Wanneer een schuldenaar in de schuldsanering terechtkomt, heeft dit grote gevolgen voor de schuldeisers. Veel bedrijven en organisaties weten niet precies wat er gebeurt met hun vorderingen en welke rechten zij nog hebben tijdens dit proces.
Schuldeisers kunnen tijdens een schuldsanering hun vorderingen meestal niet meer afdwingen en moeten genoegen nemen met een gedeeltelijke terugbetaling via de bewindvoerder. Dit betekent dat het normale incassotraject stopt en dat alle communicatie via de aangestelde bewindvoerder verloopt.
Het is belangrijk dat schuldeisers begrijpen hoe het schuldsaneringstraject werkt, wat er verandert in hun relatie met de schuldenaar en welke stappen zij kunnen ondernemen om hun belangen te beschermen. Van de aanvraagprocedure tot de mogelijke schone lei – dit proces brengt specifieke rechten en plichten met zich mee voor alle betrokken partijen.
Wat is schuldsanering en de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp)?
Schuldsanering biedt mensen met problematische schulden een weg naar een schuldenvrije toekomst. De Wsnp regelt dit proces wettelijk en bepaalt wanneer schulden niet meer afdwingbaar zijn voor schuldeisers.
Definitie van schuldsanering
Schuldsanering is een wettelijke procedure voor natuurlijke personen die hun schulden niet meer kunnen betalen. Het proces valt onder de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp).
De regeling is bedoeld voor mensen met problematische schulden. Dit zijn schulden die zo hoog zijn dat iemand ze zonder hulp niet binnen afzienbare tijd kan aflossen.
Voorwaarden voor schuldsanering:
- De persoon moet een natuurlijk persoon zijn
- Schulden mogen niet door fraude of een misdrijf zijn ontstaan
- De schuldenaar moet te goeder trouw hebben gehandeld
Tijdens het traject worden schulden die onder de Wsnp vallen niet meer afdwingbaar voor schuldeisers. Dit betekent dat de schuldenaar deze schulden tijdelijk niet hoeft te betalen.
Een rechter beslist of iemand wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsanering. Het traject duurt sinds juli 2023 nog maar 1,5 jaar in plaats van 3 jaar.
Doel van de Wet schuldsanering natuurlijke personen
Het hoofddoel van de Wsnp is mensen met problematische schulden een nieuwe financiële start te geven. De wet voorkomt dat schuldenaren failliet worden verklaard.
Zonder schuldsanering zou het vermogen van de schuldenaar te gelde worden gemaakt. Dit gebeurt bij een faillissement, waarbij het geld onder alle schuldeisers wordt verdeeld.
Belangrijkste doelen:
- Schuldenvrij worden na het traject
- Voorkomen van persoonlijk faillissement
- Bescherming tegen schuldeisers tijdens het proces
- Mogelijkheid voor een nieuwe start
De wet zorgt ervoor dat procedures rondom schuldsanering toegankelijker en efficiënter worden. Sinds de vernieuwing in 2023 kunnen mensen sneller door het traject heen.
De gemeente speelt een belangrijke rol bij schuldhulpverlening. Zij bieden vaak de eerste hulp voordat iemand bij de rechtbank terechtkomt.
Verschil tussen minnelijk traject en wettelijke schuldsanering
Voor de Wsnp moeten schuldenaren eerst proberen hun schulden minnelijk te regelen. Dit gebeurt vaak via de gemeente of andere organisaties voor schuldhulp.
Minnelijk traject kenmerken:
- Vrijwillige medewerking van alle schuldeisers nodig
- Geen rechterlijke tussenkomst
- Flexibelere afspraken mogelijk
- Sneller dan wettelijke procedure
Bij het minnelijke traject maken schuldenaren afspraken met hun schuldeisers. Alle schuldeisers moeten hiermee akkoord gaan, anders werkt het niet.
Wettelijke schuldsanering kenmerken:
- Rechterlijke uitspraak verplicht alle partijen
- Vaste regels en procedures
- Bescherming tegen niet-meewerkende schuldeisers
- Langere doorlooptijd
De Wsnp wordt toegepast wanneer het minnelijke traject niet werkt. Dit kan omdat schuldeisers niet meewerken of omdat er geen volledig beeld van alle schulden bestaat.
