Een faillissement is een juridische procedure waarbij de rechtbank vaststelt dat een ondernemer zijn schulden niet meer kan betalen.
Dit heeft grote gevolgen voor zowel de ondernemer als de schuldeisers die nog geld tegoed hebben.
De procedure start wanneer betalingsafspraken niet meer mogelijk zijn.
Het kan uiteindelijk leiden tot de ontmanteling van het bedrijf.
Bij een faillissement neemt een door de rechtbank benoemde curator alle beslissingen en geldzaken over.
De curator verkoopt de bezittingen van het bedrijf om schuldeisers te betalen, en meestal stopt het bedrijf helemaal.
Hoeveel een ondernemer persoonlijk moet betalen, hangt af van de rechtsvorm van het bedrijf.
Schuldeisers krijgen hun geld volgens een vaste rangorde, maar vaak niet het hele bedrag.
Dit artikel legt uit wat er precies gebeurt met de ondernemer en de schuldeisers tijdens het faillissement.
Ook alternatieven zoals schuldsanering en andere juridische opties komen aan bod.
Wat is een faillissement en wanneer wordt een onderneming failliet verklaard?
Een faillissement ontstaat als een onderneming haar schulden niet meer kan betalen en de rechtbank dat officieel vastlegt.
De rechter benoemt een curator die de bezittingen beheert en verdeelt onder de schuldeisers.
Definitie van faillissement
Een faillissement is een gerechtelijk beslag op het hele vermogen van een onderneming ten behoeve van schuldeisers.
De rechtbank verklaart een bedrijf failliet wanneer het zijn betalingsverplichtingen niet meer kan nakomen.
Bij een faillissement neemt de rechter het beheer van het bedrijf over.
Een curator krijgt de volledige controle over alle geldzaken en bezittingen.
De ondernemer kan zelf geen beslissingen meer nemen over de onderneming.
Voor een eenmanszaak is het net even anders.
Niet de onderneming maar de ondernemer zelf wordt failliet verklaard, dus ook privébezittingen kunnen worden gebruikt om schuldeisers te betalen.
Bij een maatschap of vof worden alle vennoten persoonlijk failliet verklaard.
Een rechtspersoon zoals een bv of nv wordt als aparte entiteit failliet verklaard, niet de eigenaren persoonlijk.
Redenen voor faillissement van bedrijven
Bedrijven raken vaak in de problemen door structurele betalingsonmacht.
Er komt simpelweg te weinig geld binnen om de rekeningen te betalen.
De bank stopt met het verstrekken van krediet en rekeningen blijven liggen.
Financiële problemen kunnen meerdere oorzaken hebben:
- Dalende omzet of verlies van belangrijke klanten
- Hoge bedrijfskosten die niet in verhouding staan tot de inkomsten
- Grote investeringen die niet renderen
- Economische tegenwind in de sector
- Slechte debiteurenbewaking waardoor facturen niet worden betaald
- Onverwachte uitgaven of claims
Soms kunnen ondernemingen tijdelijk niet betalen, bijvoorbeeld door een late betaling van een grote klant.
Dat hoeft nog niet meteen tot een faillissement te leiden.
Permanente betalingsonmacht is eigenlijk de hoofdreden dat bedrijven failliet gaan.
Criteria en procedure voor faillietverklaring
Een faillissementsaanvraag kan door verschillende partijen worden ingediend.
De ondernemer zelf kan het aanvragen, maar schuldeisers die nog geld tegoed hebben kunnen dat ook doen.
Het Openbaar Ministerie heeft deze bevoegdheid trouwens ook.
Na de aanvraag stuurt de rechtbank een oproep voor een zitting.
De ondernemer heeft dan nog een kans om het faillissement te voorkomen.
Hij kan bijvoorbeeld aantonen dat betaling alsnog mogelijk is of een aanvraag doen voor schuldsanering.
De rechter kijkt of de aanvraag terecht is.
Als het bedrijf echt niet meer kan betalen, spreekt de rechter het faillissement uit.
Daarna benoemt de rechter direct een curator die alles overneemt.
Het faillissement wordt geregistreerd in het Centraal Insolventieregister en het Handelsregister van de KVK.
Daardoor kan iedereen zien dat de onderneming failliet is verklaard.
Het verschil tussen insolventie en faillissement
Insolventie betekent dat een onderneming haar betalingsverplichtingen niet meer kan nakomen.
