Gepubliceerd op 8 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 9 oktober 2026
Cyberpesten is strafbaar zodra het gedrag onder een strafbepaling valt, zoals bedreiging (art. 285 Sr), stalking (art. 285b Sr), smaad (art. 261 Sr) of het verspreiden van seksueel beeldmateriaal zonder toestemming. Is een bericht zelf niet strafbaar, dan kunt u het vaak wel via het platform of de civiele rechter laten verwijderen.
Veel mensen beseffen niet dat online pesten vaak strafbaar is. Ze weten vaak ook niet welke rechten ze hebben als ze ermee te maken krijgen.
Cyberpesten is onder bepaalde omstandigheden strafbaar. Slachtoffers hebben verschillende juridische mogelijkheden om er iets tegen te doen.
Het maakt niet uit of het gaat om bedreiging, discriminatie, het delen van privéfoto’s of stalken. De wet biedt bescherming tegen deze vormen van digitaal geweld.
Inhoudsopgave
Wat is cyberpesten?
Cyberpesten is het gebruik van digitale middelen om iemand opzettelijk en herhaaldelijk te kwetsen. In tegenstelling tot gewoon pesten kan dit dag en nacht doorgaan en een groot publiek bereiken.
Wat zijn de kenmerken van cyberpesten?
Cyberpesten betekent dat iemand digitale apparaten zoals smartphones, computers of tablets gebruikt om iemand te treiteren, bedreigen of vernederen. Dit gebeurt meestal bewust en meerdere keren.
Het pesten loopt via allerlei online kanalen. Denk aan sociale media, sms, e-mail of gaming platforms.
Belangrijke kenmerken van cyberpesten:
- Gebeurt via digitale middelen
- Is opzettelijk en herhaaldelijk
- Kan anoniem zijn
- Bereikt vaak een groot publiek
- Gaat gewoon door buiten schooltijd
Cyberpesten kan op elk moment plaatsvinden. Slachtoffers voelen zich vaak nergens meer echt veilig.
Wat is het verschil met gewoon pesten?
Traditioneel pesten gebeurt meestal face-to-face, bijvoorbeeld op school. Cyberpesten speelt zich af via internet en digitale middelen.
Het grootste verschil is dat online pesten niet stopt na schooltijd. Het kan de hele dag doorgaan.
De verschillen op een rij:
- Bereik: Online pesten bereikt meer mensen
- Tijd: Cyberpesten gebeurt continu
- Anonimiteit: Online pesten kan anoniem zijn
- Bewijs: Digitale berichten blijven bestaan
Online pesten en offline pesten lopen vaak door elkaar. Het slachtoffer voelt zich dan eigenlijk nergens meer veilig.
Welke vormen van cyberpesten zijn er?
Er zijn allerlei manieren waarop cyberpesten gebeurt. Elke vorm kan flink wat schade aanrichten.
Veelvoorkomende vormen:
- Bedreigen via berichten
- Beledigende reacties plaatsen
- Roddels verspreiden online
- Privéfoto’s delen zonder toestemming
- Stalken op sociale media
- Namaakprofielen aanmaken
Het delen van privébeelden is extra schadelijk. Bij minderjarigen wordt dit gezien als het verspreiden van kinderporno.
Ook op gaming platforms komt cyberpesten voor. Spelers kunnen elkaar uitschelden of bedreigen tijdens het gamen.
Social media maakt het makkelijk om veel mensen te bereiken. Een pestbericht kan heel snel rondgaan.
Wanneer is cyberpesten strafbaar?
Cyberpesten wordt strafbaar als het onder bepaalde wetsartikelen valt, zoals bedreiging, stalking of smaad. De wet kijkt naar hoe ernstig het gedrag is en naar de omstandigheden.
Welke wetsartikelen zijn van toepassing?
Het Wetboek van Strafrecht heeft verschillende artikelen die gelden bij cyberpesten. Artikel 261 gaat over smaad en laster. Dit artikel geldt als iemand online bewust roddels verspreidt om een ander zwart te maken.
Artikel 285 gaat over bedreiging. U ziet dit bij dreigementen via sociale media of berichten-apps.
Belediging is strafbaar op grond van artikel 266. Sinds 1 januari 2024 is ook doxing strafbaar: het verspreiden van iemands persoonsgegevens om die persoon angst aan te jagen of ernstige hinder te bezorgen (artikel 285d).
Stalking valt onder artikel 285b. Als iemand stelselmatig en ernstig lastiggevallen wordt via internet, is dat stalking.