Sinds 2023 kan het Wsnp-traject al beginnen tijdens het minnelijke traject. Dit gebeurt als de schuldenaar maximaal aflost zoals in de Wsnp vereist zou worden.
Toelating tot het schuldsaneringstraject: eisen en aanvraag
Schuldenaren moeten aan strikte voorwaarden voldoen en een vastgestelde procedure doorlopen om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsanering. De gemeente en schuldhulpverlener spelen een cruciale rol bij het voorbereiden van de aanvraag, terwijl de rechtbank uiteindelijk beslist over toelating.
Voorwaarden en verplichtingen voor schuldenaren
Schuldenaren kunnen alleen schuldsanering aanvragen als zij eerst een minnelijke schuldenregeling hebben geprobeerd. Deze poging moet via een erkende schuldhulpverlener gebeuren.
Belangrijkste voorwaarden:
- De schulden mogen niet ontstaan zijn door fraude of misdrijf
- Er moet een mislukte minnelijke schuldenregeling hebben plaatsgevonden
- De schuldenaar moet goede trouw kunnen aantonen
- Er moet sprake zijn van een problematische schuldsituatie
Getrouwde schuldenaren of personen met een geregistreerd partnerschap moeten samen de aanvraag indienen. Beide partners hebben dan dezelfde verplichtingen.
Schuldenaren onder curatele hebben toestemming van hun curator nodig. De curator moet het verzoekschrift mede ondertekenen.
Na toelating gelden strenge regels gedurende het traject. Schuldenaren moeten alle inkomsten melden en mogen geen nieuwe schulden maken zonder toestemming van de bewindvoerder.
De rol van de gemeente en schuldhulpverlener bij aanvraag
De schuldhulpverlener stelt samen met de schuldenaar het verzoekschrift op voor toelating tot de wettelijke schuldsanering. Deze professional zorgt voor alle benodigde documenten.
Verplichte documenten bij aanvraag:
- Verklaring over mislukte minnelijke schuldenregeling
- Overzicht van alle schulden
- Bewijs van inkomsten en bezittingen
- Getekend verzoekschrift
De schuldhulpverlener moet kunnen aantonen dat schuldeisers het minnelijke akkoord hebben afgewezen. Dit bewijs is essentieel voor toelating.
Bij dreigende situaties zoals ontruiming kan de schuldhulpverlener een spoedprocedure starten. Dit heet een voorlopige voorziening.
De gemeente houdt toezicht op schuldhulpverleners en stelt regels voor het schuldhulpverleningstraject. Zij zorgen ervoor dat alle procedures correct worden gevolgd.
Het proces bij de rechtbank en hoorzitting
De rechtbank van de woonplaats behandelt het verzoek tot schuldsanering. Na enkele weken krijgt de schuldenaar een oproep voor de zitting.
Verplichte aanwezigheid:
- De schuldenaar moet altijd aanwezig zijn
- Bij huwelijk of partnerschap: beide partners
- Bij curatele: de curator
- Bewindvoerder indien van toepassing
De zitting is niet openbaar. Schuldenaren mogen iemand meenemen voor ondersteuning.
De rechter stelt vragen om te controleren of alle voorwaarden worden vervuld. Hij controleert de documenten en beoordeelt de situatie.
Na de zitting besluit de rechter binnen 1 tot 2 weken. Bij toewijzing benoemt hij een bewindvoerder en rechter-commissaris.
Bij afwijzing kan de schuldenaar binnen 8 dagen hoger beroep instellen. Hiervoor is een advocaat verplicht. Later is ook cassatie mogelijk bij de Hoge Raad.
Verloop van het schuldsaneringstraject voor schuldeisers
Schuldeisers krijgen verschillende meldingen tijdens het traject en moeten contact houden met de WSNP-bewindvoerder. Ze hebben beperkte mogelijkheden om vorderingen af te dwingen en moeten zich houden aan specifieke regels.
Meldingen en communicatie via insolventieregister
De rechtbank registreert elke wettelijke schuldsanering in het Centraal Insolventieregister (CIR). Schuldeisers kunnen hier nagaan of hun schuldenaar is toegelaten tot de WSNP.
De griffie van de rechtbank maakt de toelating bekend in de Staatscourant. Deze publicatie bevat de contactgegevens van de toegewezen WSNP-bewindvoerder.
