Gepubliceerd op 26 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026
Wilt u circulair werken, dan moet uw contract meer regelen dan een gewone koop: wie eigenaar blijft van het product, wie onderhoud en reparatie doet en wat er aan het einde van de levensduur gebeurt. De belangrijkste valkuil is natrekking: een onderdeel dat bestanddeel wordt van een gebouw of ander product, wordt eigendom van de eigenaar van dat geheel (artikelen 3:4, 5:14 en 5:20 BW), ook als u een eigendomsvoorbehoud heeft afgesproken.
Een gewone koopovereenkomst stopt bij de levering. Een circulair contract loopt door tot het product of de grondstof terugkomt. Daarom moeten contracten anders worden opgesteld, met afspraken over eigendom, gebruik, onderhoud, terugname en gegevens.
Hieronder leest u welke contractvormen er zijn, hoe u eigendom veiligstelt, hoe u duurzaamheidseisen meetbaar maakt en welke regels in 2026 in beweging zijn.
Inhoudsopgave
Wat verandert de circulaire economie aan uw contracten?
Nederland wil in 2050 volledig circulair zijn. Dat staat in het Nationaal Programma Circulaire Economie van het Rijk (zie nederlandcirculairin2050.nl). Voor contracten betekent dat een verschuiving van eenmalige verkoop naar afspraken die de hele levensduur van een product beslaan.
De vier kernprincipes zijn hergebruik, recycling, reparatie en delen. Elk principe vraagt om een eigen bepaling in het contract: wie mag het product hergebruiken, wie is eigenaar van het gerecyclede materiaal, wie repareert en wie betaalt dat, en wie mag het product gebruiken.
Hoe verschilt een circulair contract van een lineair contract?
Lineaire contracten volgen het patroon kopen, gebruiken, afdanken. Circulaire contracten richten zich op langdurig gebruik en waardebehoud.
| Onderdeel | Lineair contract | Circulair contract |
|---|---|---|
| Vorm | Eenmalige verkoop | Lease, huur of product-als-dienst |
| Eigendom | Gaat over bij levering (artikel 3:84 BW) | Blijft vaak bij de leverancier |
| Garantie | Wettelijke conformiteit (artikel 7:17 BW) | Onderhoud en reparatie gedurende de looptijd |
| Einde gebruik | Afnemer voert af | Terugname door leverancier |
| Prijs | Eenmalige koopprijs | Periodieke vergoeding voor gebruik en service |
Bij product-als-dienst blijft de leverancier eigenaar en zorgt hij voor onderhoud en reparatie. De klant betaalt bijvoorbeeld per maand of per gebruikseenheid. Juridisch lijkt zo’n contract vaak op huur (artikel 7:201 BW) of op een gemengde overeenkomst met elementen van huur en dienstverlening. Dat bepaalt welke wettelijke regels gelden als het contract niets regelt.
Welke regels gelden voor circulaire contracten?
Er is geen aparte wet voor circulaire contracten. U werkt met het gewone verbintenissenrecht en goederenrecht, aangevuld met het afvalstoffenrecht en Europese productregels.
- Goederenrecht: wie is eigenaar, en verliest de leverancier zijn eigendom door natrekking (artikel 3:4 BW)?
- Afvalstoffenrecht: is een teruggenomen product een afvalstof of een grondstof? Die vraag bepaalt of u een vergunning nodig hebt voor transport en verwerking (hoofdstuk 10 Wet milieubeheer).
- Consumentenrecht: levert u aan consumenten, dan gelden dwingende regels over conformiteit en, binnenkort, over reparatie.
- Mededingingsrecht: ketenafspraken tussen concurrenten over terugname of recycling mogen de concurrentie niet beperken (artikel 6 Mededingingswet).
Wanneer duurzaamheid een harde plicht wordt, leest u in ons artikel over duurzaamheid als juridische verplichting. Over claims in de communicatie en de boetes daarbij gaat ons artikel over greenwashing.
Hoe houdt u eigendom van uw product of onderdeel?