Het zonder toestemming verspreiden van naaktfoto’s of ander seksueel beeldmateriaal is een apart strafbaar feit. Gaat het om beelden van een minderjarige, dan geldt de nog zwaardere strafbaarstelling voor kinderpornografisch materiaal.
Dreigt iemand privébeelden te verspreiden om u tot iets te dwingen, dan kan dat afdreiging (artikel 318) of dwang (artikel 284) zijn.
Waar let de rechter op?
De rechter kijkt onder meer naar hoe vaak het gebeurt, met welke bedoeling, hoe ernstig het gedrag is en wat het met het slachtoffer doet.
De rechtbank kijkt naar verschillende dingen om te bepalen of online pesten strafbaar is. Frequentie is belangrijk. Een eenmalige nare opmerking is meestal niet strafbaar.
Opzet moet duidelijk zijn. Het gedrag moet echt bedoeld zijn om te kwetsen of schade toe te brengen.
De ernst van het gedrag telt zwaar mee. Een flauwe grap is anders dan een ernstige bedreiging of het verspreiden van privébeelden.
Leeftijd van de dader speelt ook een rol. Kinderen onder de 12 jaar kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd. Voor jongeren van 12 tot 18 jaar geldt het jeugdstrafrecht.
De impact op het slachtoffer telt ook mee. Als iemand psychisch echt schade oploopt, is de kans op vervolging groter.
Wanneer valt iets onder de vrijheid van meningsuiting?
Niet alles wat online wordt gezegd is strafbaar. De vrijheid van meningsuiting (art. 7 Grondwet en art. 10 EVRM) beschermt ook scherpe kritiek.
Toch zijn er grenzen. Het Europese Hof vindt dat vrijheid van meningsuiting niet nodeloos kwetsend of schadelijk mag zijn.
Publiek belang telt mee. Kritiek op bekende mensen mag meer dan persoonlijke aanvallen op gewone burgers.
De context is belangrijk. Een felle discussie tussen volwassenen ligt anders dan pesten van kinderen.
Discriminatie vanwege ras, geloof of andere kenmerken gaat altijd te ver.
Online shaming van privépersonen heeft minder bescherming dan nieuwsberichten.
Welke stappen kunt u als slachtoffer zetten?
Slachtoffers van cyberpesten kunnen verschillende juridische stappen nemen. Ze kunnen aangifte doen bij de politie, bewijs verzamelen voor hun zaak, of een civiele of strafzaak starten.
Hoe doet u aangifte en verzamelt u bewijs?
Slachtoffers kunnen aangifte doen bij de politie als cyberpesten strafbaar is. Een afspraak maakt u via 0900-8844. Dit geldt bijvoorbeeld bij bedreiging, discriminatie of smaad.
Belangrijke bewijsstukken:
- Screenshots van berichten en posts
- Datum en tijd van incidenten
- Namen van accounts en profielen
- E-mails en privéberichten
- Getuigenverklaringen
De politie luistert naar het verhaal van het slachtoffer en geeft informatie over de rechten. Ze kunnen ook zeggen welke andere instanties kunnen helpen.
Verzamel bewijs zo snel mogelijk. Online content kan snel verdwijnen of worden verwijderd.
Bewaar alle communicatie met de dader. Ook gesprekken met getuigen kunnen nuttig zijn.
Kiest u voor het strafrecht of het civiele recht?
Cyberpesten kunt u civielrechtelijk of strafrechtelijk aanpakken. Wat u kiest, hangt af van de situatie en wat u wilt bereiken.
Strafrechtelijke mogelijkheden:
- Aangifte van bedreiging
- Aangifte van discriminatie
- Aangifte van smaad of laster
- Aangifte van kinderporno (bij naaktfoto’s van minderjarigen)
Civielrechtelijke mogelijkheden:
- Schadevergoeding eisen
- Rectificatie vorderen
- Verbod op verdere publicatie
Bij strafzaken voert het Openbaar Ministerie de procedure. Bij civiele zaken stapt het slachtoffer zelf naar de rechter, meestal op grond van onrechtmatige daad (art. 6:162 BW).
In een strafproces heeft het slachtoffer bepaalde rechten. U mag bijvoorbeeld een slachtofferverklaring afleggen en u wordt op de hoogte gehouden van het verloop.
Hoe laat u schadelijke content verwijderen?
Meld de content eerst bij het platform. Helpt dat niet, dan kan de rechter in kort geding bevelen dat de content wordt verwijderd.
