Gepubliceerd op 27 december 2025 · Laatst bijgewerkt op 30 oktober 2026
Bent u verdachte in een FIOD-onderzoek, dan heeft u zwijgrecht (artikel 29 Wetboek van Strafvordering) en recht op een advocaat vóór en tijdens het verhoor. Bent u getuige, dan hoeft u tegenover de FIOD niets te verklaren; een plicht om te antwoorden ontstaat pas als de rechter-commissaris u hoort, en ook dan kunt u soms een verschoningsrecht inroepen.
De Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) is de opsporingsdienst van het ministerie van Financiën. Een FIOD-onderzoek is altijd een strafrechtelijk onderzoek. Het loopt onder gezag van het Openbaar Ministerie, meestal het Functioneel Parket. Daarom gelden de regels van het Wetboek van Strafvordering, en niet die van een gewone belastingcontrole.
In dit artikel leest u wat de FIOD mag, welke rechten u heeft als verdachte of getuige, wat er gebeurt bij een doorzoeking en hoe u beslag aanvecht. U vindt ook twee uitspraken van de Hoge Raad die laten zien waar de grenzen liggen.

Inhoudsopgave
Wat doet de FIOD en wanneer start een onderzoek?
De FIOD spoort fiscale en financiële criminaliteit op. Denk aan belastingfraude, witwassen, faillissementsfraude, btw-carrouselfraude en corruptie. De dienst werkt samen met het Anti Money Laundering Centre, de politie en het Openbaar Ministerie.
Signalen komen vaak van de Belastingdienst, bijvoorbeeld na een afwijkende aangifte. Ook meldingen van ongebruikelijke transacties via de Financial Intelligence Unit, toezichthouders als AFM en DNB, of tips van derden kunnen een onderzoek in gang zetten. Of een zaak strafrechtelijk wordt opgepakt, beslist uiteindelijk het Openbaar Ministerie.
Een onderzoek begint meestal ongemerkt. De FIOD verzamelt eerst bankgegevens, administratie en informatie van derden. Pas daarna volgt vaak een zichtbare stap: een doorzoeking, een aanhouding of een uitnodiging voor verhoor. Op dat moment heeft de FIOD vaak al veel informatie.
Hoe verschilt een FIOD-onderzoek van een belastingcontrole?
| Kenmerk | Controle door de Belastingdienst | Onderzoek door de FIOD |
|---|---|---|
| Soort recht | Bestuursrecht en fiscaal recht | Strafrecht |
| Wie heeft de leiding | Inspecteur van de Belastingdienst | Officier van justitie (Openbaar Ministerie) |
| Verplichting om informatie te geven | Fiscale informatieplicht | Verdachte: geen plicht om te verklaren (art. 29 Sv) |
| Mogelijke gevolgen | Naheffing of navordering, bestuurlijke boete | Strafvervolging, geldboete, taakstraf of gevangenisstraf, ontneming |
| Rechtsmiddel | Bezwaar en beroep bij de belastingrechter | Verweer bij de strafrechter, klaagschrift tegen beslag (art. 552a Sv) |
Let op: de fiscale informatieplicht blijft bestaan naast een strafrechtelijk onderzoek. Wat u aan de Belastingdienst geeft, kan in bepaalde gevallen ook in de strafzaak terechtkomen. Bespreek daarom met uw advocaat en uw fiscalist hoe u beide trajecten op elkaar afstemt. Voor fiscale vragen, zoals de hoogte van een naheffing, verwijzen wij u naar een fiscalist.
Welke rechten heeft u als verdachte van de FIOD?
U bent verdachte zodra er een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit tegen u bestaat (artikel 27 Sv). Vanaf dat moment heeft u de rechten hieronder. De FIOD moet u voor het verhoor meedelen dat u niet tot antwoorden verplicht bent. Dat heet de cautie.
- Zwijgrecht: u hoeft geen vragen te beantwoorden (artikel 29 Sv). Zie ook zwijgrecht en cautie.
- Overleg met een advocaat vóór het verhoor (artikel 28c Sv).
- Een advocaat bij het verhoor (artikel 28d Sv). De advocaat kan aan het begin en einde opmerkingen maken en vragen stellen.
- Weten waarvan u wordt verdacht, in elk geval voor het eerste verhoor.
