Gepubliceerd op 14 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 oktober 2026
Voor zakelijke financiering geldt in Nederland geen aparte wet: de afspraken in uw financieringsovereenkomst en de zekerheden die u geeft bepalen vooral uw positie. De belangrijkste uitzondering is de persoonlijke borgtocht: tekent u als ondernemer privé mee, dan staat uw eigen vermogen op het spel, ook als u een bv heeft.
In dit artikel leggen wij uit welke vormen van financiering er zijn, welke regels erop van toepassing zijn en waar u op let voordat u tekent. Wij bespreken de leningsovereenkomst, zekerheden, borgtocht, kosten, het aanvraagproces en het toezicht op financiers.
Wie de juridische aandachtspunten vooraf kent, voorkomt kostbare fouten en kiest een financieringsstructuur die past bij de onderneming.
Dat begint bij de contractvoorwaarden. Financiers werken bijna altijd met eigen algemene voorwaarden en standaardcontracten. Daarin staan de regels over rente, aflossing, zekerheden en opeisbaarheid. Lees die voorwaarden voordat u zich vastlegt, want achteraf is er weinig ruimte om ze te wijzigen.
Inhoudsopgave
Wat is zakelijke financiering?
Zakelijke financiering is al het geld dat een onderneming van buiten aantrekt om te starten, te groeien of tijdelijke tekorten op te vangen. Het gaat om geld voor bedrijfsmiddelen, werkkapitaal en andere uitgaven waarvoor het eigen vermogen niet toereikend is.
Waarvoor gebruiken ondernemers financiering?
Ondernemers lenen vooral voor investeringen en voor werkkapitaal. Weinig bedrijven kunnen alle investeringen uit eigen middelen betalen.
De meest voorkomende vormen van zakelijke financiering zijn:
- zakelijke leningen;
- rekening-courantkrediet;
- factoring;
- lease van bedrijfsmiddelen;
- risicokapitaal van investeerders.
Veelgebruikte doelen zijn:
- de aankoop van machines, computers of voertuigen;
- de financiering van werkkapitaal;
- de uitbreiding of aankoop van bedrijfsruimte;
- het aannemen van nieuw personeel;
- het inkopen van voorraad.
Werkkapitaal is het geld dat u nodig heeft voor voorraad, het betalen van leveranciers en de periode tussen verkoop en betaling. Een krediet helpt dan om de dagelijkse kosten te betalen terwijl klanten nog niet hebben betaald.
Veel ondernemers combineren verschillende vormen, bijvoorbeeld een banklening met een lease en een krediet van een alternatieve financier. Dat heet stapelfinanciering. Let er dan op dat de zekerheden en voorwaarden van de verschillende financiers niet met elkaar botsen. Een bank vraagt vaak dat andere financiers achter haar aansluiten bij verhaal op de zekerheden.
Welke soorten zakelijke financiering zijn er?
U kunt kiezen uit bankfinanciering, alternatieve financiering en regelingen van de overheid. Elke vorm heeft eigen juridische kenmerken, en vooral de zekerheden en de opzegmogelijkheden verschillen sterk.
Wat biedt een bank?
Banken bieden zakelijke leningen, kredietlijnen en zakelijke hypotheken. De grote Nederlandse banken zijn nog steeds de belangrijkste bron van financiering voor het mkb.
Bij een zakelijke lening krijgt u het volledige bedrag in één keer en lost u volgens een vast schema af. Bij een kredietlijn of rekening-courantkrediet betaalt u alleen rente over het bedrag dat u werkelijk opneemt.
Een zakelijke hypotheek wordt gebruikt voor de aankoop van een bedrijfspand. Omdat de bank een hypotheekrecht krijgt op het pand, is de rente meestal lager dan bij een lening zonder onderpand.
De leningsovereenkomst zelf valt onder de regels voor geldlening in artikel 7:129 tot en met 7:129f BW. Die regels zijn grotendeels aanvullend recht. Wat u contractueel afspreekt, gaat dus meestal voor. De strenge regels voor consumentenkrediet in artikel 7:57 en verder BW gelden niet als u als onderneming leent.
Wat is het verschil tussen financial lease en operational lease?
Bij financial lease wordt u na afloop meestal eigenaar van het object; bij operational lease blijft de leasemaatschappij eigenaar. Dat verschil heeft gevolgen voor uw balans, voor de btw en voor wat er gebeurt als u failliet gaat.