Directe aanpak:
- Melden bij sociale media platforms
- Contact opnemen met website beheerders
- Gebruik maken van rapportagefuncties
De meeste platforms hebben beleid tegen pesten en intimidatie. Ze kunnen content verwijderen en accounts blokkeren.
Voor hardnekkige gevallen is juridische hulp soms nodig. Advocaten kunnen formele verzoeken sturen aan platforms of providers.
Het Centraal Meldpunt Nederland (Meld.nl) biedt anonieme meldopties. Zij kunnen helpen bij het verwijderen van schadelijke content.
U kunt ook een kort geding starten. Dat is een snelle juridische procedure om content te laten verwijderen.
Wat moet een school doen tegen cyberpesten?
Scholen moeten leerlingen beschermen tegen pesten en cyberpesten. De Wet veiligheid op school verplicht scholen in het primair en voortgezet onderwijs sinds 2015 tot een sociaal veiligheidsbeleid, monitoring van de veiligheid en een aanspreekpunt voor pesten.
Wat houdt de zorgplicht van een school in?
Scholen staan onder zorgplicht om een veilige leeromgeving te bieden. Ze nemen maatregelen tegen pesten, ook online.
Die zorgplicht geldt zowel op school als bij online interacties tussen leerlingen. Als cyberpesten het schoolklimaat schaadt, moeten scholen ingrijpen.
Concrete verplichtingen van scholen:
- Preventie van pestgedrag
- Signaleren van pesten en cyberpesten
- Adequaat reageren op meldingen
- Nazorg voor slachtoffers en daders
Ouders en leerlingen mogen scholen aanspreken als ze hun zorgplicht negeren. Vooral als een school wist van pestgedrag en niets deed, kan dat juridische gevolgen hebben.
Welke regels gelden voor het anti-pestbeleid?
De basis is de Wet veiligheid op school uit 2015. Daarnaast ligt er een wetsvoorstel dat de eisen aanscherpt.
Het wetsvoorstel “vrij en veilig onderwijs” legt strengere eisen op aan het veiligheidsbeleid van scholen. Scholen moeten hun beleid regelmatig onder de loep nemen en aanpassen.
In de praktijk hoort bij het beleid vaak:
- Opstellen van een anti-pestprotocol
- Training van personeel in het herkennen van pesten
- Procedures voor het afhandelen van meldingen
- Samenwerking met ouders en externe instanties
Scholen moeten incidenten van cyberpesten documenteren en hulp bieden aan betrokkenen. Ze geven ook voorlichting over digitale veiligheid.
Leerlingen leren over risico’s van online pesten en hun digitale voetafdruk.
Wat doet een vertrouwenspersoon?
Een vertrouwenspersoon vangt leerlingen met problemen op en verwijst hen zo nodig door. De meeste scholen hebben er een.
Vertrouwenspersonen hebben deze taken:
- Eerste opvang van slachtoffers
- Bemiddeling tussen betrokken partijen
- Doorverwijzing naar hulpverlening
- Rapportage aan schoolleiding
Leerlingen kunnen zonder angst voor consequenties naar een vertrouwenspersoon stappen. Deze mensen hebben geheimhoudingsplicht, behalve bij acuut gevaar.
Vertrouwenspersonen schakelen externe organisaties in, zoals politie of jeugdzorg, als het nodig is. Zo krijgen ernstige gevallen van online pesten de juiste aandacht.
Wat moeten sociale media en platforms doen?
Platforms moeten meldingen van illegale content zorgvuldig en snel behandelen (Digital Services Act). Voor wat gebruikers plaatsen zijn ze in beginsel niet aansprakelijk, zolang ze na een melding optreden.
Hoe meldt en blokkeert u een pester?
De grote sociale media platforms hebben meldfuncties voor cyberpesten. Gebruikers kunnen berichten, foto’s of accounts rapporteren.
Meestal kunt u:
- Blokkeren van specifieke gebruikers
- Rapporteren van schadelijke content
- Privacy-instellingen aanpassen
- Beperken wie u berichten mag sturen
Facebook en Instagram bieden uitgebreide rapportage-opties. U kunt aangeven dat u gepest wordt.
TikTok filtert automatisch negatieve reacties. U kunt ook instellen wie mag reageren.
Snapchat heeft veiligheidsmeldingen en blokkeert pestende accounts definitief.
De snelheid van afhandeling verschilt per platform. Soms reageren ze snel, soms duurt het weken. Ernstige gevallen vragen vaak om herhaalde meldingen.
Wanneer is een platform aansprakelijk?
