Gepubliceerd op 5 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026
U mag een contract eenzijdig beëindigen door opzegging als het contract of de wet dat toestaat, door ontbinding als de andere partij tekortschiet (artikel 6:265 BW), of door vernietiging bij een wilsgebrek zoals dwaling of bedrog. Een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd is in beginsel opzegbaar, maar voor arbeid en huur gelden strengere wettelijke regels.
Welke route u kiest, bepaalt wat er met het verleden gebeurt. Opzegging werkt alleen voor de toekomst, ontbinding verplicht tot ongedaanmaking van wat al is gepresteerd, en vernietiging werkt terug tot het sluiten van het contract.
Inhoudsopgave
Opzeggen, ontbinden of vernietigen: wat is het verschil?
| Route | Wanneer | Hoe | Gevolg |
|---|---|---|---|
| Opzegging | contract of wet staat het toe; duurovereenkomst voor onbepaalde tijd | verklaring aan de wederpartij, met inachtneming van de opzegtermijn | contract eindigt na de opzegtermijn; geen terugwerkende kracht |
| Ontbinding | tekortkoming van de wederpartij die de ontbinding rechtvaardigt (artikel 6:265 BW) | schriftelijke verklaring (artikel 6:267 BW) of via de rechter | geen terugwerkende kracht, wel ongedaanmaking van prestaties (artikel 6:269 en 6:271 BW) |
| Vernietiging | wilsgebrek: dwaling, bedrog, bedreiging of misbruik van omstandigheden | buitengerechtelijke verklaring of via de rechter | werkt terug tot het sluiten van het contract (artikel 3:53 BW) |
Wanneer mag u een contract opzeggen?
Opzegging is een eenzijdige verklaring waarmee u een overeenkomst voor de toekomst beëindigt. U hoeft geen tekortkoming van de ander aan te tonen. Wel heeft u een grondslag nodig: een opzegbepaling in het contract of de algemene voorwaarden, een wettelijke regeling, of een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd.
- Bepaalde tijd: het contract eindigt op de afgesproken datum. Tussentijds opzeggen kan alleen als dat is afgesproken.
- Onbepaalde tijd: in beginsel opzegbaar, ook als het contract daar niets over zegt.
Wat zegt de Hoge Raad over opzegging van een duurovereenkomst?
Voorzien de wet en de overeenkomst niet in opzegging, dan is een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd in beginsel opzegbaar. De eisen van redelijkheid en billijkheid kunnen wel meebrengen dat opzegging alleen kan bij een voldoende zwaarwegende grond, en dat een opzegtermijn of een aanbod tot schadevergoeding nodig is. Dat hangt af van de aard en inhoud van de overeenkomst en de omstandigheden. In de zaak waarin de Hoge Raad dit uitwerkte, mocht een gemeente overeenkomsten met een netbeheerder over kabels en leidingen opzeggen zonder zwaarwegende grond; een termijn van iets meer dan drie maanden was redelijk en schadevergoeding was niet nodig, omdat geen concrete investeringen waren gesteld (HR 28 oktober 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ9854).
Meer hierover leest u in opzegging van duurovereenkomsten en de grenzen van redelijkheid en billijkheid.
Welke opzegtermijn is redelijk?
Staat er een termijn in het contract, dan geldt die. Staat er niets, dan moet de termijn redelijk zijn. Factoren die meewegen:
- de duur van de samenwerking;
- de afhankelijkheid van de wederpartij, bijvoorbeeld als een groot deel van haar omzet uit dit contract komt;
- investeringen die de wederpartij voor het contract heeft gedaan en nog niet heeft terugverdiend;
- de tijd die de wederpartij nodig heeft om een vervanger te vinden.
Is de termijn te kort, dan kan de rechter de opzegging laten ingaan op een later moment of een schadevergoeding toekennen. Bij langdurige samenwerkingen met flinke investeringen is dat risico het grootst.
Wanneer kunt u een contract ontbinden?
U kunt ontbinden als de andere partij tekortschiet in de nakoming, bijvoorbeeld door niet te betalen, niet of te laat te leveren of gebrekkig te presteren. De tekortkoming moet de ontbinding wel rechtvaardigen: een tekortkoming die gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis de ontbinding niet rechtvaardigt, is niet genoeg (artikel 6:265 BW).
Moet de andere partij eerst in verzuim zijn?
Is nakoming nog mogelijk, dan moet de wederpartij in verzuim zijn. Meestal is daarvoor een ingebrekestelling nodig: een schriftelijke aanmaning met een redelijke termijn om alsnog na te komen (artikel 6:82 BW). Het verzuim treedt zonder ingebrekestelling in als een fatale termijn is verstreken, of als de wederpartij heeft laten weten dat zij niet zal nakomen (artikel 6:83 BW).
Hoe ontbindt u?
- Stel de wederpartij schriftelijk in gebreke, tenzij verzuim al zonder ingebrekestelling is ingetreden.
- Laat de termijn verlopen en leg vast dat niet is nagekomen.
- Stuur een schriftelijke ontbindingsverklaring (artikel 6:267 BW) waarin u de tekortkoming noemt, naar het contract verwijst en de overeenkomst ontbonden verklaart.
- Verstuur aantoonbaar, bijvoorbeeld aangetekend en per e-mail.
Na ontbinding moeten partijen wat al is gepresteerd ongedaan maken; kan dat niet, dan wordt de waarde vergoed (artikel 6:272 BW). Daarnaast kunt u schadevergoeding vorderen als de tekortkoming aan de wederpartij kan worden toegerekend. Voor een koop zie ook koopcontract ontbinden en koopovereenkomst ontbinden.