Het is dus de feitelijke staat van onvermogen om schuldeisers te betalen.
Een bedrijf kan insolvent zijn zonder failliet verklaard te zijn.
Faillissement is de juridische uitspraak van een rechter over een insolvent bedrijf.
Het is een formele procedure waarbij de rechtbank de situatie vaststelt.
Pas na deze uitspraak is een onderneming officieel failliet.
Insolventie is dus de feitelijke toestand, faillissement is de juridische consequentie.
Sommige insolvente bedrijven voorkomen een faillissement door bijvoorbeeld een schuldsaneringsregeling te treffen.
In sommige landen is een negatief eigen vermogen al genoeg voor een faillissementsaanvraag.
In Nederland kijkt de rechter vooral naar de daadwerkelijke betalingsonmacht en het onvermogen om schuldeisers te voldoen.
Wie kunnen failliet gaan? Rechtsvormen en aansprakelijkheid
De rechtsvorm van een onderneming bepaalt wie er failliet kan gaan en wat de gevolgen zijn voor het privévermogen.
Bij sommige rechtsvormen is de ondernemer persoonlijk aansprakelijk voor alle schulden, terwijl andere vormen privévermogen juist beschermen.
Eenmanszaak en persoonlijke aansprakelijkheid
Een eenmanszaak heeft geen aparte rechtspersoonlijkheid.
De ondernemer en het bedrijf zijn juridisch gezien één en dezelfde persoon.
Bij een faillissement van een eenmanszaak gebruikt men alle bezittingen om schuldeisers te betalen.
Dus zowel zakelijke als privébezittingen kunnen verkocht worden.
Woning, auto en andere persoonlijke spullen kunnen in beslag worden genomen.
De ondernemer blijft aansprakelijk voor schulden die na het faillissement niet zijn betaald.
Schuldeisers mogen zich later alsnog melden om openstaande bedragen te eisen.
Er is geen duidelijke scheiding tussen zakelijke en privé-schulden.
Dat maakt een eenmanszaak best risicovol als het financieel misgaat.
De ondernemer draagt gewoon alle verantwoordelijkheid voor de verplichtingen.
Vof, maatschap en cv bij faillissement
Een vennootschap onder firma (vof) heeft ook geen rechtspersoonlijkheid.
Alle vennoten zijn persoonlijk aansprakelijk voor de schulden van de onderneming.
Bij een faillissement kan men niet alleen het vermogen van de vof aanspreken.
Ook het privévermogen van de vennoten kan worden gebruikt om schuldeisers te betalen.
Elke vennoot is hoofdelijk aansprakelijk, dus schuldeisers kunnen bij elke vennoot het volledige bedrag vorderen.
Een maatschap werkt eigenlijk hetzelfde als een vof.
Alle maten zijn persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk voor schulden van de maatschap.
Bij een commanditaire vennootschap (cv) is er een verschil tussen beherende en stille vennoten.
Beherende vennoten zijn volledig aansprakelijk met hun privévermogen.
Stille vennoten zijn alleen aansprakelijk tot het bedrag van hun inleg.
BV en NV: zakelijke en persoonlijke gevolgen
Een besloten vennootschap (bv) en naamloze vennootschap (nv) zijn zelfstandige rechtspersonen. De onderneming bestaat los van de eigenaren en bestuurders.
Gaat een bv of nv failliet? Dan blijft de aansprakelijkheid meestal beperkt tot het vermogen van de vennootschap. De directeur of aandeelhouder hoeft doorgaans niet met zijn eigen geld bij te springen. Privébezittingen vallen dus buiten het faillissement.
Er zijn wel uitzonderingen waarbij persoonlijke aansprakelijkheid kan ontstaan:
- Persoonlijke borgstelling: De ondernemer heeft privé meegetekend voor een lening.
- Wanbestuur: De bestuurder heeft het faillissement verwijtbaar veroorzaakt.
- Onbehoorlijk bestuur: De administratie is niet op orde geweest.
Schuldeisers of de curator kunnen bestuurders aansprakelijk stellen als ze ernstig verwijtbaar hebben gehandeld.
Doorwerking naar privévermogen
Hoe een faillissement doorwerkt naar het privévermogen hangt helemaal af van de rechtsvorm. Ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid bieden eigenlijk geen bescherming.
