewerkers zijn gesproken en welke vragen zijn gesteld.
- Vergelijk de lijst van in beslag genomen stukken met uw eigen administratie en bepaal of een klaagschrift (artikel 552a Sv) zin heeft.
- Bespreek met uw advocaat of u een verklaring aflegt, en zo ja wanneer en over welke onderwerpen.
- Schakel voor de fiscale kant, zoals naheffingen en correcties, een fiscalist in; Law & More richt zich op de strafrechtelijke kant.
Informeer uw personeel kort en zakelijk, zonder in te gaan op de verdenking. Medewerkers kunnen zelf worden gehoord; zeg hun dat zij mogen zwijgen en een eigen advocaat mogen raadplegen, maar beïnvloed hun verklaring niet. Verwijs vragen van klanten, leveranciers en media door naar één aanspreekpunt en laat een reactie aan de pers eerst door uw advocaat beoordelen. Meer over de eerste stappen leest u in ons artikel wat te doen bij een verdenking van fraude.
Hoe kan een FIOD-onderzoek aflopen?
Na het onderzoek beslist de officier van justitie: seponeren, een strafbeschikking of transactie aanbieden, of dagvaarden. Tussen de inval en die beslissing zitten in fraudezaken vaak maanden tot jaren.
Een schikking, in het strafrecht transactie genoemd, is in fiscale en financiële zaken geen uitzondering. Het Openbaar Ministerie maakt hoge transacties met ondernemingen wel openbaar. Bij een dagvaarding beoordeelt de rechtbank de zaak op een zitting, vaak voorafgegaan door een of meer regiezittingen. Uw advocaat kan in elke fase onderzoekswensen indienen, bijvoorbeeld om getuigen te laten horen of een eigen deskundige in te schakelen.
Blijft de zaak bij de Belastingdienst, dan volgt meestal een naheffing of navordering met belastingrente en een bestuurlijke fiscale boete. Voor hetzelfde feit kan niet ook nog een strafrechtelijke vervolging volgen.
Hoe lang duurt een FIOD-onderzoek, en wat als het te lang duurt?
Daarvoor geldt geen vaste termijn. Een eenvoudige zaak kan binnen enkele maanden bij de officier van justitie liggen; een groot onderzoek met veel administratie of buitenlandse rekeningen duurt vaak jaren.
U hebt wel recht op berechting binnen een redelijke termijn (artikel 6 EVRM). De Hoge Raad heeft de regels daarvoor op 17 juni 2008 vastgelegd (ECLI:NL:HR:2008:BD2578). De termijn begint bij een handeling waaruit u redelijkerwijs mag afleiden dat u vervolgd wordt, zoals een inverzekeringstelling of de betekening van een dagvaarding. Een inval of eerste verhoor start de termijn niet automatisch. In eerste aanleg moet de zaak in beginsel binnen twee jaar met een eindvonnis zijn afgerond.
Wordt die termijn overschreden, dan leidt dat niet tot niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. De rechter compenseert met strafvermindering, bijvoorbeeld 5 procent bij een overschrijding tot zes maanden, of volstaat met de vaststelling dat de termijn is overschreden. Ingewikkelde fraudezaken rechtvaardigen soms een langere duur. Uw advocaat kan tussentijds bij het Openbaar Ministerie navragen hoe het onderzoek ervoor staat.
Welke straffen staan op belastingfraude en witwassen?
| Feit | Wetsartikel | Maximale gevangenisstraf |
|---|---|---|
| Opzettelijk niet of niet tijdig doen van aangifte | Artikel 69 lid 1 AWR | 4 jaar |
| Opzettelijk onjuiste of onvolledige aangifte | Artikel 69 lid 2 AWR | 6 jaar |
| Witwassen | Artikel 420bis Sr | 6 jaar |
| Gewoontewitwassen | Artikel 420ter Sr | 8 jaar |
Naast of in plaats van gevangenisstraf kan de rechter bij belastingfraude een geldboete van de vijfde categorie opleggen, of een hoger bedrag dat is gekoppeld aan de te weinig geheven belasting. De bedragen van de boetecategorieën staan in artikel 23 Sr en worden periodiek aangepast.
