Cyberpesten: wanneer het strafbaar is en welke stappen u kunt zetten

Halfgesloten laptop op een bureau in een kamer met dichte gordijnen

Gepubliceerd op 8 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026

Cyberpesten is strafbaar zodra het gedrag onder een strafbepaling valt, zoals bedreiging (artikel 285 Wetboek van Strafrecht, Sr), belaging (artikel 285b Sr), smaad of laster (artikelen 261 en 262 Sr) of doxing (artikel 285d Sr, sinds 1 januari 2024). Een kwetsend bericht dat daar niet onder valt, is niet strafbaar; dan kunt u het vaak wel via het platform of de civiele rechter laten verwijderen.

Het strafrecht maakt geen onderscheid tussen online en offline: dezelfde artikelen gelden voor sociale media, chatapps en gameplatforms. Let op een praktisch punt: smaad, laster, belediging en belaging worden alleen vervolgd als het slachtoffer een klacht indient, en daarvoor geldt een termijn van drie maanden. Hieronder leest u welke gedragingen strafbaar zijn, hoe u aangifte doet en welke civiele stappen u kunt zetten.

Een persoon kijkt bezorgd naar een laptop terwijl een advocaat uitleg geeft in een moderne kantooromgeving.

Cyberpesten is geen wetsbegrip

Cyberpesten is het opzettelijk en vaak herhaald lastigvallen, bedreigen of vernederen van iemand via digitale middelen. Het Wetboek van Strafrecht kent het woord niet. Of het strafbaar is, hangt af van de vraag welk artikel het concrete gedrag dekt. Meer over de grens leest u bij strafbaar online gedrag en online pesten of shamen.

Voorbeelden zijn bedreigende privéberichten, nepaccounts op naam van het slachtoffer, het verspreiden van valse geruchten, het delen van privébeelden zonder toestemming en het openbaar maken van iemands adres. Online gaat het pesten buiten school- of werktijd door, kan het anoniem lijken en bereikt het snel een groot publiek. Tegelijk blijven digitale berichten bestaan, wat het bewijs vaak makkelijker maakt dan bij pesten op het schoolplein.

Welke strafbepalingen gelden bij online intimidatie?

GedragStrafbaar feitKlacht nodig?
Dreigen met onder meer openlijk geweld, doodslag of zware mishandeling, ook per berichtBedreiging, artikel 285 Sr (maximaal twee jaar gevangenisstraf)Nee
Stelselmatig ongewenste berichten sturen, volgen, lastigvallenBelaging, artikel 285b Sr (maximaal drie jaar)Ja (artikel 285b lid 2 Sr)
Iemand van een concreet feit beschuldigen om dat ruchtbaar te makenSmaad of smaadschrift, artikel 261 SrJa (artikel 269 Sr)
Hetzelfde, terwijl de dader weet dat het niet waar isLaster, artikel 262 SrJa (artikel 269 Sr)
Uitschelden in een openbare post of berichtBelediging, artikel 266 SrJa, behalve bij onder meer ambtenaren in functie
Iemands persoonsgegevens verspreiden om vrees aan te jagen of ernstige overlast te bezorgenDoxing, artikel 285d Sr (sinds 1 januari 2024)Nee
Dreigen privébeelden te verspreiden om iets af te dwingenAfdreiging (artikel 318 Sr) of dwang (artikel 284 Sr)Nee

Ook het zonder toestemming verspreiden van seksueel beeldmateriaal van iemand is een afzonderlijk misdrijf. Gaat het om beelden van een minderjarige, dan kan verspreiding vallen onder de strafbaarstelling van seksueel kindermisbruikmateriaal, ook als de verspreider zelf minderjarig is. Discriminerende uitlatingen over groepen zijn apart strafbaar (artikelen 137c en 137d Sr). Meer leest u bij belediging, smaad en laster, het verschil tussen smaad en laster, belaging en stalking en bedreiging via WhatsApp of social media.

