Stel u voor: u heeft jarenlang een stabiele relatie met een vaste leverancier. Er is een kort contract, maar veel gaat op basis van vertrouwen. Plotseling ontdekt u dat deze leverancier betrokken is bij een milieuschandaal of slechte arbeidsomstandigheden bij de productie. U wijst direct naar uw ‘Code of Conduct’ op uw website. Maar de leverancier haalt zijn schouders op: “Die hebben we nooit getekend.”
Dit scenario komt vaker voor dan u denkt. In een tijd waarin maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) en supply chain due diligence niet langer optioneel zijn, spelen gedragscodes een steeds grotere rol. Grote bedrijven en MKB-ondernemers leggen hun ketenpartners strenge normen op. Maar papier is geduldig. De centrale vraag die veel inkoopmanagers en directeuren bezighoudt is: wanneer is zo’n gedragscode nu eigenlijk juridisch bindend? Is het een vrijblijvend wensenlijstje, of een hard contractueel document met financiële gevolgen bij overtreding?
In dit artikel duiken we diep in de juridische status van de leverancier gedragscode. We bespreken uw rechten, plichten en de juridische valkuilen, zodat u precies weet waar u aan toe bent.
Belangrijkste inzicht vooraf:
Een gedragscode voor leveranciers is juridisch bindend wanneer: (1) deze expliciet in het contract is opgenomen, (2) partijen deze impliciet zijn overeengekomen via eerdere samenwerking, of (3) deze via redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 BW) of branchegebruik deel uitmaakt van de overeenkomst. De afdwingbaarheid hangt sterk af van de kenbaarheid en de specifieke context.
Hoofdstuk 1: Wat is een Gedragscode voor Leveranciers?
Een gedragscode voor leveranciers (ook wel Supplier Code of Conduct genoemd) is een document waarin een organisatie vastlegt aan welke normen en waarden haar toeleveranciers moeten voldoen. Waar een normaal contract zich richt op prijs, levertijd en kwaliteit, richt de gedragscode zich op de wijze waarop producten of diensten tot stand komen.
Verschillende vormen en normen
Gedragscodes komen in vele soorten en maten voor. We onderscheiden grofweg drie categorieën:
- Bedrijfsspecifieke codes: Opesteld door de inkopende partij zelf (bijvoorbeeld de Code of Conduct van Shell of Unilever).
- Branchespecifieke codes: Gezamenlijke standaarden binnen een sector, zoals in de textiel- of bouwsector.
- Internationale standaarden: Verwijzingen naar algemene principes zoals de OESO-richtlijnen of de UN Global Compact.
Inhoudelijk dekken deze codes vaak vier hoofdpijlers:
- Arbeidsomstandigheden: Geen kinderarbeid, veilige werkplek, eerlijke lonen.
- Milieunormen: Afvalverwerking, CO2-uitstoot, gebruik van grondstoffen.
- Ethisch zakendoen: Anti-corruptie, geen steekpenningen, eerlijke mededinging.
- Privacy en data: Naleving van de AVG en bescherming van bedrijfsgeheimen.
Soft law vs. harde afspraken
Juridisch gezien bevinden gedragscodes zich vaak in een grijs gebied. In de basis worden ze vaak gezien als ‘soft law‘: richtlijnen die moreel wenselijk zijn, maar niet direct afdwingbaar via de rechter. Echter, zodra deze codes onderdeel worden van de handelsrelatie, kunnen ze transformeren naar harde contractuele verplichtingen. Het onderscheid tussen een vrijblijvende intentieverklaring en een bindend contract is cruciaal voor ondernemers.
Samenvatting Hoofdstuk 1
Een gedragscode legt normen vast over hoe een leverancier werkt (arbeid, milieu, ethiek). Hoewel het vaak begint als ‘soft law’, kan het in de zakelijke praktijk harde juridische consequenties hebben.
Hoofdstuk 2: Juridische Betekenis en Bronnen
Om te bepalen of u (of uw leverancier) gebonden is aan een gedragscode, kijken we naar het Nederlands recht. Er zijn verschillende juridische routes waarlangs een gedragscode ‘binnenkomt’ in uw overeenkomst.
Contractuele werking: Expliciet vs. Impliciet
De meest duidelijke route is de contractuele. Als in de inkoopovereenkomst letterlijk staat: “De leverancier conformeert zich aan de bijgevoegde gedragscode,” dan is er geen twijfel. Dit is een expliciete afspraak.
Het wordt complexer bij impliciete afspraken. Heeft u in het verleden al tien keer zaken gedaan onder verwijzing naar de code? Dan kan de rechter oordelen dat u er bij de elfde keer ook aan gebonden bent, zelfs als er niet opnieuw voor getekend is.