Bij financial lease draagt u als leasenemer doorgaans het risico van tenietgaan en onderhoud. Bij operational lease betaalt u een vergoeding voor het gebruik, vaak inclusief onderhoud. Lees in het contract wat er gebeurt bij vroegtijdige beëindiging, want dan is vaak de resterende leasesom in één keer verschuldigd.
Welke alternatieven zijn er als de bank nee zegt?
Alternatieve financiers zijn onder meer factoringmaatschappijen, crowdfundingplatforms en kredietverstrekkers zonder bankvergunning. Zij groeien vooral bij ondernemers die bij de bank geen financiering krijgen.
Bij factoring verkoopt u uw openstaande facturen aan een factoringmaatschappij en krijgt u direct geld. In de factoringovereenkomst staat of de factormaatschappij het risico overneemt dat uw klant niet betaalt, of dat dit risico bij u blijft.
Bij crowdfunding haalt u geld op bij een groep investeerders via een online platform. Dat kan in de vorm van een lening, aandelen of donaties. Een platform dat crowdfunding voor ondernemingen aanbiedt, heeft een vergunning van de AFM nodig op grond van de Europese crowdfundingverordening (Verordening (EU) 2020/1503).
Kredietverstrekkers zonder bankvergunning mogen zakelijk krediet verstrekken zolang zij geen spaargeld van het publiek aantrekken. Voor zakelijke kredieten gelden daardoor minder wettelijke regels dan voor consumentenkrediet. De contractvoorwaarden kunnen dus flink afwijken van wat u bij een bank gewend bent.
Welke rol speelt de overheid?
De overheid helpt ondernemers vooral met borgstellingen, kredieten en subsidies, die grotendeels via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) lopen. U vraagt een borgstelling niet zelf aan: dat doet uw financier.
De bekendste regeling is de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB). De Staat staat dan borg voor een deel van de lening als u zelf te weinig zekerheden heeft. Volgens RVO gaat het om leningen tot maximaal € 1,5 miljoen en loopt de regeling tot 1 juli 2027. Er is ook een groene variant, de BMKB-Groen, voor investeringen in verduurzaming.
Subsidies hoeft u meestal niet terug te betalen, maar zij hebben strikte voorwaarden. U moet het geld besteden zoals in de subsidievoorwaarden staat en vaak verantwoording afleggen. Houdt u zich daar niet aan, dan kan de subsidie worden teruggevorderd. Daarnaast bepalen de Europese staatssteunregels welke steun een overheid mag geven.
Welke juridische punten zijn het belangrijkst?
De drie belangrijkste punten zijn de afspraken in de leningsovereenkomst, de zekerheden die de financier krijgt en uw persoonlijke aansprakelijkheid. Deze bepalen samen wat er gebeurt als het minder goed gaat.
Wat staat er in de leningsovereenkomst?
De leningsovereenkomst regelt het bedrag, de looptijd, de rente, de aflossing en de gevolgen als u uw verplichtingen niet nakomt. Let vooral op de bepalingen over tussentijdse opeising.
Belangrijke onderdelen zijn:
- het leningsbedrag en het moment van uitbetaling;
- de looptijd van de financiering;
- de rente, vast of variabel;
- het aflossingsschema en de termijnen;
- boeterente of vertragingsrente bij te late betaling;
- financiële convenanten, zoals een minimale solvabiliteit;
- de gronden waarop de financier de lening direct kan opeisen.
De looptijd bepaalt hoe lang u heeft om de schuld af te lossen. Een kortere looptijd betekent hogere termijnen, maar u betaalt in totaal minder rente.
Wilt u eerder aflossen, dan kan dat meestal, maar vaak tegen een vergoeding. Het contract bepaalt wanneer vervroegd aflossen is toegestaan en wat het kost.
Komt u een verplichting niet na, dan kan de financier op grond van de meeste contracten de hele lening direct opeisen. Dat geldt vaak ook bij andere gebeurtenissen, zoals een wijziging van zeggenschap of het overschrijden van een convenant. Onderhandel daarom vooraf over redelijke hersteltermijnen.
Welke zekerheden vraagt een financier?
Financiers vragen meestal een hypotheekrecht, een pandrecht of een borgtocht. Zo verkleinen zij hun risico als u niet terugbetaalt.