Eigendom is de kern van veel circulaire modellen. Blijft de leverancier eigenaar, dan kan hij het product terughalen en opnieuw inzetten. Dat werkt alleen als het eigendom ook juridisch overeind blijft.
Wat is natrekking en waarom is het een risico?
Een zaak die bestanddeel wordt van een andere zaak, gaat op in die andere zaak. Bestanddeel is volgens artikel 3:4 BW alles wat naar verkeersopvatting onderdeel van een zaak uitmaakt. Ook een zaak die zo met de hoofdzaak is verbonden dat zij niet zonder noemenswaardige beschadiging kan worden losgemaakt, is bestanddeel. De eigenaar van de hoofdzaak wordt dan eigenaar (artikel 5:14 BW). Bij gebouwen geldt artikel 5:20 BW: de eigenaar van de grond is eigenaar van wat daarmee duurzaam is verenigd.
Een eigendomsvoorbehoud (artikel 3:92 BW) beschermt u daar niet tegen. Het voorbehoud werkt alleen zolang het onderdeel een zelfstandige zaak blijft.
Wat besliste het hof over zonnepanelen op een bedrijfsdak?
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde op 5 maart 2024 (ECLI:NL:GHARL:2024:1599) dat zonnepanelen die een derde op een bedrijfsgebouw had geplaatst, geen bestanddeel van het gebouw waren. Het ging om klikpanelen die zonder noemenswaardige schade van het frame konden worden gehaald. De panelen dienden ook niet om het gebouw van stroom te voorzien, maar om stroom voor de markt te produceren. De plaatser bleef eigenaar. Het hof gaf wel aan dat het bij panelen die het gebouw zelf van stroom voorzien, in beginsel anders kan liggen.
Voor een circulair contract volgen daaruit drie lessen: kies voor demontabele verbindingen, leg vast waarvoor het onderdeel dient, en regel apart wat er gebeurt als de rechter toch natrekking aanneemt.
Hoe regelt u eigendom in het contract?
- Leg uitdrukkelijk vast dat de leverancier eigenaar blijft en dat de klant alleen een gebruiksrecht heeft.
- Beschrijf de manier van bevestigen: demontabel, zonder schade aan gebouw of product.
- Spreek af dat de klant het product niet mag verwerken, doorverkopen of verpanden.
- Bij plaatsing op grond of een gebouw van een ander: overweeg een opstalrecht (artikel 5:101 BW), dat de natrekking doorbreekt. Daarvoor is een notariële akte nodig.
- Regel een vergoeding voor het geval het eigendom toch overgaat (artikel 6:212 BW geeft dan alleen een vordering, geen eigendom).
Hoe maakt u duurzaamheidseisen afdwingbaar?
Vage doelen als “zo duurzaam mogelijk” zijn juridisch moeilijk af te dwingen. Een rechter kan een tekortkoming (artikel 6:74 BW) alleen vaststellen als vaststaat wat er beloofd is.
Hoe formuleert u meetbare criteria?
Een voorbeeld ter illustratie van het verschil tussen een meetbare en een vage afspraak:
| Criterium | Meetbaar | Niet meetbaar |
|---|---|---|
| Materiaalgebruik | Minimaal 75% gerecycled staal, aangetoond met certificaat | “Zoveel mogelijk gerecycled” |
| Afval | Maximaal 5% restafval per project, gewogen bij de verwerker | “Minimaal afval” |
| Levensduur | Onderdelen ten minste tien jaar leverbaar | “Lang meegaand” |
| Reparatie | Herstel binnen vijf werkdagen na melding | “Snelle service” |
Werk liever met bandbreedtes dan met een exact percentage, en koppel aan elke eis een meetmethode en een moment van meten. Laat een onafhankelijke partij meten als het belang groot is. Zo voorkomt u discussie over de vraag of de eis is gehaald.
Welke gevolgen verbindt u aan het missen van een eis?
Zonder afspraak geldt het gewone recht: de wederpartij kan nakoming, schadevergoeding of ontbinding vorderen (artikelen 6:74 en 6:265 BW). Dat is voor een duurzaamheidseis vaak te grof. Overweeg daarom:
- een prijskorting of malus per gemiste eenheid;
- een bonus bij het overtreffen van de doelstelling;
- een herstelplan met termijn voordat ontbinding mogelijk is;
- een boetebeding, dat de rechter kan matigen (artikel 6:94 BW).