Belangrijke momenten voor schuldeisers:
- Publicatie van toelating in Staatscourant
- Oproep om vorderingen aan te melden
- Melding van beëindiging traject
- Uitspraak over schone lei
Schuldeisers moeten zich binnen de gestelde termijn melden bij de WSNP-bewindvoerder. Late aanmelding kan leiden tot uitsluiting van uitkeringen.
Het insolventieregister toont alle relevante documenten en besluiten. Schuldeisers kunnen hier de voortgang van het schuldsaneringstraject volgen.
Wat schuldeisers moeten doen tijdens het traject
Schuldeisers moeten hun vordering tijdig aanmelden bij de WSNP-bewindvoerder. Ze moeten bewijsstukken overleggen die de schuld aantonen.
Verplichte acties:
- Vordering aanmelden binnen gestelde termijn
- Bewijsstukken verstrekken
- Wijzigingen in contactgegevens doorgeven
- Medewerking verlenen aan bewindvoerder
De WSNP-bewindvoerder verdeelt beschikbare gelden onder erkende schuldeisers. Deze verdeling gebeurt naar evenredigheid van de vorderingen.
Schuldeisers ontvangen periodiek overzichten van de financiële situatie. Ze kunnen bezwaar maken tegen besluiten van de bewindvoerder bij de rechter-commissaris.
Nieuwe vorderingen die ontstaan na de toelating vallen niet onder het schuldsaneringstraject. Deze moeten apart worden geïnd.
Beperkingen en plichten voor schuldeisers
Schuldeisers kunnen tijdens het traject geen executiemaatregelen nemen. Beslag leggen en andere dwangmaatregelen zijn verboden.
Verboden acties:
- Beslag leggen op goederen of inkomsten
- Dwangmaatregelen uitvoeren
- Direct contact zoeken met schuldenaar
- Rente berekenen over schulden
Alle communicatie moet verlopen via de WSNP-bewindvoerder. Directe benadering van de schuldenaar is niet toegestaan.
Schuldeisers moeten akkoord gaan met de uitkomst van het traject. Bij een schone lei vervallen hun vorderingen definitief.
Uitzonderingen op beperkingen:
- Hypotheekrechten blijven bestaan
- Bepaalde CJIB-vorderingen
- Studieschulden aan DUO
Schuldeisers behouden wel het recht om bezwaar te maken tegen de schone lei. Dit moet gebeuren binnen de wettelijke termijnen bij de rechtbank.
Wat verandert er voor schuldeisers tijdens schuldsanering?
Schuldeisers kunnen hun vorderingen niet meer afdwingen tijdens schuldsanering. De manier waarop zij betalingen ontvangen en hun rechten uitoefenen verandert aanzienlijk.
Vordering indienen en betaling ontvangen
Schuldeisers moeten hun vorderingen officieel indienen bij de bewindvoerder. Dit geldt voor alle schulden die bestonden voor de start van de schuldsanering.
De vordering moet binnen de gestelde termijn worden ingediend. Anders riskeert de schuldeiser uitsluiting van de regeling.
Vereiste documenten:
- Originele overeenkomsten
- Rente- en kostenberekeningen
- Bewijs van openstaande bedragen
Schuldeisers ontvangen geen volledige betaling van hun vordering. Zij krijgen slechts een deel terug via de maandelijkse aflossingen van de schuldenaar.
De hoogte van de uitkering hangt af van wat de schuldenaar kan betalen. Dit bedrag wordt verdeeld over alle erkende schuldeisers.
Opschorting van incasso en handhavingsmaatregelen
Alle incasso-activiteiten moeten stoppen zodra de schuldsanering start. Schuldeisers mogen geen beslag leggen of andere dwangmaatregelen nemen.
Contact met de schuldenaar voor incassodoeleinden is verboden. Alle communicatie moet via de bewindvoerder verlopen.
Verboden activiteiten:
- Beslag leggen op goederen
- Loonbeslag
- Dagvaardingen
- Incassobrieven sturen
Schuldeisers die deze regels overtreden, kunnen juridische consequenties ondervinden. De rechter kan hen uitsluiten van de regeling.
Verdeling van aflossingen onder schuldeisers
De beschikbare aflossing wordt evenredig verdeeld over alle schuldeisers. Elke schuldeiser krijgt een percentage van zijn oorspronkelijke vordering.