Veelgebruikte zekerheden zijn:
- een hypotheekrecht op het bedrijfspand;
- een pandrecht op machines en productieapparatuur;
- een pandrecht op inventaris en voorraad;
- een pandrecht op vorderingen op uw klanten;
- een bankgarantie of een persoonlijke borgtocht.
Een hypotheekrecht op een bedrijfspand wordt gevestigd bij notariële akte en ingeschreven in de openbare registers (artikel 3:260 BW). Betaalt u niet, dan mag de bank het pand zelf laten veilen zonder eerst naar de rechter te gaan (artikel 3:268 BW).
Machines en inventaris kunnen dienen als zekerheid via een bezitloos pandrecht (artikel 3:237 BW). U blijft de zaken gebruiken, maar mag ze buiten de normale bedrijfsuitoefening niet zonder toestemming verkopen. Vorderingen op klanten worden meestal stil verpand (artikel 3:239 BW). Uw klanten merken daar pas iets van als de financier de verpanding aan hen meldt.
De financier leent meestal minder uit dan de waarde van het onderpand. Hoeveel minder, verschilt per financier en per soort zekerheid.
Bent u privé aansprakelijk?
Dat hangt af van uw rechtsvorm en van wat u tekent. Bij een eenmanszaak of vof bent u altijd privé aansprakelijk; bij een bv alleen als u persoonlijk meetekent.
Bij een bv is in beginsel alleen het vermogen van de bv aansprakelijk. Financiers vragen de directeur-grootaandeelhouder echter vaak om een persoonlijke borgtocht of hoofdelijk medeschuldenaarschap. Meer over de keuze van rechtsvorm leest u in ons artikel over ondernemingsvorm kiezen, aansprakelijkheid en belastingen.
Bij een eenmanszaak is er geen onderscheid tussen zakelijk en privévermogen. Bij een vof zijn alle vennoten hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden van de vennootschap (artikel 18 Wetboek van Koophandel).
Wat betekent een borgtocht voor u?
Met een borgtocht staat u persoonlijk in voor de schuld van de onderneming. Betaalt de onderneming niet, dan kan de financier u aanspreken tot het bedrag van de borgtocht.
Er zijn verschillende vormen:
- een borgtocht voor een vast maximumbedrag;
- een borgtocht voor een bepaalde periode;
- hoofdelijke aansprakelijkheid als medeschuldenaar, wat verder gaat dan een gewone borgtocht.
Voor een borg die niet handelt in de uitoefening van beroep of bedrijf gelden beschermende regels (artikel 7:857 tot en met 7:864 BW). Zo is een borgtocht voor een schuld waarvan de omvang nog niet vaststaat alleen geldig als er een maximumbedrag in geld is afgesproken (artikel 7:858 BW). Die bescherming geldt niet voor een bestuurder die alleen of samen met medebestuurders de meerderheid van de aandelen houdt, als de borgtocht dient voor de normale bedrijfsuitoefening van de bv.
Bent u getrouwd of heeft u een geregistreerd partnerschap, dan heeft u voor een borgtocht de toestemming van uw echtgenoot of partner nodig (artikel 1:88 BW). Volgens artikel 1:88 lid 5 BW geldt een uitzondering voor de bestuurder van een bv of nv die alleen of samen met medebestuurders de meerderheid van de aandelen houdt, mits de borgtocht dient voor de normale bedrijfsuitoefening van die vennootschap.
Een borgtocht eindigt niet vanzelf als u het bedrijf verkoopt of stopt als bestuurder. Maak daarom afspraken over het einde van de borgtocht, bijvoorbeeld bij een verkoop van de aandelen.
Wat kost zakelijke financiering?
De kosten bestaan uit rente, eenmalige kosten bij het afsluiten en eventuele vergoedingen bij vervroegd aflossen. Voor zakelijke kredieten geldt geen wettelijk maximum voor de rente.
Hoe wordt de rente bepaald?
De rente is de grootste kostenpost. De financier bepaalt de rente op basis van het risico dat hij loopt.
Factoren die de rente beïnvloeden zijn:
- de kredietwaardigheid van uw onderneming;
- de looptijd van de financiering;
- de zekerheden die u geeft;
- de hoogte van het bedrag.