Hoe regelt u transparantie over materialen?
Leg vast welke informatie de leverancier moet geven over samenstelling en herkomst, in welke vorm en hoe vaak. Materiaalpaspoorten geven inzicht in samenstelling, herkomst en recyclemogelijkheden. Ze worden waardevol bij renovatie, demontage of sloop.
Contracten kunnen eisen dat leveranciers ook hun toeleveringsketen inzichtelijk maken. Leg vast welke certificaten gelden (bijvoorbeeld Cradle to Cradle of FSC) en hoe lang ze geldig moeten blijven. Neem een auditrecht op, zodat u claims van de leverancier kunt controleren.
Regel ook wie de gegevens mag gebruiken. Data over materialen en prestaties zijn geen eigendom in juridische zin. Wat partijen ermee mogen, volgt dus vooral uit het contract.
Wat regelt u over gebruik, onderhoud en einde levensduur?
In deze fase zit het verschil met een lineair contract. Regel per fase wie wat doet en wie de kosten draagt.
Wie doet onderhoud en reparatie?
| Type afspraak | Inhoud | Kostendrager (gebruikelijke regeling) |
|---|---|---|
| Garantieherstel | Herstel van gebreken binnen de garantietermijn | Leverancier |
| Preventief onderhoud | Inspectie en vervanging volgens schema | Volgens contract, vaak in de periodieke vergoeding |
| Herstel na schade | Reparatie na verkeerd gebruik door de klant | Klant |
Leg vast hoe lang de leverancier onderdelen en software-updates beschikbaar houdt. Dat bepaalt in de praktijk hoe lang het product meegaat.
Hoe regelt u terugname en retourlogistiek?
Terugname werkt alleen als het contract de praktische punten regelt:
- wanneer en hoe het product wordt opgehaald;
- in welke staat het moet worden teruggegeven, en wat geldt bij schade of verlies;
- wie transport en verwerking betaalt;
- wie eigenaar wordt van de teruggenomen materialen.
Let op het afvalstoffenrecht. Is het teruggenomen product een afvalstof, dan gelden regels voor inzameling, transport en verwerking. Voor sommige productgroepen, zoals elektrische apparaten, gelden bovendien wettelijke regels voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid.
Wat verandert het recht op reparatie?
De Europese richtlijn (EU) 2024/1799 bevordert de reparatie van goederen. Op 16 juli 2026 is het Nederlandse wetsvoorstel Implementatiewet richtlijn bevordering van reparatie (Kamerstukken 36996) gepubliceerd. Het voorstel voegt repareerbaarheid toe aan de eisen voor consumentenkoop (artikel 7:18 BW) en regelt dat vorderingen over een herstelde zaak pas drie jaar na de kennisgeving verjaren (nieuw artikel 7:23 lid 4 BW). De regels gelden voor consumentenkoop en niet voor contracten die vóór de inwerkingtreding zijn gesloten. Meer leest u in ons artikel over het recht op reparatie.
Levert u aan bedrijven, dan geldt deze regeling niet rechtstreeks. Reparatieafspraken moet u dan zelf in de garantieclausules vastleggen.
Welke afspraken maakt u over grondstoffen?
Grondstoffen zijn het onderwerp waar circulaire ambitie en leveringszekerheid elkaar raken. Lees ook ons artikel over duurzaam ondernemen.
Hoe regelt u kritieke en secundaire grondstoffen?
Kritieke grondstoffen, zoals lithium en kobalt, zijn schaars of komen uit risicovolle regio’s. Contractpartijen kunnen afspraken maken over herkomst en leveringszekerheid, alternatieve materialen bij tekorten en voorraadniveaus.
Secundaire grondstoffen komen uit afvalstromen. Hun kwaliteit wisselt meer dan die van nieuwe grondstoffen. Leg daarom vast welke specificaties gelden, hoe ze worden getest en wat er gebeurt als een partij niet voldoet. Een leverancier die garandeert dat gerecycled materiaal net zo presteert als nieuw materiaal, neemt een groot risico. Beperk die garantie tot meetbare eigenschappen.