Voorbeeld verdeling:
- Totale schuld: €50.000
- Maandelijkse aflossing: €200
- Schuldeiser A (€10.000 schuld): €40 per maand
- Schuldeiser B (€20.000 schuld): €80 per maand
Hypotheekschulden met onderpand krijgen voorrang. Deze schuldeisers kunnen hun zekerheidsrechten behouden.
De bewindvoerder berekent de verdeelsleutel. Schuldeisers ontvangen regelmatig overzichten van de betalingen.
Behandeling van uitzonderingen zoals DUO en boetes
DUO-schulden vallen onder de schuldsanering. Studieschulden worden behandeld als gewone vorderingen zonder voorrang.
Boetes hebben speciale regels:
- Geldboetes van het OM blijven afdwingbaar
- Gemeentelijke boetes vallen wel onder schuldsanering
- Belastingboetes worden opgeschort
Alimentatievorderingen krijgen voorrang boven andere schulden. Deze betalingen gaan door tijdens de regeling.
Sommige schuldeisers behouden hun incassorechten. Dit geldt voor nieuwe schulden die ontstaan na de start van de schuldsanering.
Afronding: schone lei en gevolgen voor schuldeisers
De schone lei betekent het einde van de invordering voor de meeste schulden. Sommige vorderingen blijven echter bestaan en schuldeisers hebben beperkte mogelijkheden om tegen de beslissing op te komen.
Betekenis van een schone lei voor schuldeisers
De rechter verleent een schone lei als de schuldenaar zich aan alle verplichtingen van de Wsnp heeft gehouden. Dit vonnis heeft grote gevolgen voor schuldeisers.
Schulden worden oninbaar. Alle vorderingen die onder de werking van de Wsnp vallen, zijn niet meer afdwingbaar. Schuldeisers kunnen deze bedragen niet meer invorderen bij de schuldenaar.
De schuldeiser verliest het recht om:
- Betalingen te eisen
- Beslag te leggen
- Gerechtelijke procedures te starten
- Incassobureaus in te schakelen
Registratie blijft bestaan. Schulden blijven nog vijf jaar geregistreerd bij het BKR. Dit helpt andere kredietverstrekkers bij het beoordelen van nieuwe aanvragen.
De schuldeiser heeft geen verhaal meer op de schuldenaar voor deze specifieke schulden. Alleen als de schuldenaar later geld ontvangt dat betrekking heeft op de Wsnp-periode, gaat dit nog naar de bewindvoerder.
Uitzonderingen en resterende schulden na afloop
Niet alle schulden vallen onder de schone lei. Bepaalde vorderingen blijven volledig afdwingbaar na afloop van de Wsnp.
Deze schulden blijven bestaan:
- Studieschulden aan DUO die nog niet terugbetaald hoeven te worden
- CJIB-vorderingen (behalve verkeersboetes)
- Hypotheekschulden als de schuldenaar in de woning mocht blijven
Schuldeisers van deze uitgezonderde vorderingen behouden alle invorderingsrechten. Ze kunnen gewoon doorgaan met het innen van hun vordering.
Nieuwe schulden die ontstaan na de Wsnp vallen ook niet onder de schone lei. Schuldeisers kunnen deze volledig terugvorderen van de schuldenaar.
De bewindvoerder verdeelt nog geld dat binnenkomt over de oude Wsnp-periode. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij belastingteruggaven of erfenissen uit die tijd.
Beroepsmogelijkheden bij onenigheid
Schuldeisers hebben beperkte mogelijkheden om tegen een schone lei op te komen. De rechter kan de schone lei alleen intrekken onder strikte voorwaarden.
Intrekking is mogelijk als de schuldenaar zich niet aan de regels heeft gehouden en schuldeisers hiervan nadeel hebben ondervonden. Voorbeelden zijn het bewust achterhouden van inkomsten of vermogen.
Schuldeisers moeten kunnen aantonen dat:
- De schuldenaar verplichtingen heeft geschonden
- Zij hier daadwerkelijk schade van hebben geleden
- Dit bewust of opzettelijk gebeurde
Klachten over de bewindvoerder kunnen schuldeisers indienen bij de rechter-commissaris. Deze houdt toezicht op het handelen van de bewindvoerder tijdens de procedure.