Bij risicovolle financieringen rekenen financiers een hogere rente. Startende ondernemingen betalen daardoor vaak meer dan gevestigde bedrijven met een bewezen trackrecord.
De rente kan vast of variabel zijn. Een vaste rente geeft zekerheid over uw lasten. Een variabele rente beweegt mee met de markt, vaak op basis van een referentierente zoals Euribor met een opslag. Kijk in het contract wanneer en hoe de financier de opslag mag aanpassen.
Welke bijkomende kosten zijn er?
Naast de rente rekenen financiers vaak afsluitkosten en administratiekosten. Deze verschillen sterk per aanbieder en per soort financiering.
Veelvoorkomende bijkomende kosten zijn:
- kosten voor het beoordelen van de aanvraag;
- taxatiekosten voor het onderpand;
- notariskosten bij een hypotheekrecht;
- advieskosten;
- een vergoeding bij vervroegd aflossen.
Vraag altijd een overzicht van alle kosten en reken de totale kosten over de looptijd uit. Alleen zo kunt u aanbiedingen goed vergelijken.
Let ook op wat u moet betalen als u te laat betaalt. Tussen ondernemingen mogen partijen zelf afspraken maken over incassokosten en boeterente. De wettelijke staffel uit het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is alleen dwingend bij consumenten (artikel 6:96 lid 5 BW). Bij een zakelijke financiering mag de overeenkomst dus van die staffel afwijken.
Welke aflossingsvorm past bij u?
De aflossingsvorm bepaalt hoe u de lening terugbetaalt en hoeveel geld er maandelijks uw bedrijf uitgaat. Kies een vorm die past bij uw verwachte kasstroom.
- Annuïtair: gelijke termijnen, waarbij het rentedeel daalt en het aflossingsdeel stijgt.
- Lineair: een vast aflossingsbedrag, waardoor de termijnen dalen.
- Aflossingsvrij: u betaalt alleen rente en lost aan het einde in één keer af.
Een aflossingsvrije periode aan het begin kan een startende onderneming ruimte geven om eerst omzet op te bouwen. Een seizoensbedrijf heeft baat bij flexibele aflossingen. Dreigt u uw termijnen toch niet te halen, overleg dan vroeg met de financier. Wacht niet tot de lening is opgeëist; zie ook ons artikel over herstructurering en faillissement.
Hoe verloopt de aanvraag?
U dient een aanvraag in met een ondernemingsplan, cijfers en gegevens uit het handelsregister. De financier onderzoekt daarna uw onderneming en uw kredietwaardigheid.
Wat moet u voorbereiden?
Een aanvraag begint met een goed onderbouwd ondernemingsplan. Daarin staan uw strategie, uw markt en uw financiële prognoses.
Een ondernemingsplan voor een financier bevat meestal:
- een omschrijving van het bedrijf en de doelen;
- een markt- en concurrentieanalyse;
- een investeringsbegroting met concrete bedragen;
- een exploitatiebegroting voor de komende jaren;
- een analyse van risico’s en scenario’s.
De jaarrekening is een vast onderdeel van elke aanvraag. Daaruit leidt de financier de resultaten en de financiële stabiliteit uit het verleden af. Heeft u nog geen jaarrekening omdat u net start, dan legt u uitgebreidere prognoses en een gedetailleerde begroting over.
Welke stukken vraagt een financier?
Financiers vragen doorgaans een vaste set documenten. Welke precies, verschilt per financier.
Gebruikelijke stukken zijn:
- de laatste jaarrekeningen, voor zover beschikbaar;
- bankafschriften van de afgelopen maanden;
- btw-aangiften en andere belastingaangiften;
- een uittreksel uit het handelsregister van de KVK;
- identiteitsbewijzen van bestuurders en uiteindelijk belanghebbenden.
De financier kijkt naar rentabiliteit, liquiditeit en solvabiliteit. Hij doet daarbij een eigen onderzoek naar uw onderneming, vergelijkbaar met een due diligence-onderzoek. Daarnaast raadplegen financiers vaak kredietregistraties en andere bronnen over uw betaalgedrag.
Waarom speelt het handelsregister een rol?
Uw onderneming moet volgens de Handelsregisterwet 2007 in het handelsregister staan. De financier gebruikt het uittreksel om te controleren wie de onderneming mag vertegenwoordigen.