Doxing: wat de eerste rechtspraak laat zien

Doxing is pas strafbaar sinds 1 januari 2024, en de wet werkt niet terug. De Rechtbank Rotterdam sprak op 4 december 2024 (ECLI:NL:RBROT:2024:12023) een man vrij die gegevens van een officier van justitie en diens broer op X had gezet. De berichten stonden er al vóór 1 januari 2024. Het laten staan ervan daarna gold volgens de rechtbank niet als verspreiden, en het oogmerk om de betrokkenen te schaden was niet bewezen.

Het Openbaar Ministerie heeft voor doxing een eigen richtlijn voor strafvordering vastgesteld. Die geldt sinds 1 januari 2024 en geeft uitgangspunten voor de strafeis, met hogere uitgangspunten als het slachtoffer een publieke of ambtelijke functie heeft (artikel 285d lid 2 Sr).

Een groep jongeren gebruikt digitale apparaten, sommigen zien bezorgd uit, wat het thema cyberpesten en online pesten uitbeeldt.

Waar ligt de grens met de vrijheid van meningsuiting?

Niet alles wat scherp is, is strafbaar. De vrijheid van meningsuiting (artikel 7 Grondwet en artikel 10 EVRM) beschermt ook felle kritiek, zeker over publieke personen of kwesties van algemeen belang. Persoonlijke aanvallen op een privépersoon, feitelijke beschuldigingen zonder grondslag en discriminatie krijgen veel minder bescherming. De rechter weegt de context, de toon en het bereik van de uitlating.

Aangifte en klacht: zo pakt u het strafrechtelijk aan

U doet aangifte bij de politie, online of op het bureau. Leg vooraf zoveel mogelijk bewijs vast, want berichten en accounts kunnen snel verdwijnen. Zie voor de procedure ons artikel over aangifte doen bij de politie.

  1. Maak screenshots met datum, tijd, gebruikersnaam en de link naar het bericht of profiel.
  2. Bewaar de originele berichten en verwijder niets, ook niet uit boosheid.
  3. Noteer wie de berichten ook heeft gezien.
  4. Meld het bericht daarna bij het platform en blokkeer de afzender.

Bij een klachtdelict is de aangifte niet genoeg: u moet uitdrukkelijk vragen om vervolging. Die klacht moet binnen drie maanden nadat u van het feit kennis kreeg (artikel 66 Sr). Voor smaad, laster en belediging volgt het klachtvereiste uit artikel 269 Sr, voor belaging uit artikel 285b lid 2 Sr.

Kan een anonieme dader worden gevonden?

Vaak wel, maar niet altijd. Bij een verdenking van een misdrijf kan de officier van justitie gebruikers- en verkeersgegevens vorderen bij platforms en internetproviders (artikelen 126n en 126na Wetboek van Strafvordering, Sv). Bij buitenlandse platforms of goed afgeschermde accounts lukt dat minder snel.

Wordt de dader vervolgd, dan kunt u zich als benadeelde partij voegen in de strafzaak en daar schadevergoeding vragen (artikel 51f Sv). Dat bespaart u een aparte civiele procedure. U heeft als slachtoffer ook recht op informatie over het verloop van de zaak en kunt, bij een aantal misdrijven, spreekrecht uitoefenen.

Een groep volwassenen in een kantoor waar een juridisch adviseur documenten bespreekt met een bezorgde persoon, met een laptop en papieren op een bureau.

Verbod, verwijdering en schadevergoeding via de civiele rechter

Ook als het gedrag niet strafbaar is, kan het onrechtmatig zijn (artikel 6:162 BW). U kunt de dader dan laten verbieden om door te gaan, rectificatie en verwijdering vorderen en schadevergoeding eisen. Bij spoed kan dat in kort geding. De rechter kan een verbod versterken met een dwangsom.

Vergoedbaar is materiële schade, zoals therapiekosten of inkomensverlies, en immateriële schade als u in uw eer of goede naam bent aangetast of op andere wijze in uw persoon (artikel 6:106 BW). In een civiele zaak moet u de feiten wel zelf stellen en bewijzen (artikel 150 Rv). Meer leest u bij smaad en reputatieschade op sociale media, rectificatie en verwijdering en schadevergoeding via de rechter.

Wat moet een platform doen met uw melding?