Heb je een eenmanszaak of vof? Dan worden privéspullen automatisch onderdeel van de boedel. De curator verkoopt deze om schuldeisers te betalen. Zelfs een eigen huis kan onder de hamer gaan, tenzij je toevallig wettelijke bescherming hebt.
Bij een bv of nv blijft zakelijk en privé gescheiden. Het privévermogen blijft veilig, tenzij je persoonlijk garant hebt gestaan of er sprake is van wanbestuur.
Die scheiding verdwijnt als je je persoonlijk borg hebt gesteld voor schulden.
Na afloop van het faillissement blijven de verschillen bestaan. Bij een eenmanszaak blijven onbetaalde schulden gewoon bestaan. Bij een bv verdwijnen die schulden zodra de rechtspersoon ophoudt te bestaan.
Het proces van faillissement: aanvraag en afhandeling
Een faillissement begint met een aanvraag bij de rechtbank. De procedure bestaat uit verschillende stappen voordat de rechter een besluit neemt.
Meerdere partijen kunnen zo’n aanvraag indienen. Elke partij heeft eigen verantwoordelijkheden en procedures.
Hoe vraag je faillissement aan?
Een ondernemer dient een schriftelijke aanvraag in bij de rechtbank van zijn vestigingsplaats. In die aanvraag moet duidelijk staan dat het bedrijf de schulden niet meer kan betalen.
De rechtbank stuurt daarna een oproep voor een zitting.
Voor die zitting kan de ondernemer nog alternatieven onderzoeken. Denk aan schuldsanering of surseance van betaling. Tijdens de zitting kan hij verweer voeren en uitleggen dat hij zijn schuldeisers toch kan betalen.
De rechtbank vraagt naar de financiële situatie. De ondernemer moet documenten aanleveren, zoals een balans, verlies- en winstrekening en een lijst met schuldeisers.
Partijen die een faillissementsaanvraag kunnen indienen
Verschillende partijen mogen faillissement aanvragen bij de rechtbank:
- De ondernemer zelf kan zijn eigen faillissement aanvragen wanneer hij zijn schulden niet meer kan betalen.
- Schuldeisers mogen een aanvraag indienen als de ondernemer hun vorderingen niet betaalt.
- Het Openbaar Ministerie kan in specifieke gevallen een faillissementsaanvraag doen.
- Aandeelhouders van een bedrijf hebben soms ook dit recht.
Een schuldeiser moet aantonen dat hij een vordering heeft op het bedrijf en dat deze niet wordt betaald.
De rechtbank controleert of de aanvraag aan alle voorwaarden voldoet voordat ze de zaak behandelt.
Rol van de rechtbank en rechter tijdens het proces
De rechter beoordeelt of de faillissementsaanvraag terecht is. Hij onderzoekt de financiële situatie van het bedrijf en kijkt of het bedrijf echt niet meer aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen.
De rechtbank plant een zitting. Daar kunnen alle betrokken partijen hun standpunt toelichten.
Spreekt de rechter het faillissement uit? Dan benoemt hij direct een curator. Die curator neemt alle beslissingen over en beheert de geldzaken.
De rechter kan een afkoelingsperiode instellen. Tijdens die periode mogen schuldeisers even niks opeisen.
De rechtbank publiceert het faillissement in het Centraal Insolventieregister en het Handelsregister.
De rechter houdt toezicht op het werk van de curator. Ben je het niet eens met de uitspraak? Dan kun je met een advocaat in hoger beroep bij het gerechtshof.
De rol van de curator en de afwikkeling van de failliete boedel
De curator neemt direct na het faillissement het beheer over van het bedrijf en de failliete boedel. De rechtbank wijst deze advocaat aan. De curator werkt onafhankelijk om zowel de schuldeisers als het algemeen belang te dienen.
Taken van de curator
Na de faillietverklaring krijgt de curator volledige controle over het bedrijf. De ondernemer mag geen beslissingen meer nemen en kan niet meer bij het bedrijfsvermogen.
De curator voert verschillende taken uit:
- Maakt een overzicht van alle bezittingen en schulden
- Beschermt de bezittingen zodat er niets verdwijnt
- Verkoopt de bezittingen om schuldeisers te betalen
- Beheert de administratie, kasgeld en voorraden
- Ontvangt en opent alle post en e-mail
- Beëindigt contracten zoals huur of arbeidsovereenkomsten
De curator kan handelingen van voor het faillissement ongedaan maken. Dit gebeurt als die handelingen de schuldeisers benadelen. Stel dat er vlak voor het faillissement een grote betaling aan een klant is gedaan—dat kan de curator terugdraaien.