De rechtbank neemt intrekking van een schone lei niet licht op. Er moet duidelijk bewijs zijn van wangedrag door de schuldenaar. Schuldeisers moeten snel handelen als zij problemen ontdekken.
Wat kunnen schuldeisers ondernemen tijdens en na schuldsanering?
Schuldeisers hebben specifieke rechten en mogelijkheden tijdens een Wsnp-traject. Ze kunnen contact opnemen met de bewindvoerder, klachten indienen bij de rechter-commissaris en zich registreren voor uitkering uit het saneringsplan.
Rechten en plichten van schuldeisers
Schuldeisers moeten zich registreren bij de Wsnp-bewindvoerder om aanspraak te maken op uitkering. De bewindvoerder verdeelt het beschikbare bedrag evenredig onder alle geregistreerde schuldeisers.
Belangrijkste rechten:
- Inzage in het saneringsplan
- Informatie over de voortgang van het traject
- Uitkering uit het gespaarde bedrag
- Bezwaar maken tegen beslissingen
Schuldeisers hebben ook verplichtingen. Ze moeten hun vorderingen correct en volledig aanmelden. Onjuiste informatie kan leiden tot uitsluiting van uitkering.
Na de schone lei zijn schulden niet meer afdwingbaar. Schuldeisers kunnen geen incasso of gerechtelijke procedures meer starten voor oude schulden.
Contact met de bewindvoerder en rechter-commissaris
De Wsnp-bewindvoerder is het eerste aanspreekpunt voor schuldeisers. Hij beheert het saneringsplan en houdt toezicht op de schuldenaar.
Schuldeisers kunnen contact opnemen voor:
- Vragen over uitkeringen
- Informatie over het traject
- Melden van nieuwe ontwikkelingen
- Bezwaren tegen beslissingen
De rechter-commissaris houdt toezicht op de bewindvoerder. Schuldeisers kunnen rechtstreeks contact opnemen als ze problemen hebben met de bewindvoerder.
Bij ernstige problemen kunnen schuldeisers verzoeken om vervanging van de bewindvoerder. Dit gebeurt alleen bij bewezen nalatigheid of belangenverstrengeling.
Indienen van klachten of bezwaar
Schuldeisers kunnen bezwaar maken tegen beslissingen in het saneringsplan. Ze sturen een brief naar de rechter-commissaris met hun klacht en onderbouwing.
Geldige klachtgronden:
- Onjuiste berekening van vorderingen
- Ongelijke behandeling van schuldeisers
- Nalatigheid van de bewindvoerder
- Verborgen inkomsten van de schuldenaar
De rechter-commissaris beoordeelt elke klacht. Hij kan een zitting beleggen met alle betrokkenen. Bij gegronde klachten past hij het saneringsplan aan.
Klachten over gedrag van de bewindvoerder kunnen bij de Raad voor de Rechtsbijstand. Dit geldt voor unprofessioneel gedrag of schending van beroepsregels.
Nieuwe schulden en vervolgtrajecten
Schulden die ontstaan na de schone lei vallen niet onder de sanering. Schuldeisers kunnen deze gewoon invorderen via normale procedures.
Als een schuldenaar opnieuw in financiële problemen komt, kan hij niet direct een nieuwe Wsnp aanvragen. Er geldt een wachttijd van vijf jaar na de schone lei.
Schuldeisers kunnen wel nieuwe incasso-trajecten starten voor schulden na de saneringsperiode. Ze hebben weer alle normale invorderingsmogelijkheden.
Bij verdenking van fraude tijdens de Wsnp kunnen schuldeisers aangifte doen. De rechtbank kan dan de schone lei intrekken en schuldeisers behouden hun oorspronkelijke vorderingen.
Veelgestelde Vragen
Schuldeisers krijgen specifieke rechten en mogelijkheden tijdens schuldsaneringsprocedures. Ze kunnen vorderingen indienen, bezwaar maken tegen voorstellen en stappen ondernemen bij het niet naleven van afspraken.
Wat zijn de mogelijke gevolgen voor schuldeisers bij een schuldsaneringsprocedure?
Schuldeisers ontvangen vaak slechts een deel van hun oorspronkelijke vordering terug. Het resterende bedrag wordt na het succesvol afronden van de procedure kwijtgescholden.
Tijdens de stabilisatiefase moeten schuldeisers hun invorderingsmaatregelen opschorten. Loonbeslag en andere dwangmaatregelen worden tijdelijk stopgezet.