- Inzage in processtukken (artikel 30 Sv). De officier van justitie kan stukken tijdelijk achterhouden als het onderzoek dat vraagt.
Na een aanhouding mag de FIOD u ophouden voor onderzoek. Dat duurt maximaal negen uur; de uren tussen middernacht en negen uur ’s ochtends tellen niet mee (artikel 56a Sv). Daarna kan de officier van justitie inverzekeringstelling bevelen. Meer over termijnen leest u in vasthouden voor verhoor.
Gebruik van uw zwijgrecht mag niet als bewijs tegen u worden gebruikt. Zwijgen kan wel gevolgen hebben als het overige bewijs om een uitleg vraagt die u niet geeft. Of u zwijgt of verklaart, is daarom een keuze die u per verhoor met uw advocaat maakt. Lees ook wanneer praten en wanneer zwijgen.
Moet u als getuige meewerken aan een FIOD-verhoor?
Nee. Een getuige hoeft tegenover de FIOD niet te verschijnen en geen vragen te beantwoorden. Dat verandert pas als de rechter-commissaris u oproept. Dan moet u verschijnen en in beginsel antwoorden. Meer over de positie van getuigen in strafzaken leest u in een apart artikel.
Ook bij de rechter-commissaris hoeft u niet altijd te antwoorden. Het Wetboek van Strafvordering kent drie verschoningsrechten:
| Grond | Wetsartikel | Wat het inhoudt |
|---|---|---|
| Familie of partner van de verdachte | Artikel 217 Sv | U mag weigeren te getuigen als bloed- of aanverwant (in de wettelijke graden), echtgenoot of geregistreerd partner, ook na het einde van het huwelijk. |
| Beroepsgeheim | Artikel 218 Sv | Wie uit hoofde van zijn beroep tot geheimhouding verplicht is, zoals een advocaat, notaris of arts, mag weigeren over wat hem in die hoedanigheid is toevertrouwd. |
| Gevaar voor eigen vervolging | Artikel 219 Sv | U mag een vraag weigeren als het antwoord uzelf of een naaste blootstelt aan strafvervolging. |
Een geheimhoudingsplicht in een contract of beroepscode is niet hetzelfde als een wettelijk verschoningsrecht. Accountants en belastingadviseurs hebben in de regel geen eigen verschoningsrecht. Werken zij onder verantwoordelijkheid van een advocaat of notaris, dan kan een afgeleid verschoningsrecht gelden. Laat dit vooraf beoordelen, want een verschoningsrecht moet u zelf inroepen en per vraag motiveren.
Wat als u tijdens het verhoor van getuige verdachte wordt?
Ontstaat tijdens het verhoor een redelijk vermoeden dat u zelf betrokken bent, dan bent u vanaf dat moment verdachte. De FIOD moet u dan de cautie geven en u heeft vanaf dat moment recht op een advocaat. Wat u eerder als getuige heeft verklaard, staat al in het proces-verbaal. Dat is een reden om ook als getuige pas te verklaren nadat u weet waar het onderzoek over gaat.
Een uitnodiging van de FIOD vermeldt meestal of u als getuige of als verdachte wordt gehoord. Staat het er niet duidelijk in, vraag het dan vooraf schriftelijk na. Lees ook wat u doet bij een uitnodiging voor verhoor.

Wat mag de FIOD bij een doorzoeking van uw woning of bedrijf?
Bij een doorzoeking zoekt de FIOD naar stukken en gegevensdragers die met het onderzoek te maken hebben. Een woning wordt in de regel doorzocht door of onder leiding van de rechter-commissaris. Een bedrijfspand kan ook onder leiding van de officier van justitie worden doorzocht. Voor het kantoor van een geheimhouder, zoals een advocaat of notaris, gelden extra waarborgen.
U moet de doorzoeking toelaten en mag haar niet hinderen. Verdere medewerking is niet verplicht. De FIOD mag kasten, laden en afgesloten ruimten openen, administratie meenemen en digitale gegevens kopiëren of hele computers en telefoons in beslag nemen. U krijgt een overzicht van wat is meegenomen; vraag daar uitdrukkelijk om. Meer over doorzoeking en inbeslagname leest u in een apart artikel.
Moet u uw wachtwoord of pincode geven?