De rol van Algemene Voorwaarden (Art. 6:231 e.v. BW)
Vaak wordt een gedragscode juridisch aangevlogen als een set Algemene Voorwaarden. Volgens artikel 6:232 BW is een partij gebonden aan algemene voorwaarden als hij de gelding ervan heeft aanvaard, ook als hij de inhoud niet kende. Dit betekent dat als een leverancier tekent voor “toepasselijkheid van de algemene voorwaarden en bijbehorende gedragscode”, hij er in principe aan vastzit, zelfs als hij de code nooit heeft gelezen. De enige uitweg is als de code onredelijk bezwarend is of niet ter hand is gesteld.
Redelijkheid en Billijkheid (Art. 6:248 BW)
Dit is een van de belangrijkste artikelen in het Nederlandse verbintenissenrecht. Artikel 6:248 BW stelt dat een overeenkomst niet alleen de gevolgen heeft die partijen expliciet hebben afgesproken, maar ook de gevolgen die voortvloeien uit de wet, de gewoonte of de eisen van redelijkheid en billijkheid.
Wat betekent dit concreet? Zelfs als een gedragscode niet letterlijk in het contract staat, kan een rechter oordelen dat bepaalde normen (zoals het verbod op kinderarbeid of corruptie) zo fundamenteel zijn in het Nederlandse handelsverkeer, dat ze via de ‘redelijkheid en billijkheid’ toch gelden tussen partijen.
Branchegebruik en Jurisprudentie
De rechter kijkt ook naar wat normaal is in uw sector. In de uitspraak ECLI:NL:CBB:2015:285 oordeelde het College van Beroep voor het bedrijfsleven dat consumenten (en in het verlengde daarvan zakelijke afnemers) mogen verwachten dat een ondernemer zich aan een gedragscode houdt als hij zich daaraan verbonden heeft. Niet-naleving kan dan gezien worden als een oneerlijke handelspraktijk.
Ook de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2021:1677) bevestigt dat rechters gedragsregels steeds vaker meewegen bij de uitleg van contracten, zeker als deze regels voortkomen uit Europese richtlijnen.
Samenvatting hoofdstuk 2
Een gedragscode wordt juridisch verankerd via contracten, algemene voorwaarden (6:232 BW) of de open norm van redelijkheid en billijkheid (6:248 BW). Ook branchegebruiken spelen een grote rol bij de interpretatie door de rechter.
Hoofdstuk 3: Wanneer is een gedragscode bindend?
Voor een inkoopmanager of leverancier is de theorie leuk, maar de praktijk leidend. Wanneer tikt de rechter nu met de hamer? Hieronder de situaties waarin gebondenheid wordt aangenomen.
1. Expliciete opname
Dit is de gouden standaard. De gedragscode is als bijlage bij het contract gevoegd en er is voor geparafeerd. Of er staat een dwingende clausule in de hoofdovereenkomst met een directe hyperlink naar de actuele code.
2. Impliciete werking & bestendig gebruik
Als partijen al jaren zakendoen en op facturen of eerdere orders steeds naar de code is verwezen zonder protest, ontstaat ‘bestendig gebruik’. De leverancier kan dan niet opeens claimen dat de code niet geldt.
3. Kenbaarheid en verspreiding
Voor professionele partijen (B2B) ligt de lat hoger dan voor consumenten. Van een professionele leverancier wordt verwacht dat hij zich verdiept in de voorwaarden. Staat de code duidelijk op de website van de afnemer en wordt er in de e-mailhandtekening naar verwezen? Dan kan een rechter oordelen dat de leverancier hiervan op de hoogte had moeten zijn.
Checklist: Is de code bindend?
Twijfelt u? Loop deze 5 factoren na:
- Is er getekend voor ontvangst of akkoord?
- Wordt er in de overeenkomst duidelijk verwezen naar de code?
- Is de code voor of tijdens het sluiten van de deal overhandigd (fysiek of digitaal)?
- Is de code gebruikelijk in deze specifieke branche?
- Hebben partijen in het verleden al volgens deze code gehandeld?
Samenvatting Hoofdstuk 3
Een code is bindend bij handtekening, maar ook door gewoonte en bestendig gebruik. Professionele partijen hebben een onderzoeksplicht: ‘ik heb het niet gelezen’ is zelden een geldig excuus in B2B.
Hoofdstuk 4: Verweer tegen een Gedragscode
Wanneer kan een leverancier zich met succes verzetten tegen de toepassing van een gedragscode? Er zijn situaties denkbaar waarin een beroep op de code onredelijk is.
Onvoldoende kenbaarheid
Als de gedragscode ergens diep in een website verstopt zat en nooit is genoemd tijdens onderhandelingen, kan een leverancier stellen dat deze niet op de juiste wijze ‘ter hand is gesteld’ (conform de regels voor algemene voorwaarden).