Sinds 17 februari 2024 geldt de Europese digitaledienstenverordening (Verordening (EU) 2022/2065) voor alle onlinediensten. Platforms moeten meldingen van illegale inhoud zorgvuldig behandelen en hun beslissing motiveren. Voor wat gebruikers plaatsen, zijn ze in beginsel niet aansprakelijk, zolang ze na een melding van duidelijk illegale inhoud snel optreden. Zie ook de juridische schaduwkant van social media.

Staan er persoonsgegevens van u online, dan kunt u verwijdering vragen op grond van het recht op vergetelheid (artikel 17 AVG). Weigert het platform, dan kunt u een klacht indienen bij de Autoriteit Persoonsgegevens of naar de rechter stappen. Meer over uw privacyrechten leest u bij privacywetgeving in Nederland.

Als de dader minderjarig is: jeugdstrafrecht en ouders

Vanaf 12 jaar kan een jongere strafrechtelijk worden vervolgd; tot 18 jaar geldt in de regel het jeugdstrafrecht (artikel 77a Sr). Daarnaast kunnen ouders civiel aansprakelijk zijn. Voor een kind jonger dan 14 jaar zijn de ouders aansprakelijk voor schade door onrechtmatig gedrag; bij een kind van 14 of 15 jaar ook, tenzij hun niet te verwijten valt dat zij het gedrag niet hebben belet (artikel 6:169 BW).

Speelt het pesten tussen leerlingen, dan heeft ook de school een rol. Sinds 1 augustus 2015 verplicht de Wet veiligheid op school scholen in het primair en voortgezet onderwijs tot een sociaal veiligheidsbeleid, het monitoren van de veiligheid van leerlingen en een aanspreekpunt voor pesten. Dat geldt ook voor pesten dat online doorloopt. Pesten tussen collega’s valt onder de zorgplicht van de werkgever; zie pesten op de werkvloer.

Slachtoffer of beschuldigde: wat u nu regelt

Wat doet u als u online wordt gepest of bedreigd?

  • Leg bewijs vast voordat u blokkeert of meldt.
  • Dien bij smaad, laster, belediging of belaging binnen drie maanden een klacht in (artikel 66 Sr).
  • Vraag het platform schriftelijk om verwijdering en bewaar de reactie.
  • Houd kosten bij, zoals therapie of inkomensverlies, voor een vordering als benadeelde partij of een civiele claim.

Wat doet u als u zelf van cyberpesten wordt beschuldigd?

  • U heeft het recht om te zwijgen en om een advocaat te raadplegen vóór het politieverhoor (artikel 28c Sv).
  • Ga na of uw uitlating een feitelijke beschuldiging was of een mening die onder de vrijheid van meningsuiting valt.
  • Controleer bij een klachtdelict of er een klacht is en of die op tijd is ingediend.
  • Bewaar de volledige berichtenwisseling: de context kan ook in uw voordeel pleiten. Een veroordeling kan gevolgen hebben voor een VOG, werk of reizen.

Cyberpesten in vier punten

  • Strafbaar wordt cyberpesten pas als het onder een concreet artikel valt, zoals bedreiging, belaging, smaad, laster, belediging of doxing.
  • Smaad, laster, belediging en belaging vragen een klacht van het slachtoffer, binnen drie maanden.
  • Doxing is strafbaar sinds 1 januari 2024 en werkt niet terug (Rb. Rotterdam 4 december 2024).
  • Civiel kunt u een verbod met dwangsom, verwijdering en schadevergoeding vorderen (artikel 6:162 BW), zo nodig in kort geding.

Hoe wij helpen bij cyberpesten

  • Wij beoordelen welke strafbepalingen op uw situatie van toepassing zijn.
  • Wij ordenen het bewijs en bereiden de aangifte en de klacht voor, binnen de termijn van drie maanden.
  • Wij vragen het platform of de dader schriftelijk om verwijdering en starten zo nodig een kort geding.
  • Wij staan slachtoffers bij als benadeelde partij en verdachten bij verhoor en zitting; zie onze pagina strafrecht advocaat.

Wettekst: Wetboek van Strafrecht. Lees ook: online reputatieschade, cancel culture en smaad en hacken.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.