Een verdachte is niet verplicht een wachtwoord of pincode te noemen. Dat volgt uit het zwijgrecht. Biometrisch ontgrendelen ligt anders. De Hoge Raad oordeelde op 9 februari 2021 dat opsporingsambtenaren een in beslag genomen telefoon met de vingerafdruk van de verdachte mogen ontgrendelen, ook tegen zijn wil. Een zeer geringe mate van fysieke dwang schendt volgens de Hoge Raad niet het recht om niet aan de eigen veroordeling mee te werken.
Hoe vecht u beslag op administratie of bankrekeningen aan?
Tegen beslag dient u een klaagschrift in bij de rechtbank (artikel 552a Sv). Dat kan zolang de strafzaak loopt. U kunt teruggave vragen van stukken die u nodig heeft om uw bedrijf voort te zetten, of laten toetsen of het beslag nog nodig is. Ook beslag op vertrouwelijke correspondentie met een advocaat kunt u zo aanvechten.
Hoe zwaar de rechter dat verweer moet nemen, blijkt uit een beschikking van de Hoge Raad van 4 juni 2013. Bij een doorzoeking van het kantoor van een accountant en belastingadviseur waren digitale bestanden in beslag genomen. Er werd aangevoerd dat daarin mailcorrespondentie met een advocaat zat. De rechtbank had op dat verweer niet beslist. De Hoge Raad vernietigde de beschikking omdat de motivering ontoereikend was.
De FIOD staat aan de deur: vijf stappen
- Laat de ambtenaren binnen en vraag om de stukken. Noteer namen en functies en vraag welke machtiging of welk bevel er ligt en wie de leiding heeft.
- Vraag wat uw positie is. Bent u verdachte of getuige, en van welk feit wordt u of uw bedrijf verdacht?
- Overleg met een advocaat voordat u iets verklaart. Als verdachte heeft u recht op overleg voor het verhoor (artikel 28c Sv). Spontane opmerkingen tijdens de doorzoeking kunnen in een proces-verbaal komen.
- Werk niet tegen, maar help ook niet verder dan nodig. Toegang verlenen is verplicht. Wachtwoorden geven, uitleg geven of stukken opzoeken is dat niet.
- Leg vast wat er gebeurt. Houd een eigen lijst bij van wat wordt meegenomen. Vraag kopieën van stukken die uw bedrijf direct nodig heeft en wijs op correspondentie met uw advocaat.
Rustig blijven is meer dan een advies. Fysiek verzet of het wegmaken van stukken kan een nieuw strafbaar feit opleveren, zoals wederspannigheid of het onttrekken van stukken aan beslag. Lees ook wat u wel en niet zegt bij een aanhouding of verhoor.
Hoe bereidt u een FIOD-verhoor voor?
Een FIOD-verhoor volgt meestal na maanden onderzoek. De verhoorders kennen de bankgegevens, de administratie en vaak ook verklaringen van anderen. Wie onvoorbereid verklaart, loopt het risico op tegenstrijdigheden die later als bewijs dienen. Een verhoor zonder advocaat is daarom zelden verstandig.
- Vraag vooraf welk feit en welke periode het onderzoek betreft.
- Bespreek met uw advocaat of u verklaart, zwijgt of eerst een schriftelijke verklaring geeft. Dat kan per onderwerp verschillen.
- Verzamel de stukken die u zelf heeft, maar geef ze niet ongevraagd af zonder overleg.
- Houd er rekening mee dat er geen informeel deel van het gesprek bestaat. Ook wat u in de pauze zegt, kan worden vastgelegd.
Wat doet u met het proces-verbaal van verhoor?
Na het verhoor maakt de FIOD een proces-verbaal. U mag dat lezen voordat u tekent. Klopt iets niet, laat het dan aanpassen of zet uw opmerkingen erbij. U bent niet verplicht te tekenen; een weigering wordt in het proces-verbaal vermeld. Een getekend proces-verbaal is later lastiger te betwisten. Meer over de stappen van verhoor tot dagvaarding leest u in een apart artikel.