De rechter-commissaris houdt toezicht op de curator. Schuldeisers of de ondernemer kunnen een klacht indienen bij deze rechter-commissaris.
Curator en onderzoek naar oorzaken en wanbeleid
De curator onderzoekt hoe het faillissement is ontstaan. Daarbij let hij op mogelijke fraude of wanbeleid door de ondernemer.
Bij wanbeleid kijkt de curator naar beslissingen die het bedrijf hebben geschaad. Denk aan het niet bijhouden van de administratie, te grote risico’s nemen, of het niet betalen van belastingen.
De curator rapporteert deze bevindingen aan de rechter-commissaris.
Ontdekt de curator fraude of ernstig wanbeleid? Dan kan dat gevolgen hebben voor de ondernemer. Je kunt persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor de schulden. Soms volgt er zelfs een strafrechtelijk onderzoek.
Beheer van de failliete boedel
De failliete boedel bestaat uit alle bezittingen en schulden van het failliete bedrijf. De curator beheert deze boedel en verkoopt de bezittingen.
De opbrengst uit de verkoop gaat naar de schuldeisers. De curator volgt een vaste volgorde:
- Kosten van het faillissement en salaris curator
- Schulden aan werknemers
- Schulden aan de belastingdienst
- Schulden aan andere schuldeisers
Soms wordt ook privévermogen onderdeel van de failliete boedel. Dat gebeurt als de ondernemer privé aansprakelijk is voor de bedrijfsschulden.
De curator bepaalt dan hoeveel geld de ondernemer mag houden voor basisbehoeften.
De curator werkt zolang het faillissement duurt. Het faillissement stopt als alle schulden zijn betaald, er geen bezittingen meer zijn, of als er een akkoord met schuldeisers komt.
Gevolgen van faillissement voor de ondernemer
Een faillissement verandert de positie van de ondernemer behoorlijk. De curator neemt het beheer over. Je verliest de controle over het bedrijf en vermogen, met strikte regels die je bewegingsvrijheid beperken en mogelijk langdurige financiële gevolgen.
Beperkingen en verplichtingen tijdens faillissement
Zodra de rechter het bedrijf failliet verklaart, krijgt de ondernemer direct te maken met beperkingen. Hij mag niet zomaar verhuizen naar een andere woonplaats of het buitenland zonder toestemming van de rechter-commissaris.
Deze beperking blijft de hele faillissementsprocedure gelden. De curator neemt vervolgens alle financiële beslissingen over.
De ondernemer mag niets verkopen, schenken of verhuren zonder goedkeuring. Ook contracten afsluiten, betalingen doen of ontvangen? Dat mag alleen nog met toestemming van de curator.
De belangrijkste verplichtingen zijn:
- Informatie verstrekken aan de curator of rechter-commissaris op verzoek
- Alle administratie en gegevens beschikbaar stellen
- Meewerken aan het vaststellen van bezittingen en schulden
- Post en e-mail beschikbaar stellen voor de curator
De ondernemer raakt het beheer over zijn geld en bezittingen kwijt. De curator stelt een lijst op van alle activa en schulden om die onder de schuldeisers te verdelen.
Persoonlijke en zakelijke gevolgen na faillissement
De persoonlijke gevolgen hangen af van de rechtsvorm van het bedrijf. Bij een eenmanszaak valt het privévermogen ook onder het faillissement.
De ondernemer kan hierdoor zijn huis, spaargeld en andere persoonlijke eigendommen verliezen. Bij een BV of andere rechtspersoon blijft het privévermogen meestal buiten schot.
Let op: Een bestuurder kan toch privé aansprakelijk worden als er sprake is van onbehoorlijk bestuur. Denk aan het niet bijhouden van de boekhouding of het niet nakomen van betalingsverplichtingen.
Heeft de ondernemer privé meegetekend bij leningen of contracten? Dan blijft hij persoonlijk aansprakelijk, wat vaak voorkomt bij bankleningen.
Bij gemeenschap van goederen in een huwelijk wordt ook het vermogen van de partner betrokken. Het einde van het faillissement betekent trouwens niet dat alle schulden verdwijnen.