Wie draagt het prijsrisico?
De prijs van gerecyclede grondstoffen schommelt. Bij langlopende contracten helpt een indexeringsclausule. Zonder afspraak kan een partij zich alleen in uitzonderlijke gevallen beroepen op onvoorziene omstandigheden (artikel 6:258 BW). De rechter past die bepaling terughoudend toe.
Hoe werken overheid en bedrijven samen in circulaire ketens?
Overheden sturen via hun inkoopbeleid en via aanbestedingen. Bedrijven werken samen in ketens en consortia.
Wat vraagt een circulaire aanbesteding van u?
Publieke opdrachtgevers mogen duurzaamheidseisen stellen, mits die verband houden met het voorwerp van de opdracht en proportioneel zijn (Aanbestedingswet 2012). Zij kunnen gunnen op basis van levenscycluskosten in plaats van alleen de laagste prijs. Lees de eisen in de aanbestedingsstukken goed: wat u in uw inschrijving belooft, wordt een contractuele verplichting.
Hoe legt u een ketensamenwerking vast?
Een consortium of ketensamenwerking verdeelt taken, risico’s en opbrengsten over meerdere bedrijven. Leg in een samenwerkingsovereenkomst in elk geval vast:
- wie welke taak heeft in de keten en wie aansprakelijk is bij een fout;
- wie het intellectueel eigendom krijgt op gezamenlijk ontwikkelde processen;
- hoe gedeelde gegevens mogen worden gebruikt;
- hoe een partij kan uittreden en wat er dan met materialen en kennis gebeurt.
Zijn de partners concurrenten, toets de afspraken dan aan het kartelverbod (artikel 6 Mededingingswet en artikel 101 VWEU). De ACM heeft beleidsregels over duurzaamheidsafspraken waarin staat wanneer zulke samenwerking is toegestaan.
Waarmee helpen wij bij circulaire contracten?
- Wij stellen product-als-dienst-, lease- en terugnamecontracten op, met een duidelijke regeling van eigendom en risico.
- Wij beoordelen of uw eigendom bestand is tegen natrekking (artikelen 3:4, 5:14 en 5:20 BW) en of een opstalrecht nodig is.
- Wij formuleren meetbare duurzaamheidseisen met meetmethode, rapportageplicht en auditrecht.
- Wij leggen afspraken vast over intellectueel eigendom en data in een ketensamenwerking.
Circulair contracteren in vijf punten
- Een circulair contract regelt eigendom, onderhoud, reparatie en terugname: zaken die een gewone koop openlaat.
- Een eigendomsvoorbehoud beschermt niet tegen natrekking; demontabel bevestigen wel (hof Arnhem-Leeuwarden, 5 maart 2024).
- Maak duurzaamheidseisen meetbaar en koppel er een meetmethode en een gevolg aan.
- Het wetsvoorstel recht op reparatie (Kamerstukken 36996, juli 2026) raakt consumentenkoop, niet rechtstreeks contracten tussen bedrijven.
- Toets ketenafspraken tussen concurrenten aan het kartelverbod.
Veelgestelde vragen
Wie is aansprakelijk als een gerecycled onderdeel gebreken heeft?
Dat hangt af van het contract. Zonder afspraak moet de zaak de eigenschappen hebben die de afnemer mocht verwachten (artikel 7:17 BW bij koop). Een leverancier die uitdrukkelijk aangeeft dat het om gerecycled materiaal gaat, kan die verwachting bijstellen. Leg de specificaties en een eventuele aansprakelijkheidsbeperking daarom vooraf vast.
Wat gebeurt er met een geleased product als de klant failliet gaat?
Is de leverancier eigenaar gebleven, dan kan hij het product in beginsel terugvorderen van de curator. Is het product door natrekking eigendom geworden van de klant, dan heeft de leverancier alleen een vordering in het faillissement. Daarom is de vraag of het product een zelfstandige zaak is gebleven zo belangrijk.