Sociale media bedrijven hebben beperkte juridische verantwoordelijkheid voor wat gebruikers plaatsen. Ze zijn niet direct aansprakelijk voor pestgedrag.
Platforms moeten wel:
- Algemene voorwaarden tegen pesten handhaven
- Gemelde content snel beoordelen
- Herhaaldelijke pesters blokkeren
- Samenwerken met politie bij strafbare feiten
In Nederland kunnen slachtoffers platforms aanspreken als die nalatig blijven. Dus als het platform wist van pesten maar niet ingreep, kunnen ze in de problemen komen.
Europese wetgeving (Digital Services Act) dwingt grote platforms om:
- Open te zijn over moderatie
- Sneller te reageren op meldingen
- Risicobeoordeling te doen voor schadelijke content
Platforms kunnen civielrechtelijk aansprakelijk worden als ze cyberpesten bewust laten doorgaan. Daarvoor moet u wel aantonen dat ze het wisten en niet handelden.
Kan een anonieme dader worden gevonden?
Vaak wel. Bij strafbare feiten kunnen politie en justitie gegevens van een account of IP-adres opvragen bij providers en platforms.
Online pesten lijkt vaak anoniem. Pesters denken dat niemand ze kan vinden, wat ze soms verder laat gaan dan in het echte leven.
Toch is echte anonimiteit zeldzaam. Elk apparaat heeft een IP-adres dat providers loggen.
Politie en justitie kunnen die gegevens opvragen bij ernstige cyberpesten. Veel pesters gebruiken:
- Nepprofielen met valse namen
- Wegwerpaccounts die snel verdwijnen
- Groepsapps om samen te pesten
- Screenshot-apps om bewijs te wissen
Platforms delen gegevens met autoriteiten als het strafbaar wordt. Ze kunnen:
- IP-adressen en apparaatgegevens geven
- Accountgegevens delen met politie
- Verwijderde berichten uit backups halen
Anonieme pestapps zoals Ask.fm zijn grotendeels verdwenen. De meeste cyberpesten gebeurt nu op gewone sociale media, waar u mensen meestal wel kunt identificeren.
Slachtoffers doen er goed aan om screenshots te maken van pestberichten voordat ze verdwijnen. Dat helpt bij aangifte.
Hoe voorkomt u cyberpesten?
Preventie begint met bewustwording en digitale vaardigheden. Monitoring door ouders en scholen helpt problemen vroeg te signaleren.
Hoe maakt u kinderen weerbaar?
Scholen geven voorlichting over online omgangsvormen en privacy. Ze bespreken onderwerpen als bedreiging, discriminatie, en het delen van beelden.
Kinderen leren het verschil tussen plagen en pesten. Ze krijgen uitleg over vormen van cyberpesten zoals uitsluiting, intimidatie, en geruchten verspreiden.
Belangrijke punten voor bewustwording:
- Gevolgen van online acties voor anderen
- Privacy-instellingen op sociale media
- Wanneer gedrag strafbaar wordt
- Het belang van respectvolle communicatie
Ouders praten thuis over online gedrag. Ze leren kinderen kritisch nadenken voor ze iets posten.
Jongeren moeten beseffen dat online pesten net zo hard aankomt als pesten op school. Online is er geen pauze, wat de impact soms heftiger maakt.
Hoe houden ouders en scholen toezicht?
Ouders gebruiken soms software om het online gedrag van hun kinderen te volgen. Zo sporen ze cyberpesten sneller op.
Scholen stellen anticyberpestbeleid op met duidelijke regels en consequenties. Hierin staat hoe u incidenten meldt en afhandelt.
Manieren om toezicht te houden:
- Regelmatig sociale media accounts checken
- Praten over online ervaringen
- Samenwerking tussen school en thuis
- Gebruik van privacy-vriendelijke monitoring tools
Docenten letten op signalen van cyberpesten bij leerlingen. Veranderingen in gedrag kunnen een teken zijn.
Monitoring vraagt om balans tussen veiligheid en privacy. Open communicatie werkt vaak beter dan stiekeme controle.
Wat kunt u zelf doen om veilig online te zijn?
Sterke wachtwoorden en goede privacy-instellingen zijn de basis. Kinderen leren geen persoonlijke info openbaar te maken.
Veiligheidstips voor dagelijks gebruik:
- Blokkeer en rapporteer pestgedrag direct
- Bewaar bewijs van online pesten
- Deel nooit persoonlijke foto’s of video’s
- Denk na voordat u reageert op provocaties
Kinderen moeten weten wanneer ze hulp kunnen vragen aan volwassenen. Ze kunnen elke dinsdag en donderdagavond chatten met de politie over cyberpesten.