Zonder akkoord over kwijtschelding kunnen schuldeisers de ondernemer blijven achtervolgen.
Doorstart en nieuwe kansen na faillissement
De curator kan besluiten om het bedrijf tijdelijk voort te zetten als dat gunstig is voor de schuldeisers. Daarvoor moet hij wel toestemming vragen aan de rechter-commissaris.
Deze voortzetting is altijd tijdelijk en bedoeld om waarde te behouden. Voor natuurlijke personen die failliet zijn, bestaat de mogelijkheid van schuldsanering via de Wsnp.
Na een saneringsperiode van drie jaar kan de ondernemer met een schone lei verder. Sinds 2024 is de toegang tot Wsnp voor kleine ondernemers en zzp’ers trouwens makkelijker geworden, met minder wachttijd en minder papierwerk.
De ondernemer mag na faillissement weer een nieuw bedrijf starten. Dat kan zelfs tijdens de faillissementsprocedure, maar nieuw verdiend inkomen valt dan deels in de boedel.
Een doorstart in een andere rechtsvorm biedt meer bescherming voor toekomstige activiteiten.
Gevolgen van faillissement voor schuldeisers
Schuldeisers krijgen na een faillissement te maken met een vaste rangorde voor terugbetaling. Ze moeten hun vorderingen indienen bij de curator.
De uitdelingslijst bepaalt uiteindelijk hoeveel elke schuldeiser ontvangt uit de verkochte bezittingen van het failliete bedrijf.
Rangorde en uitbetaling van schuldeisers
Niet alle schuldeisers krijgen dezelfde behandeling bij een faillissement. De wet legt een strikte volgorde vast voor uitbetaling uit de boedel.
Bovenaan staan de preferente schuldeisers, zoals werknemers met achterstallige lonen en de belastingdienst met bepaalde belastingschulden. Zij krijgen als eersten betaald.
Daarna volgen de separatisten. Dit zijn schuldeisers met een zekerheidsrecht op specifieke goederen, bijvoorbeeld een bank met een hypotheek of pandrecht.
De concurrente schuldeisers komen onderaan. Dat zijn gewone leveranciers, klanten met een vordering of andere partijen zonder bijzondere rechten.
Zij delen wat er overblijft nadat de preferente schuldeisers en separatisten hun deel hebben gekregen. In de praktijk blijft er vaak weinig of niets over voor deze groep.
Uitdelingslijst en verdeling van de boedel
De curator stelt een uitdelingslijst op nadat alle bezittingen zijn verkocht en de vorderingen zijn gecheckt. Deze lijst laat precies zien welk bedrag elke schuldeiser krijgt.
Schuldeisers moeten hun vorderingen indienen met bewijsstukken zoals facturen of contracten. De curator controleert elke vordering op juistheid.
Wordt een vordering betwist, dan beslist de rechter-commissaris daarover. De boedel bestaat uit alle verkochte activa van het failliete bedrijf.
Eerst gaan de faillissementskosten eraf, zoals het salaris van de curator en andere proceskosten. Daarna verdeelt de curator wat overblijft volgens de rangorde.
Het percentage dat concurrente schuldeisers ontvangen, hangt af van de totale waarde van de boedel. Is er bijvoorbeeld €50.000 beschikbaar en zijn er €500.000 aan concurrente vorderingen? Dan krijgt elke schuldeiser maar 10% uitbetaald.
Risico’s en mogelijkheden voor schuldeisers
Het grootste risico voor schuldeisers is dat ze hun hele vordering verliezen. Vaak is er gewoon niet genoeg geld om iedereen te betalen.
Schuldeisers zonder zekerheidsrechten lopen het meeste risico. Zij krijgen pas iets als alle andere partijen zijn betaald.
Vaak blijft het bij een paar procent of helemaal niets. Toch zijn er ook mogelijkheden.
Schuldeisers kunnen meedoen aan een crediteurencommissie. Zo’n commissie krijgt meer informatie en mag advies geven aan de curator over belangrijke beslissingen.
Bij een doorstart kunnen schuldeisers soms betere afspraken maken. Komt het bedrijf in nieuwe handen, dan is er kans op betere terugbetaling dan via de normale faillissementsprocedure.
Wel is snelle actie en goede communicatie met de curator noodzakelijk.