Naast de straf zijn er andere gevolgen. Een veroordeling komt in uw justitiële documentatie, wat gevolgen heeft voor werk, een VOG en reizen. De rechter kan wederrechtelijk verkregen voordeel ontnemen (artikel 36e Sr). Een onderneming die voor fraude, omkoping of witwassen is veroordeeld, kan worden uitgesloten van overheidsaanbestedingen. De reputatieschade, verloren contracten en de kosten van het onderzoek zijn vaak minstens zo ingrijpend.
Hoe verkleint u de kans op een FIOD-onderzoek?
Een sluitende administratie, heldere interne controles en tijdig handelen bij fouten zijn de beste bescherming. Ontdekt u zelf een onjuistheid in een aangifte, laat dan direct door een fiscalist beoordelen of en hoe u die vrijwillig kunt verbeteren.
Voor ondernemingen komt daar compliance bij. Denk aan een frauderisicoanalyse, functiescheiding, goedkeuring van grote betalingen door twee personen en een meldregeling voor medewerkers. Instellingen die onder de Wwft vallen, zoals banken, accountants en makelaars, moeten daarnaast cliëntenonderzoek doen en ongebruikelijke transacties melden bij de Financial Intelligence Unit. Leg ten slotte vast wie u belt als de FIOD aanbelt.
Onze rol bij een FIOD-onderzoek
Onze strafrechtadvocaten staan verdachten en getuigen bij in fraude- en witwasonderzoeken, van de eerste uitnodiging of inval tot de zitting.
- Wij staan u bij een inval bij en wijzen de FIOD op stukken die onder het verschoningsrecht vallen.
- Wij bereiden het verhoor met u voor, zijn erbij aanwezig en bepalen samen met u of en wanneer u een verklaring aflegt.
- Wij vragen kennisneming van de processtukken (artikel 30 Sv) en beoordelen de verdenking aan de hand van het dossier.
- Wij dienen een klaagschrift in tegen beslag op administratie, gegevensdragers of vermogen (artikel 552a Sv).
- Wij voeren overleg met de officier van justitie over de afdoening en verdedigen u op de zitting.
FIOD-onderzoek in vijf punten
- Sinds 1 juli 2023 is een nadeel van € 100.000 of meer met een vermoeden van opzet het uitgangspunt voor strafrechtelijke aanpak (Protocol AAFD 2023).
- Werk mee aan de doorzoeking, maar leg als verdachte geen verklaring af zonder overleg met uw advocaat.
- Wilsafhankelijk materiaal dat u onder fiscale dwang verstrekt, mag niet voor boete of strafvervolging worden gebruikt (HR 12 juli 2013).
- Getuigen hoeven bij de FIOD niet te verklaren; bij de rechter-commissaris in beginsel wel.
- Een te lange procedure leidt tot strafvermindering, niet tot het einde van de zaak (HR 17 juni 2008).
Veelgestelde vragen
Hoe bereid ik mij voor op een verhoor bij de FIOD?
Bespreek vooraf met uw advocaat de verdenking, het dossier voor zover bekend en de vraag of u een verklaring aflegt. Neem geen documenten mee die u niet met uw advocaat hebt besproken.
Maak voor uzelf een tijdlijn van de relevante feiten. Zorg dat u uitgerust bent: een verhoor in een fraudezaak kan uren duren en over meerdere dagen verdeeld zijn.
Kan ook mijn onderneming zelf worden vervolgd?
Ook een rechtspersoon kan worden vervolgd en beboet, naast de bestuurders die feitelijk leiding gaven aan het strafbare feit (artikel 51 Sr).
Daarnaast zijn er praktische gevolgen: inbeslagname van administratie en apparatuur, reputatieschade en mogelijk uitsluiting van overheidsaanbestedingen.