Het negeren van pestberichten werkt niet altijd. Actief melden bij platforms levert meestal meer op.
Bij cyberpesten zet u deze stappen:
- Maak screenshots van bewijs
- Blokkeer de persoon
- Meld het bij platform of school
- Zoek steun bij een vertrouwenspersoon
Wat kunnen wij voor u doen bij cyberpesten?
Bij cyberpesten kijken wij zowel naar het strafrecht als naar het civiele recht. Wij helpen u onder meer zo:
- Wij beoordelen welke strafbepalingen op uw situatie van toepassing zijn, zoals bedreiging (art. 285 Sr), stalking (art. 285b Sr) of smaad (art. 261 Sr).
- Wij helpen u het bewijs te ordenen en bereiden de aangifte en, bij stalking, de klacht met u voor.
- Wij vragen het platform of de dader schriftelijk om de content te verwijderen en verdere publicatie te staken.
- Wij starten zo nodig een kort geding om verwijdering, rectificatie of een contactverbod te vorderen (art. 6:162 BW).
- Wij staan u bij in het strafproces, bijvoorbeeld bij het uitoefenen van uw spreekrecht.
Samengevat
- Cyberpesten is strafbaar als het onder een strafbepaling valt, zoals bedreiging (art. 285 Sr), stalking (art. 285b Sr), smaad (art. 261 Sr) of doxing (art. 285d Sr).
- Stalking wordt alleen vervolgd na een klacht van het slachtoffer.
- Aangifte doet u bij de politie; een afspraak maakt u via 0900-8844.
- Via de civiele rechter kunt u verwijdering, rectificatie of schadevergoeding vorderen op grond van onrechtmatige daad (art. 6:162 BW), zo nodig in kort geding.
- Scholen moeten op grond van de Wet veiligheid op school zorgen voor een sociaal veiligheidsbeleid.
Veelgestelde vragen
Wat houdt cyberpesten precies in en hoe kan het worden herkend?
Cyberpesten gebeurt via internet of digitale platforms. Het draait om online gedrag met als doel iemand te kwetsen of te intimideren.
Denk aan bedreiging, stalking, belediging of discriminatie op het internet. Soms verspreiden mensen privéfoto’s of filmpjes zonder toestemming.
Ook zaken als smaad, laster, oplichting, identiteitsdiefstal of hacking horen erbij. U herkent cyberpesten vaak aan herhaald intimiderend gedrag via sociale media, e-mail of berichtendiensten.
Wat het extra lastig maakt: cyberpesten kan dag en nacht doorgaan. Voor slachtoffers voelt het alsof er geen ontsnappen aan is.
In welke gevallen is cyberpesten strafbaar volgens de Nederlandse wetgeving?
Cyberpesten valt onder de wet als het binnen bepaalde artikelen past. Bedreiging, stalking, belediging en discriminatie kunnen strafbaar zijn.
Wie privéfoto’s of filmpjes van iemand anders plaatst, overtreedt de wet. Is het slachtoffer onder de achttien? Dan geldt dit zelfs als het verspreiden van kinderporno.
Smaad en laster op internet gelden ook als strafbare feiten. Oplichting, identiteitsdiefstal en hacking zijn dat eveneens.
Systematisch en ernstig lastigvallen van iemand online noemen we stalking. Dat is strafbaar (art. 285b Sr); vervolging volgt alleen als het slachtoffer een klacht indient.
Welke juridische stappen kunt u ondernemen wanneer u slachtoffer bent van cyberpesten?
Als slachtoffer kunt u juridische stappen zetten. Begin met het verzamelen en bewaren van bewijs.
Maak screenshots van berichten, e-mails of posts. Die hebt u nodig als u aangifte wilt doen.
U kunt aangifte doen bij de politie, online of op het bureau. Platform-eigenaren kunt u ook benaderen, want sociale media hebben vaak eigen procedures voor het melden van pesterijen.
Advocaten die zich richten op cybercriminaliteit kunnen u bijstaan. Slachtofferhulp Nederland biedt daarnaast ondersteuning.
Hoe kunnen slachtoffers van cyberpesten aangifte doen bij de politie?
U kunt op verschillende manieren aangifte doen van cyberpesten. Loop gewoon binnen bij een politiebureau, of kies voor online aangifte als dat beter uitkomt.
De politie organiseert speciale chatmomenten op dinsdagavond en donderdagavond. Jongeren kunnen dan direct met een agent chatten.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina strafrecht advocaat.