Het centraal insolventieregister en communicatie
Het centraal insolventieregister bevat alle openbare informatie over faillissementen in Nederland. Schuldeisers kunnen hier belangrijke documenten en updates over hun zaak vinden.
De curator publiceert regelmatig verslagen in dit register. Die verslagen beschrijven wat er met de boedel gebeurt, welke bezittingen zijn verkocht en wat de verwachte uitkering is.
Schuldeisers hoeven geen inloggegevens te gebruiken om deze verslagen te bekijken. Het register toont ook:
- De datum van het faillissement
- De naam van de curator en rechter-commissaris
- Deadlines voor het indienen van vorderingen
- Uitspraken van de rechtbank
- Einddatum van het faillissement
Communicatie met de curator verloopt meestal via e-mail of digitale formulieren. De curator of zijn medewerkers beantwoorden vragen over specifieke vorderingen.
Voor algemene informatie verwijzen ze naar de openbare verslagen in het register.
Alternatieven en oplossingen: schuldsanering en WSNP
Ondernemers met problematische schulden hebben naast faillissement nog andere opties om hun financiële problemen aan te pakken. De Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen biedt een wettelijk kader waarbij schulden binnen een vaste periode kunnen worden opgelost.
Het grote verschil: resterende schulden kunnen na afloop worden kwijtgescholden.
Wat is schuldsanering?
Schuldsanering is een gestructureerde manier om schulden af te betalen in een vastgestelde periode. De ondernemer betaalt gedurende die tijd zoveel mogelijk terug aan schuldeisers.
Na afloop kunnen schuldeisers de resterende schuld niet meer opeisen. De ondernemer werkt samen met een bewindvoerder of schuldhulpverlener die de financiën beheert.
Deze persoon maakt afspraken met schuldeisers over terugbetalingen. Het doel is om binnen een korte tijd tot een werkbare oplossing te komen.
Er zijn twee hoofdvormen: het minnelijk traject en de wettelijke schuldsanering. Het minnelijk traject is vrijwillig en buiten de rechter om.
De wettelijke variant loopt via de rechtbank en kent strikte regels.
De wettelijke schuldsanering natuurlijke personen (WSNP)
De WSNP is er alleen voor natuurlijke personen, dus ook voor eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen. De rechtbank beslist of de ondernemer tot dit traject wordt toegelaten.
Meestal geldt: een minnelijk traject is niet gelukt of niet mogelijk. Het WSNP-traject duurt 18 maanden.
De rechtbank wijst een bewindvoerder aan die alles regelt en een saneringsplan opstelt. In dat plan staat hoeveel de ondernemer maandelijks moet terugbetalen.
De bewindvoerder stopt meestal de onderneming van de ondernemer. Loopt de ondernemer het traject succesvol door, dan worden resterende schulden kwijtgescholden.
Schuldeisers kunnen daarna geen betaling meer afdwingen. Dat is echt een groot verschil met faillissement.
De kosten voor de bewindvoerder rekent men af binnen de afbetalingsregeling.
Verschillen tussen faillissement en schuldsanering
Het belangrijkste verschil zit in wat er gebeurt na afloop van het traject:
| Aspect | Faillissement | Schuldsanering (WSNP) |
|---|---|---|
| Restschuld | Schuldeisers kunnen betaling blijven eisen | Restschuld wordt kwijtgescholden |
| Duur | Kan jaren duren | 18 maanden |
| Onderneming | Wordt meestal direct gestopt | Moet gestopt worden |
| Beschikbaar voor | Alle rechtsvormen | Alleen natuurlijke personen |
Bij faillissement verkoopt de curator alle bezittingen. Schuldeisers ontvangen een deel van hun vordering.
Ze kunnen daarna het resterende bedrag nog steeds opeisen. Bij de WSNP krijgt de ondernemer na 18 maanden een schone lei.
Een ondernemer kan de rechter vragen om het faillissement om te zetten in een WSNP. Dit moet wel op tijd gebeuren.
Na uitspraak van het faillissement wordt omzetting lastiger.
Veelgestelde vragen
Een faillissement roept veel vragen op bij schuldeisers en ondernemers. Schuldeisers hebben specifieke rechten om hun vorderingen in te dienen en kunnen onder bepaalde voorwaarden betaald worden uit de failliete boedel.
Ondernemers krijgen te maken met wettelijke verplichtingen en soms aansprakelijkheid voor openstaande schulden. Het is niet altijd even duidelijk wat je rechten en plichten zijn, zeker niet als alles tegelijk op je afkomt.