Schuldeisers mogen geen extra kosten of rente in rekening brengen tijdens het traject. Dit voorkomt dat schulden verder oplopen tijdens de procedure.
Bij een regeling zonder afloscapaciteit ontvangen schuldeisers geen geld. Dit gebeurt wanneer de schuldenaar geen financiële ruimte heeft om af te lossen.
Hoe kunnen schuldeisers hun vorderingen behartigen tijdens een schuldsaneringsproces?
Schuldeisers moeten hun vorderingen tijdig en volledig opgeven aan de schuldhulpverlener of bewindvoerder. Dit gebeurt via een schriftelijk verzoek met alle relevante documenten.
Ze kunnen bezwaar maken tegen voorgestelde regelingen die onredelijk zijn. Dit bezwaar moet binnen de gestelde termijn worden ingediend.
Schuldeisers hebben recht op duidelijke informatie over de financiële situatie van de schuldenaar. Ze ontvangen updates over de voortgang van het traject.
Bij minnelijke schuldsanering kunnen schuldeisers onderhandelen over de voorwaarden. Ze zijn niet verplicht om akkoord te gaan met het voorstel.
Op welke manier worden schuldeisers geïnformeerd over een schuldsaneringstraject?
De schuldhulpverlener of bewindvoerder stuurt een brief aan alle bekende schuldeisers. Deze brief bevat informatie over het gestarte traject en een verzoek om schuldgegevens.
Schuldeisers ontvangen een overzicht van de voorgestelde regeling. Dit document toont het bedrag dat zij kunnen verwachten en de betalingsperiode.
Bij wettelijke schuldsanering worden schuldeisers ook via de rechtbank geïnformeerd. Zij krijgen de mogelijkheid om bezwaar te maken tegen toelating.
Updates over de voortgang worden regelmatig gecommuniceerd. Schuldeisers worden op de hoogte gehouden van belangrijke ontwikkelingen.
Welke rechten hebben schuldeisers als een schuldsaneringsvoorstel wordt afgewezen?
Schuldeisers kunnen hun normale invorderingsrechten weer uitoefenen. Loonbeslag en andere dwangmaatregelen mogen worden hervat.
Ze behouden hun volledige vordering inclusief rente en kosten. Het afgewezen voorstel heeft geen invloed op de hoogte van de schuld.
Bij minnelijke schuldsanering kunnen schuldeisers zelf actie ondernemen. Ze hoeven niet te wachten op een nieuwe regeling.
Een afgewezen wettelijk voorstel kan leiden tot een nieuwe poging. De schuldenaar moet dan eerst zijn situatie verbeteren voordat een nieuw verzoek mogelijk is.
Hoe kunnen schuldeisers bezwaar maken tegen het schuldsaneringsplan van een debiteur?
Bij minnelijke schuldsanering kunnen schuldeisers het voorstel gewoon afwijzen. Een meerderheid van schuldeisers moet akkoord gaan voor een succesvolle regeling.
Voor wettelijke schuldsanering kunnen schuldeisers schriftelijk bezwaar indienen bij de rechtbank. Dit moet binnen vier weken na kennisgeving gebeuren.
Het bezwaar moet gemotiveerd zijn met concrete argumenten. Schuldeisers moeten aantonen waarom het voorstel onredelijk of onuitvoerbaar is.
De rechtbank beoordeelt het bezwaar en kan het voorstel aanpassen of afwijzen. Schuldeisers krijgen de kans om hun standpunt toe te lichten.
Wat zijn de opties voor schuldeisers indien een schuldsaneringsplan niet wordt nageleefd?
Bij minnelijke schuldsanering vervalt de regeling automatisch. Schuldeisers kunnen hun oorspronkelijke vorderingen weer volledig invorderen.
Ze mogen alle betaalde bedragen in mindering brengen op de oorspronkelijke schuld. Rente en kosten kunnen weer worden berekend vanaf het moment van wanprestatie.
Bij wettelijke schuldsanering kunnen schuldeisers de bewindvoerder informeren over het wangedrag. De bewindvoerder neemt dan passende maatregelen.
Als de wettelijke regeling mislukt, kunnen schuldeisers verzoeken om beëindiging. De rechtbank kan het traject voortijdig stopzetten bij ernstige tekortkomingen.