Onredelijk bezwarend (Art. 6:233 BW)
Een leverancier kan een beding in de gedragscode vernietigen als dit “onredelijk bezwarend” is. Stel dat een supermarktketen via een gedragscode eist dat een kleine boer binnen 24 uur volledige inzage geeft in alle financiële boeken bij een simpele verdenking, zonder wederhoor. Een rechter kan oordelen dat zo’n vergaande inbreuk op de privacy disproportioneel is.
Onaanvaardbare gevolgen
Een beroep op de gedragscode kan worden afgewezen als dit in de gegeven omstandigheden “naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar” zou zijn. Bijvoorbeeld: een afnemer gebruikt een kleine, administratieve schending van de gedragscode om onder een miljoenencontract uit te komen, terwijl de leverancier de fout direct heeft hersteld.
Samenvatting Hoofdstuk 4
Verweer is mogelijk als de code niet goed is gecommuniceerd, normen onredelijk zwaar zijn voor de leverancier, of als strikte toepassing in een specifiek geval onaanvaardbaar unfair is.
Hoofdstuk 5: Gevolgen van Schending
Stel, de gedragscode is bindend en de leverancier overtreedt deze. Wat zijn de juridische en financiële gevolgen?
Schadevergoeding
Een afnemer kan schadevergoeding vorderen op basis van wanprestatie (art. 6:74 BW) of onrechtmatige daad (art. 6:162 BW).
- Wanprestatie: De leverancier komt de afspraak (naleven code) niet na.
- Onrechtmatige daad: Het handelen is in strijd met wat in het maatschappelijk verkeer betaamt.
Let op: ook zonder een expliciete boetebepaling in het contract kan schadevergoeding worden geëist. De afnemer moet dan wel de daadwerkelijke schade bewijzen.
Bewijslast en Causaal Verband
De eisende partij (afnemer) moet drie dingen aantonen:
- De schending: Dat de leverancier daadwerkelijk de norm heeft overtreden.
- De schade: Bijvoorbeeld reputatieschade, kosten voor een recall, of verlies van eindklanten.
- Causaal verband: Dat de schade direct komt door de schending van de code.
Praktijkvoorbeeld: Reputatieschade
Een kledingmerk werkt met een atelier dat volgens de gedragscode geen giftige verfstoffen mag gebruiken. Het atelier doet dit toch. Het nieuws lekt uit, en het kledingmerk moet de collectie terughalen en lijdt imagoschade. Het merk kan de kosten van de recall én de gemiste omzet verhalen op het atelier, omdat de schending van de code direct leidde tot deze schade.
Matiging door de rechter (Art. 6:109 BW)
De rechter kan de schadevergoeding matigen als volledige vergoeding tot “kennelijk onaanvaardbare gevolgen” zou leiden. Denk aan een kleine leverancier die failliet zou gaan door een enorme claim, terwijl de fout relatief klein was.
Samenvatting Hoofdstuk 5
Bij schending riskeert de leverancier schadeclaims voor wanprestatie of onrechtmatige daad. De afnemer moet wel bewijzen dat de schade direct door de overtreding komt. Rechters kunnen claims matigen als ze disproportioneel zijn.
Hoofdstuk 6: Consumentenbescherming
Hoewel dit artikel focust op B2B (bedrijf-tot-bedrijf), speelt de consumentenwetgeving een rol op de achtergrond. Artikel 7:6 BW bepaalt dat bij een consumentenkoop niet ten nadele van de koper mag worden afgeweken.
Als een leverancier via een gedragscode probeert zijn aansprakelijkheid richting consumenten in te perken, zal een rechter daar snel een streep door zetten. Daarnaast kijkt de Autoriteit Consument & Markt (ACM) kritisch naar ‘greenwashing’. Als een bedrijf in zijn gedragscode pronkt met duurzaamheid, maar dit in de keten niet waarmaakt, is er sprake van misleiding. Dit werkt door in de keten: afnemers moeten hun leveranciers strak houden om zelf geen claims van consumenten te krijgen.
Samenvatting Hoofdstuk 6
Gedragscodes mogen consumentenrechten niet inperken. Bovendien dwingt consumentenrecht (en toezicht door de ACM) bedrijven om hun gedragscodes in de keten ook echt te handhaven.
Hoofdstuk 7: Praktische Tips voor Leveranciers
Bent u leverancier en krijgt u te maken met gedragscodes? Teken niet blind bij het kruisje.
- Inventariseer de norm: Weet wat gangbaar is in uw branche. Een code die eist dat u 100% CO2-neutraal bent is in de ene sector standaard, in de andere onmogelijk.