Wat zijn de rechten van schuldeisers na het faillissement van een onderneming?
Schuldeisers mogen hun vordering bij de curator indienen. Ze krijgen bericht als het faillissement is uitgesproken.
De curator stelt een lijst op van alle schuldeisers en hun vorderingen. Schuldeisers kunnen bezwaar maken als ze het niet eens zijn met de voorgestelde verdeling.
Ze mogen de administratie inzien en de verificatievergadering bijwonen. De curator bepaalt de volgorde waarin schuldeisers geld krijgen, volgens de wettelijke regels.
Schuldeisers ontvangen alleen geld als er na verkoop van de bezittingen nog wat over is. Meestal krijgen ze maar een klein deel van hun vordering terug.
Welke verplichtingen heeft een ondernemer bij het failliet worden van zijn bedrijf?
De ondernemer moet alle bedrijfsinformatie aan de curator geven. Denk aan de administratie, boekhouding en bankgegevens.
Hij moet meewerken aan de afwikkeling. De curator mag vragen stellen over schulden en bezittingen, en die moet je eerlijk beantwoorden.
De ondernemer mag zelf geen beslissingen meer nemen over het vermogen van het bedrijf. De curator neemt alles over.
Bij een eenmanszaak of vof blijft de ondernemer persoonlijk aansprakelijk voor de schulden. Bij wanbestuur kan een ondernemer van een bv of nv ook persoonlijk aansprakelijk worden gesteld.
Hoe verloopt de afwikkeling van een faillissement voor betrokken partijen?
De rechtbank spreekt het faillissement uit en benoemt een curator. De curator neemt meteen de controle over alle bezittingen en de administratie.
Hij maakt een inventarisatie van alles wat er is aan bezittingen en schulden. De gegevens komen in het Centraal Insolventieregister en het Handelsregister terecht.
De curator organiseert een verificatievergadering. Schuldeisers mogen daar hun vorderingen indienen.
Hij maakt een uitdelingslijst met de volgorde waarin schuldeisers geld krijgen. Schuldeisers hebben 10 dagen om bezwaar te maken tegen de lijst.
Als niemand bezwaar maakt, eindigt het faillissement en verdeelt de curator het geld volgens de lijst.
Op welke wijze kunnen medewerkers van een failliete onderneming hun achterstallig loon claimen?
Medewerkers kunnen hun achterstallig loon claimen bij het UWV. Het UWV betaalt het loon uit via de regeling voor loon bij faillissement.
Deze regeling dekt maximaal 13 weken achterstallig loon. Ook vakantiegeld en ontslagvergoeding vallen hieronder.
Medewerkers moeten zelf contact opnemen met het UWV. Ze moeten bewijsstukken aanleveren, zoals arbeidscontract en loonstroken.
Het UWV meldt zich daarna als schuldeiser bij de curator. Medewerkers hebben voorrang op andere schuldeisers wat betreft hun loon.
Wat gebeurt er met lopende contracten bij een faillissement van een onderneming?
De curator beslist wat er met lopende contracten gebeurt. Hij kan contracten voortzetten of juist beëindigen.
Leveranciers mogen levering opschorten als ze geen betaling meer krijgen. Ze moeten de curator wel eerst een betalingstermijn geven.
De curator kan huurcontracten opzeggen. Bij een doorstart kan hij belangrijke contracten overnemen.
Klanten die vooruitbetaald hebben of een garantie hebben, kunnen zich melden als schuldeiser. Ze staan meestal lager in rangorde dan andere schuldeisers.
Hoe kunnen schuldeisers hun vorderingen indienen in het faillissement van een onderneming?
Schuldeisers moeten hun vordering schriftelijk bij de curator indienen. Je vindt de contactgegevens van de curator trouwens gewoon in het Centraal Insolventieregister.
Het is belangrijk dat je bewijsstukken meestuurt, zoals facturen of contracten. Zo kan de curator controleren of de vordering klopt en die op de lijst zetten.
Je kunt je vordering indienen tot aan de verificatievergadering. Daarna wordt het een stuk lastiger om nog erkend te worden.
De curator stelt een rangorde op van alle schuldeisers. Sommige partijen, zoals het UWV en de Belastingdienst, krijgen voorrang op anderen.