Wanneer kunt u een overeenkomst vernietigen?
Vernietiging kan bij een wilsgebrek bij het sluiten van het contract:
- dwaling: u ging uit van een onjuiste voorstelling van zaken, bijvoorbeeld door onjuiste informatie van de wederpartij (artikel 6:228 BW);
- bedrog: de wederpartij heeft u opzettelijk misleid of iets verzwegen dat zij had moeten melden (artikel 3:44 BW);
- misbruik van omstandigheden: de wederpartij heeft misbruik gemaakt van bijvoorbeeld uw noodtoestand of onervarenheid (artikel 3:44 BW).
Vernietiging werkt terug tot het moment van sluiten. Wat partijen hebben ontvangen, moet terug. De rechtsvordering tot vernietiging wegens dwaling of bedrog verjaart in de regel drie jaar nadat de dwaling of het bedrog is ontdekt (artikel 3:52 BW). Zie ook wanneer is een overeenkomst nietig of vernietigbaar.
Welke bijzondere regels gelden voor arbeid, huur en andere contracten?
Arbeidsovereenkomst
Een werkgever kan een werknemer niet zomaar ontslaan. Hij heeft een redelijke grond nodig en meestal toestemming van UWV of ontbinding door de kantonrechter (artikel 7:669 BW). De opzegtermijn van de werkgever hangt af van de duur van het dienstverband; de werknemer heeft in beginsel een termijn van één maand (artikel 7:672 BW). Zie ook de opzegtermijn van de werknemer en de opzegtermijn bij bedrijfseconomisch ontslag.
| Duur dienstverband | Opzegtermijn werkgever |
|---|---|
| korter dan 5 jaar | 1 maand |
| 5 tot 10 jaar | 2 maanden |
| 10 tot 15 jaar | 3 maanden |
| 15 jaar of langer | 4 maanden |
Tijdens een geldige proeftijd kunnen beide partijen direct opzeggen. De proeftijd is maximaal een maand bij een contract van meer dan zes maanden en korter dan twee jaar, en maximaal twee maanden bij twee jaar of langer of onbepaalde tijd (artikel 7:652 BW).
Huurovereenkomst voor woonruimte
Een huurder van woonruimte kan opzeggen met een termijn gelijk aan de betalingstermijn, met een minimum van één en een maximum van drie maanden (artikel 7:271 lid 5 BW). Een verhuurder heeft het veel moeilijker. Hij kan alleen opzeggen op een van de gronden van artikel 7:274 BW, zoals ernstige tekortkomingen van de huurder, dringend eigen gebruik of weigering van een redelijk aanbod voor een nieuwe huurovereenkomst. Zijn termijn is drie maanden plus één maand voor elk jaar dat de huur onafgebroken heeft geduurd, met een maximum van zes maanden. Stemt de huurder niet in, dan eindigt de huur pas als de rechter de vordering tot beëindiging toewijst (artikel 7:272 BW). Meer leest u over huurbescherming bij huurbeëindiging, huur opzeggen bij renovatie of verkoop en ontbinding en ontruiming.
Actueel: sinds 1 juli 2024 geldt de Wet vaste huurcontracten. Huur van woonruimte is sindsdien in beginsel voor onbepaalde tijd; tijdelijke contracten zijn alleen nog in uitzonderingsgevallen mogelijk. Zie ook huurovereenkomst voor bepaalde tijd.
Verzekering en overeenkomst van opdracht
- Verzekering: een consument kan een stilzwijgend verlengde verzekering na het eerste contractjaar op elk moment opzeggen, met een opzegtermijn van ten hoogste één maand (artikel 7:940 lid 4 BW).
- Opdracht: een opdrachtgever kan een overeenkomst van opdracht, zoals met een adviseur of advocaat, altijd opzeggen (artikel 7:408 lid 1 BW). Of daarbij een vergoeding verschuldigd is, hangt af van de afspraken en de omstandigheden.
Tussen bedrijven is er meer contractsvrijheid dan tussen een bedrijf en een consument; zie contracteren met consumenten en bedrijven.
Wat controleert u voordat u een contract beëindigt?
- Of het contract, de algemene voorwaarden of de wet een grond voor opzegging, ontbinding of vernietiging geeft.
- De opzegtermijn, vormvereisten (bijvoorbeeld schriftelijk of aangetekend) en eventuele boeteclausules.
- Bij een tekortkoming: of de wederpartij in verzuim is of eerst in gebreke moet worden gesteld.
- Bij een langdurige samenwerking: investeringen en afhankelijkheid van de wederpartij, en dus een redelijke termijn.
- Of u de opzegging of ontbinding aantoonbaar kunt versturen.
Wat doet u als de andere partij het contract beëindigt?
- Controleer of de grond en de termijn kloppen met het contract en de wet.
- Betwist een ontbinding schriftelijk als de tekortkoming de ontbinding niet rechtvaardigt.
- Breng in kaart welke investeringen en schade een te korte opzegtermijn veroorzaakt.
- Bewaar correspondentie en bewijs van uw eigen nakoming.
Hoe wij helpen bij het beëindigen van een contract
- Wij beoordelen of er een grond is voor opzegging, ontbinding of vernietiging.
- Wij stellen de ingebrekestelling en de opzeggings- of ontbindingsverklaring op.
- Wij bepalen een redelijke opzegtermijn en berekenen de schade bij een te korte termijn.
- Wij betwisten een onterechte beëindiging en vorderen nakoming of schadevergoeding.
- Wij voeren zo nodig de procedure, ook in kort geding.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina ondernemingsrecht advocaat.