- Maak het bespreekbaar: Kunt u niet aan een eis voldoen? Communiceer dit voor het tekenen. Vaak is een groeipad bespreekbaar.
- Kenbaar maken: Heeft u eigen leveringsvoorwaarden? Zorg dat deze niet conflicteren met de inkoopvoorwaarden/gedragscode van uw klant (battle of forms).
- Documenteer: Houdt bewijs bij van uw naleving (certificaten, audit-rapporten). Dit is uw verdediging bij discussie.
- Aansprakelijkheid: Probeer in het contract uw aansprakelijkheid voor gevolgschade (zoals reputatieschade van de klant) te beperken tot een vast bedrag of de orderwaarde.
- Verzekering: Check of uw bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering dekking biedt bij claims op basis van contractbreuk/gedragscodes.
Samenvatting Hoofdstuk 7
Wees proactief. Lees de code, onderhandel over onhaalbare eisen en beperk contractueel uw aansprakelijkheid voor gevolgschade.
Hoofdstuk 8: Praktische Tips voor Afnemers
Wilt u dat uw gedragscode juridisch waterdicht is?
- Maak het expliciet: Neem de gedragscode op als bijlage bij het contract en laat er apart voor paraferen.
- Auditrecht: Neem een clausule op die u het recht geeft om (onaangekondigd) audits uit te voeren bij de leverancier om naleving te controleren.
- Harde sancties: Formuleer helder wat de gevolgen zijn bij overtreding (directe beëindiging contract, boetebeding). Een boetebeding is makkelijker te innen dan schadevergoeding omdat u de exacte schadehoogte niet hoeft te bewijzen.
- Rapportage: Verplicht de leverancier om periodiek te rapporteren over ESG-doelstellingen.
- Exit-strategie: Zorg dat schending van de gedragscode een “gewichtige reden” vormt voor onmiddellijke ontbinding van de overeenkomst.
Samenvatting Hoofdstuk 8
Zorg voor een expliciete contractuele basis, beding het recht op controle (audits) en neem een boetebeding op om bewijsproblemen bij schade te voorkomen.
Conclusie
Is een gedragscode voor leveranciers juridisch bindend? Het antwoord is in de meeste zakelijke relaties een volmondig ja, mits de basis op orde is. Wat ooit begon als een instrument voor vrijwillige zelfregulering, is uitgegroeid tot een hard juridisch instrument. Via contracten, algemene voorwaarden en de open normen van redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 BW) kunnen rechters leveranciers houden aan de standaarden die in hun sector gelden.
Met de komst van steeds strengere Europese wetgeving rondom duurzaamheid (zoals de CSDDD), zal de juridische druk om gedragscodes niet alleen te hebben, maar ook te handhaven, alleen maar toenemen. Voor leveranciers is het zaak om risico’s in te schatten en aansprakelijkheid te beperken. Voor afnemers is het cruciaal om de vrijblijvendheid eraf te halen door expliciete contractafspraken en audits.
Twijfelt u over de status van uw huidige gedragscodes of contracten? Laat deze dan juridisch toetsen. Een kleine aanpassing in de voorwaarden kan het verschil maken tussen een papieren tijger en een afdwingbaar recht.
Veelgestelde Vragen (FAQ)
Wat is een gedragscode voor leveranciers?
Een gedragscode voor leveranciers is een verzameling normen en afspraken over hoe leveranciers zich moeten gedragen, bijvoorbeeld op het gebied van arbeidsomstandigheden, milieu, anticorruptie en privacy.
Is een gedragscode altijd juridisch bindend?
Nee, een gedragscode is alleen bindend als deze expliciet of impliciet deel uitmaakt van de overeenkomst, via algemene voorwaarden, of via redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 BW) doorwerkt in de rechtsverhouding.
Kan ik als leverancier schadevergoeding krijgen bij schending?
In dit geval is de vraag meestal andersom: kan de afnemer schadevergoeding krijgen? Ja, een afnemer kan schadevergoeding vorderen bij schending van een gedragscode door de leverancier (art. 6:74 en 6:162 BW), ook zonder contractuele boetebepaling, mits schade, schending én causaal verband worden aangetoond.
Wanneer kan een leverancier zich verweren tegen een gedragscode?
Een leverancier kan verweer voeren als de gedragscode onvoldoende kenbaar is gemaakt, niet gebruikelijk is in de branche, of als toepassing tot kennelijk onaanvaardbare gevolgen zou leiden.
Wat is de rol van kenbaarheid bij gedragscodes?
Hoe bekender en breder verspreid een gedragscode is in een branche, des te groter de kans dat rechters deze als afdwingbare norm beschouwen, ook tussen professionele partijen (zie ECLI:NL:CBB:2015:285).