Het uittreksel laat onder meer zien:
- de statutaire naam en de handelsnaam;
- de rechtsvorm;
- de SBI-codes van de bedrijfsactiviteiten;
- de bestuurders en gevolmachtigden en hun bevoegdheid.
Veel financiers eisen een recent uittreksel, vaak niet ouder dan enkele maanden. Dat is een eis van de financier, geen wettelijke termijn. Geef wijzigingen in bestuur of activiteiten op tijd door aan de KVK. Een verkeerde vermelding kan de aanvraag vertragen. Aan de hand van de activiteiten beoordeelt de financier ook of u de vergunningen heeft die voor uw sector gelden.
Wie houdt toezicht op financiers?
Banken staan onder toezicht van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Europese Centrale Bank; de Autoriteit Financiële Markten (AFM) houdt toezicht op het gedrag van financiële ondernemingen. Zakelijke kredietverlening door niet-banken valt grotendeels buiten het vergunningstelsel.
Welke financiers zijn er?
Traditionele banken zijn nog steeds de grootste bron van zakelijke financiering in Nederland. Zij bieden onder meer zakelijke leningen, rekening-courantkredieten en hypotheken voor bedrijfspanden.
Daarnaast zijn er alternatieve financiers. Qredits verstrekt microkredieten tot € 50.000 en mkb-kredieten tot € 250.000, vooral aan starters en kleine ondernemingen. Er zijn ook online kredietverstrekkers die aanvragen grotendeels geautomatiseerd beoordelen.
Via RVO lopen onder meer innovatiekredieten en de al genoemde BMKB-regeling. Die regeling helpt ondernemers die de bank onvoldoende zekerheid kunnen bieden.
Voor specifieke behoeften zijn er gespecialiseerde partijen, bijvoorbeeld voor factoring, voorraadfinanciering en lease van bedrijfsmiddelen.
Welke regels gelden er?
De belangrijkste regels staan in de Wet op het financieel toezicht (Wft), de Europese crowdfundingverordening en de Wwft. Voor zakelijke kredieten gelden veel minder regels dan voor consumentenkrediet.
- De Wft regelt onder meer de bankvergunning en het toezicht op banken.
- De Europese crowdfundingverordening (Verordening (EU) 2020/1503) regelt de vergunning voor crowdfundingplatforms.
- De Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) verplicht financiers tot cliëntenonderzoek.
Een bank heeft een vergunning nodig om bedrijfsmatig geld van het publiek aan te trekken en krediet te verlenen. Onder het Europese bankentoezicht (Single Supervisory Mechanism, SSM) verleent de Europese Centrale Bank die vergunning formeel, op voorstel van DNB. Banken uit andere EU-landen mogen met een Europees paspoort ook in Nederland actief zijn.
Alternatieve kredietverstrekkers die alleen zakelijk krediet geven, hebben meestal geen vergunning nodig. Zij moeten wel de Wwft-regels naleven.
Hoe bent u als ondernemer beschermd?
Als ondernemer bent u minder beschermd dan een consument. U bent vooral aangewezen op het contract, de algemene regels van het BW en gedragscodes.
Bescherming komt vooral van:
- de gedragscode en het keurmerk “Erkend MKB Financier” van de Stichting MKB Financiering, waarbij aangesloten alternatieve financiers zich verplichten tot transparantie over kosten;
- klachtenregelingen van financiële instellingen en het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid), waarmee erkende mkb-financiers samenwerken;
- de algemene regels van het contractenrecht, zoals de redelijkheid en billijkheid en de regels over onredelijk bezwarende algemene voorwaarden.
Veelgestelde vragen
Hieronder beantwoorden wij een aantal veelgestelde vragen over de juridische kant van zakelijke financiering.
Welke wetten regelen zakelijke financiering in Nederland?
Er is geen aparte wet voor zakelijke financiering. De leningsovereenkomst valt onder de regels voor geldlening in artikel 7:129 tot en met 7:129f BW, en de zekerheden onder Boek 3 BW.
De Wet op het financieel toezicht regelt het toezicht op banken en andere financiële ondernemingen. De Wwft verplicht financiers om te controleren wie hun klant is en wie de uiteindelijk belanghebbenden zijn. Daarom moeten u en uw medebestuurders zich identificeren voordat de financiering wordt verstrekt. De Wwft is ook van belang bij het voorkomen van witwassen.