Welke strafbare feiten onderzoekt de FIOD?
| Feit | Waar het in de wet staat | Waar het om gaat |
|---|---|---|
| Belastingfraude | Artikel 69 Algemene wet inzake rijksbelastingen | Opzettelijk een onjuiste of onvolledige aangifte doen of geen aangifte doen |
| Valsheid in geschrift | Artikel 225 Wetboek van Strafrecht | Valse of vervalste facturen, contracten of administratie |
| Witwassen | Artikel 420bis tot en met 420quater Sr | Verbergen of verhullen van de herkomst van geld uit een misdrijf |
| Omkoping | Artikel 177, 363 en 328ter Sr | Gunsten geven aan of aannemen door ambtenaren of in het bedrijfsleven |
| Faillissementsfraude | Artikel 340 en verder Sr | Benadelen van schuldeisers rond een faillissement |
Valsheid in geschrift komt vaak samen voor met fraude binnen een onderneming. Ook een rechtspersoon kan verdachte zijn (artikel 51 Sr), naast de bestuurders die feitelijk leiding gaven. Meer daarover leest u bij economische delicten en economische criminaliteit. Ook medeplichtigheid is strafbaar.
Bij belastingfraude kan de Belastingdienst daarnaast een naheffing of navordering opleggen. Voor hetzelfde feit volgt in de regel óf een fiscale boete óf strafvervolging, niet beide. Hoe dat in uw zaak uitpakt, hangt af van de keuze van het Openbaar Ministerie en de Belastingdienst.
Wat verandert er met het nieuwe Wetboek van Strafvordering?
Stand per oktober 2026: het nieuwe Wetboek van Strafvordering is aangenomen, maar nog niet in werking. De inwerkingtreding volgt bij koninklijk besluit; de streefdatum is 2029. Tot die tijd gelden de huidige artikelnummers uit dit artikel. De actuele tekst van het geldende wetboek staat op wetten.overheid.nl.
Wat wij doen bij een FIOD-onderzoek
- Wij stellen vast of u als verdachte of als getuige wordt gehoord en of een verschoningsrecht geldt.
- Wij bereiden het verhoor met u voor en zijn erbij aanwezig.
- Wij controleren het proces-verbaal van verhoor en van inbeslagneming.
- Wij dienen een klaagschrift in tegen beslag (artikel 552a Sv) en wijzen op stukken die onder het verschoningsrecht van een advocaat vallen.
Meer over onze werkwijze in strafzaken leest u op de pagina van onze strafrechtadvocaat. Wilt u weten wat u doet als u vermoedt dat er een onderzoek loopt, lees dan vermoedens van fraude en een FIOD-onderzoek of verdacht van fraude.
In het kort
- Een FIOD-onderzoek is altijd strafrechtelijk en loopt onder gezag van het Openbaar Ministerie.
- Een verdachte heeft zwijgrecht (artikel 29 Sv) en recht op een advocaat vóór en tijdens het verhoor (artikel 28c en 28d Sv).
- Een getuige hoeft de FIOD niets te verklaren; bij de rechter-commissaris gelden de verschoningsrechten van artikel 217 tot en met 219 Sv.
- Een wachtwoord hoeft u niet te geven, maar ontgrendelen met uw vingerafdruk mag tegen uw wil (HR 9 februari 2021).
- Tegen beslag dient u een klaagschrift in bij de rechtbank (artikel 552a Sv).
Veelgestelde vragen
Kan de FIOD beslag leggen op mijn bankrekening of woning?
Ja. Naast beslag op bewijsstukken kan het Openbaar Ministerie conservatoir beslag leggen op vermogen, zoals bankrekeningen en onroerend goed. Dat beslag dient om een latere geldboete of ontnemingsvordering veilig te stellen (artikel 94a Sv). Ook daartegen staat een klaagschrift open.
Krijg ik het dossier te zien?
Als verdachte heeft u recht op kennisneming van de processtukken (artikel 30 Sv). Zolang het onderzoek loopt, kan de officier van justitie bepaalde stukken tijdelijk achterhouden. Na de betekening van de dagvaarding mag de officier u de kennisneming niet meer onthouden (artikel 33 Sv).
Mag mijn advocaat aanwezig zijn als ik getuige ben?
De wettelijke rechten op verhoorbijstand van artikel 28c en 28d Sv gelden voor verdachten. Een getuige kan wel vooraf advies vragen. Omdat u tegenover de FIOD niet hoeft te verklaren, kunt u als voorwaarde stellen dat u alleen met uw advocaat erbij een verklaring aflegt.