Aan welke eisen moet u voldoen?
De wet stelt geen algemene eisen aan de ondernemer die leent; de eisen komen van de financier. Wel moet uw onderneming volgens de Handelsregisterwet 2007 in het handelsregister staan.
De meeste financiers willen dat uw bedrijf al enige tijd actief is. Zij vragen een recent uittreksel uit het handelsregister, recente jaarrekeningen en belastingaangiften. Wees volledig en eerlijk over uw financiële situatie. Onjuiste informatie kan later een grond zijn om de lening op te eisen.
Hoe werkt zekerheidstelling?
De financier krijgt een zekerheidsrecht op bepaalde goederen of een recht om een ander aan te spreken. Kunt u niet betalen, dan mag hij de goederen verkopen en zich uit de opbrengst voldoen.
Een hypotheekrecht op het bedrijfspand komt veel voor. Met een persoonlijke borgtocht wordt u privé aansprakelijk voor de schulden van uw bedrijf. Uw privévermogen kan dan worden aangesproken bij wanbetaling.
Een pandrecht op inventaris of voorraad geeft de financier het recht om die goederen te verkopen als u niet betaalt. U kunt zo uw bedrijfsmiddelen verliezen.
Welke vergunningen hebben financiers nodig?
Een bank heeft een bankvergunning nodig. Een crowdfundingplatform heeft een vergunning van de AFM nodig op grond van de Europese crowdfundingverordening.
Een kredietverstrekker die alleen zakelijk krediet geeft en geen spaargeld aantrekt, heeft in de regel geen vergunning nodig. Controleer bij een onbekende financier daarom altijd wie hij is en of hij is aangesloten bij een gedragscode.
Heeft u als ondernemer een bedenktijd?
Nee, in de regel niet. De bedenktijd van 14 dagen voor kredieten geldt alleen voor consumenten (artikel 7:66 BW).
Als u een zakelijke financiering tekent, bent u dus direct gebonden. Laat het contract daarom vóór ondertekening beoordelen, en niet erna.
Is er een maximumrente voor zakelijke leningen?
Nee. De wettelijke maximale kredietvergoeding geldt alleen voor consumentenkrediet.
Financiers mogen bij zakelijke kredieten zelf de rente bepalen, afhankelijk van het risico. In uitzonderlijke gevallen kan een overeenkomst worden aangetast, bijvoorbeeld als sprake is van misbruik van omstandigheden (artikel 3:44 BW). Daarvoor is de lat hoog. Bij een variabele rente is het contract bepalend voor wanneer en hoe de financier de rente mag aanpassen.
Wat kunnen wij voor u doen bij zakelijke financiering?
Wij beoordelen financieringsafspraken voordat u tekent, en staan u bij als de financier de lening opeist.
- Wij beoordelen de leningsovereenkomst en de algemene voorwaarden van de financier op opeisingsgronden, convenanten en boeterente.
- Wij controleren welke zekerheden u geeft, zoals een hypotheekrecht of een stil pandrecht (artikelen 3:239 en 3:260 BW), en of die in verhouding staan tot de lening.
- Wij toetsen een persoonlijke borgtocht aan artikel 7:857 en verder BW en onderhandelen over een maximumbedrag en een einddatum.
- Wij gaan na of voor de borgtocht toestemming van uw echtgenoot of geregistreerd partner nodig is (artikel 1:88 BW).
- Wij staan u bij als de financier de lening opeist of zekerheden wil uitwinnen, en onderhandelen over een hersteltermijn.
Samengevat
- Voor zakelijke financiering bepalen vooral het contract en de zekerheden uw positie; de strenge regels voor consumentenkrediet gelden niet.
- Een persoonlijke borgtocht maakt u privé aansprakelijk, ook als u een bv heeft. De bescherming van artikel 7:857 en verder BW geldt niet voor de bestuurder-grootaandeelhouder.
- Financiers vragen vaak een hypotheekrecht of pandrecht; bij wanbetaling mogen zij die zekerheden zonder rechter uitwinnen.
- Er is geen maximumrente en geen bedenktijd voor zakelijke kredieten. Vergelijk daarom de totale kosten en lees de opeisingsgronden voordat u tekent.
- Banken en crowdfundingplatforms hebben een vergunning nodig; veel andere zakelijke kredietverstrekkers niet.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina civiel recht advocaat.